Regeling van de Minister van Economische Zaken van 21 juni 2006, nr. WJZ 6045962, houdende regels inzake de verstrekking van subsidies voor programmatisch onderzoek in het kader van het programma BoegBeeld (Subsidieregeling BoegBeeld-module van de Experimentele kaderregeling subsidies innovatieprojecten)
- BWB-id
- BWBR0019987
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- 2009-01-02 t/m 2009-03-10
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0019987
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2006/subsidieregeling-boegbeeld-module-van-de-experimentele-kader
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2006/subsidieregeling-boegbeeld-module-van-de-experimentele-kader/2009-01-02
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0019987&g=2009-01-02
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0019987&z=2026-06-06&g=2009-01-02
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0019987/2009-01-02
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2006/subsidieregeling-boegbeeld-module-van-de-experimentele-kader
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. Experimentele kaderregeling subsidies innovatieprojecten kaderregeling: de; b. R&D-samenwerkingsverband: een geen rechtspersoonlijkheid bezittend verband, bestaande uit ten minste één ondernemer, één kennisinstelling en één MKB-ondernemer, dat is opgericht voor de uitvoering van een innovatieproject; c. R&D-project: een samenhangend geheel van activiteiten bestaande uit fundamenteel onderzoek, industrieel onderzoek of preconcurrentiële ontwikkeling of een combinatie hiervan; d. haalbaarheidsproject: een samenstel van activiteiten, dat leidt tot een schriftelijk rapport met een inschatting van de technische en economische mogelijkheden van een innovatieproject en dat betrekking heeft op industrieel onderzoek of preconcurrentiële ontwikkeling. 2 artikel 1 van de kaderregeling Voor de definities van innovatieproject, ondernemer, MKB-ondernemer, kennisinstelling, groep, fundamenteel onderzoek, industrieel onderzoek en preconcurrentiële ontwikkeling isvan toepassing. 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 25-06-2006
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 bijlage 1 De minister verstrekt op aanvraag een subsidie aan een MKB-ondernemer die voor eigen rekening en risico een haalbaarheidsproject uitvoert dat past binnen het in de bij deze regeling behorendeopgenomen programma. 2 De subsidie bedraagt 50 procent van de subsidiabele kosten. 3 Het subsidieplafond voor het in 2006 verlenen van subsidies op grond van dit artikel bedraagt € 570.233,–. 4 artikelen 4 5 7 9 11 15 tot en met 20 28 tot en met 34 van de kaderregeling artikelen 3 4 Voor het verstrekken van subsidies op grond van dit artikel zijn de,,,,,enalsmede deenvan toepassing. 2006 249 21-12-2006 18-12-2006 WJZ6110680 2006 249 21-12-2006 18-12-2006 WJZ6110680 23-12-2006
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikel 3, vierde lid, van de kaderregeling Het inbedoelde bedrag is € 100.000. 2 artikel 15, onderdeel c, van de kaderregeling De inbedoelde termijn is een jaar. 3 artikel 16, derde lid, van de kaderregeling In afwijking vanbedraagt het ambtshalve te verstrekken voorschot 50 procent. 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 25-06-2006
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 artikel 15 van de kaderregeling In aanvulling opbeslist de minister afwijzend op een aanvraag voor een haalbaarheidsproject indien: a. bijlage 1 het innovatieproject waarop het haalbaarheidsproject betrekking heeft onvoldoende bijdraagt aan de doelstellingen van het in de bij deze regeling behorendeopgenomen programma; b. het innovatieproject waarop het haalbaarheidsproject betrekking heeft onvoldoende technisch risicovol is; c. het haalbaarheidsproject onvoldoende inzicht geeft in het economisch perspectief en de toepassingsmogelijkheden van mogelijke projectresultaten. 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 25-06-2006
