Regeling van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 15 maart 2006, nr. TRCJZ/2006/819, houdende een tijdelijke vrijstellingsregeling in verband met vaccinatie van hobbypluimvee en biologische legkippen en legkippen met vrije uitloop (Tijdelijke vrijstellingsregeling vaccinatie hobbypluimvee en biologische legkippen en legkippen met vrije uitloop)
- BWB-id
- BWBR0019657
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- 2007-08-01 t/m 2012-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0019657
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2006/tijdelijke-vrijstellingsregeling-vaccinatie-hobbypluimvee-bi
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2006/tijdelijke-vrijstellingsregeling-vaccinatie-hobbypluimvee-bi/2007-08-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0019657&g=2007-08-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0019657&z=2026-06-06&g=2007-08-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0019657/2007-08-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2006/tijdelijke-vrijstellingsregeling-vaccinatie-hobbypluimvee-bi
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. VWA: Voedsel en Waren Autoriteit; b. AI: Aviaire Influenza; c. hobbypluimvee: pluimvee als bedoeld in artikel 1, tweede lid, onder a, van beschikking 2006/147/EG; d. biologische legkippen en legkippen met vrije uitloop: kippen als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, van de Beschikking; e. Beschikking: beschikking van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 6 juli 2007 betreffende preventieve vaccinatie tegen hoogpathogene aviaire influenza in Nederland en aanverwante bepalingen betreffende verplaatsingen; f. Minister: Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit; g. artikel 10, eerste lid, van de Wet op de uitoefening van de Diergeneeskunde 1990 dierenarts: een op grond vanbij de VWA geregistreerde dierenarts. 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 01-08-2007
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 artikel 2, eerste lid van de Diergeneesmiddelenwet Voor hobbypluimvee, biologische legkippen en legkippen met vrije uitloop, wordt vrijstelling verleend van het verbod, bedoeld in, voor het toepassen, bereiden, voorhanden of in voorraad hebben, en afleveren van het volgende diergeneesmiddel: Nobilis Influenza H5N2 emulsie voor injectie, van de firma Intervet International B.V. te Boxmeer, Nederland. 2 Het eerste lid is uitsluitend van toepassing op het overeenkomstig deze regeling preventief vaccineren en hervaccineren van: a. biologische legkippen en legkippen met vrije uitloop door een dierenarts of door personen die onder toezicht en verantwoordelijkheid van de dierenarts werken; b. hobbypluimvee door een dierenarts. 3 De vrijstelling, bedoeld in het eerste lid, wordt verleend tot 1 augustus 2009. 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 01-08-2007
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 artikel 2 Het diergeneesmiddel, bedoeld in, wordt voor de toepassing van deze regeling aangewezen als: a. artikel 29, eerste lid, van de Diergeneesmiddelenwet een middel als bedoeld in; b. artikel 30, vierde lid ,van de Diergeneesmiddelenwet een middel als bedoeld in. 2006 53 15-03-2006 15-03-2006 TRCJZ/2006/819 2006 53 15-03-2006 15-03-2006 TRCJZ/2006/819 16-03-2006
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 artikel 3 van het Besluit gebruik sera en entstoffen bijlage bij deze regeling, onder 1 Van het verbod inwordt tot 1 augustus 2009 vrijstelling verleend voor het overeenkomstig deze regeling vaccineren onderscheidenlijk hervaccineren van hobbypluimvee, aan een dierenarts die zich voor het vaccineren heeft aangemeld bij het LNV-loket door inzending van een door de VWA verstrekt formulier dat ten minste de gegevens bevat die zijn opgenomen in de; 2 artikel 3 van het Besluit gebruik sera en entstoffen Van het verbod inwordt tot 1 augustus 2009 vrijstelling verleend voor het overeenkomstig deze regeling vaccineren onderscheidenlijk hervaccineren van biologische legkippen en legkippen met vrije uitloop: a. bijlage bij deze regeling, onder 1 aan een dierenarts die zich voor het vaccineren heeft aangemeld bij het LNV-loket door inzending van een door de VWA verstrekt formulier dat ten minste de gegevens bevat die zijn opgenomen in de, en b. aan personen die tijdens het overeenkomstig deze regeling vaccineren of hervaccineren onder toezicht en verantwoordelijkheid staan van een dierenarts als bedoeld in onderdeel a. 3 artikel 6 De dierenarts vangt met een vaccinatie, onderscheidenlijk hervaccinatie, niet aan dan nadat hij heeft vastgesteld dat de houder die het hobbypluimvee wil laten vaccineren, onderscheidenlijk hervaccineren, zich eenmaal overeenkomstigheeft aangemeld bij het LNV-loket. 