Regeling van de Minister van Economische zaken van 26 oktober 2004, nr. WJZ 4067092, tot vaststelling van regels inzake subsidies energietransitie-experimenten (Unieke kansen regeling)
- BWB-id
- BWBR0017364
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- 2007-06-15 t/m 2009-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0017364
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2004/unieke-kansen-regeling
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2004/unieke-kansen-regeling/2007-06-15
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0017364&g=2007-06-15
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0017364&z=2026-06-06&g=2007-06-15
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0017364/2007-06-15
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2004/unieke-kansen-regeling
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. de minister: de Minister van Economische Zaken; b. Besluit EOS: demo en transitie-experimenten het besluit:; c. artikel 1, eerste lid, onderdeel e, onder 2˚ van het besluit project: een project als bedoeld in; d. referentie-kosten: kosten voor een investering ten behoeve van een in Nederland gangbaar systeem, apparaat of techniek die in technisch opzicht vergelijkbaar is met een in Nederland uit te voeren project maar waarmee niet hetzelfde niveau van milieubescherming kan worden bereikt als met het uit te voeren project, terwijl, in geval van een uit te voeren project voor hernieuwbare energie, de capaciteit voor de opwekking van energie van dat project ten minste overeenkomt met die van de eerstbedoelde investering. 2005 245 16-12-2005 08-12-2005 WJZ5722979 2005 245 16-12-2005 08-12-2005 WJZ5722979 18-12-2005
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 artikel 1, vierde lid, van het besluit bijlage 1 Als erkende transitiepaden als bedoeld inworden aangewezen de transitiepaden, genoemd in de bij deze regeling behorende. 2004 209 29-10-2004 26-10-2004 WJZ4067092 2004 209 29-10-2004 26-10-2004 WJZ4067092 31-10-2004
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 artikel 2, derde lid, van het besluit Als thema’s binnen het streven naar een duurzame energiehuishouding als bedoeld inen combinaties daarvan worden aangewezen: a. biomassa; b. nieuw gas/schoon fossiel en efficiënt gebruik van gas; c. efficiëntieverbetering in de industriële en de landbouwsector. 2005 245 16-12-2005 08-12-2005 WJZ5722979 2005 245 16-12-2005 08-12-2005 WJZ5722979 18-12-2005
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 artikel 3, eerste lid, van het besluit Het inbedoelde maximale subsidiebedrag bedraagt per project € 4.000.000. 2 artikel 3, vijfde lid, van het besluit Het inbedoelde subsidiepercentage bedraagt 40% van de projectkosten. Indien de ondernemer in de landbouwsector een kleine of middelgrote onderneming in stand houdt kan het subsidiepercentage met 10 procentpunten van de projectkosten worden verhoogd. 3 artikel 3, vijfde lid, van het besluit Het inbedoelde maximale subsidiebedrag bedraagt per project € 4.000.000,– 4 In afwijking van het derde lid geldt tot 15 oktober 2006 voor de sector glastuinbouw een maximum subsidiebedrag van € 1.125.000,– per ondernemer die een glastuinbouwbedrijf exploiteert. 5 Algemene kosten die niet direct tot de investering zijn te herleiden, komen niet voor subsidie in aanmerking. 6 Het tweede tot met het vijfde lid zijn van overeenkomstige toepassing indien: a. een of meerdere van de deelnemers in een samenwerkingsverband ondernemer in de landbouwsector zijn, en b. de voordelen van de subsidie geheel of gedeeltelijk ten goede komen aan een of meerdere ondernemers in de landbouwsector en de ondernemer in de landbouwsector niet zelf de aanvrager van de subsidie is. 2005 245 16-12-2005 08-12-2005 WJZ5722979 2005 245 16-12-2005 08-12-2005 WJZ5722979 18-12-2005
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 De hoogte van de subsidiabele extra investeringskosten komt overeen met de som van de per kostensoort berekende investeringskosten van het project verminderd met de referentie-kosten, extra opbrengsten en enig ander extra voordeel gedurende de eerste vijf jaar van de gebruiksduur van de investering alsmede extra besparingen die met het project gemoeid zijn. 2 artikel 6 bijlage 2 De kosten, bedoeld in het eerste lid, worden berekend aan de hand vanen de bij deze regeling behorende. 2004 209 29-10-2004 26-10-2004 WJZ4067092 2004 209 29-10-2004 26-10-2004 WJZ4067092 31-10-2004
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 artikel 4, tweede lid, onderdelen a tot en met d, van het besluit Onder de kostensoorten, genoemd inwordt respectievelijk verstaan: a. wat betreft bedrijfsterreinen: de koopsom en overdrachtskosten met uitzondering van overdrachtsbelasting of de gekapitaliseerde erfpachtcanon exclusief de kosten van vestiging van de erfpacht, indien de grond van een gemeente of enig ander van overheidswege opgericht lichaam in erfpacht is verkregen; b. wat betreft bedrijfsgebouwen en daartoe te rekenen centrale voorzieningen: de koopsom en de overdrachtskosten of de aan derden verschuldigde bouwkosten met uitzondering van de financieringskosten en de overdrachtsbelasting; c1. wat betreft machines en apparatuur voor zover deze na afloop van het project voor dezelfde doeleinden worden ingezet als