Regeling van de Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 20 januari 2006, nr. DJZ2006227629, Directie Juridische Zaken, Afdeling Wetgeving, houdende verslaglegging Interimwet stad-en-milieubenadering
- BWB-id
- BWBR0019470
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- 2006-02-01 t/m 2010-03-30
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0019470
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2006/regeling-verslaglegging-interimwet-stad-en-milieubenadering
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2006/regeling-verslaglegging-interimwet-stad-en-milieubenadering/2006-02-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0019470&g=2006-02-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0019470&z=2026-06-06&g=2006-02-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0019470/2006-02-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2006/regeling-verslaglegging-interimwet-stad-en-milieubenadering
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Interimwet stad-en-milieubenadering In deze regeling wordt verstaan onder wet:. 2006 21 30-01-2006 20-01-2006 DJZ2006227629 2006 38 31-01-2006 23-01-2006 01-02-2006 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Interimwet stad-en-milieubenadering in werking treedt.
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 artikel 17, eerste lid, van de wet In het verslag, bedoeld inbesteden burgemeester en wethouders in ieder geval aandacht aan de volgende elementen: a. de wijze waarop de leefomgevingskwaliteit en het ruimtegebruik zich hebben ontwikkeld in het projectgebieden de directe omgeving daarvan; b. de uitvoering van aanvullende bronmaatregelen en de effecten ervan op de leefomgevingskwaliteit en het ruimtegebruik in het projectgebied; c. de uitvoering van de beperkende en compenserende maatregelen en de effecten ervan op de leefomgevingskwaliteit en het ruimtegebruik in het projectgebied; d. artikel 8 van de wet de noodzaak om aanvullende maatregelen als bedoeld inte nemen in verband met de uitvoering van het afwijkingsbesluit; e. artikelen 2 3 van de wet indien van toepassing de wijze waarop de termijn van een besluit als bedoeld in deenwordt gehandhaafd; f. artikelen 2 3 van de wet de wijze waarop de doorwerking van een besluit als bedoeld in deenin andere besluiten vorm heeft gekregen; g. artikel 15 van de wet het toezicht op de naleving van de afwijkende milieukwaliteitsnorm, bedoeld in; h. de wijze waarop belanghebbende partijen zijn betrokken bij het opstellen van het verslag. 2006 21 30-01-2006 20-01-2006 DJZ2006227629 2006 38 31-01-2006 23-01-2006 01-02-2006 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Interimwet stad-en-milieubenadering in werking treedt.
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 artikel 17, vierde lid, van de wet In het verslag bedoeld inbesteden gedeputeerde staten aandacht aan de volgende elementen: a. voor zover de provincie organisatorische of procedurele voorzieningen heeft getroffen om gemeenten te begeleiden, welke voorzieningen dat zijn; b. de inhoudelijke criteria die de provincie hanteert bij de besluitvorming omtrent goedkeuring van stap 3-besluiten, en de wijze waarop die besluitvorming procedureel vorm is gegeven; c. artikel 11 van de wet het functioneren en de effecten van de melding, bedoeld in; d. artikelen 2 3 van de wet het aantal besluiten als bedoeld in deendat in behandeling is genomen en een korte aanduiding van de strekking ervan; e. artikelen 2 3 van de wet de wijze waarop de koppeling tussen het besluit, bedoeld in deen, en het bestemmingsplan inhoudelijk vorm heeft gekregen; f. artikelen 2 3 van de wet het aantal besluiten als bedoeld in deenwaaraan de goedkeuring is verleend of onthouden; g. artikelen 2 3 van de wet het aantal beroepen dat is ingesteld tegen de besluiten omtrent goedkeuring van besluiten als bedoeld in deenen de resultaten daarvan; h. de bijdrage van de wet aan de uitvoering van beleid voor het zuinig en doelmatig ruimtebruik en de leefomgevingskwaliteit in stedelijk en landelijk gebied; i. de invloed van nieuwe ontwikkelingen op relevante beleidsterreinen op de toepassing van de wet. 2006 21 30-01-2006 20-01-2006 DJZ2006227629 2006 38 31-01-2006 23-01-2006 01-02-2006 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Interimwet stad-en-milieubenadering in werking treedt.
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop de Interimwet stad-en-milieubenadering in werking treedt. 2006 21 30-01-2006 20-01-2006 DJZ2006227629 2006 38 31-01-2006 23-01-2006 01-02-2006 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Interimwet stad-en-milieubenadering in werking treedt.
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling verslaglegging Interimwet stad-en-milieubenadering. 2006 21 30-01-2006 20-01-2006 DJZ2006227629 2006 38 31-01-2006 23-01-2006 01-02-2006 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Interimwet stad-en-milieubenadering in werking treedt.