Regeling van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen houdende regels inzake de aanvraag van vergunningen en de uitvoering van de vergelijkende toets voor het gebruik van frequentieruimte voor commerciële radio-omroep
- BWB-id
- BWBR0014741
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Geldigheid
- 2023-03-01 t/m 2024-11-25
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0014741
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2003/regeling-aanvraag-en-vergelijkende-toets-vergunningen-commer
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2003/regeling-aanvraag-en-vergelijkende-toets-vergunningen-commer/2023-03-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0014741&g=2023-03-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0014741&z=2026-06-06&g=2023-03-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0014741/2023-03-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2003/regeling-aanvraag-en-vergelijkende-toets-vergunningen-commer
Artikel 1 — Artikel 1 (definities)#
Artikel 1 (definities) In deze regeling wordt verstaan onder: a. minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen; b. commerciële radio-omroep: artikel 1, onder e, van de Mediawet artikel 1, onder dd, van die wet radio-omroep als bedoeld indoor een commerciële omroepinstelling als bedoeld in; c. landelijke commerciële radio-omroep: commerciële radio-omroep via FM-frequenties die betrekking heeft op het verzorgen en uitzenden van radioprogramma's, bestemd voor een landelijk publiek; d. ongeclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep: Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003 landelijke commerciële radio-omroep, waarvoor op grond van dezoals deze luidde vóór de inwerkingtreding van de Regeling van de Regeling van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 24 februari 2023, nr. WJZ 34858995 (14696), handelende in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken en Klimaat, tot wijziging van de Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003 in verband met modernisering van de clausuleringen geen gebruiksvoorschriften gelden; e. geclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep: artikelen 2 tot en met 6 van de Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003 landelijke commerciële radio-omroep waarvoor op grond van dezoals deze luidde vóór de inwerkingtreding van de Regeling van de Regeling van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 24 februari 2023, nr. WJZ 34858995 (14696), handelende in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken en Klimaat, tot wijziging van de Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003 in verband met modernisering van de clausuleringen gebruiksvoorschriften gelden; f. nieuws: artikel 2 van de Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003 programmacategorie van geclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep als bedoeld inzoals deze luidde vóór de inwerkingtreding van de Regeling van de Regeling van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 24 februari 2023, nr. WJZ 34858995 (14696), handelende in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken en Klimaat, tot wijziging van de Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003 in verband met modernisering van de clausuleringen; g. Nederlandstalige muziek: artikel 3 van de Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003 programmacategorie van geclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep als bedoeld inzoals deze luidde vóór de inwerkingtreding van de Regeling van de Regeling van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 24 februari 2023, nr. WJZ 34858995 (14696), handelende in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken en Klimaat, tot wijziging van de Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003 in verband met modernisering van de clausuleringen; h. klassieke muziek of jazz-muziek: artikel 4 van de Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003 programmacategorie van geclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep als bedoeld inzoals deze luidde vóór de inwerkingtreding van de Regeling van de Regeling van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 24 februari 2023, nr. WJZ 34858995 (14696), handelende in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken en Klimaat, tot wijziging van de Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003 in verband met modernisering van de clausuleringen; i. niet-recente bijzondere muziek: artikel 5 van de Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003 programmacategorie van geclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep als bedoeld inzoals deze luidde vóór de inwerkingtreding van de Regeling van de Regeling van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 24 februari 2023, nr. WJZ 34858995 (14696), handelende in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken en Klimaat, tot wijziging van de Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003 in verband met modernisering van de clausuleringen; j. recente bijzondere muziek: artikel 6 van de Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003 programmacategorie van geclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep als bedoeld inzoals deze luidde vóór de inwerkingtreding van de Regeling van de Regeling van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 24 februari 2023, nr. WJZ 34858995 (14696), handelende in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken en Klimaat, tot wijziging van de Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003 in verband met modernisering van de clausuleringen; k. niet-landelijke commerciële radio-omroep: artikel 7 van de Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003 commerciële radio-omroep via FM- frequenties die betrekking heeft op het verzorgen en uitzenden van radio-programma's waarvoor op grond vangebruiksvoorschriften gelden; l. commerciële radio-omroep middengolf: commerciële radio-omroep via middengolffrequenties die betrekking heeft op het verzorgen en uitzenden van radio-programma's; m. aanvraag: aanvraag voor een of meer vergunningen voor het gebruik van frequentieruimte ten behoeve van commerciële radio-omroep; n. aanvrager: degene die een aanvraag doet; o. aanvraagdocument: artikel 5, eerste lid, van het Frequentiebesluit document als bedoeld inten behoeve van de verdeling van frequentieruimte voor commerciële radio-omroep; p. kavel: frequentie of samenstel van frequenties, ter beschikking voor de uitvoering van een vergunning, waarvan de aanspraken op het gebruiksrecht worden toegekend door middel van de procedure van vergelijkende toets; q. demografisch bereik: het percentage van het aantal inwoners van Nederland dat bij benadering de uitzendingen via een etherfrequentie of een samenstel van etherfrequenties in het dekkingsgebied, berekend via de technische Zero Base-planningsnorm, kan ontvangen; r. notaris: artikel 6, tweede lid de notaris, genoemd in; s. financieel bod: het bedrag dat de aanvrager als onderdeel van zijn aanvraag onvoorwaardelijk en onherroepelijk op een kavel uitbrengt. 2023 6526 28-02-2023 23-02-2023 WJZ/26476420 2023 6526 28-02-2023 23-02-2023 WJZ/26476420 01-03-2023
Artikel 2 — Artikel 2 (bestemming frequentieruimte landelijke commerciële radio-omroep)#
