Mandaatbesluit Dienst Landelijk Gebied
- BWB-id
- BWBR0015673
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- 2003-10-15 t/m 2005-12-07
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0015673
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2003/mandaatbesluit-dienst-landelijk-gebied-bwbr0015673
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2003/mandaatbesluit-dienst-landelijk-gebied-bwbr0015673/2003-10-15
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0015673&g=2003-10-15
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0015673&z=2026-06-06&g=2003-10-15
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0015673/2003-10-15
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2003/mandaatbesluit-dienst-landelijk-gebied-bwbr0015673
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 De directeur en de plaatsvervangend directeur van de Dienst Landelijk Gebied zijn gemachtigd om namens de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit te beslissen en stukken te ondertekenen omtrent aangelegenheden, betreffende: a. artikelen 15 24 van het Besluit van de Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening van 23 juni 1978, nr. 0515928 (Stcrt. 124) de goedkeuring van het werkplan inzake de voorbereiding van het Reconstructieprogramma en het plan van voorzieningen, bedoeld in deen; b. artikel 5:12 van de Algemene wet bestuursrecht de uitgifte van legitimatiebewijzen als bedoeld inaan ambtenaren van de Dienst Landelijk Gebied; c. de beantwoording van aan de minister gerichte brieven, het werkterrein van zijn dienst betreffende, voorzover het antwoord zich beperkt tot een beschrijving van vigerend beleid en niet van politieke betekenis is, terwijl ook overigens uit de aard en inhoud van de desbetreffende brieven niet voortvloeit dat de beantwoording door de minister persoonlijk of namens deze door secretaris-generaal dient te worden ondertekend. 2003 197 13-10-2003 02-10-2003 TRCJZ/2003/8560 2003 197 13-10-2003 02-10-2003 TRCJZ/2003/8560 15-10-2003
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 De directeur, de plaatsvervangend directeur en de regiomanagers van de Dienst Landelijk Gebied zijn gemachtigd om namens de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit te beslissen en stukken te ondertekenen omtrent aangelegenheden, betreffende: a. artikel 146, vierde lid, van de Landinrichtingswet de bepaling van het tijdstip, bedoeld in; b. Landinrichtingswet Herinrichtingswet Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkoloniën Reconstructiewet Midden-Delfland subsidies ten behoeve van landinrichtingsprojecten als bedoeld in de, deen de; c. Infrastructuurregeling glastuinbouwgebieden de; d. Regeling subsidies particuliere terreinbeherende natuurbeschermingsorganisaties de, met uitzondering van de besluiten tot subsidieverlening van meer dan € 500.000,–; e. Stimuleringsregeling inrichting duurzame glastuinbouwgebieden de, met uitzondering van de besluiten tot subsidieverlening en besluiten tot heroverweging van besluiten op aanvragen tot subsidieverlening; f. de Regeling gebiedsgerichte bestrijding van verdroging; g. Regeling kavelruil de; h. Kaderregeling subsidies pilotprojecten reconstructie de; i. Regeling bedrijfshervestiging en -beëindiging de; j. Regeling subsidiëring landinrichting de; k. Regeling subsidiëring gebiedsgericht beleid en reconstructie concentratie gebieden de; l. Regeling subsidie plattelandsontwikkelingsprogramma provincies de. 2003 197 13-10-2003 02-10-2003 TRCJZ/2003/8560 2003 197 13-10-2003 02-10-2003 TRCJZ/2003/8560 15-10-2003