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 bijlage 1 De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een R&D-samenwerkingsverband dat voor gezamenlijke rekening en risico een R&D-project uitvoert dat past binnen een van de volgende toepassingsgebieden van het in de bij deze regeling behorendeopgenomen programma: a. elektronische beeldverwerking en verwerking van informatie (imaging and signal processing), waaronder aansluitmogelijkheden van systemen en mogelijkheid van standarisering (connectivity); b. diagnose op afstand van systemen en daarop volgende aanpassingen of verbeteringen van een elektronisch systeem (remote diagnostics, repair and services); c. bewegings- en positioneringsbeheer (motion and position control); d. adaptieve, herconfigureerbare architectuur- en platformcomponenten voor snelle customization van complexe tools (adaptive, reconfigural systems); e. projecten gericht op het experimenteren met concepten op virtueel gebied, hardware of simulatie (testability). 2 Het subsidieplafond voor het in 2006 verlenen van subsidies op grond van dit artikel bedraagt € 7.300.000,–. 3 artikelen 3, eerste, tweede en derde lid 4 6 7 12 tot en met 19 21 tot en met 23 28 tot en met 34 van de kaderregeling artikelen 6 tot en met 12 Voor het verstrekken van subsidies op grond van dit artikel zijn de,,,,,,alsmede devan toepassing. 2006 249 21-12-2006 18-12-2006 WJZ6110680 2006 249 21-12-2006 18-12-2006 WJZ6110680 23-12-2006
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 artikel 3, vierde lid, van de kaderregeling Het inbedoelde bedrag is € 2.000.000. 2 artikel 21 van de kaderregeling De inbedoelde penvoerder is een ondernemer. 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 25-06-2006
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 De subsidie bedraagt in totaal niet meer dan 35 procent van de subsidiabele kosten. 2 artikel 3, derde lid, van de kaderregeling Indien geen toepassing is gegeven aan, wordt het in het voorgaande lid genoemde percentage verhoogd met 10 procentpunten, indien subsidie verstrekt wordt aan deelnemers in een R&D-samenwerkingsverband indien ten minste één deelnemer in een andere lidstaat van de Europese Unie dan Nederland is gevestigd en niet behoort tot een groep van een in Nederland gevestigde deelnemer. 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 25-06-2006
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 Als subsidiabele kosten worden uitsluitend in aanmerking genomen: a. de volgende rechtstreeks aan de uitvoering van het onderzoek toe te rekenen, na de indiening van de aanvraag door de subsidie-ontvanger gemaakte en betaalde kosten: 1°. loonkosten voor betrokken personeel, voor zover deze rechtstreeks voor de uitvoering van het onderzoek noodzakelijk zijn. Het uurloon wordt berekend op basis van 1650 productieve uren per jaar; 2°. de kosten van verbruikte materialen en hulpmiddelen, gebaseerd op historische aanschafprijzen; 3°. kosten van het gebruik van bestaande machines en apparatuur van de deelnemers; 4°. kosten van speciaal voor het onderzoek aan te schaffen machines en apparatuur; 5°. aan derden verschuldigde kosten; 6°. kosten van buitenlandstages; 7°. kosten van octrooi-aanvraag van publiek gefinancierde kennisinstellingen en MKB-ondernemers; 8°. kosten inzake kennisoverdracht en verankering; b. een opslag voor overige algemene kosten van 50 procent van de onder a, onder 1°, bedoelde kosten. 2 Voor de directe loonkosten als bedoeld in het eerste lid, wordt uitgegaan van gemiddelde uurtarieven per categorie bij het onderzoek betrokken personeel. 3 De kosten worden in aanmerking genomen met inbegrip van omzetbelasting, indien de subsidie-ontvanger die de kosten heeft gemaakt, omzetbelasting niet in aftrek kan brengen. 4 De subsidie-ontvanger kan bij de minister een verzoek indienen om de berekening van de loonkosten en de algemene kosten te mogen vervangen door een in de gehele organisatie van de subsidie-ontvanger gebruikelijke, controleerbare methodiek. Dit verzoek moet vergezeld gaan van het gebruikte kostenmodel, de berekeningswijze en een door een accountant opgesteld assurancerapport over de aanvaardbaarheid van de voorgestelde methodiek. 5 Indien geen loonkosten als bedoeld in het eerste lid, worden gemaakt, maar niettemin arbeid ten behoeve van het project wordt verricht, wordt voor de berekening van de projectkosten uitgegaan van een uurtarief van € 35. 6 Aan een ontheffing als bedoeld in het vierde lid kunnen voorschriften worden verbonden. 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 25-06-2006