Artikel 2 (bestemming frequentieruimte landelijke commerciële radio-omroep) 1 bijlage 1, tabel 1 en 2 De beschikbare frequentieruimte bestemd voor landelijke commerciële radio-omroep waarvoor een aanvraag voor een vergunning kan worden ingediend is beschreven in, bij deze regeling. 2 De frequentieruimte, bedoeld in het eerste lid, is verdeeld in negen kavels waarvan ten minste vier kavels bestemd zijn voor ongeclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep en ten hoogste vijf kavels bestemd zijn voor geclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep. 3 De Minister van Economische Zaken besluit in overeenstemming met de minister dat de bestemming van een kavel voor geclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep wijzigt in een kavel bestemd voor ongeclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep, indien is vastgesteld dat geen van de ingediende aanvragen op die kavel betrekking heeft, dan wel dat alle aanvragen betrekking hebbend op die kavel niet in behandeling zijn genomen of zijn afgewezen. Een dergelijk besluit wordt aan de aanvragers van landelijke commerciële radio-omroep schriftelijk medegedeeld. 4 Een aanvraag als bedoeld in het eerste lid kan slechts leiden tot verwerving van ten hoogste één kavel voor ongeclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep en ten hoogste één kavel voor geclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 3 — Artikel 3 (bestemming frequentieruimte niet-landelijke commerciële radio-omroep)#
Artikel 3 (bestemming frequentieruimte niet-landelijke commerciële radio-omroep) 1 bijlage 1, tabel 3 De beschikbare frequentieruimte voor niet-landelijke commerciële radio-omroep waarvoor een aanvraag voor een vergunning kan worden ingediend is beschreven in, bij deze regeling. 2 De frequentieruimte, bedoeld in het eerste lid, is verdeeld in zesentwintig kavels. 3 bijlage 2a Een aanvraag als bedoeld in het eerste lid kan slechts leiden tot verwerving van een of meer kavels met een totaal demografisch bereik van ten hoogste 30 procent, waarbij geldt dat een combinatie van kavels niet mogelijk is indien het demografisch bereik van de kleinste kavel voor 35 procent of meer valt binnen het demografisch bereik van de andere kavel, dan wel, indien dit percentage lager is dan 35 procent, meer dan 100.000 inwoners binnen het demografisch bereik van beide kavels vallen. De combinaties van kavels die niet toegestaan zijn, zijn beschreven inbij deze regeling. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 4 — Artikel 4 (bestemming frequentieruimte commerciële radio-omroep middengolf)#
Artikel 4 (bestemming frequentieruimte commerciële radio-omroep middengolf) 1 bijlage 1, tabel 4 De beschikbare frequentieruimte voor commerciële radio-omroep middengolf waarvoor een aanvraag voor een vergunning kan worden ingediend is beschreven in, bij deze regeling. 2 De frequentieruimte, bedoeld in het eerste lid, is verdeeld in twaalf kavels. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 5 — Artikel 5 (procedure vergunningverlening)#
Artikel 5 (procedure vergunningverlening) De vergunningen voor commerciële radio-omroep worden verleend door middel van de procedure van vergelijkende toets. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 6 — Artikel 6 (aanvraagdocument)#
Artikel 6 (aanvraagdocument) 1 Degene die in aanmerking wenst te komen voor een vergunning verzoekt de minister per aangetekende brief of per brief die wordt overhandigd op het in het vierde lid genoemde adres om het beschikbaar stellen van een aanvraagdocument. In deze brief vermeldt hij zowel zijn post- als bezorgadres, zijn telefoonnummer, de naam van een contactpersoon en, indien hij over een fax beschikt, zijn faxnummer. Het aanvraagdocument kan worden opgevraagd met ingang van 28 februari 2003, 09.00 uur. Het verzoek wordt uiterlijk op 28 maart 2003 om 14.00 uur door de minister ontvangen. Het aanvraagdocument wordt afgehaald op het in het vierde lid genoemde adres. Indien daar in de brief om is verzocht wordt het aanvraagdocument aangetekend toegezonden. 2 Het verzoek wordt als volgt geadresseerd: De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen p/a mr. C.A. de Zeeuw, notaris Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn Postbus 11756 2502 AT Den Haag Nederland 3 Voor de beschikbaarstelling van het aanvraagdocument is een bedrag van € 350 verschuldigd. Het bedrag wordt voldaan door middel van contante betaling bij het afhalen van het aanvraagdocument dan wel door middel van overboeking naar het volgende bankrekeningnummer: 22.81.75.720 t.n.v. Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn derdengelden notariaat inzake procedure vergelijkende toets radiofrequenties. 4 Beschikbaarstelling van het aanvraagdocument door overhandiging bij het afhalen dan wel door toezending geschiedt nadat het in het derde lid genoemde bedrag is voldaan. Het afhalen geschiedt op het volgende adres: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen p/a mr. C.A. de Zeeuw, notaris Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn Koningin Julianaplein 30 Gebouw Babylon Kantoren A, 5e verdieping Den Haag Nederland 5 Het bedrag, genoemd in het derde lid, wordt niet geretourneerd. 6 De identiteit van degene die in aanmerking wenst te komen voor een vergunning is tot het moment dat de aanvraag is ingediend alleen aan de notaris bekend. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 7 — Artikel 7 (vraag- en antwoordprocedure)#
Artikel 7 (vraag- en antwoordprocedure) 1 artikel 6 artikel 6, tweede lid Eenieder aan wie het aanvraagdocument overeenkomstigis verstrekt, kan met betrekking tot dat document vragen stellen aan de minister. De vragen worden uitsluitend schriftelijk ingediend met gebruikmaking van de daarvoor bestemde enveloppen die in het aanvraagdocument zijn opgenomen en gaan vergezeld van een diskette met daarop een elektronische versie van de vragen. Indien er verschillen bestaan tussen de schriftelijke en de elektronische versie van de vragen, is de schriftelijke versie bindend. De vragen worden uiterlijk op 5 maart 2003, 14.00 uur, door tussenkomst van de notaris op het in, genoemde adres, door de minister ontvangen. 2 De vragen worden zodanig geformuleerd dat ze niet tot de identiteit van de vragensteller herleidbaar zijn en worden in de Nederlandse taal gesteld. De identiteit van de vragensteller is alleen aan de notaris bekend. 3 Uiterlijk op 19 maart 2003 zendt de minister aan eenieder aan wie het aanvraagdocument is verstrekt schriftelijk antwoord op de vragen die tijdig zijn ontvangen en die voldoen aan de eisen, bedoeld in het eerste en tweede lid, vergezeld van de niet tot de identiteit van de vragensteller herleidbare versie van de vragen. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 8 — Artikel 8 (inrichting van de aanvraag)#
