Regeling taken en bevoegdheden VROM 2002
- BWB-id
- BWBR0013199
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- 2004-07-01 t/m 2004-07-14
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0013199
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2002/regeling-taken-en-bevoegdheden-vrom-2002
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2002/regeling-taken-en-bevoegdheden-vrom-2002/2004-07-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0013199&g=2004-07-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0013199&z=2026-06-06&g=2004-07-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0013199/2004-07-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2002/regeling-taken-en-bevoegdheden-vrom-2002
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: minister: Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer; staatssecretaris: Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer; diensten: het Directoraat-Generaal Milieubeheer; het Directoraat-Generaal Wonen; de Rijksplanologische Dienst; de Rijksgebouwendienst; het Ruimtelijk Planbureau; het Inspectoraat-generaal VROM; centrale sector: artikel 4 van de Beschikking Organisatie Centrale Sector VROM de organisatieonderdelen, vermeld in; de hoofden van de diensten: de directeuren-generaal Milieubeheer, Wonen en Ruimtelijke Ordening, de directeur-generaal van de Rijksgebouwendienst, de plaatsvervangend secretaris-generaal ten behoeve van de centrale sector, de inspecteur-generaal VROM en de directeur van het Ruimtelijk Planbureau; de hoofden van de organisatieonderdelen: bijlage 1 de hoofden van de organisatieonderdelen, vermeld invan deze regeling; mandaat: de bevoegdheid om in naam van de minister of de staatssecretaris besluiten te nemen of beleidsregels vast te stellen; volmacht: de bevoegdheid om namens de Staat in naam van de minister of de staatssecretaris privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten; machtiging: de bevoegdheid om in naam van de minister of de staatssecretaris handelingen te verrichten die noch besluiten noch privaatrechtelijke rechtshandelingen zijn. 2001 247 20-12-2001 17-12-2001 DPZ2001142354 2001 247 20-12-2001 17-12-2001 DPZ2001142354 01-01-2002
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 bijlage 1 Onverlet de algemene ambtelijke leiding van het ministerie door de secretaris-generaal zijn de hoofden van de diensten belast met de dagelijkse leiding van hun dienst. Zij ondernemen alle activiteiten die noodzakelijk zijn voor de voorbereiding en de uitvoering van het door de minister en de staatssecretaris bepaalde beleid en voor het beheer van hun dienst, met uitzondering van de taken en bevoegdheden, genoemd invan deze regeling, welke zijn opgedragen aan de centrale sector van het ministerie, en voorts met uitzondering van de taken en bevoegdheden, die bij of krachtens de wet zijn opgedragen aan andere instanties. 2004 56 22-03-2004 17-03-2004 MJZ2004025144 2004 56 22-03-2004 17-03-2004 MJZ2004025144 24-03-2004
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Aan de hoofden van de diensten en de hoofden van de organisatieonderdelen wordt mandaat verleend tot het: a. artikel 2 nemen van besluiten die verband houden met hun taak, zoals vermeld in; b. artikel 10:3, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht artikel 2 nemen van beslissingen op bezwaar, met inachtneming van, tegen besluiten die verband houden met hun taak, zoals vermeld in; c. artikel 2 vaststellen van beleidsregels die verband houden met hun taak, bedoeld in. 2 artikel 2 Aan de hoofden van de diensten en de hoofden van de organisatieonderdelen wordt volmacht verleend tot het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen voor zover het aangelegenheden betreft die verband houden met hun taak, bedoeld in. 3 artikel 2 De hoofden van de diensten en de hoofden van organisatieonderdelen worden gemachtigd tot het verrichten van andere handelingen dan het nemen van besluiten of het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen, die verband houden met hun taak, bedoeld in. 4 artikel 2 De hoofden van de diensten en de hoofden van de organisatieonderdelen worden gemachtigd tot het afdoen van alle overige stukken die verband houden met hun taak, bedoeld in. 2004 56 22-03-2004 17-03-2004 MJZ2004025144 2004 56 22-03-2004 17-03-2004 MJZ2004025144 24-03-2004
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 De hoofden van de diensten en de hoofden van de organisatieonderdelen zijn gemachtigd tot het aangaan van de verplichtingen en het doen van de betalingen, voorzien in de vastgestelde begrotingen van hun respectievelijke diensten of organisatieonderdelen. 2001 247 20-12-2001 17-12-2001 DPZ2001142354 2001 247 20-12-2001 17-12-2001 DPZ2001142354 01-01-2002
