Algemene machtigingsregeling IND 2002
- BWB-id
- BWBR0013918
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- 2002-07-27 t/m 2005-05-25
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0013918
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2002/algemene-machtigingsregeling-ind-2002
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2002/algemene-machtigingsregeling-ind-2002/2002-07-27
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0013918&g=2002-07-27
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0013918&z=2026-06-06&g=2002-07-27
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0013918/2002-07-27
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2002/algemene-machtigingsregeling-ind-2002
Artikel 1 — Artikel 1 (definities)#
Artikel 1 (definities) In deze regeling wordt verstaan onder: a. Immigratie- en Naturalisatiedienst: artikel 1 de Immigratie- en Naturalisatiedienst bedoeld invan het Instellingsbesluit Agentschap Immigratie- en Naturalisatiedienst binnen het Ministerie van Justitie; b. hoofd van de Immigratie- en Naturalisatiedienst: de hoofddirecteur van het agentschap IND, aangesteld als hoofd van het dienstonderdeel Immigratie- en Naturalisatie van het Ministerie van Justitie; c. Minister: de Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie. 2002 140 25-07-2002 23-07-2002 5177646/02/IND 2002 140 25-07-2002 23-07-2002 5177646/02/IND 27-07-2002 22-07-2002
Artikel 2 — Artikel 2 (mandaat; volmacht; machtiging)#
Artikel 2 (mandaat; volmacht; machtiging) 1 Vreemdelingenwet 2000 Rijkswet op het Nederlanderschap De Minister verleent mandaat aan het hoofd van de Immigratie- en Naturalisatiedienst om namens hem alle beslissingen te nemen, alle stukken af te doen, alle uitgaande brieven te tekenen ten aanzien van alle aangelegenheden voortvloeiend uit de uitvoering van deen de, tenzij bij wettelijk voorschrift anders is bepaald of de aard van de bevoegdheid zich daartegen verzet. 2 Vreemdelingenwet 2000 Rijkswet op het Nederlanderschap De Minister verleent volmacht aan het hoofd van de Immigratie- en Naturalisatiedienst om privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten, voor zover deze handelingen verband houden met de uitvoering van deof de, tenzij bij wettelijk voorschrift anders is bepaald of de aard van de bevoegdheid zich daartegen verzet. 3 Vreemdelingenwet 2000 Rijkswet op het Nederlanderschap De Minister machtigt het hoofd van de Immigratie- en Naturalisatiedienst om alle overige handelingen te verrichten, die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn, en hem in rechte te vertegenwoordigen en rechtsmiddelen in te stellen, voor zover deze handelingen verband houden met de uitvoering van het bepaalde bij en krachtens deof de, tenzij bij wettelijk voorschrift anders is bepaald of de aard van de bevoegdheid zich daartegen verzet. 4 De Minister machtigt het hoofd van de Immigratie- en Naturalisatiedienst om a. de korpschef en de bevelhebber van de Koninklijke marechaussee inlichtingen te vragen over de uitvoering van de Vreemdelingenwet 2000, het Vreemdelingenbesluit 2000, het Voorschrift Vreemdelingen 2000 en de Vreemdelingencirculaire 2000; b. artikel 47, eerste lid, Vreemdelingenwet 2000 aan de korpschef en de bevelhebber van de Koninklijke marechaussee aanwijzingen te geven over de uitvoering van de Vreemdelingenwet 2000, het Vreemdelingenbesluit 2000, het Voorschrift Vreemdelingen 2000 en de Vreemdelingencirculaire 2000 en aan de ambtenaren bedoeld inindividuele aanwijzingen te geven. 2002 140 25-07-2002 23-07-2002 5177646/02/IND 2002 140 25-07-2002 23-07-2002 5177646/02/IND 27-07-2002 22-07-2002
Artikel 3 — Artikel 3 (beleidsregels)#
Artikel 3 (beleidsregels) Vreemdelingenwet 2000 Rijkswet op het Nederlanderschap De Minister verleent mandaat aan het hoofd van de Immigratie- en Naturalisatiedienst tot het vaststellen en bekendmaken van beleidsregels in het Voorschrift Vreemdelingen 2000, de Vreemdelingencirculaire 2000 en in uitvoeringsinstructies voor de uitvoering van deen de. Van deze bevoegdheid verleent het hoofd van de Immigratie- en Naturalisatiedienst geen ondermandaat dan aan een lid van zijn Hoofddirectie. 2002 140 25-07-2002 23-07-2002 5177646/02/IND 2002 140 25-07-2002 23-07-2002 5177646/02/IND 27-07-2002 22-07-2002
Artikel 4 — Artikel 4 (geen mandaat, machtiging, volmacht of ondermandaat)#
Artikel 4 (geen mandaat, machtiging, volmacht of ondermandaat) De Minister verleent geen mandaat tot het nemen van een besluit in een individueel geval dat contrair is aan het door de Adviescommissie voor vreemdelingenzaken met het oog op dat besluit uitgebrachte advies. 2002 140 25-07-2002 23-07-2002 5177646/02/IND 2002 140 25-07-2002 23-07-2002 5177646/02/IND 27-07-2002 22-07-2002
Artikel 5 — Artikel 5 (ondermandaat)#
Artikel 5 (ondermandaat) artikel 2 Het hoofd van de Immigratie- en Naturalisatiedienst is bevoegd met inachtneming van het bepaalde in dit besluit ondermandaat te verlenen van de ondergenoemde bevoegdheden aan de functionarissen werkzaam bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst. 2002 140 25-07-2002 23-07-2002 5177646/02/IND 2002 140 25-07-2002 23-07-2002 5177646/02/IND 27-07-2002 22-07-2002
Artikel 6 — Artikel 6 (intrekking)#
Artikel 6 (intrekking) De Algemene machtigingsregeling IND (Stcrt. 1997, 247) en de Algemene machtigingsregeling IND 2001 (Stcrt. 2001, 64) worden ingetrokken. 2002 140 25-07-2002 23-07-2002 5177646/02/IND 2002 140 25-07-2002 23-07-2002 5177646/02/IND 27-07-2002 22-07-2002
Artikel 7 — Artikel 7 (inwerkingtreding)#
Artikel 7 (inwerkingtreding) Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 22 juli 2002. 2002 140 25-07-2002 23-07-2002 5177646/02/IND 2002 140 25-07-2002 23-07-2002 5177646/02/IND 27-07-2002 22-07-2002
Artikel 8 — Artikel 8 (citeertitel)#
Artikel 8 (citeertitel) Deze regeling wordt aangehaald als: Algemene machtigingsregeling IND 2002. 2002 140 25-07-2002 23-07-2002 5177646/02/IND 2002 140 25-07-2002 23-07-2002 5177646/02/IND 27-07-2002 22-07-2002