Artikel 8 (inrichting van de aanvraag) 1 bijlage 3a bijlage 3a, onderdelen I tot en met III en VIII bijlage 3a, onderdeel IV, V, VI of VII De aanvraag wordt ingedeeld overeenkomstigbij deze regeling. De aanvraag bevat de algemene gegevens en bescheiden, bedoeld in, bij deze regeling, en bevat daarnaast per kavel waarop de aanvraag betrekking heeft de gegevens en bescheiden, bedoeld in, bij deze regeling. 2 bijlage 3a, onderdelen IV tot en met VII De gegevens en bescheiden, bedoeld in, dienen afzonderlijk gebundeld zijn ten opzichte van de andere op grond van deze bijlage in de aanvraag op te nemen gegevens en bescheiden. 3 De aanvraag geeft aan op welke specifieke kavels de aanvraag betrekking heeft. 4 De aanvraag is in de Nederlandse taal gesteld en aangeduid als het originele exemplaar. Dit exemplaar wordt ondertekend door de aanvrager en losbladig aangeleverd. 5 In afwijking van het vierde lid, mogen de gegevens en bescheiden, bedoeld in het eerste en tweede lid, die van anderen dan de aanvrager zelf afkomstig zijn in de Engelse taal gesteld zijn. 6 De aanvraag gaat vergezeld van zeven als zodanig aangeduide afschriften. 7 Indien er verschillen bestaan tussen het originele exemplaar en de afschriften, is het originele exemplaar bindend. 8 artikel 6, tweede lid De aanvrager informeert de minister per brief die wordt geadresseerd op de in, genoemde wijze onmiddellijk over wijzigingen met betrekking tot de gegevens en bescheiden, bedoeld in het eerste lid. 9 Met de gegevens en bescheiden, bedoeld in het eerste lid, worden gelijkgesteld zodanige gegevens en bescheiden krachtens het recht van een van de andere lidstaten van de Europese Unie of een van de andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 9 — Artikel 9 (keuze bestemmingen)#
Artikel 9 (keuze bestemmingen) De aanvraag geeft aan en heeft uitsluitend betrekking op: a. artikel 2, derde lid één of meer kavels voor ongeclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep, waarbij tevens één of meer kavels voor geclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep betrokken kunnen worden voor het geval zich een bestemmingswijziging als bedoeld in, voordoet; b. één of meer kavels voor geclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep; c. één of meer kavels voor niet-landelijke commerciële radio-omroep; d. één of meer kavels voor commerciële radio-omroep middengolf; e. een combinatie van a en b; f. een combinatie van a, b, en d; g. een combinatie van a en d; h. een combinatie van b en d; of i. een combinatie van c en d. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 10 — Artikel 10 (voorkeuren)#
Artikel 10 (voorkeuren) 1 De aanvraag die betrekking heeft op landelijke ongeclausuleerde radio-omroep en zich daarbinnen op meer dan één kavel richt, geeft op de in het vierde lid genoemde wijze per kavel aan welke voorkeur aan het verkrijgen van die kavel wordt gegeven ten opzichte van de andere kavels waarop de aanvraag betrekking heeft. De aanvraag kan bij deze opgave tevens de kavels voor geclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep betrekken, uitsluitend voor het geval dat de bestemming van die kavels wijzigt in ongeclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep. Bij de opgave van zijn voorkeuren maakt de aanvrager in dat geval uitsluitend gebruik van de tabel die is opgenomen in bijlage 3b bij deze regeling overeenkomstig de bij die tabel behorende instructie. 2 De aanvraag die betrekking heeft op landelijke geclausuleerde radio-omroep en zich daarbinnen op meer dan één kavel richt, geeft op de in het vierde lid genoemde wijze per kavel aan welke voorkeur aan het verkrijgen van die kavel wordt gegeven ten opzichte van de andere kavels waarop de aanvraag betrekking heeft. 3 De aanvraag die betrekking heeft op niet-landelijke commerciële radio-omroep en zich daarbinnen op meer dan één kavel richt, geeft op de in het vierde lid genoemde wijze per kavel aan welke voorkeur aan het verkrijgen van die kavel wordt gegeven ten opzichte van de andere kavels waarop de aanvraag betrekking heeft. 4 Het aangeven van de voorkeuren vindt plaats door de kavels op basis van voorkeur oplopend te nummeren, beginnend met het getal één voor de kavel waarvoor de belangstelling het grootst is. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 11 — Artikel 11 (indienen aanvraag)#
Artikel 11 (indienen aanvraag) 1 Elke aanvrager dient slechts één aanvraag in. 2 De aanvraag kan uitsluitend met ingang van 28 februari 2003, 09.00 uur worden ingediend, en wordt uiterlijk op 28 maart 2003 om 14.00 uur ontvangen. 3 artikel 6, vierde lid Indiening van de aanvraag geschiedt uitsluitend door aflevering op het adres, genoemd in. 4 In de aanvraag vermeldt de aanvrager zowel zijn post- als bezorgadres, zijn telefoonnummer, de naam van een contactpersoon en, indien hij over een fax beschikt, zijn faxnummer. 5 De minister bevestigt onverwijld schriftelijk de ontvangst van de aanvraag. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 12 — Artikel 12 (financieel bod)#
Artikel 12 (financieel bod) 1 Elke aanvrager brengt op iedere kavel waarop zijn aanvraag betrekking heeft een financieel bod uit. 2 bijlage 4 Het financieel bod komt voor iedere kavel overeen met het model invan de regeling en maakt deel uit van de aanvraag. 3 De aanvrager is onvoorwaardelijk en onherroepelijk aan zijn bod gebonden. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 13 — Artikel 13 (niet in behandeling nemen van de aanvraag)#
Artikel 13 (niet in behandeling nemen van de aanvraag) artikel 11, tweede en derde lid Indien de aanvrager niet heeft voldaan aan de eisen, gesteld in, wordt de aanvraag niet in behandeling genomen. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 14 — Artikel 14 (herstel verzuim)#
Artikel 14 (herstel verzuim) 1 artikelen 6, eerste lid, eerste volzin, en derde lid 8 11, eerste en vierde lid Indien de aanvrager niet heeft voldaan aan de in de,en, gestelde eisen, stelt de minister de aanvrager gedurende vijf werkdagen in de gelegenheid dit verzuim te herstellen. 2 Indien het verzuim niet is hersteld binnen de termijn bedoeld in het eerste lid, wordt de aanvraag niet in behandeling genomen. 3 artikel 11, eerste lid In afwijking van het tweede lid wordt, indien het verzuim, betreft, door middel van loting bepaald welke aanvraag in behandeling blijft. De overige aanvragen worden niet in behandeling genomen. De loting geschiedt door de notaris. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 15 — Artikel 15 (in behandeling nemen aanvraag)#
Artikel 15 (in behandeling nemen aanvraag) artikel 11, tweede lid De Minister van Economische Zaken deelt de aanvrager zo spoedig mogelijk na de dag waarop de aanvrager op grond van, de aanvraag uiterlijk kon indienen mee of de aanvraag in behandeling wordt genomen. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 16 — Artikel 16 (entiteitsvorm)#
Artikel 16 (entiteitsvorm) 1 artikel 3 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek De aanvrager is een privaatrechtelijke rechtspersoon als bedoeld indan wel een natuurlijk persoon. 2 Een aanvrager is geen instelling voor publieke omroep. 3 Met een privaatrechtelijke rechtspersoon naar Nederlands recht wordt gelijkgesteld het equivalent daarvan volgens het recht van een van de overige lidstaten van de Europese Unie of een van de overige lidstaten die partij zijn bij de overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte. 4 Indien de aanvrager een rechtspersoon is: a. wordt deze beheerst door het recht van een van de lidstaten van de Europese Unie of een van de overige lidstaten die partij zijn bij de overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte; en b. heeft deze zijn statutaire zetel, zijn hoofdbestuur of zijn hoofdvestiging binnen een van de lidstaten van de Europese Unie of een van de overige lidstaten die partij zijn bij de overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte. 5 Indien de aanvrager een natuurlijk persoon is: a. heeft deze zijn werkelijke woonplaats binnen een van de lidstaten van de Europese Unie of een van de overige lidstaten die partij zijn bij de overeenkomst betreffende de Europese Economische ruimte; en b. is deze meerderjarig. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 17 — Artikel 17 (financiële positie algemeen)#