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 artikel 12 van de kaderregeling Als periode, bedoeld in, wordt vastgesteld: 26 juni 2006 tot en met 29 september 2006. 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 25-06-2006
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 artikel 15, onderdeel c, van de kaderregeling De inbedoelde termijn is drie jaar. 2 artikel 15 van de kaderregeling De minister beslist, in aanvulling op het bepaalde in, tevens afwijzend op een aanvraag indien: a. hij de projectkosten raamt op minder dan € 1.000.000; b. het onaannemelijk is dat ten minste 20 procent van de werkzaamheden wordt uitgevoerd door MKB-ondernemers in het R&D-samenwerkingsverband; c. onvoldoende samenhang in het project aanwezig is, gelet op de verhouding tussen de voorgenomen kosten en de omvang van de activiteiten van het R&D-project. 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 25-06-2006
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 Artikel 6 van de kaderregeling Er is een Adviescommissie Boegbeeldprogramma, die tot taak heeft de minister op zijn verzoek te adviseren over aanvragen om subsidie voor een R&D-project.is van toepassing. 2 artikel 15 van de kaderregeling 10 De minister wint over de aanvragen om een subsidie voor een R&D-project, waarop niet op grond vanofafwijzend wordt beslist het advies in van de adviescommissie. 3 De minister rangschikt, daarbij geadviseerd door de adviescommissie, de aanvragen zodanig, dat een project hoger gerangschikt wordt naar mate het meer bijdraagt aan: a. bijlage 1 de doelstellingen van het in de bij deze regeling behorendeopgenomen programma; b. de kwaliteit van de samenwerking, ten minste blijkend uit de mate van betrokkenheid van MKB-ondernemingen en het effect van het project op MKB-ondernemingen alsmede de mate van samenwerking met kennisinstellingen; c. technologische innovatie; d. het duurzaam economisch perspectief, ten minste blijkend uit de toepassingsmogelijkheden van de projectresultaten alsmede het perspectief op arbeidsplaatsen of kennisuitwisseling met human capital. 4 Voor de rangschikking wegen de in het derde lid vermelde criteria even zwaar. 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 25-06-2006
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 artikel 33, vierde lid, van de kaderregeling In aanvulling opmag de verkrijger zijn eigen inbreng in de ontwikkelingskosten verrekenen. 2 artikel 33, vierde lid, van de kaderregeling In aanvulling opinformeert de subsidie-ontvanger de minister voorafgaand over een transactie als bedoeld in dat lid. 3 artikel 33 van de kaderregeling In aanvulling opkan de minister de subsidie-ontvanger de verplichting opleggen om verslag uit te brengen over de toepassing van de resultaten van het R&D- project. 4 artikel 33 van de kaderregeling In aanvulling opdraagt de subsidie-ontvanger zorg voor de openbaarmaking en verspreiding van de resultaten van het R&D-project. De minister kan hierover nadere verplichtingen opleggen. 5 De verplichtingen, bedoeld in het tweede en vierde lid, gelden gedurende vijf jaren na de dag waarop de subsidie is vastgesteld. 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 25-06-2006
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Het formulier voor het indienen van een aanvraag om: a. bijlage 2 een subsidie is opgenomen in de bij deze regeling behorende; b. bijlage 3 een voorschot is opgenomen in de bij deze regeling behorende; c. bijlage 4 een subsidievaststelling is opgenomen in de bij deze regeling behorende. 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 25-06-2006
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 25-06-2006
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling BoegBeeld-module van de Experimentele kaderregeling subsidies innovatieprojecten. 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 2006 120 23-06-2006 21-06-2006 WJZ6045962 25-06-2006