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 De directeur, de plaatsvervangend directeur, de regiomanagers en de hoofden projecten van de Dienst Landelijk Gebied zijn gemachtigd om namens de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit te beslissen en stukken te ondertekenen omtrent aangelegenheden, betreffende: a. artikel 30, eerste lid, van de Landinrichtingswet de toevoeging van een secretaris aan de landinrichtingscommissie, bedoeld in; b. artikel 30, eerste lid, van de Landinrichtingswet de instemming met de aanwijzing van de ingenieur van het kadaster en één of meer plaatsvervangers, bedoeld in; c. artikel 4, negende lid, van de Herinrichtingswet Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkoloniën de instemming met de aanwijzing van een ingenieur van het kadaster en één of meer plaatsvervangers, bedoeld in; d. artikel 4, negende lid, van de Herinrichtingswet Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkoloniën de toevoeging van een secretaris aan de herinrichtingscommissie, bedoeld in; e. artikel 3, vierde lid, van de Reconstructiewet Midden-Delfland de instemming met de aanwijzing van een ingenieur van het kadaster en één of meer plaatsvervangers en de benoeming van de secretarissen en van deskundigen, bedoeld in. 2003 197 13-10-2003 02-10-2003 TRCJZ/2003/8560 2003 197 13-10-2003 02-10-2003 TRCJZ/2003/8560 15-10-2003
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 De directeur, de plaatsvervangend directeur, de regiomanagers, de hoofden projecten en de programmamanagers van de Dienst Landelijk Gebied zijn gemachtigd om namens de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit te beslissen en stukken te ondertekenen omtrent aangelegenheden, betreffende: a. het verzoek aan het bestuur van de Dienst voor het kadaster en openbare Registers om de landinrichtingsrente aan te tekenen in de registers van het kadaster; b. het verzoek aan het bestuur van de Dienst voor het kadaster en openbare Registers om de herinrichtingsrente aan te tekenen in de registers van het kadaster; c. het verzoek aan het bestuur van de Dienst voor het kadaster en openbare Registers om de reconstructierente aan te tekenen in de registers van het kadaster. 2003 197 13-10-2003 02-10-2003 TRCJZ/2003/8560 2003 197 13-10-2003 02-10-2003 TRCJZ/2003/8560 15-10-2003
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 artikel 122, eerste lid, van de onteigeningswet artikel 6, eerste lid, van de Herinrichtingswet Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkoloniën artikel 5 van de Reconstructiewet Midden-Delfland Aan de programmamanagers grondzaken van de Dienst Landelijk Gebied wordt volmacht verleend om namens de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit de Staat der Nederlanden te vertegenwoordigen bij de levering van onroerende zaken aan het bureau beheer landbouwgronden, die zijn onteigend overeenkomstig,of. 2003 197 13-10-2003 02-10-2003 TRCJZ/2003/8560 2003 197 13-10-2003 02-10-2003 TRCJZ/2003/8560 15-10-2003
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 artikelen 1 tot en met 4, De ondertekening, bedoeld in deluidt: ‘DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN VOEDSELKWALITEIT, voor deze: DE DIRECTEUR DIENST LANDELIJK GEBIED,', onderscheidenlijk ‘DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN VOEDSELKWALITEIT, voor deze: DE PLAATSVERVANGEND DIRECTEUR DIENST LANDELIJK GEBIED,', onderscheidenlijk ‘DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN VOEDSELKWALITEIT, voor deze: DE REGIOMANAGER DIENST LANDELIJK GEBIED,', onderscheidenlijk ‘DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN VOEDSELKWALITEIT, voor deze: HET HOOFD PROJECTEN DIENST LANDELIJK GEBIED,', onderscheidenlijk ‘DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN VOEDSELKWALITEIT, voor deze: DE PROGRAMMAMANAGER DIENST LANDELIJK GEBIED,', 2003 197 13-10-2003 02-10-2003 TRCJZ/2003/8560 2003 197 13-10-2003 02-10-2003 TRCJZ/2003/8560 15-10-2003
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 besluit van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 16 juli 2003 (Stcrt. 2003, nr. 136), nr. TRCJZ/2003/6454, houdende machtiging aan ambtenaren van de Dienst Landelijk Gebied tot het beslissen en ondertekenen van stukken namens de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij Het, wordt ingetrokken. 2003 197 13-10-2003 02-10-2003 TRCJZ/2003/8560 2003 197 13-10-2003 02-10-2003 TRCJZ/2003/8560 15-10-2003
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst. 2003 197 13-10-2003 02-10-2003 TRCJZ/2003/8560 2003 197 13-10-2003 02-10-2003 TRCJZ/2003/8560 15-10-2003