Artikel 17 (financiële positie algemeen) 1 Ten aanzien van de financiële positie van de aanvrager worden de volgende eisen gesteld: a. de aanvrager verkeert niet in staat van faillissement; b. er is geen beslag gelegd op een of meer goederen van de aanvrager die tezamen een aanmerkelijk deel van zijn vermogen vormen. c. indien de aanvrager een rechtspersoon is: 1º. is aan de aanvrager geen surséance van betaling verleend; 2º. verkeert de aanvrager niet in liquidatie; d. indien de aanvrager een natuurlijk persoon is: 1º. is deze handelingsbekwaam ter zake van de onderhavige procedure van vergelijkende toets alsmede het verzorgen en uitzenden van radioprogramma's; 2º. is ten aanzien van de aanvrager geen schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing; 3º. heeft de aanvrager niet door onderbewindstelling van een of meer goederen het vrije beheer over zijn vermogen verloren; 4º. Wet op de justitiële documentatie en op de verklaringen omtrent het gedrag overlegt de aanvrager een verklaring omtrent het gedrag als bedoeld in de. 2 Met een aanvrager die voldoet aan de eisen, bedoeld in het eerste lid, wordt gelijkgesteld een aanvrager die aan zodanige eisen voldoet krachtens het recht van een van de andere lidstaten van de Europese Unie of een van de andere staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 18 — Artikel 18 (financiële positie specifiek)#
Artikel 18 (financiële positie specifiek) 1 bijlage 5 artikel 42 Ten aanzien van de financiële positie van de aanvrager voor landelijke commerciële radio-omroep wordt de eis gesteld dat hij een bankgarantie overlegt die overeenkomt met het model invan deze regeling, ter zekerheid voor de nakoming van de betaling van het bedrag van de eerste en tweede termijn van het financieel bod zoals nader bepaald invan deze regeling. 2 De hoogte van het bedrag van de bankgarantie als bedoeld in het eerste lid is gelijk aan de optelsom van de bedragen van de eerste en tweede termijn van betaling van het hoogste financieel bod dat de aanvrager op een kavel heeft uitgebracht. 3 In afwijking van het tweede lid, geldt voor de aanvraag die op zowel ongeclausuleerde als geclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep betrekking heeft, dat de hoogte van het bedrag van de bankgarantie als bedoeld in het eerste lid gelijk is aan de optelsom van: a. de bedragen van de eerste en tweede termijn van betaling van het hoogste financieel bod dat de aanvrager op een kavel voor ongeclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep heeft uitgebracht; en b. de bedragen van de eerste en tweede termijn van betaling van het hoogste financieel bod dat de aanvrager op een kavel voor geclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep heeft uitgebracht. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 19 — Artikel 19 (kennis, ervaring en technische middelen)#
Artikel 19 (kennis, ervaring en technische middelen) 1 Ten aanzien van de kennis en ervaring van de aanvrager voor een vergunning voor ongeclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep dan wel voor commerciële radio-omroep middengolf wordt de eis gesteld dat hij aantoonbaar kan beschikken over kennis en ervaring met betrekking tot de productie en exploitatie van een radioprogramma. 2 Ten aanzien van de kennis en ervaring van de aanvrager voor een vergunning voor een kavel aangewezen voor niet-recente bijzondere muziek, wordt de eis gesteld dat de aanvrager aantoonbaar kan beschikken over kennis en ervaring met betrekking tot de productie en exploitatie van een radioprogramma dat overwegend bestaat uit niet-recente bijzondere muziek. 3 Ten aanzien van de kennis en ervaring van de aanvrager voor een vergunning voor een kavel aangewezen voor recente bijzondere muziek, wordt de eis gesteld dat de aanvrager aantoonbaar kan beschikken over kennis en ervaring met betrekking tot de productie en exploitatie van een radioprogramma dat overwegend bestaat uit recente bijzondere muziek. 4 Ten aanzien van de kennis en ervaring van de aanvrager voor een vergunning voor een kavel aangewezen voor nieuws, wordt de eis gesteld dat de aanvrager aantoonbaar kan beschikken over kennis en ervaring met betrekking tot de productie en exploitatie van nieuws- en informatievoorziening. 5 Ten aanzien van de kennis en ervaring van de aanvrager voor een vergunning voor een kavel aangewezen voor klassieke muziek of jazz-muziek, wordt de eis gesteld dat de aanvrager aantoonbaar kan beschikken over kennis en ervaring met betrekking tot de productie en exploitatie van een radioprogramma dat overwegend bestaat uit klassieke muziek of jazz-muziek. 6 Ten aanzien van de kennis en ervaring van de aanvrager voor een vergunning voor een kavel aangewezen voor Nederlandstalige muziek, wordt de eis gesteld dat de aanvrager aantoonbaar kan beschikken over kennis en ervaring met betrekking tot de productie en exploitatie van een radioprogramma dat overwegend bestaat uit Nederlandstalige muziek. 7 Ten aanzien van de kennis en ervaring van de aanvrager voor een vergunning voor niet-landelijke commerciële radio-omroep wordt de eis gesteld dat de aanvrager aantoonbaar kan beschikken over kennis en ervaring met de productie en exploitatie van een regionaal radioprogramma, inclusief nieuws- en informatievoorziening. 8 Ten aanzien van de technische middelen van de aanvrager wordt de eis gesteld dat de aanvrager aantoonbaar kan beschikken over technische middelen met betrekking tot de productie en exploitatie van een radioprogramma. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 20 — Artikel 20 (hoedanigheid aanvrager)#
Artikel 20 (hoedanigheid aanvrager) 1 artikel 71a van de Mediawet Ten aanzien van de hoedanigheid van de aanvrager als commerciële omroep wordt de eis gesteld dat de aanvrager beschikt over de vereiste toestemming van het Commissariaat voor de Media, bedoeld in. 2 artikel 6, vierde lid Een aanvrager die ten tijde van het indienen van zijn aanvraag nog niet beschikt over de vereiste toestemming, bedoeld in het eerste lid, overlegt gelijktijdig met zijn aanvraag een bewijs dat die toestemming is aangevraagd. Uiterlijk op 18 april 2003 wordt de vereiste toestemming overgelegd door aflevering op het adres, genoemd in. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 21 — Artikel 21 (eisen ten aanzien van democratische, sociale, taalkundige en culturele belangen)#
Artikel 21 (eisen ten aanzien van democratische, sociale, taalkundige en culturele belangen) 1 bijlage 6 De aanvrager voor landelijke commerciële radio-omroep overlegt een door hem ondertekende verklaring die overeenkomt met het model vanbij deze regeling, waaruit blijkt dat een krachtens deze regeling aan hem verleende vergunning voor commerciële radio-omroep zal worden gebruikt voor het uitzenden van een radioprogramma van een commerciële omroepinstelling: a. dat, voorzover het gepresenteerde programmaonderdelen tussen 07.00 uur en 19.00 uur betreft, voor ten minste 50 procent in de Nederlandse of Friese taal wordt gepresenteerd, en b. waarin tussen 07.00 uur en 23.00 uur, voorzover in deze uren wordt uitgezonden, ten minste éénmaal per uur op het hele uur een programmaonderdeel geheel bestaande uit nieuws is opgenomen. 2 bijlage 7 De aanvrager voor niet-landelijke commerciële radio-omroep overlegt een door hem ondertekende verklaring die overeenkomt met het model vanbij deze regeling, waaruit blijkt dat een krachtens deze regeling aan hem verleende vergunning voor commerciële radio-omroep zal worden gebruikt voor het uitzenden van een radioprogramma van een commerciële omroepinstelling dat, voor zover het gepresenteerde programmaonderdelen tussen 07.00 uur en 19.00 uur betreft, voor ten minste 50% in de Nederlandse of Friese taal wordt gepresenteerd. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 22 — Artikel 22 (afwijzing aanvragen op grond van materiële toets)#
