Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar UWV 2002
- BWB-id
- BWBR0013229
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- 2003-07-27 t/m 2006-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0013229
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2002/besluit-buitengewoon-opsporingsambtenaar-uwv-2002
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2002/besluit-buitengewoon-opsporingsambtenaar-uwv-2002/2003-07-27
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0013229&g=2003-07-27
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0013229&z=2026-06-06&g=2003-07-27
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0013229/2003-07-27
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2002/besluit-buitengewoon-opsporingsambtenaar-uwv-2002
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit wordt verstaan onder: a. buitengewoon opsporingsambtenaar: artikel 2 de buitengewoon opsporingsambtenaar, bedoeld in; b. de Wet suwi: Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen de; c. UWV: het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen; d. coördinatiecommissie: de commissie zoals genoemd in de circulaire van de Minister van Justitie van 12 januari 2001, kenmerk 5074483/501/AJT. 2001 250 28-12-2001 19-12-2001 5141186/501/AJT 2001 250 28-12-2001 19-12-2001 5141186/501/AJT 01-01-2002
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Maximaal 450 ambtenaren, werkzaam bij het UWV en belast met de opsporing van strafbare feiten, zijn aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar. 2001 250 28-12-2001 19-12-2001 5141186/501/AJT 2001 250 28-12-2001 19-12-2001 5141186/501/AJT 01-01-2002
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De buitengewoon opsporingsambtenaar is bevoegd tot het opsporen van de feiten strafbaar gesteld: a. Wet suwi bij of krachtens de wetten waarvan de uitvoering bij of krachtens deis opgedragen aan het UWV; b. artikelen 161 sexies 161 septies 177 177a 179 180 181 182 184 185 189 194 197 197a 197b 197c 197d 198 225 226 227 227a 227b 228 229 231 266 321 322 323a 326 340 341 342 343 344 345 347 348 350a 350b 362 363 416 417 417bis 435, onder 4 442 447b 447c 447d van het Wetboek van Strafrecht Wet suwi in de,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,en, voor zover het feit van belang is voor de toepassing van wetten, algemene maatregelen van bestuur en ministeriële regelingen, met de uitvoering waarvan het UWV krachtens de wet is belast, dan wel voor de uitvoering van andere taken, voor het verrichten waarvan het UWV krachtens dede goedkeuring heeft gekregen van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. 2 artikel 55b van het Wetboek van Strafvordering De buitengewoon opsporingsambtenaar is tevens bevoegd de ingenoemde bevoegdheden uit te oefenen. 3 De opsporingsbevoegdheid geldt voor het grondgebied van Nederland. 2003 141 25-07-2003 22-07-2003 5236764/503/CBK 2003 141 25-07-2003 22-07-2003 5236764/503/CBK 27-07-2003
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Als toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de hoofdofficier van justitie van het arrondissementsparket te Amsterdam. 2 Als direct toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de korpschef van het regionaal politiekorps Amsterdam-Amstelland. 2001 250 28-12-2001 19-12-2001 5141186/501/AJT 2001 250 28-12-2001 19-12-2001 5141186/501/AJT 01-01-2002
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 artikel 3, eerste lid artikel 8, eerste en derde lid, van de Politiewet 1993 hoofdstuk 7 van de Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke marechaussee en de buitengewoon opsporingsambtenaar De buitengewoon opsporingsambtenaar is bevoegd bij de opsporing van de in, genoemde strafbare feiten gebruik te maken van de bevoegdheden, bedoeld in. Hij gedraagt zich overeenkomstig het bepaalde in. 2001 250 28-12-2001 19-12-2001 5141186/501/AJT 2001 250 28-12-2001 19-12-2001 5141186/501/AJT 01-01-2002