4 Indien de dierenarts, bedoeld in het derde lid, heeft vastgesteld dat de in het derde lid bedoelde houder zich niet heeft aangemeld bij het LNV-loket, vangt de dierenarts met een vaccinatie, onderscheidenlijk hervaccinatie, niet aan dan nadat voor de desbetreffende vaccinatie, onderscheidenlijk hervaccinatie door de Minister toestemming is verleend. 5 De toestemming, bedoeld in het vierde lid, wordt door de dierenarts aangevraagd bij het LNV-loket: a. bijlage bij deze regeling, onder 2 bijlage bij deze regeling, onder 2a voor zover het de vaccinatie, onderscheidenlijk hervaccinatie van hobbypluimvee betreft, door het uiterlijk 1 juli 2009 Aan het LNV-loket inzenden van een door de VWA verstrekt formulier dat ingeval van vaccinatie ten minste de gegevens bevat die zijn opgenomen in de, en ingeval van hervaccinatie ten minste de gegevens bevat die zijn opgenomen in de; b. bijlage bij deze regeling, onder 3 bijlage bij deze regeling, onder 3a voor zover het de vaccinatie, onderscheidenlijk hervaccinatie van biologische legkippen en legkippen met vrije uitloop, ouder dan achttien weken betreft, door het uiterlijk 1 juli 2009 Aan het LNV-loket inzenden van een door de VWA verstrekt formulier dat ingeval van vaccinatie ten minste de gegevens bevat die zijn opgenomen in de, en ingeval van hervaccinatie ten minste de gegevens bevat die zijn opgenomen in de; c. bijlage bij deze regeling, onder 4 voor zover het de vaccinatie, onderscheidenlijk hervaccinatie van biologische legkippen en legkippen met vrije uitloop, jonger dan achttien weken betreft, door het uiterlijk 1 juli 2009 aan het LNV-loket inzenden van een door de VWA verstrekt formulier dat ingeval van vaccinatie ten minste de gegevens bevat die zijn opgenomen in de. 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 01-08-2007
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 Indien op een bedrijf zowel bedrijfsmatig pluimvee wordt gehouden als hobbypluimvee, is het verboden het hobbypluimvee te vaccineren. 2 artikel 2 Het is verboden het middel, bedoeld in, toe te passen op hobbypluimvee waarbij een pootring als bedoeld in het vijfde lid niet behoorlijk is aan te brengen omdat de poten van de desbetreffende dieren nog niet volgroeid zijn. 3 Hobbypluimvee dat wordt gevaccineerd ingevolge deze regeling, wordt twee maal gevaccineerd, overeenkomstig de bijsluiter bij het vaccin van de fabrikant, waarbij de tweede vaccinatie uiterlijk 1 augustus 2009 is verricht. 4 Hobbypluimvee dat wordt gevaccineerd ingevolge deze regeling, wordt gevaccineerd op de locatie waar dit hobbypluimvee verblijft onderscheidenlijk op de praktijk van de dierenarts die de vaccinatie uitvoert. 5 Bij hobbypluimvee dat wordt gevaccineerd ingevolge deze regeling, wordt door de dierenarts die de vaccinatie uitvoert, voorafgaand aan de eerste vaccinatie een niet verwijderbare pootring aangebracht waarop onuitwisbaar het kenmerk ‘NL VACCIN A.I. 07-2’ is aangebracht. 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 01-08-2007
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 bijlage bij deze regeling, onder 2 De houder die zijn hobbypluimvee ingevolge deze regeling wil laten vaccineren meldt zich voorafgaand aan de eerste vaccinatie door tussenkomst van de dierenarts aan bij het LNV-loket, waarbij gebruik wordt gemaakt van een door de VWA verstrekt formulier dat ten minste de gegevens bevat die zijn opgenomen in de. 2 Het eerste lid is niet van toepassing op houders van hobbypluimvee ten aanzien waarvan de eerste en tweede vaccinatie in de periode van 1 maart 2006 tot 1 juli 2006 of in de periode van 1 augustus 2006 tot 1 augustus 2007 is verricht. 3 artikel 7, vierde lid De houder van hobbypluimvee ondertekent na elke vaccinatie mede de vaccinatieverklaring, bedoeld in, en bewaart een afschrift gedurende drie jaar. 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 01-08-2007
