Tijdelijke subsidieregeling Technische Universiteit Delft
- BWB-id
- BWBR0013646
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- 2002-05-09 t/m 2004-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0013646
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2002/tijdelijke-subsidieregeling-technische-universiteit-delft
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2002/tijdelijke-subsidieregeling-technische-universiteit-delft/2002-05-09
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0013646&g=2002-05-09
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0013646&z=2026-06-06&g=2002-05-09
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0013646/2002-05-09
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2002/tijdelijke-subsidieregeling-technische-universiteit-delft
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. minister: Minister van Verkeer en Waterstaat; b. TU Delft: Technische Universiteit Delft; c. sectie: Sectie Transport en Logistieke Systemen van de Vakgroep Transporttechnologie van de Faculteit Ontwerp, Constructie en Productie van de TU Delft; d. salariskosten: de binnen de sectie noodzakelijke en rechtstreeks aan twee volledige arbeidsplaatsen toe te rekenen gemaakte en betaalde salariskosten voorzover deze kosten geen betrekking hebben op de leerstoel; e. leerstoel: leerstoel Grootschalige Transportsystemen die binnen de sectie wordt bekleed en waarbinnen onderzoek wordt gedaan naar alle technische en logistieke aspecten van transportnetwerken, zoals horizontaal en verticaal overslagequipment, geautomatiseerde transportmiddelen, besturingssystemen en logistieke systemen en alle andere daarmee samenhangende technische aspecten van transportsystemen. 2002 86 07-05-2002 25-04-2002 HDJZ/ABR/2002-491 2002 86 07-05-2002 25-04-2002 HDJZ/ABR/2002-491 09-05-2002 01-01-2002
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 De minister verstrekt aan de TU Delft jaarlijks een subsidie voor de bijdrage die door de sectie wordt geleverd aan de kennisontwikkeling en -overdracht op het terrein van het verkeer en vervoer. 2 De subsidie omvat naast een bijdrage in de salariskosten, tevens een bijdrage in de kosten van de leerstoel. Deze kosten betreffen een gedeelte van het salaris dat aan de leerstoel verbonden is. 3 Het subsidieplafond voor de salariskosten bedraagt jaarlijks € 125.000. 4 De leerstoel wordt jaarlijks voor € 13.614 gesubsidieerd. 2002 86 07-05-2002 25-04-2002 HDJZ/ABR/2002-491 2002 86 07-05-2002 25-04-2002 HDJZ/ABR/2002-491 09-05-2002 01-01-2002
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 Afdeling 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing. 2002 86 07-05-2002 25-04-2002 HDJZ/ABR/2002-491 2002 86 07-05-2002 25-04-2002 HDJZ/ABR/2002-491 09-05-2002 01-01-2002
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 artikel 2 De inbedoelde subsidie wordt per boekjaar verleend. Het boekjaar valt samen met het kalenderjaar. 2002 86 07-05-2002 25-04-2002 HDJZ/ABR/2002-491 2002 86 07-05-2002 25-04-2002 HDJZ/ABR/2002-491 09-05-2002 01-01-2002
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 De aanvraag tot subsidieverlening wordt gericht aan de minister en ingediend bij de Directeur-Generaal Goederenvervoer, Postbus 20904, 2500 EX Den Haag. 2 De in het eerste lid bedoelde aanvraag wordt uiterlijk een maand voor de aanvang van het boekjaar ingediend, met uitzondering van de aanvraag voor het boekjaar 2002 die binnen vier weken na de inwerkingtreding van deze regeling wordt ingediend. 3 artikel 7 De aanvraag gaat vergezeld van een liquiditeitsbegroting ten behoeve van de voorschotverlening, bedoeld in. 2002 86 07-05-2002 25-04-2002 HDJZ/ABR/2002-491 2002 86 07-05-2002 25-04-2002 HDJZ/ABR/2002-491 09-05-2002 01-01-2002
