Regeling van de Minister van Verkeer en Waterstaat, houdende vaststelling van regels voor de behandeling van een aanvraag tot het verkrijgen van en de afgifte van een EG-verklaring voor bepaalde zeevaartberoepen en voor de toelating tot die beroepen
- BWB-id
- BWBR0012531
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- 2007-10-20 t/m 2007-12-20
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0012531
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2002/regeling-eg-verklaring-kapiteins-stuurlieden-werktuigkundige
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2002/regeling-eg-verklaring-kapiteins-stuurlieden-werktuigkundige/2007-10-20
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0012531&g=2007-10-20
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0012531&z=2026-06-06&g=2007-10-20
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0012531/2007-10-20
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2002/regeling-eg-verklaring-kapiteins-stuurlieden-werktuigkundige
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Deze regeling is van toepassing op de behandeling van een aanvraag voor een EG-verklaring voor de volgende beroepen: a. kapitein zeevisvaart; b. stuurman zeevisvaart; c. werktuigkundige zeevisvaart, en d. stuurman-werktuigkundige zeevisvaart. 2007 197 11-10-2007 08-10-2007 2007/HDJZ/SCH/2007-1306 2007 197 11-10-2007 08-10-2007 2007/HDJZ/SCH/2007-1306 20-10-2007
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 artikel 1 De aanvraag, bedoeld in, wordt ingediend bij de Minister van Verkeer en Waterstaat. 2001 110 12-06-2001 01-06-2001 DGG/J-01/003476 2002 43 31-01-2002 22-01-2002 25233 01-02-2002
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikel 1 De aanvraag, bedoeld in, wordt afgewezen: a. indien sprake is van uitoefening van het beroep in het land van herkomst op een wijze die of op een niveau dat wezenlijk anders is dan of niet bekend is in Nederland; b. indien de aanvrager bij de aanvraag onjuiste inlichtingen over zijn persoonsgegevens, zijn opleiding of zijn bevoegdheden in het land van herkomst heeft verstrekt. c. indien bij de aanvraag geen geldige documenten, afgegeven door de bevoegde autoriteiten van het land van herkomst, waaruit de bevoegdheid om het beroep in het land van herkomst uit te oefenen blijkt, worden overgelegd; of d. indien de aanvrager zich niet legitimeert. 2 In de in het eerste lid, onderdelen b, c en d, genoemde gevallen wordt de aanvraag eerst afgewezen, nadat de aanvrager in de gelegenheid is gesteld het verzuim te herstellen en hij daaraan niet heeft voldaan. 3 Onder land van herkomst wordt in deze regeling verstaan: een staat die behoort tot de Europese Economische Ruimte. 2001 110 12-06-2001 01-06-2001 DGG/J-01/003476 2002 43 31-01-2002 22-01-2002 25233 01-02-2002
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 artikel 1, onderdelen a tot en met d De EG-verklaring voor de uitoefening van een van de beroepen, genoemd in, wordt voorts afgewezen, indien niet aan de volgende voorwaarden is voldaan: a. de aanvrager is houder van een geldig bewijs van beroepsbekwaamheid, dat is afgegeven door of namens de bevoegde autoriteit van het land van herkomst en dat recht geeft om aan boord van zeeschepen, varende onder de vlag van het land van herkomst, dienst te doen; en b. de aanvrager heeft aangetoond, dat hij 1º voor het beroep, waarvoor de EG-verklaring is aangevraagd, met goed gevolg een opleiding heeft voltooid die betrekking heeft op vakgebieden die niet wezenlijk verschillen van die welke worden bestreken door de in Nederland bij of krachtens wettelijk voorschrift vereiste opleiding voor het beroep; 2º de voor de uitoefening van het beroep in Nederland vereiste diensttijd heeft doorlopen; en 3º ook overigens voldoet aan de eisen, die bij of krachtens wettelijk voorschrift worden gesteld aan beoefenaren van het beroep. 2007 197 11-10-2007 08-10-2007 2007/HDJZ/SCH/2007-1306 2007 197 11-10-2007 08-10-2007 2007/HDJZ/SCH/2007-1306 20-10-2007
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Voor het geval dat de aanvraag van een EG-verklaring betreft het beroep van kapitein zeevisvaart, legt de aanvrager een proeve van bekwaamheid af met betrekking tot de kennis van de voor de uitoefening van het beroep relevante onderdelen van de Nederlandse wetgeving. De aanvraag wordt afgewezen, indien de aanvrager niet voldoet aan de proeve van bekwaamheid. 2007 197 11-10-2007 08-10-2007 2007/HDJZ/SCH/2007-1306 2007 197 11-10-2007 08-10-2007 2007/HDJZ/SCH/2007-1306 20-10-2007
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 De EG-verklaring wordt ingetrokken, indien na afgifte is gebleken, dat de bij de aanvraag overgelegde documenten niet geldig, vals of vervalst waren. 2001 110 12-06-2001 01-06-2001 DGG/J-01/003476 2002 43 31-01-2002 22-01-2002 25233 01-02-2002
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling EG-verklaring kapiteins, stuurlieden, werktuigkundigen en maritiem officieren. 2001 110 12-06-2001 01-06-2001 DGG/J-01/003476 2002 43 31-01-2002 22-01-2002 25233 01-02-2002
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 artikel 22, derde lid, van de Zeevaartbemanningswet Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waaropin werking treedt. 2001 110 12-06-2001 01-06-2001 DGG/J-01/003476 2002 43 31-01-2002 22-01-2002 25233 01-02-2002