beoogd met het project en blijven bijdragen aan een duurzame energiehuishouding: kosten voor de aanschaf ervan; c2. wat betreft machines en apparatuur voor zover deze na afloop van het project voor andere doeleinden worden ingezet dan beoogd met het project of niet meer bijdragen aan een duurzame energiehuishouding: kosten voor de aanschaf ervan, met dien verstande dat wordt uitgegaan van de aan het project toe te rekenen afschrijvingskosten, berekend op basis van de historische aanschafprijzen en de door de belastingdienst geaccepteerde afschrijvingstermijnen, met uitzondering van mogelijkheden tot vervroegde afschrijving, of lease-termijnen, met uitzondering van financieringskosten, en gebaseerd op de bedrijfseconomische levensduur; d. wat betreft materialen en hulpmiddelen: het verbruik ervan, gebaseerd op historische aanschafprijzen. 2 artikel 4, tweede lid, onderdelen e en f, van het besluit Voorts wordt onder de kostensoorten, genoemd invoor zover zij geactiveerd zijn op de fiscale balans respectievelijk verstaan: a. artikelen 16 22, derde lid, onderdeel a, van het besluit wat betreft onderhoud en inspectie alsmede administratie met inbegrip van de verslagen, bedoeld in deen, en beheer: kosten die rechtstreeks zijn toe te rekenen aan het eerste lid, de onderdelen a tot en met d; b. wat betreft verzekeringen: kosten die rechtstreeks zijn toe te rekenen aan het eerste lid, de onderdelen a tot en met c; c. wat betreft onvoorziene reparaties: kosten die rechtstreeks zijn toe te rekenen aan het eerste lid, de onderdelen b en c; d. wat betreft monitoring: kosten die rechtstreeks zijn toe te rekenen aan voortgangscontrole op een project; e. wat betreft ontmanteling: kosten ervan voor zover gehele of gedeeltelijke verwijdering van een project in verband met milieubescherming verplicht is, te berekenen over een periode van ten hoogste 20 jaar; f. wat betreft het geleidelijk opstarten en in gebruik nemen van een project: kosten ervan die rechtstreeks zijn toe te rekenen aan capaciteitsverlies en gederfde inkomsten. 3 artikel 4, tweede lid, onderdeel h, van het besluit Van de som van de per kostensoort berekende investeringskosten van het project verminderd met de referentiekosten maken de kosten, bedoeld inten hoogste 50 procent deel uit. 2005 91 13-05-2005 09-05-2005 WJZ5026961 2005 91 13-05-2005 09-05-2005 WJZ5026961 15-05-2005
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 artikel 6 van het besluit De eerste periode in 2004 en 2005, bedoeld in, na afloop waarvan de aanvragen worden behandeld die in die periode zijn ontvangen, wordt vastgesteld op 1 november 2004 tot en met 1 februari 2005, 17.00 uur. 2 artikel 6 van het besluit Het subsidieplafond voor het verlenen van subsidies op aanvragen op grond van, ontvangen in de in het eerste lid genoemde periode, wordt vastgesteld op € 12.500.000. 2004 209 29-10-2004 26-10-2004 WJZ4067092 2004 209 29-10-2004 26-10-2004 WJZ4067092 31-10-2004
Artikel 7a — Artikel 7a#
Artikel 7a 1 artikel 6 van het besluit De eerste periode die begint in 2005, bedoeld in, na afloop waarvan de aanvragen worden behandeld die in die periode zijn ontvangen, wordt vastgesteld op 15 mei 2005 tot en met 1 augustus 2005, 17:00 uur. 2 artikel 6 van het besluit Het subsidieplafond voor het verlenen van subsidies op aanvragen op grond van, ontvangen in de in het eerste lid genoemde periode, wordt vastgesteld op € 12.600.000. 2005 204 20-10-2005 13-10-2005 WJZ5062489 2005 204 20-10-2005 13-10-2005 WJZ5062489 22-10-2005
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 artikel 7, eerste lid, van het besluit bijlage 2 Het formulier, bedoeld invoor een aanvraag om subsidie is opgenomen in de bij deze regeling behorende. 2004 209 29-10-2004 26-10-2004 WJZ4067092 2004 209 29-10-2004 26-10-2004 WJZ4067092 31-10-2004
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 artikel 11, zesde lid, van het besluit Als criterium als bedoeld inwordt vastgesteld: de mate waarin het project bijdraagt aan een duurzame energiehuishouding. 2004 209 29-10-2004 26-10-2004 WJZ4067092 2004 209 29-10-2004 26-10-2004 WJZ4067092 31-10-2004
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 artikel 19, vijfde lid, van het besluit Het bedrag, bedoeld inis € 15.000. 2004 209 29-10-2004 26-10-2004 WJZ4067092 2004 209 29-10-2004 26-10-2004 WJZ4067092 31-10-2004
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 artikel 20, tweede lid, van het besluit bijlage 3 Het formulier, bedoeld invoor een aanvraag om een voorschot is opgenomen in de bij deze regeling behorende. 2004 209 29-10-2004 26-10-2004 WJZ4067092 2004 209 29-10-2004 26-10-2004 WJZ4067092 31-10-2004
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 artikel 22, tweede lid, van het besluit bijlage 4 Het formulier, bedoeld invoor een aanvraag om subsidievaststelling is opgenomen in de bij deze regeling behorende. 2004 209 29-10-2004 26-10-2004 WJZ4067092 2004 209 29-10-2004 26-10-2004 WJZ4067092 31-10-2004
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. 2004 209 29-10-2004 26-10-2004 WJZ4067092 2004 209 29-10-2004 26-10-2004 WJZ4067092 31-10-2004
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Deze regeling wordt aangehaald als: Unieke kansen regeling. 2004 209 29-10-2004 26-10-2004 WJZ4067092 2004 209 29-10-2004 26-10-2004 WJZ4067092 31-10-2004