Artikel 22 (afwijzing aanvragen op grond van materiële toets) artikelen 16 tot en met 21 Indien uit de aanvraag blijkt dat voor een kavel niet is voldaan aan de eisen, bedoeld in de, wijst de Minister van Economische Zaken de aanvraag voor het deel dat op die kavel betrekking heeft, af. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 23 — Artikel 23 (kennisgeving afronding materiële toets)#
Artikel 23 (kennisgeving afronding materiële toets) artikelen 16 tot en met 21 Indien uit de aanvraag blijkt dat voor een kavel is voldaan aan de eisen, bedoeld in de, stelt de Minister van Economische Zaken de aanvrager hiervan schriftelijk in kennis. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 24 — Artikel 24 (afwijzing aanvragen op grond van verbondenheid)#
Artikel 24 (afwijzing aanvragen op grond van verbondenheid) 1 artikel 82f van de Mediawet artikel 9 artikel 9 artikel 10 Indien de aanvragen van twee of meer aanvragers die als eenzelfde instelling als bedoeld inmoeten worden beschouwd, tezamen niet voldoen aan, stelt de minister deze aanvragers gedurende vijf werkdagen in de gelegenheid hun aanvragen in overeenstemming mette brengen door het geheel of gedeeltelijk intrekken van één of meer aanvragen. Daarbij geven deze aanvragers tevens hun voorkeuren voor de aangevraagde kavels op overeenkomstigals betreft het één aanvraag. 2 artikel 6, tweede lid Geheel of gedeeltelijke intrekking van aanvragen en het aangeven van voorkeuren conform het eerste lid, geschiedt door schriftelijke kennisgeving daarvan aan de minister op het in, genoemde adres. 3 Indien geheel of gedeeltelijke intrekking van aanvragen niet overeenkomstig het eerste lid binnen de daar genoemde termijn is geschied, wordt door middel van loting bepaald welke aanvraag verder in behandeling blijft. De overige aanvragen worden afgewezen. De loting geschiedt door de notaris. 4 Indien de opgave van voorkeuren niet overeenkomstig het eerste lid binnen de daar genoemde termijn is geschied, wordt door middel van loting bepaald wat de voorkeuren voor de kavels zijn. De loting geschiedt door de notaris. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 25 — Artikel 25 (aanpassing aanvragen op grond van het zijn van eenzelfde instelling)#
Artikel 25 (aanpassing aanvragen op grond van het zijn van eenzelfde instelling) 1 artikel 82f van de Mediawet artikel 9 artikel 10 Indien de aanvragen van twee of meer aanvragers die als eenzelfde instelling als bedoeld inmoeten worden beschouwd, tezamen voldoen aan, geven deze aanvragers hun voorkeuren voor de aangevraagde kavels op overeenkomstigals betreft het één aanvraag. De minister stelt deze aanvragers hiertoe gedurende vijf werkdagen in de gelegenheid. 2 Indien de opgave van voorkeuren niet overeenkomstig het eerste lid binnen de daar genoemde termijn is geschied, wordt door middel van loting bepaald wat de voorkeuren voor de kavels zijn. De loting geschiedt door de notaris. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 26 — Artikel 26 (toepasselijkheid procedure van vergelijkende toets)#
Artikel 26 (toepasselijkheid procedure van vergelijkende toets) 1 artikelen 27 tot en met 39 Indien een aanvraag binnen de bestemming ongeclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep, geclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep, niet-landelijke commerciële radio-omroep dan wel commerciële radio-omroep middengolf, op ten minste één of meer kavels betrekking heeft waarop de aanvraag van een ander eveneens betrekking heeft, worden alle kavels binnen de desbetreffende bestemming in de procedure van vergelijkende toets, bedoeld in de, betrokken. 2 artikelen 27 tot en met 39 Indien alle aanvragen binnen één van de in het eerste lid genoemde bestemmingen voor alle kavels waarop die aanvragen betrekking hebben de enige aanvragen zijn, is voor al die kavels binnen de desbetreffende bestemming waarop die aanvragen betrekking hebben de procedure van vergelijkende toets, bedoeld in de, niet van toepassing. 3 artikel 82f van de Mediawet artikelen 27 tot en met 39 artikelen 24 25 Indien twee of meer aanvragers als eenzelfde instelling als bedoeld inmoeten worden beschouwd, worden deze aanvragers voor de toepassing van het eerste, tweede en vierde lid, en de, beschouwd als één aanvrager met één aanvraag, onverminderd deen. 4 artikelen 2, vierde lid 3, derde lid Indien het tweede lid van toepassing is, krijgt de aanvrager met inachtneming van het bepaalde in de, en, de kavels toegewezen op volgorde van voorkeur. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 27 — Artikel 27 (criteria vergelijkende toets ongeclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep)#
Artikel 27 (criteria vergelijkende toets ongeclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep) 1 bijlage 8 Bij de uitvoering van de vergelijkende toets voor ongeclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep wordt het in de aanvraag overeenkomstigopgenomen bedrijfsplan voor een kavel getoetst op financiële haalbaarheid. Bij deze toets wordt tevens de samenhang en het realiteitsgehalte van het bedrijfsplan betrokken. 2 Bij de toets op financiële haalbaarheid van het bedrijfsplan wordt beoordeeld in hoeverre de aanvrager de kavel gedurende de looptijd van de vergunning kan exploiteren. 3 Het bedrijfsplan bestaat uit de volgende onderdelen: a. de programmatische voornemens van de aanvrager; b. de doelgroep waarop de aanvrager zich met zijn programmatische voornemens richt; c. de kennis van de luisteraarmarkt en adverteerdermarkt waarbinnen de aanvrager opereert; d. de inrichting van de organisatie van de aanvrager; e. de te verwachten netto omzet en kosten; f. de investeringen; g. de financieringsbehoefte en de wijze waarop daarin is of wordt voorzien. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 28 — Artikel 28 (beoordeling aanvragers ongeclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep)#
Artikel 28 (beoordeling aanvragers ongeclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep) 1 artikel 27 Bij de toetsing aan de criteria, bedoeld in, beoordeelt de minister het bedrijfsplan voor een kavel met een nul (0) of een plus (+). 2 artikelen 35 tot en met 39 Voor zover dat noodzakelijk is voor de toepassing van dewordt voor iedere kavel een rangorde tussen de aanvragers aangebracht. 3 Een aanvrager die met een plus (+) voor een kavel is beoordeeld, is hoger in rangorde dan een aanvrager die met een nul (0) voor die kavel is beoordeeld. 4 Indien er meerdere aanvragers met een plus (+) voor een kavel zijn beoordeeld, bepaalt de hoogte van het financieel bod voor die kavel de rangorde tussen deze aanvragers, waarbij de aanvrager met het hoogste financieel bod het hoogste in rangorde is. 5 Indien meerdere aanvragers voor een kavel met een plus (+) zijn beoordeeld en het door hen uitgebrachte financieel bod voor die kavel van gelijke hoogte is, wordt door middel van loting bepaald wat de rangorde tussen deze aanvragers is. De loting geschiedt door de notaris. 6 Voor het bepalen van de rangorde tussen meerdere aanvragers die met nul (0) zijn beoordeeld, is het vierde en vijfde lid van overeenkomstige toepassing. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 29 — Artikel 29 (criteria vergelijkende toets geclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep)#
