Subsidieregeling SOR-activiteiten Stichting CAOP
- BWB-id
- BWBR0019960
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Geldigheid
- 2006-06-23 t/m 2010-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0019960
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2006/subsidieregeling-sor-activiteiten-stichting-caop
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2006/subsidieregeling-sor-activiteiten-stichting-caop/2006-06-23
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0019960&g=2006-06-23
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0019960&z=2026-06-06&g=2006-06-23
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0019960/2006-06-23
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2006/subsidieregeling-sor-activiteiten-stichting-caop
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. de Minister: de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; b. de Stichting CAOP: de Stichting Centrum voor Arbeidsverhoudingen Overheidspersoneel; c. artikel 105 van het Algemeen Rijksambtenarenreglement de Sectorcommissie overleg rijkspersoneel: de Sectorcommissie overleg rijkspersoneel, afgekort SOR, zoals bedoeld in. 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 23-06-2006 01-01-2006
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 De Minister verstrekt een subsidie aan de Stichting CAOP. 2 De subsidie wordt per boekjaar verstrekt. 3 De subsidie bedraagt vanaf 2006 maximaal € 113.800,–. 4 Met ingang van 2007 is op de subsidie de indexering voor de terzake geldende begrotingsartikelen van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van toepassing. De subsidie is 50% loongevoelig en 50% prijsgevoelig, conform opgave van het Ministerie van Financiën. 5 artikel 4:34, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht De subsidie wordt verleend onder de voorwaarde, bedoeld in. 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 23-06-2006 01-01-2006
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De subsidie wordt verstrekt voor kosten die direct samenhangen met de secretariële en administratieve ondersteuning van het overleg van de Sectorcommissie overleg rijkspersoneel. 2 Onder de kosten, bedoeld in het eerste lid, worden tevens verstaan de infrastructurele kosten voor zover deze volgens de normen die in het maatschappelijke verkeer als aanvaardbaar worden beschouwd, aan de in dat lid genoemde activiteiten kunnen worden toegerekend. 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 23-06-2006 01-01-2006
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 De aanvraag van de subsidie voor een boekjaar wordt uiterlijk dertien weken voor de aanvang van het boekjaar ingediend. 2 De aanvraag van de subsidie gaat vergezeld van een activiteitenplan. 3 Het activiteitenplan behelst een overzicht van de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd en de daarmee nagestreefde doelstellingen en vermeldt per activiteit de daarvoor benodigde middelen en de daarbij behorende infrastructurele kosten. 4 artikel 8, eerste lid De aanvraag vermeldt de omvang van de egalisatiereserve, bedoeld in, op 31 december van het voorgaande boekjaar. 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 23-06-2006 01-01-2006
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 De Minister geeft een beschikking tot subsidieverlening binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag. Indien de beschikking niet binnen acht weken kan worden gegeven, stelt de Minister de Stichting CAOP daarvan in kennis en noemt hij een redelijke termijn waarbinnen de beschikking tegemoet kan worden gezien. 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 23-06-2006 01-01-2006
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 De Minister verleent op de subsidie een voorschot. 2 Het voorschot wordt binnen zes weken na de beschikking tot subsidieverlening uitbetaald. Het voorschot kan in één keer of in termijnen worden uitbetaald. 3 Het voorschot wordt uitbetaald onder de voorwaarde dat terugbetaling plaatsvindt indien bij de vaststelling van de subsidie het subsidiebedrag lager is dan het verleende voorschot dan wel de subsidie wordt ingetrokken. 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 23-06-2006 01-01-2006
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Titel 9 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek Op de financiële verantwoording van de Stichting CAOP isvan overeenkomstige toepassing. 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 23-06-2006 01-01-2006
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 De Stichting CAOP vormt een egalisatiereserve. 2 Het verschil tussen de vastgestelde subsidie en de werkelijke kosten van de activiteiten waarvoor subsidie werd verleend, komt ten gunste onderscheidenlijk ten laste van de egalisatiereserve. 3 De egalisatiereserve wordt zo hoog rentend en veilig als redelijkerwijs mogelijk is belegd. De van de egalisatiereserve genoten rente wordt aan de egalisatiereserve toegevoegd. 4 artikel 3, eerste lid De egalisatiereserve mag uitsluitend worden aangewend voor kosten die direct samenhangen met de activiteiten, bedoeld in. 5 Op 31 december 2010 bedraagt de egalisatiereserve ten hoogste € 27.900,–. Het bedrag waarmee de egalisatiereserve op 31 december 2010 het bedrag van € 27.900,– overschrijdt, wordt teruggestort op de rekening van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 23-06-2006 01-01-2006
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 artikel 4:71, eerste lid, onderdelen b en g, van de Algemene wet bestuursrecht De Stichting CAOP behoeft de toestemming van de Minister voor de handelingen, bedoeld in. 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 23-06-2006 01-01-2006