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 artikel 10 De dierenarts die hobbypluimvee op grond van deze regeling vaccineert, werkt overeenkomstig de instructies van de VWA en voldoet aan het tweede tot en met zevende lid, en aan. 2 artikel 2 De dierenarts past het middel, bedoeld in, toe overeenkomstig, voor zover van toepassing, de instructies van de fabrikant van het middel of de gebruiksaanwijzingen van de Minister. 3 artikel 2 artikel 5, vijfde lid De dierenarts past bij de eerste vaccinatie van hobbypluimvee het middel, bedoeld in, slechts toe indien is voldaan aan. 4 bijlage bij deze regeling, onder 5 De dierenarts vult terstond na iedere vaccinatie van hobbypluimvee een door de VWA verstrekte vaccinatieverklaring in, die ten minste de gegevens bevat die zijn opgenomen in de, ondertekent deze en laat deze mede ondertekenen door de houder van het desbetreffende hobbypluimvee. 5 De dierenarts stuurt de verklaring, bedoeld in het vierde lid, en een afschrift daarvan, binnen vijf werkdagen na vaccinatie naar GD, verstrekt een afschrift aan de houder van het gevaccineerde hobbypluimvee, en bewaart een afschrift in zijn administratie gedurende drie jaar. 6 bijlage bij deze regeling, onder 6 De dierenarts houdt een register bij overeenkomstig door de VWA verstrekte modellen die ten minste de gegevens bevatten die zijn opgenomen in de, en bewaart dit register gedurende drie jaar na de eerste toepassing van het middel. 7 De dierenarts gebruikt de restanten van het middel niet ten behoeve van vaccinatie op een andere locatie of een bedrijf. 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 01-08-2007
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 artikel 7, vierde lid De houder van hobbypluimvee die zijn hobbypluimvee ingevolge deze regeling laat vaccineren draagt er zorg voor dat het hobbypluimvee voor de tweede maal wordt gevaccineerd op de datum die staat vermeld op de vaccinatieverklaring, bedoeld in, die is opgemaakt na de eerste vaccinatie. 2 artikel 10, eerste lid De houder van hobbypluimvee die zijn nog niet eerder gevaccineerde hobbypluimvee ingevolge deze regeling laat vaccineren stemt erin toe dat in de periode die aanvangt zes weken na de tweede vaccinatie en die eindigt zes maanden na die vaccinatie, de bloedmonsters als bedoeld in, worden genomen door een dierenarts werkzaam bij de GD of door een dierenartsassistent paraveterinair werkzaam bij de GD, onder toezicht van een dierenarts, en verleent hieraan zijn medewerking. 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 01-08-2007
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 De houder van ingevolge deze regeling gevaccineerd hobbypluimvee: a. bijlage bij deze regeling, onder 7 houdt een register bij overeenkomstig door de VWA verstrekte modellen die ten minste de gegevens bevatten die zijn opgenomen in de; b. artikel 7, vierde lid artikel 11 bewaart de twee vaccinatieverklaringen, bedoeld in, dan wel een kopie van de tweede vaccinatieverklaring indien het gaat om overeenkomstigverplaatst gevaccineerd hobbypluimvee, en het register, bedoeld in onderdeel a, gedurende drie jaar; c. consulteert indien zijn al dan niet gevaccineerd hobbypluimvee ziekteverschijnselen vertoont of sterft tot twaalf maanden na de tweede vaccinatie: i. de dierenarts die het hobbypluimvee heeft gevaccineerd, of ii. artikel 11 artikel 4, eerste lid indien het gaat om overeenkomstigverplaatst hobbypluimvee, een andere dierenarts die zich overeenkomstig, heeft aangemeld bij het LNV-loket. 2006 145 28-07-2006 27-07-2006 TRCJZ/2006/2407 2006 145 28-07-2006 27-07-2006 TRCJZ/2006/2407 01-08-2006
Artikel 9a — Artikel 9a#
Artikel 9a De houder die zijn hobbypluimvee ingevolge deze regeling heeft laten vaccineren, kan tot hervaccinatie van deze dieren overgaan, indien overeenkomstig deze regeling ten aanzien van het te hervaccineren hobbypluimvee de eerste en tweede vaccinatie in de periode van 1 augustus 2007 tot 1 augustus 2009 is verricht. 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 01-08-2007
Artikel 9b — Artikel 9b#
Artikel 9b artikel 8, eerste lid De houder die hobbypluimvee ingevolge deze paragraaf wil laten hervaccineren, draagt er zorg voor dat deze hervaccinatie niet eerder plaatsvindt dan drie kalendermaanden na de datum van de tweede vaccinatie, bedoeld in, en niet later plaatsvindt dan twaalf kalendermaanden na de datum van de tweede vaccinatie. 2006 244 14-12-2006 11-12-2006 TRCJZ/2006/3878 2006 244 14-12-2006 11-12-2006 TRCJZ/2006/3878 15-12-2006 2007 15 22-01-2007 18-01-2007 TRCJZ/2007/108 Inwerkingtreding voorheen door Stcrt. 2006/244 gesteld op 15 december 2007.