Artikel 29 (criteria vergelijkende toets geclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep) 1 artikelen 2 tot en met 6 van de Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003 Bij de uitvoering van de vergelijkende toets voor geclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep wordt getoetst in hoeverre de aanvrager programmatisch meer biedt dan hetgeen voor een kavel is voorgeschreven op grond van dezoals deze luidde vóór de inwerkingtreding van de Regeling van de Regeling van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 24 februari 2023, nr. WJZ 34858995 (14696), handelende in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken en Klimaat, tot wijziging van de Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003 in verband met modernisering van de clausuleringen. 2 bijlage 8 Artikel 27, eerste tot en met derde lid Voorts wordt het voor een kavel overeenkomstigin de aanvraag opgenomen bedrijfsplan getoetst op financiële haalbaarheid., is van overeenkomstige toepassing. 2023 6526 28-02-2023 23-02-2023 WJZ/26476420 2023 6526 28-02-2023 23-02-2023 WJZ/26476420 01-03-2023
Artikel 30 — Artikel 30 (beoordeling aanvragers geclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep)#
Artikel 30 (beoordeling aanvragers geclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep) 1 artikel 29 Bij de toetsing aan de criteria bedoeld in, beoordeelt de minister de programmatische voornemens voor een kavel met een nul (0) dan wel een plus (+), en daarnaast het bedrijfsplan voor diezelfde kavel met een nul (0) dan wel een plus (+). 2 artikelen 35 tot en met 39 Voor zover dat noodzakelijk is voor de toepassing van dewordt voor ieder kavel een rangorde tussen de aanvragers aangebracht. 3 Een aanvrager die met twee maal een plus (++) voor een kavel is beoordeeld, is voor die kavel hoger in rangorde dan een aanvrager die met minder dan twee maal een plus voor die kavel is beoordeeld. 4 Indien meerdere aanvragers met twee maal een plus (++) voor een kavel zijn beoordeeld, bepaalt de hoogte van het financieel bod voor die kavel de rangorde tussen deze aanvragers, waarbij de aanvrager met het hoogste financieel bod het hoogste in rangorde is. 5 Indien meerdere aanvragers voor een kavel met twee maal een plus (++) zijn beoordeeld en het door hen uitgebrachte financieel bod voor die kavel van gelijke hoogte is, wordt door middel van loting bepaald wat de rangorde tussen deze aanvragers is. De loting geschiedt door de notaris. 6 Een aanvrager die met een plus (+) op de programmatische voornemens en met een nul (0) op het bedrijfsplan voor een kavel is beoordeeld, is voor die kavel hoger in rangorde dan een aanvrager die met een nul (0) op de programmatische voornemens en met een plus (+) op het bedrijfsplan voor die kavel is beoordeeld, of een aanvrager die voor beide onderdelen met een nul (00) is beoordeeld. 7 Een aanvrager die met een nul (0) op de programmatische voornemens en met een plus (+) op het bedrijfsplan voor een kavel is beoordeeld, is voor die kavel hoger in rangorde dan een aanvrager die voor beide onderdelen met een nul (00) is beoordeeld. 8 Voor het bepalen van de rangorde tussen aanvragers als bedoeld in het zesde dan wel zevende lid, die een gelijke beoordeling hebben gekregen, is het vierde en vijfde lid van overeenkomstige toepassing. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 31 — Artikel 31 (criteria vergelijkende toets niet-landelijke commerciële radio-omroep)#
Artikel 31 (criteria vergelijkende toets niet-landelijke commerciële radio-omroep) 1 artikel 7, eerste lid, onder b, van de Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003 Bij de uitvoering van de vergelijkende toets voor niet-landelijke commerciële radio-omroep wordt getoetst in hoeverre de aanvrager programmatisch meer biedt dan hetgeen voor een kavel is voorgeschreven op grond vanzoals deze luidde vóór de inwerkingtreding van de Regeling van de Regeling van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 24 februari 2023, nr. WJZ 34858995 (14696), handelende in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken en Klimaat, tot wijziging van de Regeling aanwijzing en gebruik frequentieruimte commerciële radio-omroep 2003 in verband met modernisering van de clausuleringen. 2 bijlage 8 Artikel 27, eerste tot en met derde lid Voorts wordt het voor een kavel overeenkomstigin de aanvraag opgenomen bedrijfsplan getoetst op financiële haalbaarheid., is van overeenkomstige toepassing. 2023 6526 28-02-2023 23-02-2023 WJZ/26476420 2023 6526 28-02-2023 23-02-2023 WJZ/26476420 01-03-2023
Artikel 32 — Artikel 32 (beoordeling aanvragers niet-landelijke commerciële radio-omroep)#
Artikel 32 (beoordeling aanvragers niet-landelijke commerciële radio-omroep) 1 artikel 31 Bij de toetsing aan de criteria, bedoeld in, beoordeelt de minister de programmatische voornemens voor een kavel met een nul (0), dan wel een plus (+), en daarnaast het bedrijfsplan voor diezelfde kavel met een nul (0) dan wel een plus (+). 2 Artikel 30, tweede tot en met achtste lid , is van overeenkomstige toepassing. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 33 — Artikel 33 (criteria vergelijkende toets commerciële radio-omroep middengolf)#
Artikel 33 (criteria vergelijkende toets commerciële radio-omroep middengolf) 1 bijlage 8 Bij de uitvoering van de vergelijkende toets voor commerciële radio-omroep middengolf wordt het in de aanvraag overeenkomstigopgenomen bedrijfsplan voor een kavel getoetst op: a. financiële haalbaarheid; en b. de mate waarin de aanvrager zich met zijn programmatische voornemens specifiek richt op een toepassing voor commerciële radio-omroep middengolf. 2 Artikel 27, eerste tot en met derde lid , is van overeenkomstige toepassing. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 34 — Artikel 34 (beoordeling aanvragers commerciële radio-omroep middengolf)#
Artikel 34 (beoordeling aanvragers commerciële radio-omroep middengolf) 1 artikel 33 artikel 33, onderdeel b Bij de toetsing aan de criteria, bedoeld in, beoordeelt de minister het bedrijfsplan voor een kavel met een nul (0) of een plus (+), en daarnaast of aan de aanvrager een plus (+) kan worden toegekend voor de in het bedrijfsplan opgenomen programmatische voornemens, bedoeld in. 2 artikelen 35 tot en met 39 Voor zover dat noodzakelijk is voor de toepassing van dewordt voor iedere kavel een rangorde tussen de aanvragers aangebracht. 3 Een aanvrager die met twee maal een plus (++) voor een kavel is beoordeeld, is hoger in rangorde dan een aanvrager die met één maal een plus (+) voor die kavel is beoordeeld. 4 Indien er meerdere aanvragers met twee maal een plus (++) voor een kavel zijn beoordeeld, bepaalt de hoogte van het financieel bod voor die kavel de rangorde tussen deze aanvragers, waarbij de aanvrager met het hoogste financieel bod het hoogste in rangorde is. 5 Indien meerdere aanvragers voor een kavel met twee maal een plus (++) zijn beoordeeld en het door hen uitgebrachte financieel bod voor die kavel van gelijke hoogte is, wordt door middel van loting bepaald wat de rangorde tussen deze aanvragers is. De loting geschiedt door de notaris. 6 Een aanvrager die met één maal een plus (+) voor een kavel is beoordeeld, is hoger in rangorde dan de aanvrager die met een nul (0) voor die kavel is beoordeeld. 7 Voor het bepalen van de rangorde tussen meerdere aanvragers die met een plus (+) dan wel een nul (0) zijn beoordeeld, is het vierde en vijfde lid van overeenkomstige toepassing. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 35 — Artikel 35 (inpassing in toewijzingsprocedure van kavels met één aanvrager)#
