Besluit van de Minister van Justitie van 7 juni 2005, nr. 5356510/505, strekkende tot aanwijzing van buitengewoon opsporingsambtenaren van politie bij de BBE-SIE
- BWB-id
- BWBR0018395
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- 2005-06-16 t/m 2006-06-30
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0018395
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2005/besluit-buitengewoon-opsporingsambtenaar-bbe-sie-2005
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2005/besluit-buitengewoon-opsporingsambtenaar-bbe-sie-2005/2005-06-16
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0018395&g=2005-06-16
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0018395&z=2026-06-06&g=2005-06-16
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0018395/2005-06-16
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2005/besluit-buitengewoon-opsporingsambtenaar-bbe-sie-2005
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit wordt verstaan onder: a. KLPD: Korps landelijke politiediensten; b. BBE-SIE: Bijzondere Bijstands Eenheid - Snelle Interventie Eenheid, als bedoeld in de Regeling bijzondere bijstandseenheden; c. artikel 2 de buitengewoon opsporingsambtenaar: de buitengewoon opsporingsambtenaar te werk gesteld bij de BBE-SIE bedoeld in. 2005 112 14-06-2005 07-06-2005 5356510/505 2005 112 14-06-2005 07-06-2005 5356510/505 16-06-2005 01-09-2004
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 De medewerkers van het Ministerie van Defensie, te werk gesteld bij de BBE-SIE, belast met de opsporing van strafbare feiten, zijn aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar. 2005 112 14-06-2005 07-06-2005 5356510/505 2005 112 14-06-2005 07-06-2005 5356510/505 16-06-2005 01-09-2004
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De buitengewoon opsporingsambtenaar is bevoegd tot de opsporing van: a. alle strafbare feiten, voor zover noodzakelijk voor een goede vervulling van de aan de functie gerelateerde taken; b. andere strafbare feiten, indien en voor zover hij daarmee in een concreet opsporingsonderzoek door een officier van justitie wordt belast voor de duur van dat onderzoek; c. feiten strafbaar gesteld bij verordeningen voor zover hij daarvoor door het bevoegd bestuursorgaan is aangewezen. 2 De opsporingsbevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, geldt voor het grondgebied van Nederland, voor zover noodzakelijk voor een goede vervulling van de aan de functie gerelateerde taken. 2005 112 14-06-2005 07-06-2005 5356510/505 2005 112 14-06-2005 07-06-2005 5356510/505 16-06-2005 01-09-2004
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Op grond van dit besluit kunnen maximaal 50 personen als buitengewoon opsporingsambtenaar worden beëdigd. 2005 112 14-06-2005 07-06-2005 5356510/505 2005 112 14-06-2005 07-06-2005 5356510/505 16-06-2005 01-09-2004
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 Als toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de hoofdofficier van justitie bij het Landelijk Parket. 2 Als direct toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de korpschef van het KLPD. 2005 112 14-06-2005 07-06-2005 5356510/505 2005 112 14-06-2005 07-06-2005 5356510/505 16-06-2005 01-09-2004
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Regeling toetsing geweldsbeheersing buitengewoon opsporingsambtenaar artikel 2 Deis niet van toepassing op de buitengewoon opsporingsambtenaar als bedoeld invan dit besluit. 2005 112 14-06-2005 07-06-2005 5356510/505 2005 112 14-06-2005 07-06-2005 5356510/505 16-06-2005 01-09-2004
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 artikel 5 De korpschef van het KLPD brengt voor 1 februari 2007 over de periode van 1 september 2004 tot 1 januari 2007 aan de toezichthouder, genoemd invan dit besluit, en de Minister van Justitie verslag uit over: a. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren dat van 1 september 2004 tot 1 januari 2007 werkzaam was bij de BBE-SIE; b. de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte activiteiten; c. de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen zijn aangemeld voor het door de Minister van Justitie goedgekeurde examen en hoeveel personen in dat jaar voor dat examen zijn geslaagd; d. artikel 8, eerste lid, van de Politiewet 1993 artikel 8, eerste en derde lid, van de Politiewet 1993 het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren dat beschikt over de bevoegdheden op grond van,, het aantal uitgereikte geweldsmiddelen alsmede de stand van zaken met betrekking tot de opleiding inzake het gebruik van politiebevoegdheden en geweldsmiddelen; e. over de doeltreffendheid van de aanwijzing van de bij de BBE-SIE werkzame buitengewoon opsporingsambtenaren in de periode van 1 september 2004 tot 1 januari 2007. 2005 112 14-06-2005 07-06-2005 5356510/505 2005 112 14-06-2005 07-06-2005 5356510/505 16-06-2005 01-09-2004
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 september 2004. Dit besluit vervalt op 1 januari 2007. 2005 112 14-06-2005 07-06-2005 5356510/505 2005 112 14-06-2005 07-06-2005 5356510/505 16-06-2005 01-09-2004
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar BBE-SIE 2005. 2005 112 14-06-2005 07-06-2005 5356510/505 2005 112 14-06-2005 07-06-2005 5356510/505 16-06-2005 01-09-2004