Artikel 9c — Artikel 9c#
Artikel 9c 1 artikelen 5, eerste en vierde lid 6, derde lid De, en, zijn van overeenkomstige toepassing op hervaccinatie van hobbypluimvee. 2 Artikel 7, eerste, tweede, vierde, vijfde, zesde en zevende lid bijlage bij deze regeling, onder 5a , is van overeenkomstige toepassing op hervaccinatie van hobbypluimvee, met dien verstande dat de in het vierde lid bedoelde vaccinatieverklaring ingeval van hervaccinatie ten minste de gegevens bevat die zijn opgenomen in de. 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 01-08-2007
Artikel 9d — Artikel 9d#
Artikel 9d De houder van ingevolge deze regeling gehervaccineerd hobbypluimvee: a. artikel 9c, tweede lid artikel 11 bewaart de vaccinatieverklaring, bedoeld in, dan wel een kopie van deze vaccinatieverklaring indien het gaat om overeenkomstigverplaatst gehervaccineerd hobbypluimvee, gedurende drie jaar; b. consulteert, indien zijn al dan niet gehervaccineerd hobbypluimvee ziekteverschijnselen vertoont of sterft tot twaalf maanden na de hervaccinatie: 1°. De dierenarts die het hobbypluimvee heeft gehervaccineerd, of 2°. artikel 11 artikel 4, eerste lid Indien het gaat om overeenkomstigverplaatst hobbypluimvee, een andere dierenarts die zich overeenkomstig, heeft aangemeld bij het LNV-loket. 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 01-08-2007
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 In de periode die aanvangt zes weken na de tweede vaccinatie van het hobbypluimvee en eindigt 6 maanden na die vaccinatie, neemt een dierenarts, werkzaam bij de GD, minimaal eenmaal en maximaal tweemaal bloedmonsters af bij vijf procent van het bij de houder aanwezige, al dan niet gevaccineerde hobbypluimvee, waarbij van ten minste vijf en ten hoogste twintig dieren een bloedmonster wordt afgenomen. Indien er sprake is van minder dan vijf gevaccineerde dieren, wordt van ieder dier een bloedmonster afgenomen. 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 01-08-2007
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 Het is verboden ingevolge deze regeling gevaccineerd of gehervaccineerd hobbypluimvee, eendagskuikens en broedeieren, afkomstig van dat pluimvee, ter vervoeren of te laten vervoeren. 2 In afwijking van het eerste lid: a. artikel 9, onderdeel a mag volledig gevaccineerd of gehervaccineerd hobbypluimvee worden vervoerd ten behoeve van het tijdelijk verzamelen van deze dieren op tentoonstellingen en keuringen in binnen- en buitenland onder voorwaarde dat de houder van het gevaccineerd of gehervaccineerd hobbypluimvee in het register, bedoeld in, melding maakt van het vervoer; b. mogen eendagskuikens en broedeieren afkomstig van ingevolge deze regeling gevaccineerd of gehervaccineerd hobbypluimvee worden vervoerd naar hobbypluimveehouderijen in Nederland; c. c. kan de Minister toestemming verlenen voor het vervoer van volledig gevaccineerd of ge-hervaccineerd hobbypluimvee naar andere hobbypluimveehouderijen in binnen- en buitenland. 3 Indien het in onderdeel a, b, of c bedoelde vervoer een bestemming heeft in het buitenland, verkrijgt de houder voorafgaand aan het vervoer schriftelijke toestemming van de lidstaat van bestemming. 4 Aan de toestemming, bedoeld in het tweede lid, onderdeel c, kunnen voorwaarden worden verbonden. 5 De voorwaarden, bedoeld in het vierde lid, zijn in elk geval: a. er wordt voldaan aan de in artikel 5 van de Beschikking opgenomen voorwaarden; b. artikel 7, vierde lid artikel 9c, tweede lid het te vervoeren hobbypluimvee gaat ingeval van gevaccineerde dieren vergezeld van een kopie van de tweede vaccinatieverklaring, bedoeld in, waarop het aantal te vervoeren gevaccineerde dieren wordt aangetekend, en gaat ingeval van gehervaccineerde dieren vergezeld van een kopie van de vaccinatieverklaring, bedoeld in, waarop het aantal te vervoeren gehervaccineerde dieren wordt aangetekend; c. het te vervoeren hobbypluimvee gaat vergezeld van de toestemming, bedoeld in het tweede lid, onderdeel c. 6 bijlage bij deze regeling, onder 8 Een aanvraag voor de toestemming, bedoeld in het tweede lid, onderdeel c, wordt ingediend bij het LNV-loket door inzending van een door de VWA verstrekt formulier dat ten minste de gegevens bevat die zijn opgenomen in de. 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 01-08-2007
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 Het is verboden mest afkomstig van ingevolge deze regeling gevaccineerd hobbypluimvee buiten Nederland te brengen. 2006 53 15-03-2006 15-03-2006 TRCJZ/2006/819 2006 53 15-03-2006 15-03-2006 TRCJZ/2006/819 16-03-2006
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 1 artikel 18 Indien biologische legkippen en legkippen met vrije uitloop, jonger dan achttien weken, op grond van deze regeling worden gevaccineerd, dienen alle op het bedrijf aanwezige biologische legkippen en legkippen met vrije uitloop, jonger dan achttien weken, met uitzondering van de dieren, bedoeld in het tweede lid en bedoeld in, te worden gevaccineerd. 2 artikel 2 Het is verboden het middel, bedoeld in, toe te passen op biologische legkippen en legkippen met vrije uitloop die jonger zijn dan zeven weken. 3 artikel 18 Biologische legkippen en legkippen met vrije uitloop die op grond van deze regeling worden gevaccineerd, met uitzondering van de dieren, bedoeld in, dienen tweemaal te worden gevaccineerd overeenkomstig de bijsluiter bij het vaccin van de fabrikant, waarbij de tweede vaccinatie uiterlijk 1 augustus 2009 is verricht. 4 artikel 4 De legkippen, bedoeld in het derde lid, worden gevaccineerd op het bedrijf waarvoor de toestemming, bedoeld in, is verleend. 5 artikel 18 artikel 4, tweede lid, onder b Bij verklikkerdieren als bedoeld inwordt door de dierenarts die de vaccinatie uitvoert of de personen, bedoeld in, een niet verwijderbare pootring aangebracht waarop onuitwisbaar het kenmerk ‘Controle A.I. 2007- 2’ is aangebracht. 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 01-08-2007
