Besluit van de Minister van Justitie van 24 augustus 2006, nr. 5438527/06/CBK, strekkende tot aanwijzing van buitengewoon opsporingsambtenaren van politie bij het regionaal politiekorps Zuid-Holland-Zuid (Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar regiopolitie Zuid-Holland-Zuid 2006)
- BWB-id
- BWBR0020219
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- 2010-05-12 t/m 2011-09-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0020219
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2006/besluit-buitengewoon-opsporingsambtenaar-regiopolitie-zuid-h
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2006/besluit-buitengewoon-opsporingsambtenaar-regiopolitie-zuid-h/2010-05-12
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0020219&g=2010-05-12
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0020219&z=2026-06-06&g=2010-05-12
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0020219/2010-05-12
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2006/besluit-buitengewoon-opsporingsambtenaar-regiopolitie-zuid-h
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 artikel 2 In dit besluit wordt verstaan onder de buitengewoon opsporingsambtenaar: de buitengewoon opsporingsambtenaar van politie bedoeld in. 2006 169 31-08-2006 24-08-2006 5438527/06/CBK 2006 169 31-08-2006 24-08-2006 5438527/06/CBK 02-09-2006
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 artikel 3, eerste lid, onder b, van de Politiewet 1993 Maximaal 250 ambtenaren van politie als bedoeld in, van het regionale politiekorps Zuid-Holland-Zuid, belast met de opsporing van strafbare feiten, kunnen worden aangewezen en beëdigd als buitengewoon opsporingsambtenaar van politie. 2006 169 31-08-2006 24-08-2006 5438527/06/CBK 2006 169 31-08-2006 24-08-2006 5438527/06/CBK 02-09-2006
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikel 2 bijlage A-I van de Circulaire Buitengewoon opsporingsambtenaar De inbedoelde ambtenaren zijn bevoegd tot het opsporen van de strafbare feiten genoemd in domein VI Generieke Opsporing, van, voor zover noodzakelijk voor een goede vervulling van de aan de functie gerelateerde taken. 2 De opsporingsbevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, geldt voor het grondgebied van Nederland, voor zover noodzakelijk voor een goede vervulling van de aan de functie gerelateerde taken. 3 De buitengewoon opsporingsambtenaar vermeldt in zijn processen-verbaal en schriftelijke verslagleggingen het domein waarin hij is aangesteld. 2010 7111 11-05-2010 04-05-2010 5652562/Justis/10 2010 7111 11-05-2010 04-05-2010 5652562/Justis/10 12-05-2010
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Als toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de hoofdofficier van justitie bij het arrondissementsparket te Dordrecht. 2 Als direct toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de korpschef van het regionale politiekorps Zuid-Holland-Zuid. 2006 169 31-08-2006 24-08-2006 5438527/06/CBK 2006 169 31-08-2006 24-08-2006 5438527/06/CBK 02-09-2006
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 3, eerste lid artikel 8, eerste en derde lid, van de Politiewet 1993 hoofdstuk 7 van de Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke Marechaussee en de buitengewoon opsporingsambtenaar De buitengewoon opsporingsambtenaar is bevoegd bij de opsporing van de in, genoemde strafbare feiten gebruik te maken van de bevoegdheden, bedoeld in. Hij gedraagt zich overeenkomstig het bepaalde in. 2 De buitengewoon opsporingsambtenaar kan gedurende de uitoefening van zijn functie gebruik maken van handboeien van een door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de Minister van Justitie goedgekeurd merk en type. 3 De buitengewoon opsporingsambtenaar wordt daadwerkelijk uitgerust met handboeien nadat de direct toezichthouder heeft vastgesteld dat betrokkene beschikt over de vereiste bekwaamheid ten aanzien van het gebruik van en het omgaan met handboeien. 2006 169 31-08-2006 24-08-2006 5438527/06/CBK 2006 169 31-08-2006 24-08-2006 5438527/06/CBK 02-09-2006
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 artikel 5 De korpschef van het regionale politiekorps Zuid-Holland-Zuid brengt jaarlijks, voor 1 april, over het jaar daaraan voorafgaand aan de toezichthouder, genoemd invan dit besluit, en de Minister van Justitie verslag uit over: a. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren dat op 31 december werkzaam was bij het regionale politiekorps Zuid-Holland-Zuid; b. de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte activiteiten; c. de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen in het verslagjaar zijn aangemeld voor het door de Minister van Justitie goedgekeurde examen en hoeveel personen in dat jaar voor dat examen zijn geslaagd. 2006 169 31-08-2006 24-08-2006 5438527/06/CBK 2006 169 31-08-2006 24-08-2006 5438527/06/CBK 02-09-2006
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 De op naam gestelde akten van opsporingsbevoegdheid en beëdiging en de overige benoemingsbescheiden, afgegeven mede op basis van het besluit van 24 augustus 2006, nr. 5438527/06/CBK, worden geacht mede te zijn afgegeven op basis van het onderhavige besluit. 2010 7111 11-05-2010 04-05-2010 5652562/Justis/10 2010 7111 11-05-2010 04-05-2010 5652562/Justis/10 12-05-2010
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en vervalt vijf jaar na inwerkingtreding. 2006 169 31-08-2006 24-08-2006 5438527/06/CBK 2006 169 31-08-2006 24-08-2006 5438527/06/CBK 02-09-2006
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar regiopolitie Zuid-Holland-Zuid 2006. 2006 169 31-08-2006 24-08-2006 5438527/06/CBK 2006 169 31-08-2006 24-08-2006 5438527/06/CBK 02-09-2006