Organisatie- en mandaatregeling OCW 2004
- BWB-id
- BWBR0016428
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Geldigheid
- 2004-03-05 t/m 2005-06-30
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0016428
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2004/organisatie-en-mandaatregeling-ocw-2004
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2004/organisatie-en-mandaatregeling-ocw-2004/2004-03-05
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0016428&g=2004-03-05
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0016428&z=2026-06-06&g=2004-03-05
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0016428/2004-03-05
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2004/organisatie-en-mandaatregeling-ocw-2004
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen In deze regeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. ministerie: het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, b. bewindspersoon: de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap of een Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, c. secretaris-generaal: de secretaris-generaal van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, d. directeur-generaal: een directeur-generaal van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, e. artikel 1 van de Kaderwet adviescolleges directeur: degene onder wiens dagelijkse leiding een directie of daarmee gelijkgestelde eenheid, buitendienst, agentschap, inspectie of ondersteunend bureau van een adviescollege als bedoeld invalt, f. budgethouder: de functionaris die verantwoordelijk is voor een rechtmatig en doelmatig financieel beheer van de aan hem toegewezen budgetten, g. budget: aan een budgethouder toegewezen verplichtingen- en kasbedrag(en) ter uitvoering van het deel van de begroting waarvoor de budgethouder de eerste verantwoordelijkheid heeft, en h. artikel 5, derde lid managementafspraak: een afspraak als bedoeld in. 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 05-03-2004
Artikel 2 — Artikel 2 Mandaat, volmacht en machtiging#
Artikel 2 Mandaat, volmacht en machtiging Voor de toepassing van deze regeling en de daarop berustende bepalingen wordt met de verlening van mandaat gelijkgesteld de verlening van: a. volmacht om in naam van een bewindspersoon privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten, en b. machtiging om in naam van een bewindspersoon handelingen te verrichten die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn. 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 05-03-2004
Artikel 3 — Artikel 3 Organisatie van het ministerie#
Artikel 3 Organisatie van het ministerie 1 bijlage 1 De organisatie van het ministerie wordt vastgesteld overeenkomstig de bij deze regeling behorende. 2 bijlage 1 Wijziging vangeschiedt door de secretaris-generaal. 3 bijlage 1 bijlage 1 De directeur Human Resource Management draagt zorg voor openbare ter inzage legging vanop het ministerie en bekendmaking vanop het intranet en de internetsite van het ministerie. 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 05-03-2004
Artikel 4 — Artikel 4 Algemene uitgangspunten#
Artikel 4 Algemene uitgangspunten 1 Alle ambtenaren zijn gehouden de hun krachtens deze regeling toegekende bevoegdheden uit te oefenen zodanig dat zij, daar waar ook andere ambtenaren verantwoordelijkheden hebben, die anderen in de gelegenheid stellen hun verantwoordelijkheden inhoud te geven. 2 Mandaat en ondermandaat worden slechts verleend voorzover de betreffende aangelegenheid naar aard of inhoud niet een zodanig gewicht heeft dat deze behoort te worden afgedaan door de mandaatgever zelf. 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 05-03-2004
Artikel 5 — Artikel 5 Mandaat aan SG, PSG, DG’s en directeuren#