Artikel 35 (inpassing in toewijzingsprocedure van kavels met één aanvrager) De aanvrager wordt voor de kavels die in de procedure van vergelijkende toets zijn betrokken en waarop uitsluitend zijn aanvraag betrekking heeft, als hoogste in rangorde beoordeeld. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 36 — Artikel 36 (wijze van toewijzing aanvragers ongeclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep)#
Artikel 36 (wijze van toewijzing aanvragers ongeclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep) 1 De minister wijst aan de aanvragers die kavels toe waarvoor zij als hoogste in rangorde zijn beoordeeld en waaraan zij tevens de eerste voorkeur hebben gegeven. 2 Vervolgens wordt ten aanzien van de overblijvende kavels bepaald welke aanvragers het hoogste in rangorde zijn, met dien verstande dat de aanvragers die reeds een kavel toegewezen hebben gekregen buiten beschouwing worden gelaten. 3 Vervolgens wijst de minister aan de overblijvende aanvragers die kavels toe waarvoor zij als hoogste in rangorde zijn beoordeeld en waaraan zij de hoogste voorkeur hebben gegeven, met dien verstande dat het voorkeursnummer niet hoger kan zijn dan de tweede voorkeur. 4 Het tweede en derde lid worden telkens opnieuw toegepast tot verdere verdeling niet meer mogelijk is. Daarbij wordt de in het derde lid genoemde tweede voorkeur bij iedere nieuwe toepassing met één voorkeursnummer verhoogd. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 37 — Artikel 37 (wijze van toewijzing aanvragers geclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep)#
Artikel 37 (wijze van toewijzing aanvragers geclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep) Artikel 36 is van overeenkomstige toepassing op de toewijzing van kavels aan de aanvragers voor geclausuleerde landelijke commerciële radio-omroep. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 38 — Artikel 38 (wijze van toewijzing aanvragers niet-landelijke commerciële radio-omroep)#
Artikel 38 (wijze van toewijzing aanvragers niet-landelijke commerciële radio-omroep) 1 De minister wijst aan een aanvrager de kavel toe waarvoor hij als hoogste in rangorde is beoordeeld en waaraan hij tevens de eerste voorkeur heeft gegeven. 2 artikel 3, derde lid De minister wijst vervolgens aan de aanvrager die in het eerste lid een kavel toegewezen heeft gekregen, de kavel toe waarvoor hij als hoogste in rangorde is beoordeeld en waaraan hij de tweede voorkeur heeft gegeven. Daarbij geldt dat de kavel niet wordt toegewezen, indien dit voor die aanvrager leidt tot een combinatie als bedoeld inof tot overschrijding van 30% demografisch bereik als genoemd in datzelfde lid. Indien een aanvrager een kavel niet krijgt toegewezen op grond van de vorige volzin, dan blijft deze kavel bij de verdere toewijzing van de kavels voor deze aanvrager buiten beschouwing. 3 Het tweede lid wordt telkens opnieuw toegepast waarbij de in het tweede lid genoemde tweede voorkeur bij iedere nieuwe toepassing met één voorkeursnummer wordt verhoogd tot de toewijzing aan deze aanvrager stagneert, omdat de aanvrager voor die kavel niet de hoogste in rangorde is. 4 Vervolgens wordt ten aanzien van de overblijvende kavels bepaald welke aanvragers het hoogste in rangorde zijn. 5 Ten aanzien van de overblijvende kavels worden het eerste tot en met vierde lid telkens opnieuw toegepast tot op grond van deze leden verdere verdeling niet meer mogelijk is, met dien verstande dat de verdeling voor een aanvrager die op grond van de vorige leden al een of meer kavels toegewezen heeft gekregen, voor hem wordt hervat met de kavel waarvoor de toewijzing aan hem is gestagneerd op grond van het derde lid. 6 Ten aanzien van de overblijvende kavels wordt het vijfde lid telkens opnieuw toegepast tot op grond van dat lid verdere verdeling niet meer mogelijk is. Daarbij blijft bij iedere nieuwe toepassing de kavel met het laagste overblijvende voorkeursnummer van de aanvrager buiten beschouwing. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 39 — Artikel 39 (wijze van toewijzing aanvragers commerciële radio-omroep middengolf)#
Artikel 39 (wijze van toewijzing aanvragers commerciële radio-omroep middengolf) De minister wijst de kavels voor commerciële radio-omroep middengolf toe aan de aanvragers die daarvoor als hoogste in rangorde zijn beoordeeld. De aanvrager die voor meerdere kavels als hoogste in rangorde is beoordeeld krijgt alle desbetreffende kavels toegewezen. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 40 — Artikel 40 (vergunningverlening en afwijzingen)#
Artikel 40 (vergunningverlening en afwijzingen) De minister draagt de aanvragers aan wie de kavels zijn toegewezen voor het verlenen van een vergunning voor aan de Minister van Economische Zaken. Vervolgens verleent de Minister van Economische Zaken de vergunningen. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 41 — Artikel 41 (afwijzing resterende aanvragen)#
Artikel 41 (afwijzing resterende aanvragen) De Minister van Economische Zaken wijst de overige aanvragen af. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 42 — Artikel 42 (betaling verschuldigde bedrag)#
Artikel 42 (betaling verschuldigde bedrag) 1 artikel 12 De aanvrager aan wie een vergunning wordt verleend, is verplicht om het financieel bod als bedoeld involledig te betalen. 2 De vergunninghouder betaalt binnen tien werkdagen volgende op de verlening van de vergunning een bedrag van 1/8 gedeelte van het financieel bod, met dien verstande dat dit bedrag alsdan is ontvangen op bankrekeningnummer 22.81.75.720 t.n.v. Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn, derdengelden notariaat inzake procedure vergelijkende toets radiofrequenties. 3 Onverminderd het bepaalde in het vorige lid, is de vergunninghouder verplicht om een bedrag van 7/8 van het financieel bod in zeven gelijke termijnen te betalen. Daartoe dient de vergunninghouder met ingang van het jaar 2004 ieder opvolgend jaar een bedrag gelijk aan 1/8 van het financieel bod te betalen op de dag gelijk aan de dag van de verlening van de vergunning. Alsdan moet het bedrag zijn bijgeschreven op bankrekeningnummer 22.81.75.720 t.n.v. Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn, derdengelden notariaat inzake procedure vergelijkende toets radiofrequenties. 4 Indien een vergunninghouder in verzuim is door het bedrag als bedoeld in het tweede lid dan wel de eerst daarop volgende betaling overeenkomstig het derde lid niet of niet geheel te betalen, wordt de door hem overgelegde bankgarantie voor betaling aangewend. 2009 117 29-06-2009 24-06-2009 WJZ/2009/134671(8220) 2009 117 29-06-2009 24-06-2009 WJZ/2009/134671(8220) 01-07-2009 Ook gepubliceerd in Stcrt. 2009/9927. De publicatie van Stcrt. 2009/9927 is door Stcrt. 2009/9927-v1 ingetrokken.