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 De minister kan bij de subsidieverlening bepalen dat de TU Delft tussentijds verslag uitbrengt over de door de sectie ondernomen activiteiten ten aanzien van kennisontwikkeling en -overdracht op het terrein van verkeer en vervoer. 2002 86 07-05-2002 25-04-2002 HDJZ/ABR/2002-491 2002 86 07-05-2002 25-04-2002 HDJZ/ABR/2002-491 09-05-2002 01-01-2002
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 De minister kan op aanvraag van de TU Delft ieder kwartaal een voorschot verlenen. De hoogte van het voorschot wordt bepaald aan de hand van de bij de aanvraag voor subsidieverlening gevoegde liquiditeitsbegroting, met dien verstande dat het voorschot per kwartaal niet meer dan 20% van het verleende subsidiebedrag bedraagt. 2002 86 07-05-2002 25-04-2002 HDJZ/ABR/2002-491 2002 86 07-05-2002 25-04-2002 HDJZ/ABR/2002-491 09-05-2002 01-01-2002
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 De aanvraag tot subsidievaststelling wordt binnen vier weken na afloop van het boekjaar ingediend. 2 De aanvraag gaat vergezeld van een overzicht van het studentenbestand over het jaar waarop de in het eerste lid bedoelde aanvraag betrekking heeft. 3 bijlage De verklaring van de accountant, bedoeld in art. 4.78, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht voldoet aan het alsbij deze regeling opgenomen model controleprotocol subsidies. 2002 86 07-05-2002 25-04-2002 HDJZ/ABR/2002-491 2002 86 07-05-2002 25-04-2002 HDJZ/ABR/2002-491 09-05-2002 01-01-2002
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 artikel 8, eerste lid De minister geeft een beschikking tot subsidievaststelling binnen zes weken nadat de in, bedoelde aanvraag volledig is ontvangen. 2 Indien de beschikking niet binnen zes weken kan worden gegeven, stelt de minister de TU Delft daarvan in kennis en noemt de minister daarbij een redelijke termijn waarbinnen de beschikking wordt gegeven. 2002 86 07-05-2002 25-04-2002 HDJZ/ABR/2002-491 2002 86 07-05-2002 25-04-2002 HDJZ/ABR/2002-491 09-05-2002 01-01-2002
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2002. Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2005. 2002 86 07-05-2002 25-04-2002 HDJZ/ABR/2002-491 2002 86 07-05-2002 25-04-2002 HDJZ/ABR/2002-491 09-05-2002 01-01-2002
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke subsidieregeling Technische Universiteit Delft. 2002 86 07-05-2002 25-04-2002 HDJZ/ABR/2002-491 2002 86 07-05-2002 25-04-2002 HDJZ/ABR/2002-491 09-05-2002 01-01-2002
Artikel 8#
artikel 8, derde lid
Artikel 1 — 1 Inleiding#
1 Inleiding 1.1 artikel 2 van de Tijdelijke subsidieregeling Technische Universiteit Delft Dit controleprotocol heeft betrekking op de bijdrage die door het Ministerie van Verkeer en Waterstaat wordt verstrekt aan Technische Universiteit Delft zoals geregeld in. 1.2 artikel 8, derde lid, van de Tijdelijke subsidieregeling Technische Universiteit Delft Dit controleprotocol is een nadere uitwerking van. 1.3 In dit controleprotocol wordt uiteengezet welke algemene uitgangspunten en specifieke vereisten gelden bij de controle door de derde accountant ten behoeve van de onder 1.1. genoemde subsidie, alsmede op welke wijze de uitkomsten van deze controle dienen te worden gerapporteerd. 1.4 Op verzoek van de Minister van Verkeer en Waterstaat kan door accountants van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat of door de Minister van Verkeer en Waterstaat aangewezen accountants een review worden uitgevoerd bij de fungerende derde accountant ter toetsing op de naleving van dit controleprotocol. Indien een review wordt uitgevoerd zal hierover tevens overleg worden gepleegd met de subsidieontvanger.