Artikel 5 Mandaat aan SG, PSG, DG’s en directeuren 1 De secretaris-generaal, de plaatsvervangend secretaris-generaal, de directeuren-generaal en de directeuren hebben binnen het kader van de managementafspraak mandaat ten aanzien van alle aangelegenheden die behoren tot hun werkterrein. 2 bijlage 1 De directeuren zijn budgethouder voor de hen toegewezen budgetten, onverminderd. De secretaris-generaal, de plaatsvervangend secretaris-generaal en de directeuren-generaal kunnen budgethouder zijn voor delen van de apparaatskosten. 3 Over het mandaat kunnen de secretaris-generaal, de plaatsvervangend secretaris-generaal en de directeuren-generaal nadere afspraken maken met de directeuren. De directeur Human Resource Management draagt zorg voor openbare terinzagelegging op het ministerie en bekendmaking op het intranet en de internetsite van het ministerie van de nadere afspraken met de directeuren voorzover deze afspraken leiden tot wijziging van een mandaat dat op grond van deze regeling is verleend. 4 De mandaatverlening geschiedt met inachtneming van het daaromtrent gestelde in regelingen die betrekking hebben op onderdelen van het ministerie. 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 05-03-2004
Artikel 6 — Artikel 6 Ondermandaat#
Artikel 6 Ondermandaat 1 De secretaris-generaal, de plaatsvervangend secretaris-generaal, de directeuren-generaal en de directeuren kunnen ieder voor hun werkterrein ondermandaat verlenen. Voor ondermandaat door een directeur is de goedkeuring door de secretaris-generaal, de plaatsvervangend secretaris-generaal of de directeur-generaal vereist. 2 De directeur Human Resource Management draagt zorg voor openbare terinzagelegging op het ministerie en bekendmaking op het intranet en de internetsite van het ministerie van de krachtens deze regeling verleende ondermandaten. 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 05-03-2004
Artikel 7 — Artikel 7 Bijlage omtrent uitoefenen mandaat en afdoen en ondertekenen van stukken#
Artikel 7 Bijlage omtrent uitoefenen mandaat en afdoen en ondertekenen van stukken 1 bijlage 2 Er is een regeling omtrent het uitoefenen van het mandaat en het afdoen en ondertekenen van stukken, zoals opgenomen in. 2 bijlage 2 Wijziging vangeschiedt door de secretaris-generaal. 3 bijlage 2 De directeur Human Resource Management draagt zorg voor bekendmaking vanop het intranet. 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 05-03-2004
Artikel 8 — Artikel 8 Voorbehouden aan bewindspersonen#
Artikel 8 Voorbehouden aan bewindspersonen 1 Aan de minister onderscheidenlijk staatssecretaris is voorbehouden het afdoen en ondertekenen van stukken: a. gericht aan de Koningin, b. gericht aan de Raad van Ministers van het Koninkrijk, de Raad van Ministers en de daaruit gevormde colleges, c. gericht aan ministers en staatssecretarissen, d. gericht aan autoriteiten in binnen- en buitenland, gelijk of hoger in rang dan een minister of staatssecretaris, e. gericht aan de voorzitters van de Eerste en Tweede Kamer der Staten-Generaal en de voorzitters van de uit die Kamers gevormde commissies, f. gericht aan de Raad van State van het Koninkrijk en de Raad van State, g. gericht aan de Algemene Rekenkamer, h. houdende beslissingen op een bezwaarschrift of een beroepschrift, en i. houdende algemeen verbindende voorschriften. 2 De secretaris-generaal kan de stukken, bedoeld in de onderdelen a tot en met h, afdoen en ondertekenen indien daarover afspraken zijn gemaakt tussen een bewindspersoon en de secretaris-generaal. 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 05-03-2004
Artikel 9 — Artikel 9 Voorbehouden aan de secretaris-generaal#
Artikel 9 Voorbehouden aan de secretaris-generaal 1 Aan de secretaris-generaal is voorbehouden het afdoen en ondertekenen van stukken: voorzover deze aangelegenheden naar aard of inhoud niet een zodanig gewicht hebben dat zij behoren te worden afgedaan door de minister onderscheidenlijk staatssecretaris. a. betreffende voorstellen omtrent benoeming, schorsing, ontslag en disciplinaire maatregelen voor schaal 15 en hoger, b. betreffende koninklijke onderscheidingen, c. betreffende beleidsvoorstellen met gevolgen voor het apparaat (personeel, organisatie, huisvesting, informatisering en automatisering), d. betreffende voorstellen voor delegaties bij buitenlandse dienstreizen, e. betreffende het instellen van bezwaar en beroep tegen besluiten van andere bestuursorganen, f. gericht aan de Nationale ombudsman, en g. Wet openbaarheid van bestuur houdende een afwijzing van een verzoek om informatie ingevolge de, 2 Aan de secretaris-generaal is voorbehouden het doen van voorstellen aan de minister met betrekking tot verschuiven van delen van budgetten tussen directeuren-generaal. 