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 1 bijlage bij deze regeling, onder 3 De houder van biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop die overeenkomstig deze regeling worden gevaccineerd, meldt zich voorafgaand aan de eerste vaccinatie door tussenkomst van de dierenarts aan bij het LNV-loket, waarbij gebruik wordt gemaakt van een door de VWA verstrekt formulier dat ten minste de gegevens bevat die zijn opgenomen in de. 2 bijlage bij deze regeling, onder 4 Indien de te vaccineren legkippen, bedoeld in het eerste lid, jonger zijn dan achttien weken, en deze dieren zijn bestemd om te worden afgevoerd naar een ander bedrijf, meldt de houder naar wiens bedrijf deze legkippen zullen worden verplaatst zich eveneens aan bij het LNV-loket en wordt gebruik gemaakt van een door de VWA verstrekt formulier dat ten minste de gegevens bevat die zijn opgenomen in de. 3 artikel 15, vierde lid De houder van biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop ondertekent na elke vaccinatie mede de vaccinatieverklaring, bedoeld in, en bewaart een afschrift. 2006 145 28-07-2006 27-07-2006 TRCJZ/2006/2407 2006 145 28-07-2006 27-07-2006 TRCJZ/2006/2407 01-08-2006
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 1 artikel 19, eerste, derde en vierde lid De dierenarts die de biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop op grond van deze regeling vaccineert, werkt overeenkomstig de instructies van de VWA en voldoet aan het tweede tot en met zevende lid, en aan. 2 artikel 2 De dierenarts past het middel, bedoeld in, toe overeenkomstig de gebruiksvoorschriften en de instructies van de fabrikant van het middel. 3 artikel 2 artikelen 13, zesde lid 19, eerste lid De dierenarts past bij de eerste vaccinatie het middel, bedoeld in, slechts toe indien is voldaan aan de, en. 4 bijlage bij deze regeling, onder 9 De dierenarts vult terstond na iedere vaccinatie van biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop een door de VWA verstrekte vaccinatieverklaring in, die ten minste de gegevens bevat die zijn opgenomen in de, ondertekent deze en laat deze mede ondertekenen door de houder van de biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop. 5 De dierenarts stuurt de verklaring, bedoeld in het vierde lid, en een afschrift daarvan, binnen vijf werkdagen na vaccinatie naar GD, verstrekt een afschrift aan de houder van de gevaccineerde biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop, en bewaart een afschrift in zijn administratie gedurende drie jaar. 6 bijlage bij deze regeling, onder 6 De dierenarts houdt een register bij overeenkomstig een door de VWA verstrekt model dat ten minste de gegevens bevat die zijn opgenomen in de, en bewaart dit register gedurende drie jaar na de eerste toepassing van het middel. 7 De dierenarts gebruikt de restanten van het middel niet ten behoeve van vaccinatie op een andere locatie of een bedrijf. 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 01-08-2007
Artikel 15a — Artikel 15a#
Artikel 15a 1 artikel 4, tweede lid, onder b De personen, bedoeld in, werken overeenkomstig de instructies van de dierenarts en de VWA. 2 artikelen 15, tweede, derde en zevende lid Op de personen, bedoeld in het eerste lid, zijn devan overeenkomstige toepassing. 2006 145 28-07-2006 27-07-2006 TRCJZ/2006/2407 2006 145 28-07-2006 27-07-2006 TRCJZ/2006/2407 01-08-2006
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 artikel 15, vierde lid De houder van biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop die deze dieren ingevolge deze regeling laat vaccineren draagt er zorg voor dat deze dieren voor de tweede maal wordt gevaccineerd op de datum die staat vermeld op de vaccinatieverklaring, bedoeld in, die is opgemaakt na de eerste vaccinatie. 2006 145 28-07-2006 27-07-2006 TRCJZ/2006/2407 2006 145 28-07-2006 27-07-2006 TRCJZ/2006/2407 01-08-2006
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 De houder van ingevolge deze regeling gevaccineerd biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop: a. bijlage bij deze regeling, onder 10 vermeldt in zijn administratie de gegevens die zijn opgenomen in de, en bewaart die gegevens gedurende drie jaar; b. artikel 15, vierde lid artikel 20 bewaart de twee vaccinatieverklaringen, bedoeld in, dan wel een kopie van de tweede vaccinatieverklaring indien het gaat om overeenkomstigverplaatste biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop, en het register, bedoeld in onderdeel a, gedurende drie jaar; c. laat de bij de verklikkerdieren aangebrachte pootringen bij verlies vervangen door: i. de dierenarts die de biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop heeft gevaccineerd; ii. artikel 20 artikel 4, eerste lid indien het gaat om overeenkomstigverplaatste biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop, een andere dierenarts die zich overeenkomstig, heeft aangemeld bij het LNV-loket. 2006 244 14-12-2006 11-12-2006 TRCJZ/2006/3878 2006 244 14-12-2006 11-12-2006 TRCJZ/2006/3878 15-12-2006 2007 15 22-01-2007 18-01-2007 TRCJZ/2007/108 Inwerkingtreding voorheen door Stcrt. 2006/244 gesteld op 15 december 2007.
