Regeling van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en de Minister van Justitie van 14 augustus 2006, nr. PG/E-2699000, houdende de instelling van een centrale deskundigencommissie voor de beoordeling van gemelde gevallen van late zwangerschapsafbreking in een categorie 2 geval of levensbeëindiging bij pasgeborenen
- BWB-id
- BWBR0020161
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- Geldigheid
- 2006-09-01 t/m 2007-03-14
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0020161
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2006/instellingsregeling-centrale-deskundigencommissie-beoordelin
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2006/instellingsregeling-centrale-deskundigencommissie-beoordelin/2006-09-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0020161&g=2006-09-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0020161&z=2026-06-06&g=2006-09-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0020161/2006-09-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2006/instellingsregeling-centrale-deskundigencommissie-beoordelin
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit wordt verstaan onder: a. artikel 2 commissie: de ingenoemde commissie; b. categorie 2 geval: ongeborene waarbij sprake is van aandoeningen die tot ernstige en niet te herstellen functiestoornissen leiden waarbij naar redelijke verwachting een beperkte kans op overleven bestaat; c. de Minister: de Minister van Justitie; d. de Staatssecretaris: de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. 2006 168 30-08-2006 14-08-2006 PG/E-2699000 2006 168 30-08-2006 14-08-2006 PG/E-2699000 01-09-2006
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Er is een centrale deskundigencommissie die tot taak heeft het doen van voorstellen aan het College van Procureurs-generaal voor de beoordeling van gemelde gevallen van late zwangerschapsafbreking bij categorie 2 gevallen en van levensbeëindiging als bedoeld in de artikelen 1 en 2 van het Besluit van 17 december 1993, houdende vaststelling van een formulier, bedoeld in artikel 10, eerste lid, van de Wet op de lijkbezorging bij pasgeborenen. 2006 168 30-08-2006 14-08-2006 PG/E-2699000 2006 168 30-08-2006 14-08-2006 PG/E-2699000 01-09-2006
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De commissie bestaat uit vijf leden, waaronder één rechtsgeleerd lid, tevens voorzitter, drie artsen, afkomstig uit, alsmede werkzaam in terzake doende medische disciplines, en één deskundige inzake ethische of zingevingvraagstukken. Van de commissie maken tevens deel uit de plaatsvervangende leden van elk van de in de eerste volzin genoemde leden. 2 De voorzitter en de leden, alsmede de plaatsvervangende leden worden door de Minister of de Staatssecretaris in overeenstemming met de andere bewindspersoon benoemd voor de tijd van zes jaar. Herbenoeming kan eenmaal plaatsvinden voor de tijd van zes jaar. 3 De voorzitter en de leden, alsmede de plaatsvervangende leden kunnen door de Minister of de Staatssecretaris in overeenstemming van de andere bewindspersoon worden ontslagen op eigen verzoek en wegens ongeschiktheid of onbekwaamheid of op andere zwaarwegende gronden. 4 De commissie heeft een secretaris en één of meer plaatsvervangend secretarissen, allen rechtsgeleerden, die door de Minister of de Staatssecretaris in overeenstemming met de andere bewindspersoon worden benoemd. 2006 168 30-08-2006 14-08-2006 PG/E-2699000 2006 168 30-08-2006 14-08-2006 PG/E-2699000 01-09-2006
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Vacatiegeldenbesluit 1988 Reisbesluit binnenland De voorzitter en de leden van een commissie alsmede de plaatsvervangende leden ontvangen vacatiegeld overeenkomstig hetalsmede een vergoeding voor de reis- en verblijfkosten overeenkomstig het, voor zover niet uit anderen hoofde een vergoeding voor deze kosten wordt verleend uit 's Rijks kas. 2006 168 30-08-2006 14-08-2006 PG/E-2699000 2006 168 30-08-2006 14-08-2006 PG/E-2699000 01-09-2006
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 De commissie stelt een reglement vast, waarin in ieder geval wordt geregeld: a. de wijze waarop de commissie haar werkzaamheden uitvoert; b. de wijze waarop en de termijn waarbinnen de commissie de arts, die de late zwangerschapsafbreking bij een categorie 2 geval of de levensbeëindiging bij een pasgeborene heeft uitgevoerd, over haar beoordeling informeert; c. de gevallen waarin de arts wordt gehoord; d. de wijze waarop de commissie verslag doet van haar werkzaamheden. 2006 168 30-08-2006 14-08-2006 PG/E-2699000 2006 168 30-08-2006 14-08-2006 PG/E-2699000 01-09-2006
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst. 2006 168 30-08-2006 14-08-2006 PG/E-2699000 2006 168 30-08-2006 14-08-2006 PG/E-2699000 01-09-2006
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsregeling centrale deskundigencommissie beoordeling late zwangerschapsafbreking en levensbeëindiging bij pasgeborenen. 2006 168 30-08-2006 14-08-2006 PG/E-2699000 2006 168 30-08-2006 14-08-2006 PG/E-2699000 01-09-2006