Regeling van de Minister van Economische Zaken van 1 september 2004, nr. WJZ 4050821, houdende regels met betrekking tot procedures voor het veilen en loten van nummers (Regeling veilingprocedure en lotingprocedure nummers)
- BWB-id
- BWBR0017155
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2013-04-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0017155
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2004/regeling-veilingprocedure-en-lotingprocedure-nummers
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2004/regeling-veilingprocedure-en-lotingprocedure-nummers/2013-04-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0017155&g=2013-04-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0017155&z=2026-06-06&g=2013-04-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0017155/2013-04-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2004/regeling-veilingprocedure-en-lotingprocedure-nummers
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. Besluit alternatieve verdeling van nummers besluit: het; b. aanvrager: degene die bij de Autoriteit Consument en Markt een aanvraag voor een nummer of nummers doet; c. deelnemer: de aanvrager die door de Autoriteit Consument en Markt is toegelaten tot deelname aan de veiling dan wel de loting; d. overlappende aanvragen: aanvragen van twee of meer aanvragers die elkaar geheel of gedeeltelijk en direct of indirect overlappen; e. verschuldigd bedrag: bedrag dat de winnaar van de veiling moet betalen en dat gelijk is aan het op één na hoogste uitgebrachte bod. 2013 8150 28-03-2013 15-03-2013 WJZ/12356756 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 2 van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt in werking treedt.
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 De Autoriteit Consument en Markt wijst een veilingmeester aan. 2 De veilingmeester heeft tijdens de veiling een controlerende taak ten behoeve van een ordelijk verloop van de veiling. 3 De veiling vindt in ieder geval plaats in aanwezigheid van de veilingmeester en personeel van de Autoriteit Consument en Markt. 2013 8150 28-03-2013 15-03-2013 WJZ/12356756 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 2 van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt in werking treedt.
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Een deelnemer onthoudt zich voorafgaand en gedurende de veilingprocedure van afspraken of onderling afgestemde feitelijke gedragingen die afbreuk doen aan de tot stand te brengen mededinging in de veilingprocedure. 2 Telecommunicatiewet De Autoriteit Consument en Markt kan een deelnemer die handelt in strijd met het bepaalde bij of krachtens devan deelname aan de veiling uitsluiten. 2013 8150 28-03-2013 15-03-2013 WJZ/12356756 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 2 van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt in werking treedt.
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 De veiling is een veiling met gesloten bod. Het object van de veiling is een recht om één nummer te kiezen. 2 De veiling omvat net zoveel biedronden totdat één deelnemer aan de veiling resteert. 2006 96 17-05-2006 19-04-2006 WJZ6028957 2006 96 17-05-2006 19-04-2006 WJZ6028957 28-06-2006
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Een deelnemer is vanaf het moment dat hij een bod heeft uitgebracht tot en met het tijdstip waarop de veiling is afgerond onvoorwaardelijk en onherroepelijk aan zijn bod gebonden, tenzij hij door de Autoriteit Consument en Markt is uitgesloten van verdere deelname aan de veiling. 2013 8150 28-03-2013 15-03-2013 WJZ/12356756 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 2 van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt in werking treedt.
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 De Autoriteit Consument en Markt stelt het model van de biedkaart vast en verstrekt deze aan de deelnemers. 2 Bij het verstrekken van de biedkaart wordt tevens vermeld op welke datum en welk tijdstip de biedkaart uiterlijk moet zijn ontvangen. 3 Een bod wordt uitsluitend uitgebracht door middel van de in het eerste lid bedoelde biedkaart die niet later dan op de in het tweede lid bedoelde datum en tijdstip wordt afgeleverd of moet zijn ontvangen op een door de Autoriteit Consument en Markt vast te stellen adres. 4 Het bedrag van het bod wordt in letters geschreven. 5 De biedkaart wordt ondertekend door een tekenbevoegd persoon of bij volmacht. Indien bij volmacht wordt getekend, wordt de machtiging bij de biedkaart gevoegd. 6 De biedkaart wordt volledig en in de Nederlandse taal ingevuld. 7 De veilingmeester stelt vast of de biedkaart niet later dan de in het tweede lid bedoelde datum en tijdstip is ontvangen. 2013 8150 28-03-2013 15-03-2013 WJZ/12356756 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 2 van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt in werking treedt.
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 De veilingmeester beslist omtrent de geldigheid van een uitgebracht bod. 2 De veilingmeester verklaart een tijdens de veiling uitgebracht bod door een van deelname aan de veiling uitgesloten deelnemer ongeldig. 3 artikel 6, derde tot en met zesde lid Een bod is tevens ongeldig indien het niet voldoet aan het bepaalde in. 4 De deelnemer van wie de veilingmeester heeft vastgesteld dat deze een ongeldig bod heeft uitgebracht wordt hiervan door de Autoriteit Consument en Markt op de hoogte gesteld. 5 De deelnemer, bedoeld in het derde lid, is van verdere deelname aan de veiling uitgesloten. 2013 8150 28-03-2013 15-03-2013 WJZ/12356756 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 2 van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt in werking treedt.