Artikel 17a — Artikel 17a#
Artikel 17a De houder die zijn biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop ingevolge deze regeling heeft laten vaccineren, kan tot hervaccinatie van biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop, ouder dan achttien weken overgaan, indien ten aanzien van de te hervaccineren dieren de eerste vaccinatie na 1 augustus 2007 is uitgevoerd, overeenkomstig de Tijdelijke vrijstellingsregeling vaccinatie hobbypluimvee, biologische legkippen en legkippen met vrije uitloop, zoals deze op het moment van eerste vaccinatie gold. 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 01-08-2007
Artikel 17b — Artikel 17b#
Artikel 17b artikel 16 De houder die zijn biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop ingevolge deze paragraaf wil laten hervaccineren, draagt er zorg voor dat deze hervaccinatie niet eerder plaatsvindt dan 3 kalendermaanden na de datum van de tweede vaccinatie, bedoeld in, en niet later plaatsvindt dan 12 kalendermaanden na de datum van de tweede vaccinatie. 2006 244 14-12-2006 11-12-2006 TRCJZ/2006/3878 2006 244 14-12-2006 11-12-2006 TRCJZ/2006/3878 15-12-2006 2007 15 22-01-2007 18-01-2007 TRCJZ/2007/108 Inwerkingtreding voorheen door Stcrt. 2006/244 gesteld op 15 december 2007.
Artikel 17c — Artikel 17c#
Artikel 17c artikel 17d, derde lid artikel 20 De houder van ingevolge deze regeling gehervaccineerde biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop bewaart de vaccinatieverklaring, bedoeld in, dan wel een kopie van deze vaccinatieverklaring indien het gaat om overeenkomstigverplaatste gehervaccineerde biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop, gedurende drie jaar. 2006 244 14-12-2006 11-12-2006 TRCJZ/2006/3878 2006 244 14-12-2006 11-12-2006 TRCJZ/2006/3878 15-12-2006 2007 15 22-01-2007 18-01-2007 TRCJZ/2007/108 Inwerkingtreding voorheen door Stcrt. 2006/244 gesteld op 15 december 2007.
Artikel 17d — Artikel 17d#
Artikel 17d 1 Artikel 13, vierde lid , is van overeenkomstige toepassing op hervaccinatie van biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop. 2 Artikel 14, eerste en derde lid bijlage bij deze regeling, onder 3a , is van overeenkomstige toepassing op hervaccinatie van biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop, met dien verstande dat het in het eerste lid bedoelde formulier ingeval van hervaccinatie ten minste de gegevens bevat die zijn opgenomen in de. 3 Artikel 15, eerste, tweede, vierde, vijfde, zesde en zevende lid bijlage bij deze regeling, onder 9a , is van overeenkomstige toepassing op hervaccinatie van biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop, met dien verstande dat de in het vierde lid bedoelde vaccinatieverklaring ingeval van hervaccinatie ten minste de gegevens bevat die zijn opgenomen in de. 4 Artikel 15a is van overeenkomstige toepassing op hervaccinatie van biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop. 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 01-08-2007
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 1 artikel 16 17 De houder, bedoeld inof, draagt er zorg voor dat ten hoogste één procent van de op zijn bedrijf gehouden biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop, met een maximum van 60 dieren per stal, niet wordt gevaccineerd en wordt ingezet als verklikkerdieren. De verklikkerdieren worden verdeeld in groepen van ten hoogste vijf dieren en deze groepen worden gelijkmatig verspreid in de stal geplaatst. 2 Indien de gevaccineerde dieren biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop jonger zijn dan achttien weken, en binnen worden gehouden, hoeven de verklikkerdieren niet gelijkmatig verspreid over de stal te worden geplaatst. De verklikkerdieren worden in dat geval afgescheiden van de gevaccineerde dieren in de stal geplaatst. 2006 145 28-07-2006 27-07-2006 TRCJZ/2006/2407 2006 145 28-07-2006 27-07-2006 TRCJZ/2006/2407 01-08-2006