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 De directeur van het directoraat Bijzonder Onderzoek van het UWV brengt jaarlijks, vóór 1 april over het jaar daaraan voorafgaand, aan de Minister van Justitie verslag uit over: a. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren dat op 31 december werkzaam was bij het UWV; b. de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte activiteiten; c. de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen in het verslagjaar zijn aangemeld voor het door de Minister van Justitie goedgekeurde examen en hoeveel personen voor dat examen zijn geslaagd. 2001 250 28-12-2001 19-12-2001 5141186/501/AJT 2001 250 28-12-2001 19-12-2001 5141186/501/AJT 01-01-2002
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 artikel 2 artikel 16, eerste lid, van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar Aan de buitengewoon opsporingsambtenaar als bedoeld invan dit besluit, die reeds éénmaal met goed gevolg het examen buitengewoon opsporingsambtenaar heeft afgelegd, wordt onder de navolgende voorwaarden ontheffing verleend van het bepaalde in: a. hij neemt deel aan een bijscholingsprogramma waarin tenminste de eindtermen zoals vastgesteld bij circulaire van de Minister van Justitie van 10 augustus 2000, kenmerk 5045239/500/CBK, zijn verwerkt; b. de verschillende onderdelen van het bijscholingsprogramma worden afgesloten met een toets; c. de onder b. bedoelde toetsing van de buitengewoon opsporingsambtenaar geschiedt onder verantwoordelijkheid van een coördinatiecommissie waarin een lid van het Openbaar Ministerie is opgenomen; d. hij heeft alle periodieke toetsen als bedoeld onder b. met goed gevolg afgelegd, waarbij echter de buitengewoon opsporingsambtenaar die is beëdigd vóór 15 februari 1999 bij de aanvraag tot verlenging van de toegekende opsporingsbevoegdheid tot uiterlijk 15 februari 2004 kan volstaan met overlegging van een bewijs van inschrijving van deelname aan, of het bewijs van inschrijving in het permanente bijscholingsprogramma van de sociale zekerheidsinstanties; e. door middel van een systeem van periodieke toetsing of bijscholing wordt gewaarborgd dat bij de buitengewoon opsporingsambtenaar het verworven kennisniveau blijft gehandhaafd. 2001 250 28-12-2001 19-12-2001 5141186/501/AJT 2001 250 28-12-2001 19-12-2001 5141186/501/AJT 01-01-2002
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 De volgende besluiten worden ingetrokken: a. Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar CADANS Uitvoeringsinstelling B.V. (Stcrt. 1997, 73); b. Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar USZO BV 1998 (Stcrt. 1998, 136); c. Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar SFB 2000 (Stcrt. 2000, 99); d. Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar GAK 2000 (Stcrt. 2000, 99); e. Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar GUO 2000 (Stcrt. 2000, 111). 2001 250 28-12-2001 19-12-2001 5141186/501/AJT 2001 250 28-12-2001 19-12-2001 5141186/501/AJT 01-01-2002
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 artikel 8 De op naam gestelde akten van opsporingsbevoegdheid en beëdiging, de legitimatiebewijzen buitengewoon opsporingsambtenaar en de overige benoemingsbescheiden, afgegeven mede op basis van de ingenoemde besluiten, worden voor de duur van hun geldigheid, tot daarover nader zal zijn beslist of tot uiterlijk één jaar na het tijdstip van inwerkingtreding van het onderhavige besluit, geacht akten en legitimatiebewijzen of overige benoemingsbescheiden afgegeven mede op basis van het onderhavige besluit te zijn. 2001 250 28-12-2001 19-12-2001 5141186/501/AJT 2001 250 28-12-2001 19-12-2001 5141186/501/AJT 01-01-2002
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2002 en vervalt met ingang van 1 januari 2007. 2001 250 28-12-2001 19-12-2001 5141186/501/AJT 2001 250 28-12-2001 19-12-2001 5141186/501/AJT 01-01-2002
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar UWV 2002. 2001 250 28-12-2001 19-12-2001 5141186/501/AJT 2001 250 28-12-2001 19-12-2001 5141186/501/AJT 01-01-2002