Mandaatbesluit gemeenschappelijke landelijke diensten R.O. en rechterlijke ambtenaren in opleiding
- BWB-id
- BWBR0013715
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- 2007-06-23 t/m 2013-02-21
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0013715
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2002/mandaatbesluit-gemeenschappelijke-landelijke-diensten-r-o-en
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2002/mandaatbesluit-gemeenschappelijke-landelijke-diensten-r-o-en/2007-06-23
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0013715&g=2007-06-23
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0013715&z=2026-06-06&g=2007-06-23
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0013715/2007-06-23
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2002/mandaatbesluit-gemeenschappelijke-landelijke-diensten-r-o-en
Artikel 1 — Artikel 1 (Definities)#
Artikel 1 (Definities) In dit besluit wordt verstaan onder: a) de Minister: de Minister van Justitie b) de Raad: artikel 84, eerste lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie de Raad voor de rechtspraak, bedoeld in; c) het College: artikel 130 van de Wet op de rechterlijke organisatie het College van procureurs-generaal, bedoeld in; d) een dienst: artikel 3 een gemeenschappelijke landelijke dienst als bedoeld invan dit besluit; e) de Raad van Opdrachtgevers: elke dienst heeft een Raad van Opdrachtgevers bestaande uit een lid van de Raad en een lid van het College; f) de leiding: de directie of het college van bestuur van een dienst. 2005 28 09-02-2005 24-01-2005 5328000/804 2005 28 09-02-2005 24-01-2005 5328000/804 11-02-2005 01-01-2005
Artikel 2 — Artikel 2 (Reikwijdte mandaat)#
Artikel 2 (Reikwijdte mandaat) De bevoegdheden toegedeeld krachtens dit besluit kunnen uitsluitend worden aangewend ter uitvoering van het Convenant gemeenschappelijke landelijke diensten rechterlijke organisatie van 13 maart 2002, dan wel in het kader van het aanstellen en opleiden van rechterlijke ambtenaren in opleiding. 2002 101 31-05-2002 28-05-2002 5157839/802 2002 101 31-05-2002 28-05-2002 5157839/802 02-06-2002 01-01-2002
Artikel 3 — Artikel 3 (Instellen en instandhouden)#
Artikel 3 (Instellen en instandhouden) 1 De Raad en namens de Minister het College gezamenlijk zijn bevoegd tot het instandhouden van de volgende diensten: a. de ICT Rechterlijke Organisatie (ICTRO), gevestigd te Zeist; b. de dienst Prisma, gevestigd te Amersfoort. 2 In afwijking van het eerste lid zijn de Raad en het College niet bevoegd, indien in het Convenant gemeenschappelijke landelijke diensten rechterlijke organisatie anders is overeengekomen. 2007 117 21-06-2007 15-06-2007 5485242/07 2007 117 21-06-2007 15-06-2007 5485242/07 23-06-2007
Artikel 4 — Artikel 4 (Personeelsmandaat)#
Artikel 4 (Personeelsmandaat) Ambtenarenwet artikel 3, eerste lid De Raad en het College gezamenlijk zijn bevoegd de bij of krachtens deaan het bevoegde gezag toegekende bevoegdheden uit te oefenen ten aanzien van de bij, genoemde diensten werkzame ambtenaren. 2005 28 09-02-2005 24-01-2005 5328000/804 2005 28 09-02-2005 24-01-2005 5328000/804 11-02-2005 01-01-2005
Artikel 5 — Artikel 5 (Volmacht)#
Artikel 5 (Volmacht) artikel 3 De Raad en namens de Minister het College gezamenlijk zijn bevoegd om namens de Staat privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten voor zover die voortvloeien uit het beheer van het deel van de Justitiebegroting dat betrekking heeft op de ingenoemde diensten, tenzij bij of krachtens de wet is bepaald dat een andere minister dan onze minister de rechtshandeling verricht. 2002 101 31-05-2002 28-05-2002 5157839/802 2002 101 31-05-2002 28-05-2002 5157839/802 02-06-2002 01-01-2002
Artikel 6 — Artikel 6 (Vertegenwoordiging in rechte)#
