Regeling mandaat, volmacht en machtiging Rijksgebouwendienst 2005
- BWB-id
- BWBR0018003
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- 2005-02-19 t/m 2007-02-08
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0018003
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2005/regeling-mandaat-volmacht-en-machtiging-rijksgebouwendienst-
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2005/regeling-mandaat-volmacht-en-machtiging-rijksgebouwendienst-/2005-02-19
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0018003&g=2005-02-19
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0018003&z=2026-06-06&g=2005-02-19
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0018003/2005-02-19
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2005/regeling-mandaat-volmacht-en-machtiging-rijksgebouwendienst-
Artikel 1 — Artikel 1 Definities#
Artikel 1 Definities In deze regeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. minister : Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer; b. staatssecretaris : Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer; c. functionaris : natuurlijk persoon bij de Rijksgebouwendienst tewerkgesteld; d. directeur-generaal : functionaris belast met de leiding van de Rijksgebouwendienst; e. directie bijlage 3 : directie van de Rijksgebouwendienst zoals genoemd invan deze regeling; f. stafafdeling bijlage 3 : stafafdeling van de Rijksgebouwendienst zoals genoemd invan deze regeling; g. afdeling : afdeling van een directie van de Rijksgebouwendienst; h. directeur : functionaris belast met de leiding van een directie van de Rijksgebouwendienst, dan wel belast met de leiding van een deel van de werkzaamheden van een directie van de Rijksgebouwendienst; i. stafafdelingshoofd : functionaris belast met de leiding van een stafafdeling; j. afdelingshoofd : functionaris belast met de leiding van een afdeling; k. projectbevoegde bijlage 4 5 : functionaris die bij een besluit overeenkomstigofvan deze regeling door de directeur-generaal, een directeur of een stafafdelingshoofd is benoemd als verantwoordelijke voor de uitvoering van een project bij de Rijksgebouwendienst; l. mandaat : bevoegdheid om in naam van de minister of de staatssecretaris besluiten te nemen; m. volmacht : bevoegdheid om in naam van de minister of staatssecretaris privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten; n. machtiging : bevoegdheid om in naam van de minister of de staatssecretaris handelingen te verrichten die noch een besluit noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn. 2005 34 17-02-2005 09-02-2005 2004067009 2005 34 17-02-2005 09-02-2005 2004067009 19-02-2005
Artikel 2 — Artikel 2 Bevoegdheden door mandaat, volmacht en machtiging aan plaatsvervangend directeur-generaal#
Artikel 2 Bevoegdheden door mandaat, volmacht en machtiging aan plaatsvervangend directeur-generaal artikel 8 Besluit mandaat, volmacht en machtiging VROM 2005 De plaatsvervangend directeur-generaal is – met inachtneming van– gemandateerd, gevolmachtigd en gemachtigd om de aan de directeur-generaal op grond van hetverleende bevoegdheden uit te oefenen. 2005 34 17-02-2005 09-02-2005 2004067009 2005 34 17-02-2005 09-02-2005 2004067009 19-02-2005
Artikel 3 — Artikel 3 Bevoegdheden voorbehouden aan directeur-generaal en plaatsvervangend directeur-generaal#
