Besluit ter uitvoering van de artikelen 6, tweede lid, van de Schepenwet en 6 van het Schepenbesluit 1965, alsmede de artikelen 23, eerste lid, 36, 48, tweede lid en 59, eerste lid, van het Schepenbesluit 2004 (Besluit erkende organisaties Schepenwet)
- BWB-id
- BWBR0019673
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2026-01-17
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0019673
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2006/besluit-erkende-organisaties-schepenwet
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2006/besluit-erkende-organisaties-schepenwet/2026-01-17
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0019673&g=2026-01-17
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0019673&z=2026-06-06&g=2026-01-17
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0019673/2026-01-17
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2006/besluit-erkende-organisaties-schepenwet
Artikel 1 — Artikel 1 Erkende organisaties#
Artikel 1 Erkende organisaties 1 artikel 3a van de Schepenwet Als rechtspersonen waarvan de regels kunnen gelden als eisen als bedoeld in, worden aangewezen: a. American Bureau of Shipping (ABS) Europe Ltd te Londen, Verenigd Koninkrijk; b. Bureau Veritas (BV) te Parijs, Frankrijk; c. DNV GL AS te Høvik, Noorwegen; d. Lloyd's Register Group LTD (LR) te Londen, Verenigd Koninkrijk; e. Nippon Kaiji Kyokai General Incorporated Foundation (ClassNK) te Tokio, Japan; f. Registro Italiano Navale Services S.p.A. te Genua, Italië; g. Indian Register of Shipping te Mumbai, India; h. Korean Register (KR) te Busan, Republiek Korea. 2 artikelen 8 van het Schepenbesluit 1965 13 tot en met 18 19a van het Schepenbesluit 2004 De in het eerste lid genoemde rechtspersonen zijn tevens bevoegd tot het verrichten van de bij of krachtens deenenvoorgeschreven onderzoeken. 2026 1060 16-01-2026 14-01-2026 IENW/BSK-2025/318155 2026 1060 16-01-2026 14-01-2026 IENW/BSK-2025/318155 17-01-2026
Artikel 2 — Artikel 2 Bijzondere onderzoeken#
Artikel 2 Bijzondere onderzoeken 1 artikel 1, tweede lid Onverminderd, is tot het verrichten van onderzoeken van elektronisch aangedreven liften, personenliften, niet zijnde elektrisch aangedreven liften, en roltrappen tevens bevoegd de Stichting Nederlands Instituut voor Lifttechniek (Liftinstituut) te Amsterdam. 2 Als keuringsinstantie voor opblaasbare reddingsmiddelen als bedoeld in voorschrift III/20.8 van het SOLAS-verdrag, worden aangewezen: a. Peerbolte Lifesaving V.O.F. te Warffum; b. Survitec Safety Solutions Netherlands B.V. te Rotterdam; c. Hunfeld B.V. te Delfzijl; d. Jacobs Lifesaving B.V. te Strijen; e. Nemad Hofman B.V. te Schiedam; f. Viking Life-Saving B.V. te Zwijndrecht; g. Viking Life-Saving B.V. te Den Helder; h. Catis Marine Division N.V. te Curaçao; i. Koninklijke Marine- Marinebedrijf te Den Helder; j. VCU Safetycentre B.V. te Urk; k. De Wolf Products Maritime Safety B.V. te Yerseke. 3 Als testing ASP voor het verrichten van onderzoeken gericht op het testen van geschiktheid van apparatuur voor het automatisch zenden van gegevens, bedoeld in voorschrift V/19.1 van het SOLAS-verdrag worden aangewezen: a. Radio Holland Group B.V. Rotterdam; b. Pole Star Space Applications Limited, te Londen, Verenigd Koninkrijk, in combinatie met de rechtspersonen, genoemd in de onderdelen a en b; c. Alphatron Marine B.V., te Rotterdam; d. door vernummering vervallen; e. Collecte Localisation Satellites, te Ramonville Saint-Agne, Frankrijk. 