3 De secretaris-generaal stelt een regeling op omtrent de vervanging bij afwezigheid van de secretaris-generaal, de plaatsvervangend secretaris-generaal of een directeur-generaal. De directeur Bestuursondersteuning en Advies draagt zorg voor bekendmaking van de regeling op het intranet. 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 05-03-2004
Artikel 10 — Artikel 10 Voorbehouden aan de directeuren-generaal#
Artikel 10 Voorbehouden aan de directeuren-generaal Aan de directeuren-generaal en de plaatsvervangend secretaris-generaal is voorbehouden het afdoen en ondertekenen van stukken betreffende: a. artikel 5, vierde lid voorstellen omtrent benoeming, schorsing, ontslag en disciplinaire maatregelen voor schaal 13 en 14, voorzover niet anders is bepaald in regelingen als bedoeld in, en b. het doen van voorstellen aan de minister met het oog op het overdragen van delen van budgetten naar andere directeuren. 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 05-03-2004
Artikel 11 — Artikel 11 Taakverdeling SG, PSG en DG’s#
Artikel 11 Taakverdeling SG, PSG en DG’s 1 De secretaris-generaal, de plaatsvervangend secretaris-generaal en de directeuren-generaal geven leiding aan de onder hen ressorterende directeuren. 2 De directeur Bestuursondersteuning en Advies draagt zorg voor bekendmaking van de aandachtsgebieden van de secretaris-generaal, de plaatsvervangend secretaris-generaal en de directeuren-generaal op het intranet en de internetsite van het ministerie. 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 05-03-2004
Artikel 12 — Artikel 12 Mandaatverlening aan directeur Financieel-Economische Zaken#
Artikel 12 Mandaatverlening aan directeur Financieel-Economische Zaken Comptabiliteitswet 2001 De mandaatverlening aan de directeur Financieel-Economische Zaken geschiedt met inachtneming van de. 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 05-03-2004
Artikel 13 — Artikel 13 Bevoegdheden omtrent personeel- en organisatiebeleid en het personeelsbeheer#
Artikel 13 Bevoegdheden omtrent personeel- en organisatiebeleid en het personeelsbeheer 1 De secretaris-generaal stelt een regeling vast omtrent de bevoegdheden inzake het personeel- en organisatiebeleid en het personeelsbeheer. 2 Wijziging van de regeling, bedoeld in het eerste lid, geschiedt door de secretaris-generaal. 3 De directeur Human Resource Management draagt zorg voor bekendmaking van de regeling, bedoeld in het eerste lid, op het intranet. 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 05-03-2004
Artikel 14 — Artikel 14 Intrekking#
Artikel 14 Intrekking 1 De Organisatie- en mandaatregeling OCenW (Regeling van 8 juli 1997, Uitleg Gele katern 1997, 18d) wordt ingetrokken. 2 Mandaten, verleend op grond van de Organisatie- en mandaatregeling OCenW, die gelden op de dag voor inwerkingtreding van deze regeling, worden tot uiterlijk drie maanden na inwerkingtreding geacht te zijn verleend op grond van deze regeling. 3 artikel 13 Na de inwerkingtreding van deze regeling berust de regeling omtrent de bevoegdheden inzake het personeel- en organisatiebeleid en het personeelsbeheer, vastgesteld als bijlage 3 bij de Organisatie- en mandaatregeling OCenW, bedoeld in het eerste lid, opvan deze regeling. 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 05-03-2004
Artikel 15 — Artikel 15 Inwerkingtreding#
Artikel 15 Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 05-03-2004
Artikel 16 — Artikel 16 Citeertitel#
Artikel 16 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Organisatie- en mandaatregeling OCW 2004. 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 2004 43 03-03-2004 23-02-2004 WJZ-2004/9150 05-03-2004