Artikel 3 Bevoegdheden voorbehouden aan directeur-generaal en plaatsvervangend directeur-generaal Aan de directeur-generaal en de plaatsvervangend directeur-generaal blijft voorbehouden het uitoefenen van: a. bijlage 1 de bevoegdheden op het terrein van Personeel & Organisatie, genoemd in; b. de bevoegdheid tot het benoemen van een externe tot projectbevoegde; c. de bevoegdheid tot het beslissen op bezwaarschriften tegen besluiten die zijn genomen door de directeuren en de stafafdelingshoofden; d. de bevoegdheid tot het beslissen omtrent het oprichten van een rechtspersoon; e. de bevoegdheid tot het beslissen omtrent de vertegenwoordiging van de minister of de staatssecretaris in het orgaan van een rechtspersoon; f. de bevoegdheid tot het beslissen omtrent de vertegenwoordiging van de Staat der Nederlanden, de minister/staatssecretaris of de Rijksgebouwendienst in rechte; g. de bevoegdheid tot het vaststellen van vaststellingsovereenkomsten; h. de bevoegdheid tot het vaststellen van beleidsregels; i. de bevoegdheid tot het beslissen omtrent het verlenen van subsidie. j. de bevoegdheid tot het inhuren van externen op het terrein van interim-management, organisatie- en formatieadvies, communicatieadvies en beleidsadvies. 2005 34 17-02-2005 09-02-2005 2004067009 2005 34 17-02-2005 09-02-2005 2004067009 19-02-2005
Artikel 4 — Artikel 4 Bevoegdheden door mandaat aan directeuren en stafafdelingshoofden en plaatsvervangend directeuren en stafafdelingshoofden#
Artikel 4 Bevoegdheden door mandaat aan directeuren en stafafdelingshoofden en plaatsvervangend directeuren en stafafdelingshoofden artikelen 7 8 Besluit mandaat, volmacht en machtiging VROM 2005 De directeuren, stafafdelingshoofden en plaatsvervangers van de directeuren en stafafdelingshoofden zijn – met inachtneming van deen– gemandateerd om de aan de directeur-generaal op grond van hetverleende bevoegdheden uit te oefenen. 2005 34 17-02-2005 09-02-2005 2004067009 2005 34 17-02-2005 09-02-2005 2004067009 19-02-2005
Artikel 5 — Artikel 5 Bevoegdheden door volmacht en machtiging aan directeuren, stafafdelingshoofden, afdelingshoofden, plaatsvervangers van deze functionarissen en projectbevoegden#
Artikel 5 Bevoegdheden door volmacht en machtiging aan directeuren, stafafdelingshoofden, afdelingshoofden, plaatsvervangers van deze functionarissen en projectbevoegden 1 artikelen 7 8 bijlage 2 Besluit mandaat, volmacht en machtiging VROM 2005 De directeuren, stafafdelingshoofden, afdelingshoofden, plaatsvervangers van de hiervoor genoemde functionarissen en projectbevoegden zijn – met inachtneming van deenen met inachtneming van de per functie vastgestelde begrenzing in financieel belang als genoemd in– gevolmachtigd en gemachtigd om de aan de directeur-generaal op grond van hetverleende bevoegdheden uit te oefenen. 2 Bij afwezigheid van een projectbevoegde worden de aan deze toegekende bevoegdheden uitgeoefend door de functionaris onder wie de projectbevoegde rechtstreeks ressorteert. 2005 34 17-02-2005 09-02-2005 2004067009 2005 34 17-02-2005 09-02-2005 2004067009 19-02-2005
Artikel 6 — Artikel 6 Bevoegdheden voorbehouden aan directeuren en stafafdelingshoofden en plaatsvervangend directeuren en stafafdelingshoofden#
Artikel 6 Bevoegdheden voorbehouden aan directeuren en stafafdelingshoofden en plaatsvervangend directeuren en stafafdelingshoofden artikel 3, sub j. Aan de directeuren en stafafdelingshoofden blijft voorbehouden de bevoegdheid tot het inhuren van externen, met uitzondering van de externen als genoemd invan deze regeling. 2005 34 17-02-2005 09-02-2005 2004067009 2005 34 17-02-2005 09-02-2005 2004067009 19-02-2005
Artikel 7 — Artikel 7 Algemene begrenzing van gebruik van bevoegdheden#
Artikel 7 Algemene begrenzing van gebruik van bevoegdheden 1 De directeuren, stafafdelingshoofden, afdelingshoofden en projectbevoegden maken van de aan hen verleende bevoegdheden uitsluitend gebruik voor zover het aangelegenheden betreft die behoren tot hun werkterrein. 2 bijlage 3 Met het werkterrein van de in het eerste lid bedoelde functionarissen wordt bedoeld het werkterrein van het desbetreffende organisatieonderdeel zoals genoemd inen het werkterrein zoals schriftelijk is vastgelegd in functieomschrijvingen en projectopdrachten. 3 De directeur-generaal blijft bevoegd de in het eerste lid bedoelde functionarissen per geval of in het algemeen instructies te geven ter zake van de uitoefening van de aan hen toegekende bevoegdheden. Daarnaast blijft de directeur-generaal bevoegd om de toegekende bevoegdheden zelf uit te oefenen en heeft hij de bevoegdheid om toegekende bevoegdheden te allen tijde te beëindigen. 2005 34 17-02-2005 09-02-2005 2004067009 2005 34 17-02-2005 09-02-2005 2004067009 19-02-2005