4 Als keuringsinstantie voor de zeegaande zeilende beroepsvaart, bevoegd tot het verrichten van onderzoeken gericht op de certificering van zeilschepen van minder dan 500 GT, gebruikt voor het vervoer van ten hoogste 36 passagiers, die op grond van voor Nederland geldende rechtsregels gerechtigd zijn de vlag van het Koninkrijk te voeren, wordt aangewezen: Register Holland Classebureau Zeevaart B.V. te Harlingen. 5 artikel 15, vierde lid, van het Schepenbesluit 2004 Als keuringsinstantie in verband met de afgifte van het nationaal veiligheidscertificaat, bevoegd tot het verrichten van bij of krachtensvoorgeschreven onderzoeken, wordt aangewezen: Register Holland Classebureau Zeevaart B.V. te Harlingen. 6 Als keuringsinstantie voor reddingsmiddelen, bevoegd tot het verrichten van onderzoeken gericht op het onderhoud van reddingsmiddelen als bedoeld in Resolutie MSC.402(96) van de Maritieme Veiligheidscommissie, wordt in het Koninkrijk aangewezen: a. Polyrep B.V. te Hellevoetsluis; b. Work Ribs Holland B.V te Den Helder; c. Palfinger Marine Europe B.V. te Schiedam; d. Marinspect Safety & Rigging B.V. te Rotterdam; e. North Sea Davit and Lifeboat Services BV te Vianen; f. De Wolf Maritime Safety B.V. te Yerseke; g. Survitec Safety Solutions Netherlands B.V. te Rotterdam; h. Viking Life-Saving Equipment BV te Rotterdam; i. Task-In Services B.V. te Schiedam. 7 Als keuringsinstantie voor tuigage, bevoegd tot het verrichten van onderzoeken aan de tuigage van zeilschepen, wordt aangewezen: Register Holland Classebureau Zeevaart B.V. te Harlingen. 8 artikel 1, eerste lid Als keuringsinstantie voor radio-uitrusting, bevoegd tot het verrichten van onderzoeken in verband met het certificeren van de radio-uitrusting van vissersvaartuigen en schepen voor zover zij niet door een klassenbureau als bedoeld in, worden onderzocht, worden aangewezen: a. Radio Holland Group B.V. te Rotterdam; b. Alphatron Marine B.V. te Rotterdam; c. Navcom Inspection & Consultancy B.V. te IJmuiden. 9 bijlage Aan de aanwijzingen, bedoeld in het derde tot en met het achtste lid, zijn de voorschriften verbonden, opgenomen in debij dit besluit. 10 Buiten het Koninkrijk zijn aangewezen als keuringsinstantie voor opblaasbare reddingsmiddelen en keuringsinstantie voor reddingsmiddelen als bedoeld in het tweede respectievelijk het zesde lid, de door de bevoegde autoriteiten ter plaatse erkende organisaties. 2025 15514 15-05-2025 23-04-2025 IENW/BSK-2025/82804 2025 133 15-05-2025 06-05-2025 01-07-2025 Treedt in werking op het tijdstip dat de Rijkswet nationaliteit
zeeschepen in werking treedt.
Artikel 3 — Artikel 3 Onderzoeken ingevolge de IMDG-Code#