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 De Stichting CAOP verstrekt aan de Minister alle informatie die nodig is voor de verantwoording van bestede subsidiegelden. 2 bijlage Voor de verantwoording van bestede subsidiegelden wordt een controleprotocol gehanteerd, dat alsbij deze regeling is gevoegd. 3 De Minister is bevoegd om gedurende de looptijd van deze regeling het protocol, bedoeld in het tweede lid, te wijzigen. 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 23-06-2006 01-01-2006
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 De Stichting CAOP werkt mee aan onderzoeken welke worden verricht door of in opdracht van de Minister. 2 De Stichting CAOP draagt er zorg voor dat de accountant meewerkt aan door of namens de departementale auditdienst in te stellen onderzoeken naar de door de accountant verrichte werkzaamheden. 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 23-06-2006 01-01-2006
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 De aanvraag tot vaststelling van de subsidie wordt binnen zes maanden na afloop van het boekjaar ingediend. 2 De aanvraag tot vaststelling van de subsidie gaat vergezeld van: a. artikel 361 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek een financieel verslag en een jaarrekening, als bedoeld in; b. een activiteitenverslag; c. een accountantsverklaring met betrekking tot de documenten bedoeld onder a, en d. een schriftelijke verklaring van de accountant over de naleving van de aan de subsidie verbonden verplichtingen. 3 De in het tweede lid genoemde verantwoordingsdocumenten geven in elk geval inzicht in: a. de kwantiteit van de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd, de daarvoor benodigde middelen en de daarbij behorende infrastructurele kosten; b. artikel 3 de kwalitatieve beoordeling van de ingenoemde activiteiten door de centrales van overheidspersoneel en het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; c. de omvang van de egalisatiereserve op 31 december van het boekjaar. 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 23-06-2006 01-01-2006
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 1 De Minister stelt de subsidie vast binnen dertien weken na ontvangst van de aanvraag tot vaststelling van de subsidie. Indien de beschikking tot subsidievaststelling niet binnen dertien weken kan worden gegeven, stelt de Minister de Stichting CAOP daarvan in kennis en noemt hij een redelijke termijn waarbinnen de beschikking tegemoet kan worden gezien. 2 De subsidie wordt overeenkomstig de subsidieverlening vastgesteld. 3 De subsidie kan lager worden vastgesteld indien: a. de Stichting CAOP niet heeft voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen; b. de Stichting CAOP onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beschikking op de aanvraag tot subsidieverlening zou hebben geleid, of c. de subsidieverlening anderszins onjuist was en de Stichting CAOP dit wist of behoorde te weten. 4 Kosten die in redelijkheid niet als noodzakelijk kunnen worden beschouwd, worden bij de vaststelling van de subsidie niet in aanmerking genomen. 5 De subsidie wordt uitbetaald onder verrekening van het reeds betaalde voorschot. 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 23-06-2006 01-01-2006
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties stelt in 2008 een evaluatie op die inzicht biedt in de ontwikkeling en de kwaliteit van de gesubsidieerde activiteiten. 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 23-06-2006 01-01-2006
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 1 Subsidieregeling Stichting CAOP Ter dekking van de overgangskosten die direct samenhangen met de invoering van deze regeling en deverstrekt de Minister aan de Stichting CAOP een overgangssubsidie. 2 De overgangssubsidie wordt per boekjaar verstrekt. 3 De overgangssubsidie bedraagt: – in 2006 maximaal € 50.500,– – in 2007 maximaal € 27.900,– – in 2008 maximaal € 25.300,– – in 2009 maximaal € 12.600,–. 4 Met ingang van 2007 is op de overgangssubsidie de indexering voor de ter zake geldende begrotingsartikelen van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van toepassing. De subsidie is 50% loongevoelig en 50% prijsgevoelig, conform opgave van het Ministerie van Financiën. 5 artikelen 4, eerste en tweede lid 5 6 7 10 11 12, eerste en tweede lid 13 Op de overgangssubsidie zijn de,,,,,,, envan overeenkomstige toepassing. 6 artikel 13 Onverminderdkan de overgangssubsidie lager worden vastgesteld indien de overgangskosten die direct samenhangen met de invoering van deze regeling lager zijn. 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 23-06-2006 01-01-2006
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 artikel 4, eerste lid Voor het boekjaar 2006 wordt in afwijking van, de aanvraag voor subsidie ingediend binnen tien weken na inwerkingtreding van deze regeling. 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 23-06-2006 01-01-2006
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2006 en vervalt met ingang van 1 januari 2011. 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 23-06-2006 01-01-2006
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling SOR-activiteiten Stichting CAOP. 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 2006 118 21-06-2006 14-06-2006 2006-0000162560 23-06-2006 01-01-2006
Artikel 10#
artikel 10, tweede lid
Artikel 12#
artikel 12, eerste lid
Artikel 3#
Artikel 3
Artikel 7#
Artikel 7
Artikel 8#
Artikel 8
Artikel 9#
Artikel 9
Artikel 12#
Artikel 12
Artikel 15#
Artikel 15
Artikel 3#
artikel 3, eerste en tweede lid
Artikel 3#
artikel 3, eerste lid
Artikel 15#
artikel 15