Artikel 43 — Artikel 43 (teruggeven van de bankgarantie)#
Artikel 43 (teruggeven van de bankgarantie) 1 bijlage 5 Indien een aanvraag van een vergunning voor landelijke commerciële radio-omroep niet in behandeling is genomen of is afgewezen, wordt de door de aanvrager overgelegde bankgarantie aan de bank teruggegeven door middel van de procedure zoals beschreven in het alsbij deze regeling opgenomen model van de bankgarantie. De Minister van Economische Zaken stelt de aanvrager onverwijld op de hoogte van het teruggeven van de bankgarantie. 2 Indien de vergunninghouder de verplichtingen tot zekerheid waartoe de bankgarantie strekt is nagekomen, wordt deze bankgarantie teruggegeven aan de bank die deze bankgarantie heeft afgegeven door middel van de procedure zoals beschreven in het model van de bankgarantie. De Minister van Economische Zaken stelt de vergunninghouder onverwijld op de hoogte van het teruggeven van de bankgarantie. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 44 — Artikel 44 (verlagen van de hoogte van de bankgarantie)#
Artikel 44 (verlagen van de hoogte van de bankgarantie) 1 artikel 18 Voor zover een vergunninghouder een bankgarantie heeft overgelegd op grond van, waarvan het bedrag ter zekerheidsstelling hoger is dan de uiteindelijke betalingsverplichting waartoe de bankgarantie dient, wordt het bedrag van de bankgarantie verlaagd met het verschil hiertussen. 2 Voor zover een vergunninghouder een deel van zijn verplichtingen tot zekerheid waartoe de bankgarantie strekt is nagekomen, wordt het bedrag van de bankgarantie verlaagd met een bedrag gelijk aan het bedrag dat de vergunninghouder heeft betaald. 3 De Minister van Economische Zaken stelt de vergunninghouder onverwijld op de hoogte van het verlagen van het bedrag van de bankgarantie. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 45 — Artikel 45 (gevolgen voor onderling verbonden vergunninghouders inzake overlap)#
Artikel 45 (gevolgen voor onderling verbonden vergunninghouders inzake overlap) 1 bijlage 2b Indien een aanvrager een combinatie van kavels als bedoeld inverkrijgt, zendt deze instelling een programma-onderdeel, met uitzondering van nieuwsuitzendingen en reclameblokken, dat op de frequentie of frequenties van een van die kavels tussen 06.00 en 19.00 uur is uitgezonden, niet binnen een aaneengesloten periode van 30 minuten uit op de frequentie of frequenties van een van de andere kavels. 2 Indien een vergunning wordt verleend aan een aanvrager voor commerciële radio-omroep middengolf en die aanvrager zodanig verbonden is met één of meer vergunninghouders voor landelijke commerciële radio-omroep, niet-landelijke commerciële radio-omroep of commerciële radio-omroep middengolf dat sprake is van eenzelfde instelling is het eerste lid van overeenkomstige toepassing op die aanvragers. 3 artikel 53c, eerste lid, onderdelen a en b, van het Mediabesluit Voor de bepaling of er sprake is van eenzelfde instelling als bedoeld in het tweede lid, is, van overeenkomstige toepassing. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 46 — Artikel 46 (opvragen nadere gegevens)#
Artikel 46 (opvragen nadere gegevens) De minister kan aan een aanvrager om nadere gegevens en bescheiden verzoeken, die voor de beslissing op een aanvraag nodig zijn. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 47 — Artikel 47 (intrekking tijdelijke regeling)#
Artikel 47 (intrekking tijdelijke regeling) De Regeling aanvraag en vergelijkende toets commerciële radio-omroep wordt ingetrokken. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 48 — Artikel 48 (inwerkingtreding)#
Artikel 48 (inwerkingtreding) Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 2003 40 26-02-2003 24-02-2003 MLB/JZ/2003/7757 28-02-2003
Artikel 49 — Artikel 49 (citeertitel)#
Artikel 49 (citeertitel) Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling aanvraag en vergelijkende toets vergunningen commerciële radio-omroep 2003. 2003 68 07-04-2003 03-04-2003 MLB/JZ/2003/13.946 2003 68 07-04-2003 03-04-2003 MLB/JZ/2003/13.946 09-04-2003
Artikel 2#
artikelen 2 tot en met 4
Artikel 2#
artikel 2, eerste lid
Artikel 2#
artikel 2, eerste lid
Artikel 2#
artikel 2, derde lid
Artikel 3#
artikel 3, eerste lid
Artikel 4#
artikel 4, eerste lid
Artikel 3#
artikel 3, derde lid
Artikel 45#
artikel 45, tweede lid
Artikel 8#
artikel 8, eerste lid
Artikel 8#
artikelen 8, derde lid
Artikel 9#
9
Artikel 10#
10
Artikel 9#
artikel 9
Artikel 10#
artikel 10
Artikel 16#
artikelen 16
Artikel 17#
17
Artikel 18#
18
Artikel 19#
19
Artikel 20#
20
Artikel 21#
21
Artikel 18#
artikel 18
Artikel 21#
artikel 21, eerste lid
Artikel 21#
artikel 21, tweede lid
Artikel 19#
artikel 19
Artikel 45#
artikel 45
Artikel 45#
artikel 45
Artikel 16#
artikelen 16
Artikel 17#
17
Artikel 10#
artikel 10, eerste lid
Artikel 12#
artikel 12, tweede lid
Artikel 18#
artikel 18
Artikel 21#
artikel 21, eerste lid, van de Regeling aanvraag en vergelijkende toets vergunningen commerciële radio-omroep 2003
Artikel 21#
artikel 21, tweede lid, van de Regeling aanvraag en vergelijkende toets vergunningen commerciële radio-omroep 2003
Artikel 27#
artikelen 27, eerste lid
Artikel 29#
29, tweede lid
Artikel 31#
31, tweede lid
Artikel 33#
33, eerste lid