Uitvoeringsregeling Financiering decentrale overheden
- BWB-id
- BWBR0012075
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Financiën
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2009-04-05
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0012075
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2001/uitvoeringsregeling-financiering-decentrale-overheden
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2001/uitvoeringsregeling-financiering-decentrale-overheden/2009-04-05
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0012075&g=2009-04-05
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0012075&z=2026-06-06&g=2009-04-05
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0012075/2009-04-05
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2001/uitvoeringsregeling-financiering-decentrale-overheden
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze ministeriële regeling wordt verstaan onder: a. Het bedrag aan renteherziening: Het bedrag aan leningen die een onderdeel vormen van de vaste schuld, gesaldeerd met verstrekte geldleningen met een oorspronkelijke rentetypische looptijd van één jaar of langer, waarvan op grond van de leningvoorwaarden de rente in het lopende kalenderjaar op basis van de leningvoorwaarden eenzijdig door de tegenpartij kan worden herzien. b. Het bedrag aan herfinanciering: Het bedrag aan nieuwe leningen in een jaar met een oorspronkelijke rentetypische looptijd van één jaar of langer, gesaldeerd met nieuw verstrekte leningen voor zover dezelfde rentetypische looptijd, voor zover dit het bedrag van de verplicht afgeloste leningen niet overstijgt. c. De wet: Wet financiering decentrale overheden De. 2000 251 28-12-2000 21-12-2000 FM 2000/0403-M 2000 588 21-12-2000 14-12-2000 01-01-2001 Treedt in werking op de datum waarop de Wet financiering decentrale overheden in werking treedt. Bij Stcrt. 2003/40 is in artikel II een bepaling betreffende de toepassing gepubliceerd (m.i.v. 28 februari 2003)
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 artikel 3, eerste lid, van de wet Voor de openbare lichamen wordt het percentage, als bedoeld inals volgt vastgesteld: a. voor de provincies: 7,0%; b. voor de gemeenten: 8,5%; c. voor de waterschappen: 23%; d. voor de gemeenschappelijke regelingen: 8,2%. 2 artikel 5 van de wet Voor de openbare lichamen wordt het ingenoemde percentage als volgt vastgesteld: a. voor de provincies: 20%; b. voor de gemeenten: 20%; c. voor de waterschappen: 30%; d. voor de gemeenschappelijke regelingen: 20%. 3 Voor de renterisiconorm geldt een minimumbedrag van 2.500.000 euro. 2009 65 03-04-2009 2009 65 03-04-2009 05-04-2009 01-01-2009
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Het renterisico op de vaste schuld in een jaar wordt als volgt berekend: de som van het bedrag aan herfinanciering en het bedrag aan renteherziening op de vaste schuld. 2000 251 28-12-2000 21-12-2000 FM 2000/0403-M 2000 588 21-12-2000 14-12-2000 01-01-2001 Treedt in werking op de datum waarop de Wet financiering decentrale overheden in werking treedt. Bij Stcrt. 2003/40 is in artikel II een bepaling betreffende de toepassing gepubliceerd (m.i.v. 28 februari 2003)
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 De openbare lichamen zenden aan de toezichthouder a. Jaarlijks tezamen met het jaarverslag een opgave van: 1°. Het begrotingstotaal bij aanvang van het voorgaande jaar en het komende jaar; 2°. De kasgeldlimiet bij aanvang van het voorgaande jaar; 3°. De gemiddelde netto vlottende schuld in elk van de kalenderkwartalen van het voorgaande jaar; 4°. De renterisiconorm bij aanvang van het komende jaar; 5°. Het renterisico op de vaste schuld over de komende vier jaren. 2 artikel 1, lid a, van de wet De openbare lichamen als bedoeld inzenden aan het Centraal bureau voor de statistiek driemaandelijks een opgave van de stand van het EMU-saldo op een door het Centraal Bureau voor de Statistiek te bepalen wijze. 3 Een openbaar lichaam kan toezending van de in het eerste lid, onderdeel b, bedoelde gegevens aan de toezichthouder achterwege laten, indien de kasgeldlimiet van deze openbare lichamen gelijk is aan het wettelijke minimumbedrag. 2009 65 03-04-2009 2009 65 03-04-2009 05-04-2009 01-01-2009
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 artikel 4, tweede lid Het Centraal Bureau voor de Statistiek zendt iedere drie maanden voor het einde van het eerstvolgende kwartaal verzamelopgaven van de in, bedoelde gegevens aan Onze Minister van Financiën. 2000 251 28-12-2000 21-12-2000 FM 2000/0403-M 2000 588 21-12-2000 14-12-2000 01-01-2001 Treedt in werking op de datum waarop de Wet financiering decentrale overheden in werking treedt. Bij Stcrt. 2003/40 is in artikel II een bepaling betreffende de toepassing gepubliceerd (m.i.v. 28 februari 2003)
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 artikel 4, eerste lid De opgaven bedoeld in, worden verstrekt overeenkomstig de als bijlage bij deze regeling gevoegde modelstaten. 2000 251 28-12-2000 21-12-2000 FM 2000/0403-M 2000 588 21-12-2000 14-12-2000 01-01-2001 Treedt in werking op de datum waarop de Wet financiering decentrale overheden in werking treedt. Bij Stcrt. 2003/40 is in artikel II een bepaling betreffende de toepassing gepubliceerd (m.i.v. 28 februari 2003)
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 Gedurende het jaar van inwerkingtreding van de wet, mag een openbaar lichaam in overleg met de toezichthouder stapsgewijs het nieuwe percentage van de kasgeldlimiet, als bedoeld in artikel 3 van de wet, eerste lid, bereiken. 2 Gedurende het jaar van inwerkingtreding van de wet, is, in afwijking van artikel 2, tweede lid, een percentage van de renterisiconorm van 30% van toepassing. 2000 251 28-12-2000 21-12-2000 FM 2000/0403-M 2000 588 21-12-2000 14-12-2000 01-01-2001 Treedt in werking op de datum waarop de Wet financiering decentrale overheden in werking treedt. Bij Stcrt. 2003/40 is in artikel II een bepaling betreffende de toepassing gepubliceerd (m.i.v. 28 februari 2003)
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Wet financiering decentrale overheden Deze regeling treedt in werking met ingang van de datum waarop dein werking treedt. 2000 251 28-12-2000 21-12-2000 FM 2000/0403-M 2000 588 21-12-2000 14-12-2000 01-01-2001 Treedt in werking op de datum waarop de Wet financiering decentrale overheden in werking treedt. Bij Stcrt. 2003/40 is in artikel II een bepaling betreffende de toepassing gepubliceerd (m.i.v. 28 februari 2003)
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Deze regeling wordt aangehaald als: Uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden. 2000 251 28-12-2000 21-12-2000 FM 2000/0403-M 2000 588 21-12-2000 14-12-2000 01-01-2001 Treedt in werking op de datum waarop de Wet financiering decentrale overheden in werking treedt. Bij Stcrt. 2003/40 is in artikel II een bepaling betreffende de toepassing gepubliceerd (m.i.v. 28 februari 2003)