Artikel 2 — 2 Algemene uitgangspunten voor de controle#
2 Algemene uitgangspunten voor de controle 2.1 De controle dient zowel de getrouwe weergave van de ingediende verantwoording, alsmede de rechtmatige besteding van de ter beschikking gestelde middelen te omvatten. Van de derde accountant wordt derhalve verwacht dat hij niet alleen de getrouwe weergave controleert, maar ook dat hij de naleving van de subsidieregelgeving (zoals genoemd onder punt 1.3) toetst. 2.2 Ten aanzien van de uitvoering van de controle door de derde accountant geldt, voor wat betreft de rechtmatigheid en/of juistheid, een controletolerantie van 1% en voor wat betreft de betrouwbaarheid een controletolerantie van 3%. Beide percentages hebben betrekking op het totaal toegezegde subsidiebedrag, conform het vastgestelde bedrag in de beschikking.
Artikel 3 — 3 Specifieke vereisten#
3 Specifieke vereisten 3.1 Bij de uitvoering van de controle van de verantwoording dient, met inachtneming van de onder punt 2 genoemde uitgangspunten, door de derde accountant te worden vastgesteld dat aan de volgende specifieke vereisten is voldaan: a. dat de door de subsidieontvanger gevoerde administratie zodanig is ingericht dat daaruit door de Minister op ieder moment op eenvoudige en eenduidige wijze de aan de kennisontwikkeling en -overdracht op het terrein van verkeer en vervoer gerelateerde kosten kunnen worden afgeleid; b. of er activiteiten hebben plaatsgevonden welke hebben geresulteerd in de totstandkoming van rapporten, documenten en dergelijke, welke door de subsidieontvanger niet ter kennisname aan de Minister zijn gezonden; c. of er bij het opzetten van de verantwoording zoveel mogelijk is aangesloten bij de indeling van de subsidieaanvraag; d. of er aan de subsidieontvanger surséance van betaling is verleend, het faillissement van de subsidieontvanger is aangevraagd, dan wel dat er een verzoek daartoe bij de rechtbank is ingediend.
Artikel 4 — 4 Rapportering#
4 Rapportering 4.1 Een model van de goedkeurende accountantsverklaring in het kader van deze subsidieregeling luidt als volgt: ACCOUNTANTSVERKLARING M.B.T. TIJDELIJKE SUBSIDIEREGELING TECHNISCHE UNIVERSITEIT DELFT afgegeven t.b.v. het Ministerie van Verkeer en Waterstaat. Wij hebben (in dit rapport/verslag opgenomen) de door ons gewaarmerkte verantwoording inzake de kosten van de kennisontwikkeling en -overdracht op het terrein van verkeer en vervoer in het kader van de Tijdelijke subsidieregeling Technische Universiteit Delft gecontroleerd. De verantwoording is opgesteld onder de verantwoordelijkheid van de leiding van de huishouding. Het is onze verantwoordelijkheid een accountantsverklaring inzake de verantwoording te verstrekken. Deze verantwoording is bestemd voor de bepaling van de definitieve bijdrage in het kader van de Tijdelijke subsidieregeling Technische Universiteit Delft. De gewaarmerkte verantwoording is genummerd van blad 1 t/m blad 6. Onze controle is verricht overeenkomstig algemeen aanvaarde richtlijnen met betrekking tot controleopdrachten. Volgens deze richtlijnen dient onze controle zodanig te worden gepland en uitgevoerd, dat een redelijke mate van zekerheid wordt verkregen dat de jaarrekening geen onjuistheden van materieel belang bevat. Verder is ons onderzoek verricht met inachtneming van hetgeen is vermeld in het controleprotocol behorende bij de Tijdelijke subsidieregeling Technische Universiteit Delft d.d. <datum>. Wij zijn van oordeel dat de verantwoording voldoet aan de terzake geldende eisen. <plaats> <datum> <handtekening> <naam van de ondertekenaar> <paraaf voor waarmerkingsdoeleinden> <naam van de parafeerder>