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 De veilingmeester stelt vast welk bod het hoogst is. 2004 172 08-09-2004 01-09-2004 WJZ4050821 2004 172 08-09-2004 01-09-2004 WJZ4050821 21-10-2004
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Indien het hoogste bod door twee of meer deelnemers wordt uitgebracht, stelt de veilingmeester door middel van loting vast welk bod wordt aangemerkt als het hoogste bod. 2004 172 08-09-2004 01-09-2004 WJZ4050821 2004 172 08-09-2004 01-09-2004 WJZ4050821 21-10-2004
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 Indien na het vaststellen van het hoogste bod geen overlappende aanvragen, maar wel een of meerdere aanvragen resteren, kan de Autoriteit Consument en Markt toekennen aan deze aanvrager of aanvragers. 2 artikelen 5 6, tweede tot en met zevende lid 7 8 9 10 Indien na het vaststellen van het hoogste bod overlappende aanvragen resteren, verstrekt de Autoriteit Consument en Markt de betrokken aanvragers een nieuwe biedkaart. De,,,,enzijn van toepassing op de volgende biedronde. 2013 8150 28-03-2013 15-03-2013 WJZ/12356756 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 2 van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt in werking treedt.
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 artikel 8 Na de vaststelling van het hoogste bod bedoeld in, deelt de Autoriteit Consument en Markt aan de deelnemers de uitslag van de veiling mee. 2 De Autoriteit Consument en Markt maakt de uitslag van de veiling openbaar. 2013 8150 28-03-2013 15-03-2013 WJZ/12356756 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 2 van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt in werking treedt.
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 artikel 8 De deelnemer waarvan de veilingmeester heeft vastgesteld dat hij het hoogste bod heeft uitgebracht, bedoeld in, voldoet het door hem verschuldigde bedrag binnen een door de Autoriteit Consument en Markt vast te stellen termijn op een door de Autoriteit Consument en Markt vast te stellen wijze. 2 De Autoriteit Consument en Markt kent toe, nadat het verschuldigde bedrag is ontvangen. 3 Indien de deelnemer het verschuldigde bedrag niet binnen de door de Autoriteit Consument en Markt vastgestelde termijn heeft voldaan kan de Autoriteit Consument en Markt besluiten niet aan de deelnemer toe te kennen. 4 richtlijn 2002/21/EG Indien de Autoriteit Consument en Markt op grond van het bepaalde in het derde lid besluit niet aan de deelnemer toe te kennen, treft de Autoriteit Consument en Markt passende maatregelen in overeenstemming met artikel 8, tweede lid, onderdeel d, van. 2013 8150 28-03-2013 15-03-2013 WJZ/12356756 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 2 van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt in werking treedt.
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 1 De veilingmeester en de Autoriteit Consument en Markt kunnen in bijzondere omstandigheden de veiling voor een door hen te bepalen termijn schorsen. De Autoriteit Consument en Markt brengt de deelnemers op de hoogte van een schorsing en van de duur daarvan. 2 De veilingmeester en de Autoriteit Consument en Markt kunnen in bijzondere omstandigheden een deelnemer van verdere deelname aan de veiling uitsluiten. De Autoriteit Consument en Markt brengt de deelnemer op de hoogte van de uitsluiting en van de redenen daarvan. 2013 8150 28-03-2013 15-03-2013 WJZ/12356756 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 2 van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt in werking treedt.
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 1 De Autoriteit Consument en Markt wijst een veilingmeester aan. 2 De veilingmeester heeft tijdens de loting een controlerende taak ten behoeve van een ordelijk verloop van de loting. 3 De loting vindt uitsluitend in aanwezigheid van de veilingmeester en personeel van de Autoriteit Consument en Markt plaats. 2013 8150 28-03-2013 15-03-2013 WJZ/12356756 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 2 van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt in werking treedt.
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 De loting vindt plaats op een door de Autoriteit Consument en Markt vastgestelde wijze. 2013 8150 28-03-2013 15-03-2013 WJZ/12356756 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 2 van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt in werking treedt.
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 1 De veilingmeester verricht de loting. 2 Na vaststelling door de veilingmeester op welke deelnemer het winnende lot is gevallen deelt de Autoriteit Consument en Markt aan de deelnemers de uitslag van de loting mee. 3 De Autoriteit Consument en Markt maakt de uitslag van de loting openbaar. 2013 8150 28-03-2013 15-03-2013 WJZ/12356756 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 2 van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt in werking treedt.
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 Indien na het vaststellen van het winnende lot er geen overlappende aanvragen, maar wel aanvragen resteren, kan de Autoriteit Consument en Markt toekennen aan deze aanvrager of aanvragers. 2013 8150 28-03-2013 15-03-2013 WJZ/12356756 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 2 van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt in werking treedt.
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 De veilingmeester en de Autoriteit Consument en Markt kunnen in bijzondere omstandigheden de loting voor een door hen te bepalen termijn schorsen. De Autoriteit Consument en Markt stelt de deelnemers aan de loting op de hoogte van een schorsing en van de duur daarvan. 2013 8150 28-03-2013 15-03-2013 WJZ/12356756 2013 103 21-03-2013 13-03-2013 01-04-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 2 van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt in werking treedt.
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 Deze regeling treedt in werking met ingang van 21 oktober 2004. 2004 172 08-09-2004 01-09-2004 WJZ4050821 2004 172 08-09-2004 01-09-2004 WJZ4050821 21-10-2004
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling veilingprocedure en lotingprocedure nummers. 2004 172 08-09-2004 01-09-2004 WJZ4050821 2004 172 08-09-2004 01-09-2004 WJZ4050821 21-10-2004