Besluit van de Minister van Justitie van 3 november 2005, nr. 5384385/505/CBK, houdende de aanwijzing van buitengewoon opsporingsambtenaren bij Rijkswaterstaat
- BWB-id
- BWBR0018977
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- 2010-05-26 t/m 2010-11-07
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0018977
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2005/besluit-buitengewoon-opsporingsambtenaren-rijkswaterstaat-20
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2005/besluit-buitengewoon-opsporingsambtenaren-rijkswaterstaat-20/2010-05-26
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0018977&g=2010-05-26
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0018977&z=2026-06-06&g=2010-05-26
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0018977/2010-05-26
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2005/besluit-buitengewoon-opsporingsambtenaren-rijkswaterstaat-20
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 artikel 2 In dit besluit wordt verstaan onder buitengewoon opsporingsambtenaar: de buitengewoon opsporingsambtenaar, bedoeld in. 2005 219 10-11-2005 03-11-2005 5384385/505/CBK 2005 219 10-11-2005 03-11-2005 5384385/505/CBK 08-11-2005 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 1a — Artikel 1a#
Artikel 1a artikel 8.3 van de Waterwet Dit besluit berust mede op. 2009 19702 21-12-2009 11-12-2009 CEND/HDJZ-2009/1494sectorWAT 2009 19702 21-12-2009 11-12-2009 CEND/HDJZ-2009/1494sectorWAT 22-12-2009
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 De ambtenaar, werkzaam bij het Directoraat-Generaal Rijkswaterstaat van het ministerie van Verkeer en Waterstaat die daadwerkelijk is belast met handhaving van wet- en regelgeving, is aangewezen tot buitengewoon opsporingsambtenaar. 2 Op grond van dit besluit kunnen maximaal 430 personen als buitengewoon opsporingsambtenaar zijn beëdigd. 2005 219 10-11-2005 03-11-2005 5384385/505/CBK 2005 219 10-11-2005 03-11-2005 5384385/505/CBK 08-11-2005 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 artikel 2 bijlage A-I van de Circulaire Buitengewoon opsporingsambtenaar De inbedoelde ambtenaren zijn bevoegd tot het opsporen van de strafbare feiten genoemd in domein II Milieu en Welzijn, van, voor zover noodzakelijk voor een goede vervulling van de aan de functie gerelateerde taken. De opsporingsbevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, geldt voor het grondgebied van Nederland en daarbuiten voor zover de rechtsmacht van Nederland strekt en voor zover noodzakelijk voor een goede vervulling van de aan de functie gerelateerde taken. De buitengewoon opsporingsambtenaar vermeldt in zijn processen-verbaal en schriftelijke verslagleggingen het domein waarin hij is aangesteld. 2010 7804 25-05-2010 18-05-2010 5653131/Justis/10 2010 7804 25-05-2010 18-05-2010 5653131/Justis/10 26-05-2010
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Als toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de Hoofdofficier van Justitie bij het Functioneel Parket. Als direct toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de korpschef van het Korps Landelijke Politiediensten. 2010 7804 25-05-2010 18-05-2010 5653131/Justis/10 2010 7804 25-05-2010 18-05-2010 5653131/Justis/10 26-05-2010
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 De Directeur-Generaal Rijkswaterstaat brengt jaarlijks, vóór 1 april, over het voorafgaande jaar, aan de Minister van Justitie verslag uit over: a. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren werkzaam bij het Directoraat-Generaal Rijkswaterstaat op 31 december van het voorafgaande jaar; b. de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte opsporingsactiviteiten; c. de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen in het verslagjaar zijn aangemeld voor het door de Minister goedgekeurde examen en hoeveel personen in dat jaar daarvoor zijn geslaagd; d. het aantal klachten dat tegen de buitengewoon opsporingsambtenaren is ingediend en de aard van die klachten. 2005 219 10-11-2005 03-11-2005 5384385/505/CBK 2005 219 10-11-2005 03-11-2005 5384385/505/CBK 08-11-2005 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar Rijkswaterstaat 1995 Het(Stcrt. 1995, nr. 215) wordt ingetrokken. 2005 219 10-11-2005 03-11-2005 5384385/505/CBK 2005 219 10-11-2005 03-11-2005 5384385/505/CBK 08-11-2005 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 De op naam gestelde akten van opsporingsbevoegdheid en beëdiging en de overige benoemingsbescheiden, afgegeven mede op basis van het besluit van 3 november 2005, nr. 5384385/505/CBK, worden geacht mede te zijn afgegeven op basis van het onderhavige besluit. 2010 7804 25-05-2010 18-05-2010 5653131/Justis/10 2010 7804 25-05-2010 18-05-2010 5653131/Justis/10 26-05-2010
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Dit besluit treedt in werking met ingang van 8 november 2005 en vervalt op 8 november 2010. 2005 219 10-11-2005 03-11-2005 5384385/505/CBK 2005 219 10-11-2005 03-11-2005 5384385/505/CBK 08-11-2005 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit buitengewoon opsporingsambtenaren Rijkswaterstaat 2005. 2005 219 10-11-2005 03-11-2005 5384385/505/CBK 2005 219 10-11-2005 03-11-2005 5384385/505/CBK 08-11-2005 De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.