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 1 artikel 18 Voorafgaand aan de eerste vaccinatie van de biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop neemt de dierenarts die de legkippen vaccineert bloedmonsters af bij de verklikkerdieren, bedoeld in. 2 artikel 16 17 artikel 18 De houder, bedoeld inofdraagt er zorg voor dat de verklikkerdieren, bedoeld in, dagelijks klinisch worden onderzocht, meldt de sterfte van deze dieren aan de VWA, en volgt de instructies van de VWA ter zake. 3 artikel 16 17 De houder, bedoeld inof, draagt er zorg voor dat de dierenarts driemaandelijks na de eerste vaccinatie van maximaal 30 verklikkerdieren per bedrijf een bloedmonster afneemt, waarbij van ten minste 5 verklikkerdieren per stal een bloedmonster wordt afgenomen, maximaal verdeeld over de in de stal aanwezige groepen verklikkerdieren. 4 artikel 16 17 De houder, bedoeld inen, draagt er zorg voor dat de dierenarts: a. in de periode die aanvangt zes weken na de tweede vaccinatie van de biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop en die eindigt 12 maanden na die vaccinatie, minimaal eenmaal en maximaal driemaal een bloedmonster afneemt, overeenkomstig de instructies van de VWA, bij een percentage van de gevaccineerde biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop van de houder, waarbij het percentage wordt berekend op basis van het aantal bij de houder aanwezige biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop, en b. de in onderdeel a bedoelde bloedmonsters binnen de in onderdeel a bedoelde periode afneemt op het zelfde moment als de in het derde lid bedoelde bloedmonsters van de verklikkerdieren van de betreffende houder worden afgenomen. 5 De dierenarts stuurt de monsters, bedoeld in het eerste, derde en vierde lid, terstond na het afnemen naar GD. 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 01-08-2007
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 1 Het is verboden pluimvee, eendagskuikens en broedeieren, afkomstig van bedrijven waar zich biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop bevinden die ingevolge deze regeling zijn gevaccineerd of gehervaccineerd, te vervoeren of te laten vervoeren. 2 In afwijking van het eerste lid kan de Minister toestemming verlenen voor het vervoer van pluimvee, eendagskuikens en broedeieren naar: a. een in het binnen- of buitenland gelegen slachthuis, en voor zover het vervoer naar een in het buitenland gelegen slachthuis betreft, na instemming van de lidstaat van bestemming, of b. naar in Nederland gelegen bedrijven waar is gevaccineerd of gehervaccineerd. 3 Aan de toestemming, bedoeld in het tweede lid, kunnen voorwaarden worden verbonden. 4 De voorwaarden, bedoeld in het derde lid, zijn in elk geval: a. er wordt voldaan aan de in artikel 6 van de Beschikking opgenomen voorwaarden; b. het te vervoeren pluimvee gaat vergezeld van de toestemming, bedoeld in het tweede lid; c. artikel 15, vierde lid artikel 17d, derde lid indien de te vervoeren dieren biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop zijn, gaan deze dieren, ingeval zij gevaccineerd zijn, vergezeld van een kopie van de tweede vaccinatieverklaring, bedoeld in, waarop het aantal te vervoeren gevaccineerde dieren wordt aangetekend, en gaan deze dieren, ingeval zij gehervaccineerd zijn, vergezeld van een kopie van de vaccinatieverklaring, bedoeld in, waarop het aantal te vervoeren gehervaccineerde dieren wordt aangetekend. 5 bijlage bij deze regeling, onder 8 Een aanvraag voor de toestemming, bedoeld in het tweede lid, wordt ingediend bij het LNV-loket door inzending van een door de VWA verstrekt formulier dat ten minste de gegevens bevat die zijn opgenomen in de. 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 01-08-2007
Artikel 21 — Artikel 21#
Artikel 21 Het is verboden mest afkomstig van bedrijven waar zich biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop bevinden die ingevolge deze regeling zijn gevaccineerd of gehervaccineerd buiten Nederland te brengen. 2006 244 14-12-2006 11-12-2006 TRCJZ/2006/3878 2006 244 14-12-2006 11-12-2006 TRCJZ/2006/3878 15-12-2006 2007 15 22-01-2007 18-01-2007 TRCJZ/2007/108 Inwerkingtreding voorheen door Stcrt. 2006/244 gesteld op 15 december 2007.