Artikel 6 (Vertegenwoordiging in rechte) De Voorzitter van de Raad en de Voorzitter van het College gezamenlijk zijn bevoegd de Staat in rechte te vertegenwoordigen ten aanzien van besluiten, genomen op grond van de bevoegdheden die ingevolge dit besluit zijn gemandateerd. 2002 101 31-05-2002 28-05-2002 5157839/802 2002 101 31-05-2002 28-05-2002 5157839/802 02-06-2002 01-01-2002
Artikel 7 — Artikel 7 (Ondermandaat of nadere volmacht)#
Artikel 7 (Ondermandaat of nadere volmacht) 1 artikel 3 t/m 6 De Raad en het College gezamenlijk kunnen ondermandaat of een nadere volmacht verlenen aan de Raad van opdrachtgevers voor wat betreft de invan dit besluit genoemde bevoegdheden. 2 De Raad van opdrachtgevers kan de leiding van de dienst ondermandaat of een nadere volmacht verlenen. 3 Het ondermandaat, bedoeld in het eerste en tweede lid, wordt schriftelijk verleend en aan de Minister ter kennis gebracht. 2007 117 21-06-2007 15-06-2007 5485242/07 2007 117 21-06-2007 15-06-2007 5485242/07 23-06-2007
Artikel 8 — Artikel 8 (Mandaat inzake rechterlijke ambtenaren in opleiding)#
Artikel 8 (Mandaat inzake rechterlijke ambtenaren in opleiding) Aan de Raad en het College gezamenlijk wordt mandaat verleend om namens de Minister besluiten te nemen met betrekking tot de individuele rechtspositie van rechterlijke ambtenaren in opleiding. 2007 117 21-06-2007 15-06-2007 5485242/07 2007 117 21-06-2007 15-06-2007 5485242/07 23-06-2007
Artikel 9 — Artikel 9 (Ondermandaat)#
Artikel 9 (Ondermandaat) 1 artikel 8 Ten aanzien van de inbedoelde bevoegdheden kunnen de Raad en het College gezamenlijk ondermandaat verlenen aan de Raad van opdrachtgevers van het Studiecentrum Rechtspleging. 2 De Raad van opdrachtgevers van het Studiecentrum Rechtspleging kan het krachtens het eerste lid verleend ondermandaat doorgeven aan de leiding van het Studiecentrum Rechtspleging, met uitzondering van het nemen van beslissingen inzake ontslag, anders dan op eigen verzoek. 3 De leiding van het Studiecentrum Rechtspleging kan krachtens het tweede lid verleend ondermandaat doorgeven aan onder haar ressorterende functionarissen. 4 Verlening of doorgeven van ondermandaat geschiedt schriftelijk en wordt ter kennis gebracht van de Minister. 2007 117 21-06-2007 15-06-2007 5485242/07 2007 117 21-06-2007 15-06-2007 5485242/07 23-06-2007
Artikel 10 — Artikel 10 (Intrekken mandaatbesluit)#
Artikel 10 (Intrekken mandaatbesluit) Het Mandaatbesluit opleiding rechterlijke ambtenaren van 2 juni 1998 wordt ingetrokken. 2002 101 31-05-2002 28-05-2002 5157839/802 2002 101 31-05-2002 28-05-2002 5157839/802 02-06-2002 01-01-2002
Artikel 11 — Artikel 11 (Behandeling bezwaarschriften)#
Artikel 11 (Behandeling bezwaarschriften) Vervallen 2007 117 21-06-2007 15-06-2007 5485242/07 2007 117 21-06-2007 15-06-2007 5485242/07 23-06-2007
Artikel 12 — Artikel 12 (Medezeggenschap en sectoroverleg)#
Artikel 12 (Medezeggenschap en sectoroverleg) hoofdstuk 8 van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren Wet op de ondernemingsraden Deze regeling laat onverlet de rechten als bedoeld inen de rechten van de ondernemingsraden als bedoeld in de. 2002 101 31-05-2002 28-05-2002 5157839/802 2002 101 31-05-2002 28-05-2002 5157839/802 02-06-2002 01-01-2002
Artikel 13 — Artikel 13 (Inwerkingtreding)#
Artikel 13 (Inwerkingtreding) Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst, en werkt terug tot en met 1 januari 2002. 2002 101 31-05-2002 28-05-2002 5157839/802 2002 101 31-05-2002 28-05-2002 5157839/802 02-06-2002 01-01-2002
Artikel 14 — Artikel 14 (Citeertitel)#
Artikel 14 (Citeertitel) Dit besluit wordt aangehaald als: Mandaatbesluit gemeenschappelijke landelijke diensten R.O. en rechterlijke ambtenaren in opleiding. 2002 101 31-05-2002 28-05-2002 5157839/802 2002 101 31-05-2002 28-05-2002 5157839/802 02-06-2002 01-01-2002