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Tenzij bij of krachtens een wettelijk voorschrift anders is bepaald stellen de minister respectievelijk de staatssecretaris, op voordracht van de secretaris-generaal en het hoofd van de betreffende dienst het jaarplan van de dienst vast. In het jaarplan wordt nader bepaald welke activiteiten door de dienst zullen worden ondernomen, welke resultaten zullen worden behaald en welke middelen zowel wat het beleid als wat het beheer betreft daarvoor in beginsel beschikbaar zijn. Tegelijkertijd wordt bepaald welke informatie, wanneer en in welke vorm, het hoofd van dienst verstrekt over de voortgang van het beleid en over het beheer. 2001 247 20-12-2001 17-12-2001 DPZ2001142354 2001 247 20-12-2001 17-12-2001 DPZ2001142354 01-01-2002
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 De hoofden van de diensten en de hoofden van de organisatieonderdelen informeren terstond de minister, de staatssecretaris en de secretaris-generaal bij zwaarwegende omstandigheden en gebeurtenissen, aangaande de hen toegekende taken en bevoegdheden, die naar hun mening hun kennisneming vergen. 2001 247 20-12-2001 17-12-2001 DPZ2001142354 2001 247 20-12-2001 17-12-2001 DPZ2001142354 01-01-2002
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 artikel 4 De hoofden van de diensten leggen binnen twee maanden na afloop van het begrotingsjaar verantwoording af over hun activiteiten. Voor de verantwoording over de activiteiten bedoeld in, wordt het tijdschema aangehouden dat jaarlijks door de directeur Financiële en Economische Zaken wordt voorgeschreven. 2 De minister beslist jaarlijks op voordracht van de directeur Financiële en Economische Zaken over het verlenen van decharge aan de onderscheidene hoofden van dienst over het door hen gevoerde financiële beheer. 2001 247 20-12-2001 17-12-2001 DPZ2001142354 2001 247 20-12-2001 17-12-2001 DPZ2001142354 01-01-2002
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 De hoofden van de diensten en de hoofden van de organisatieonderdelen kunnen onder nader door hen te bepalen voorwaarden bestanddelen van de aan hen verleende bevoegdheden, waaronder tevens moet worden begrepen de bevoegdheid tot het vaststellen van beleidsregels, mandateren aan personen die onder hun verantwoordelijkheid werkzaam zijn. 2 De hoofden van de diensten en de hoofden van de organisatieonderdelen kunnen onder nader door hen te bepalen voorwaarden de aan hen verleende volmacht en machtiging geheel of gedeeltelijk verlenen aan personen die onder hun verantwoordelijkheid werkzaam zijn. 3 artikel 4 Indien toepassing wordt gegeven aan het eerste of tweede lid, doen de hoofden van de diensten en de hoofden van de organisatieonderdelen daarvan schriftelijk mededeling, vergezeld van de daaraan ten grondslag liggende regeling, aan de secretaris-generaal en als het gaat om bevoegdheden als bedoeld inaan de directeur Financiële en Economische Zaken. 2001 247 20-12-2001 17-12-2001 DPZ2001142354 2001 247 20-12-2001 17-12-2001 DPZ2001142354 01-01-2002
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 artikel 3 bijlage 2 Indien de hoofden van de diensten en de hoofden van de organisatieonderdelen, dan wel door hen gemandateerden, stukken afdoen als bedoeld in, luidt de ondertekening overeenkomstig de inaangegeven formule. 2001 247 20-12-2001 17-12-2001 DPZ2001142354 2001 247 20-12-2001 17-12-2001 DPZ2001142354 01-01-2002
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 De minister kan, gehoord de secretaris-generaal, de taken en beveogdheden, genoemd in deze regeling, met onmiddelijke ingang wijzigen of intrekken. 2001 247 20-12-2001 17-12-2001 DPZ2001142354 2001 247 20-12-2001 17-12-2001 DPZ2001142354 01-01-2002
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 deze regeling op artikel 8 De Regeling taken en bevoegdheden VROM 1998 wordt ingetrokken. Besluiten tot mandaatverlening die berusten op artikel 9 van die regeling berusten na inwerkingtreding vanvan deze regeling. 2 De Tijdelijke regeling taken en bevoegdheden inspecteur-generaal VROM en de Tijdelijke regeling taken en bevoegdheden in verband met de oprichting van het Ruimtelijk planbureau worden ingetrokken. 2001 247 20-12-2001 17-12-2001 DPZ2001142354 2001 247 20-12-2001 17-12-2001 DPZ2001142354 01-01-2002
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2002. 2 Deze regeling wordt aangehaald als Regeling taken en bevoegdheden VROM 2002. Deze regeling zal in de Staatscourant worden geplaatst. 2001 247 20-12-2001 17-12-2001 DPZ2001142354 2001 247 20-12-2001 17-12-2001 DPZ2001142354 01-01-2002
Artikel 9#
artikel 9
Artikel 9#
artikel 9
Artikel 9#
artikel 9
Artikel 9#
artikel 9