Artikel 22 — Artikel 22#
Artikel 22 1 Eieren afkomstig van bedrijven waar zich biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop bevinden die ingevolge deze regeling zijn gevaccineerd of gehervaccineerd, worden slechts naar een lidstaat verzonden indien is voldaan aan artikel 8, onderdelen a en b, van de Beschikking. 2 Een verpakkingscentrum als bedoeld in artikel 8, onderdeel b, onder (i), van de Beschikking is een in Nederland gelegen verpakkingscentrum dat is geregistreerd overeenkomstig de Verordening registratie verzamelaars, grossiers en houders van een pakstation en heffingen consumptie-eieren 2003 van het Productschap Pluimvee en Eieren dan wel een door de bevoegde autoriteit van een andere lidstaat aangewezen verpakkingscentrum. 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 01-08-2007
Artikel 23 — Artikel 23#
Artikel 23 1 Vers vlees afkomstig van bedrijven waar zich biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop bevinden die ingevolge deze regeling zijn gevaccineerd of gehervaccineerd, wordt alleen naar een lidstaat verzonden indien is voldaan aan de voorschriften bedoeld in artikel 9, eerste lid, onderdelen a en b, van de Beschikking. 2 Gehakt vlees, vleesbereidingen en separatorvlees van pluimvee dat afkomstig is van bedrijven waar zich biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop bevinden die ingevolge deze regeling zijn gevaccineerd of gehervaccineerd, en vleesproducten dat vlees bevat van pluimvee dat afkomstig is van bedrijven waar zich biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop bevinden die overeenkomstig deze regeling zijn gevaccineerd, wordt alleen naar een lidstaat verzonden indien voldaan is aan de voorschriften bedoeld in artikel 9, tweede lid, van de Beschikking. 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 01-08-2007
Artikel 24 — Artikel 24#
Artikel 24 1 bijlage 10 van de Regeling preventie, bestrijding en monitoring van besmettelijke dierziekten en zoönosen en TSE’s Op bedrijven waar zich biologische legkippen of legkippen met vrije uitloop bevinden die ingevolge deze regeling zijn gevaccineerd of gehervaccineerd, worden alle voor het vervoer van levend pluimvee, vers vlees van pluimvee, gehakt vlees, vleesbereidingen, separatorvlees, vleesproducten en pluimveeveevoeder gebruikte transportmiddelen onmiddellijk voor en na elk transport gereinigd en ontsmet overeenkomstig de voorschriften opgenomen in. 2 Een bewijs van de reiniging en ontsmetting, bedoeld in het eerste lid, is te allen tijde in het vervoermiddel aanwezig en bevat tenminste datum en tijdstip van reiniging en ontsmetting en het kenteken van het gereinigde vervoermiddel. 2006 244 14-12-2006 11-12-2006 TRCJZ/2006/3878 2006 244 14-12-2006 11-12-2006 TRCJZ/2006/3878 15-12-2006 2007 15 22-01-2007 18-01-2007 TRCJZ/2007/108 Inwerkingtreding voorheen door Stcrt. 2006/244 gesteld op 15 december 2007.
Artikel 25 — Artikel 25#
Artikel 25 1 Het gezondheidscertificaat voor gevaccineerd pluimvee dat, en broedeieren en eendagskuikens die in het intracommunautaire handelsverkeer worden gebracht, voldoet aan artikel 7, eerste lid, van de Beschikking. 2 Het gezondheidscertificaat voor niet gevaccineerd pluimvee dat, en broedeieren en eendagskuikens die in het intracommunautaire handelsverkeer worden gebracht, voldoet aan artikel 7, tweede lid, van de Beschikking. 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 2007 144 30-07-2007 27-07-2007 TRCJZ/2007/2530 01-08-2007
Artikel 26 — Artikel 26#
Artikel 26 Wijzigt de Tijdelijke regeling ter wering van Aviaire Influenza II. 2006 53 15-03-2006 15-03-2006 TRCJZ/2006/819 2006 53 15-03-2006 15-03-2006 TRCJZ/2006/819 16-03-2006
Artikel 27 — Artikel 27#
Artikel 27 Deze regeling treedt in werking op 16 maart 2006. 2006 53 15-03-2006 15-03-2006 TRCJZ/2006/819 2006 53 15-03-2006 15-03-2006 TRCJZ/2006/819 16-03-2006
Artikel 28 — Artikel 28#
Artikel 28 Deze regeling zal worden aangehaald als: Tijdelijke vrijstellingsregeling vaccinatie hobbypluimvee, biologische legkippen en legkippen met vrije uitloop. 2006 53 15-03-2006 15-03-2006 TRCJZ/2006/819 2006 53 15-03-2006 15-03-2006 TRCJZ/2006/819 16-03-2006
Artikel 4#
artikel 4, eerste en tweede lid
Artikel 4#
artikel 4, vierde lid, eerste en tweede lid
Artikel 4#
artikel 4, vierde lid, onderdeel a
Artikel 9d#
artikel 9d, tweede lid
Artikel 4#
artikel 4, vierde lid, onderdeel b
Artikel 14#
artikel 14, eerste lid
Artikel 4#
artikel 4, vierde lid, onderdeel b
Artikel 17d#
artikel 17d, tweede lid
Artikel 4#
artikel 4, vierde lid, onderdeel c
Artikel 14#
artikel 14, tweede lid
Artikel 7#
artikel 7, vierde lid
Artikel 9d#
artikel 9d, derde lid
Artikel 7#
artikel 7, zesde lid
Artikel 15#
15, zesde lid
Artikel 9#
artikel 9, onderdeel a
Artikel 11#
artikel 11, vijfde lid
Artikel 20#
20, vijfde lid
Artikel 15#
artikel 15, vierde lid
Artikel 17d#
artikel 17d, derde lid
Artikel 17#
artikel 17, onderdeel a