Regeling van de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, houdende regels met betrekking tot de acceptatie van geconditioneerde gevaarlijke afvalstoffen op stortplaatsen
- BWB-id
- BWBR0013858
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- 2002-07-18 t/m 2009-07-20
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0013858
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2002/regeling-acceptatie-geconditioneerde-gevaarlijke-afvalstoffe
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2002/regeling-acceptatie-geconditioneerde-gevaarlijke-afvalstoffe/2002-07-18
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0013858&g=2002-07-18
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0013858&z=2026-06-06&g=2002-07-18
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0013858/2002-07-18
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2002/regeling-acceptatie-geconditioneerde-gevaarlijke-afvalstoffe
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: blok: vaste vorm van bepaalde afmetingen die door uitharding van een mengsel van gevaarlijke anorganische afvalstoffen en toeslagstoffen met een bekende constante samenstelling als één geheel in een bekisting in een compartiment of op een daarvoor geëigende plaats wordt gevormd; compartiment: afzonderlijk deel van een stortplaats, bestemd voor het storten van te conditioneren gevaarlijke afvalstoffen, dat niet beïnvloed kan worden vanuit andere compartimenten van de stortplaats en voorzien is van een separate afvoer van het percolaat uit het compartiment; doorlatend materiaal: materiaal met een onverzadigde doorlatendheid voor water van ten minste 1000 m/dag; geconditioneerde gevaarlijke afvalstoffen: gevaarlijke anorganische afvalstoffen die door menging met toeslagstoffen of andersoortige bewerkingen zijn omgevormd tot afvalstoffen met beperkte uitloging en een duurzame vaste vorm, die voldoen aan de kwaliteitseisen gesteld in deze regeling en zijn gestort in een compartiment; proefstuk: artikelen 8 9 uit hetzelfde materiaal als een blok gevormd voorwerp bestemd voor de in deenbedoelde proeven. 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 18-07-2002
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Te conditioneren gevaarlijke afvalstoffen worden in een compartiment als blok gestort dan wel in een compartiment tot blok gevormd, waarbij het blok uithardt in een duurzame vaste vorm. 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 18-07-2002
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Het volume van de toeslagstoffen voor de vervaardiging van een blok bedraagt niet meer dan 25% van het volume van de te conditioneren gevaarlijke afvalstoffen. 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 18-07-2002
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Per mengsel met dezelfde samenstelling van te conditioneren gevaarlijke afvalstoffen en toeslagstoffen ten behoeve van het vervaardigen van één blok worden voor aanvang van het uithardingsproces ten minste twee representatieve monsters genomen. Deze monsters worden gebruikt voor het vervaardigen van ten minste twee proefstukken die op overeenkomstige wijze als het gehele blok worden uitgehard. De kwaliteit van de geconditioneerde afvalstoffen wordt bepaald aan de hand van deze proefstukken. 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 18-07-2002
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 De druksterkte van een proefstuk bedraagt na 28 dagen uitharden minimaal 1,0 N/mm². 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 18-07-2002
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 bijlage De emissiewaarden van een proefstuk overschrijden niet de waarden van de tabel van de bij deze regeling behorende. 2 4 In afwijking van het vorige lid mogen de emissiewaarden voor Br, Cl en SOde waarden van de tabel overschrijden wanneer de te conditioneren afvalstoffen zonder toeslagstoffen in totaal niet meer dan 20% (gewicht) van deze parameters bevatten. 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 18-07-2002
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 artikel 6 artikel 6, tweede lid bijlage In afwijking vanmogen de emissiewaarden van de andere dan ingenoemde parameters van een proefstuk in geval van buitengewone omstandigheden wel de waarden van de tabel van deoverschrijden, voorzover het totaal van de te conditioneren gevaarlijke afvalstoffen die de waarden van de tabel overschrijden, in een compartiment niet meer dan 10% (gewicht) van de totale vergunde capaciteit van dat compartiment bedraagt en het betreffende blok niet direct naast de afscheiding van het compartiment is gesitueerd. 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 18-07-2002
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 De druksterkte van een blok wordt bepaald aan de hand van één of meerdere proefstukken na een uitharding van 28 dagen volgens ontwerp NEN-EN 12394. 2 De druksterkte wordt vastgesteld met een meetnauwkeurigheid beter dan 0,1 N/mm². 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 18-07-2002
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 De uitloging van een blok wordt bepaald aan de hand van één of meerdere proefstukken met een diffusieproef overeenkomstig NEN 7345:1995. 2 De cumulatieve emissie (64 dagen) wordt berekend volgens NEN 7345, paragraaf 9.5. 3 Het proefstuk mag tijdens de duur van de in het eerste lid genoemde proef niet desintegreren. Van het proefstuk mag niet meer dan 1% (gewicht) vast materiaal op de bodem van de onderzoekbak neerslaan binnen de proefduur van 64 dagen. 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 18-07-2002
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 In een compartiment worden geen andere dan te conditioneren gevaarlijke afvalstoffen gestort. 2 In afwijking van het eerste lid, kunnen niet-gevaarlijke afvalstoffen in een compartiment worden gebruikt als onderdrainage en bufferlaag. 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 18-07-2002
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Het compartiment is zodanig ingericht dat de geconditioneerde gevaarlijke afvalstoffen, na zetting van de ondergrond, minimaal 0,7 meter boven de te verwachten gemiddeld hoogste grondwaterstand blijven. 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 18-07-2002
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 In een compartiment voor het storten van geconditioneerde gevaarlijke afvalstoffen wordt een snelle afvoer van water gewaarborgd door tussen de blokken doorlatend materiaal aan te brengen. 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 18-07-2002
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 In geval van desintegratie als gevolg van weersinvloeden worden zo spoedig mogelijk maatregelen genomen, die de gevolgen daarvan compenseren. 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 18-07-2002
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Een volledig gevuld compartiment wordt voorafgaand aan de definitieve afdichting en uiterlijk twee maanden na de start van de uitharding van het laatst toegevoegde blok afgedekt. 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 18-07-2002
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 De in deze regeling opgenomen verwijzingen naar NEN-normen hebben betrekking op de laatst uitgegeven NEN-normen met de daarop uitgegeven aanvullingen en correctiebladen. Een uitgegeven aanvulling, onderscheidenlijk correctieblad, wordt eerst van toepassing op 1 januari van het kalenderjaar volgende op dat waarin de uitgifte heeft plaatsgevonden. 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 18-07-2002
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 18-07-2002
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling acceptatie geconditioneerde gevaarlijke afvalstoffen op stortplaatsen. 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 2002 133 16-07-2002 05-07-2002 SAS2002051807 18-07-2002
Artikel 6#
artikel 6, eerste lid
Artikel 9#
artikel 9