Artikel 8 — Artikel 8 Begrenzing van gebruik van bevoegdheden door plaatsvervangers#
Artikel 8 Begrenzing van gebruik van bevoegdheden door plaatsvervangers 1 De plaatsvervangend directeur-generaal, de plaatsvervangend directeur, het plaatsvervangend stafafdelingshoofd en het plaatsvervangend afdelingshoofd maken van de aan hen verleende bevoegdheden uitsluitend gebruik bij afwezigheid van de functionaris onder wie zij rechtstreeks ressorteren en voor zover het aangelegenheden betreft die behoren tot hun werkterrein. 2 bijlage 3 Met het werkterrein van de in het eerste lid bedoelde functionarissen wordt bedoeld het werkterrein van het desbetreffende organisatieonderdeel zoals genoemd inen het werkterrein zoals schriftelijk is vastgelegd in functieomschrijvingen en projectopdrachten. 3 De directeur-generaal blijft bevoegd de in het eerste lid bedoelde functionarissen per geval of in het algemeen instructies te geven ter zake van de uitoefening van de aan hen toegekende bevoegdheden. Daarnaast blijft de directeur-generaal bevoegd om de toegekende bevoegdheden zelf uit te oefenen en heeft hij de bevoegdheid om toegekende bevoegdheden te allen tijde te beëindigen. 2005 34 17-02-2005 09-02-2005 2004067009 2005 34 17-02-2005 09-02-2005 2004067009 19-02-2005
Artikel 9 — Artikel 9 Ondertekening#
Artikel 9 Ondertekening 1 Een document waarmee een besluit wordt vastgelegd door een daartoe op grond van deze regeling bevoegde functionaris vermeldt aan het slot: De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, voor deze: de Directeur-Generaal van de Rijksgebouwendienst, voor deze: (functieaanduiding, handtekening en naam van de betrokken functionaris). 2 Een document waarmee een privaatrechtelijke rechtshandeling wordt vastgelegd door een daartoe op grond van deze regeling bevoegde functionaris vermeldt aan het slot: De Staat der Nederlanden, te dezen vertegenwoordigd door de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, voor deze: de Directeur-Generaal van de Rijksgebouwendienst, voor deze: (functieaanduiding, handtekening en naam van de betrokken functionaris). 3 Een document waarin geen besluit of privaatrechtelijke rechtshandeling wordt vastgelegd, vermeldt aan het slot functieaanduiding, handtekening en naam van de betrokken functionaris. 2005 34 17-02-2005 09-02-2005 2004067009 2005 34 17-02-2005 09-02-2005 2004067009 19-02-2005
Artikel 10 — Artikel 10 Inzage#
Artikel 10 Inzage 1 Deze regeling inclusief de bijlagen ligt ter inzage bij de centrale bibliotheek van het Ministerie van VROM. 2 De directeuren en stafafdelingshoofden dragen er zorg voor dat de besluiten tot benoeming tot projectbevoegde van de onder hun gezagsbereik werkzame projectbevoegden ter inzage liggen in het centrale competentieregister van de Rijksgebouwendienst. 2005 34 17-02-2005 09-02-2005 2004067009 2005 34 17-02-2005 09-02-2005 2004067009 19-02-2005
Artikel 11 — Artikel 11 Inwerkingtreding#
Artikel 11 Inwerkingtreding 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. 2 Regeling mandaat, volmacht en machtiging Rijksgebouwendienst 2003 Dewordt ingetrokken. 2005 34 17-02-2005 09-02-2005 2004067009 2005 34 17-02-2005 09-02-2005 2004067009 19-02-2005
Artikel 12 — Artikel 12 Citeertitel#
Artikel 12 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling mandaat, volmacht en machtiging Rijksgebouwendienst 2005. 2005 34 17-02-2005 09-02-2005 2004067009 2005 34 17-02-2005 09-02-2005 2004067009 19-02-2005
Artikel 3#
artikel 3, onderdeel a
Artikel 7#
artikelen 7
Artikel 8#
8
Artikel 5#
artikel 5
Artikel 7#
artikelen 7, tweede lid
Artikel 8#
8, tweede lid