Artikel 3 Onderzoeken ingevolge de IMDG-Code 1 In dit artikel wordt onder de IMDG-Code verstaan: de International Maritime Dangerous Goods Code, bedoeld in hoofdstuk VII, deel A, van het SOLAS-verdrag. 2 Als bevoegde instanties voor de toepassing van de IMDG-Code worden, voor de daarbij aangegeven taken, in het Koninkrijk aangewezen de in tabel 2 genoemde organisaties. Als bevoegde instanties buiten het Koninkrijk zijn aangewezen de door de bevoegde autoriteiten ter plaatse erkende instanties. 3 De uitoefening van taken, aangeduid met een asterisk, geschiedt in overeenstemming met de Minister van Infrastructuur en Waterstaat. Tabel 2. Bevoegde instanties voor taken bedoeld in de IMDG-Code Instanties bevoegd ten aanzien van de taken, bedoeld in de volgende voorschriften van de IMDG-Code artikel 1, eerste lid Rechtspersonen, genoemd in 4.2.1.7; 4.2.1.9; 4.2.3.6.4*; 4.2.3.7.1*; 4.2.5.3 (TP4, TP10, TP16 en TP24); 6.7.1.1.1; 6.7.2.2; 6.7.2.3; 6.7.2.6; 6.7.2.7; 6.7.2.8; 6.7.2.10; 6.7.2.12; 6.7.2.18; 6.7.2.19.4; 6.7.2.19.5; 6.7.19.9; 6.7.19.10; 6.7.3.2; 6.7.3.7; 6.7.3.8; 6.7.3.14; 6.7.3.15.3; 6.7.3.15.5; 6.7.3.15.9; 6.7.3.15.10; 6.7.4.2; 6.7.4.3; 6.7.4.6; 6.7.4.7; 6.7.4.13; 6.7.4.14.3; 6.7.4.14.10; 6.7.4.14.11; 6.7.5; 6.8.3.1; 6.8.3.2.1; 6.8.3.2.2.1; 6.8.3.2.3; 6.8.3.3.2.1; 6.8.3.3.3; 7.4.2.3; 7.5.1.3 TÜV Rheinland Nederland B.V. 6.1.1.2*; 6.1.1.3*; 6.1.3.1; 6.1.3.7; 6.1.3.8, 6.1.5; 6.3.1.1; 6.3.2.7; 6.3.3.2; 6.5.1.1.2*; 6.5.1.1.3; 6.5.1.6.1*; 6.5.1.6.4; 6.5.1.6.7; 6.5.2; 6.5.4; 6.6.1.2*; 6.6.1.3*; 6.6.3.1; 6.6.5.1; 6.6.5.4 Lloyds Register Nederland 4.1.4.1 P200, P201, P203, P902; 4.1.4.3 LP902; 4.1.6.1.2; 6.2 SGS Redwood B.V 6.7.2.19.5 RDW 4.2.1.7; 4.2.1.9; 4.2.3.6.4*; 4.2.3.7.1*; 4.2.5.3 (TP4, TP10, TP16 en TP24); 6.7.2.2; 6.7.2.3; 6.7.2.6; 6.7.2.7; 6.7.2.8; 6.7.2.10; 6.7.2.12; 6.7.2.18; 6.7.2.19.4; 6.7.2.19.5; 6.7.2.19.9; 6.7.2.19.10; 6.7.3.2; 6.7.3.7; 6.7.3.8; 6.7.3.14; 6.7.3.15.3; 6.7.3.15.5; 6.7.3.15.9; 6.7.3.15.10; 6.7.4.2; 6.7.4.3; 6.7.4.6; 6.7.4.7; 6.7.4.13; 6.7.4.14.10; 6.7.4.14.11; 6.7.5; 6.8.2.2.3; 6.8.3.1; 6.8.3.2.1; 6.8.3.2.2.1; 6.8.3.2.3; 6.8.3.3.2.1; 6.8.3.3.3; 6.9.4.3; 6.9.4.4 2020 65389 22-12-2020 21-12-2020 IENW/BSK-2020/241730 2020 65389 22-12-2020 21-12-2020 IENW/BSK-2020/241730 23-12-2020
Artikel 4 — Artikel 4 Erkende beveiligingsorganisaties#
Artikel 4 Erkende beveiligingsorganisaties artikel 19 van het Schepenbesluit 2004 artikel 1, eerste lid Als erkende beveiligingsorganisaties, bevoegd tot het verrichten van onderzoeken als bedoeld in, worden aangewezen de in, genoemde rechtspersonen. 2011 21354 29-11-2011 21-11-2011 IENM/BSK-2011/156136 2011 21354 29-11-2011 21-11-2011 IENM/BSK-2011/156136 30-11-2011
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit erkende organisaties Schepenwet. 2011 21354 29-11-2011 21-11-2011 IENM/BSK-2011/156136 2011 21354 29-11-2011 21-11-2011 IENM/BSK-2011/156136 30-11-2011 Voorheen art. 7. 2011 21354 29-11-2011 21-11-2011 IENM/BSK-2011/156136 2011 21354 29-11-2011 21-11-2011 IENM/BSK-2011/156136 30-11-2011
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 artikelen 1 tot en met 3 artikel 4 artikel 19 van het Schepenbesluit 2004 Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst, en werkt ten aanzien van deen, voor zover betrekking hebbende op de aanwijzing van Registro Italiano Navale (RINA) als erkende beveiligingsorganisatie, bevoegd tot het verrichten van onderzoeken als bedoeld in,, terug tot en met 1 januari 2005. 2011 21354 29-11-2011 21-11-2011 IENM/BSK-2011/156136 2011 21354 29-11-2011 21-11-2011 IENM/BSK-2011/156136 30-11-2011 Voorheen art. 8. 2011 21354 29-11-2011 21-11-2011 IENM/BSK-2011/156136 2011 21354 29-11-2011 21-11-2011 IENM/BSK-2011/156136 30-11-2011
Artikel 2#
artikel 2, negende lid