Regeling van de Minister van Economische Zaken van 12 oktober 2007, nr. WJZ 7120116, houdende regels inzake het afgeven van verklaringen omtrent uitoefening van werkzaamheden ter uitvoering van richtlijn nr. 2005/36/EG (Aanwijzingsregeling vestiging in de EU 2007)
- BWB-id
- BWBR0022642
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2014-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0022642
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2007/aanwijzingsregeling-vestiging-in-de-eu-2007
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2007/aanwijzingsregeling-vestiging-in-de-eu-2007/2014-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0022642&g=2014-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0022642&z=2026-06-06&g=2014-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0022642/2014-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2007/aanwijzingsregeling-vestiging-in-de-eu-2007
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. richtlijn: richtlijn nr. 2005/36/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 7 september 2005 betreffende de erkenning van beroepskwalificaties (PbEU L 255); b. artikel 2 van de Wet op de Kamer van Koophandel Kamer: de Kamer van Koophandel, bedoeld in. 2013 34914 13-12-2013 09-12-2013 WJZ/13199207 2013 34914 13-12-2013 09-12-2013 WJZ/13199207 01-01-2014
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 Als instantie, bevoegd tot het op verzoek afgeven van een verklaring van daadwerkelijke en geoorloofde uitoefening in Nederland van een van de in Bijlage IV van de richtlijn vermelde werkzaamheden, wordt aangewezen de kamer in het gebied waarin de werkzaamheden van de aanvrager geheel of in hoofdzaak hebben plaatsgevonden. 2 In afwijking van het eerste lid kan een kamer in het gebied waarin de werkzaamheden van de aanvrager geheel of in hoofdzaak hebben plaatsgevonden de verklaring laten afgeven door een andere kamer indien bij eerstgenoemde kamer slechts incidenteel verzoeken om de in het eerste lid bedoelde verklaringen worden ingediend. 2007 202 18-10-2007 12-10-2007 WJZ7120116 2007 202 18-10-2007 12-10-2007 WJZ7120116 20-10-2007
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Een verklaring wordt uitsluitend afgegeven indien de aanvrager voldoet aan een van de in de artikelen 17, 18 en 19 van de richtlijn genoemde voorwaarden. 2 De in het eerste lid bedoelde verklaring bevat een opgave van de feiten op grond waarvan zij wordt afgegeven, overeenkomstig het model, opgenomen in bijlage 1 bij de bekendmaking van de Commissie betreffende bewijzen, verklaringen en documenten die zijn voorgeschreven in de tot en met 1 juni 1973 door de Raad vastgestelde richtlijnen op het gebied van de vrijheid van vestiging en het vrij verrichten van diensten en betrekking hebben op – de betrouwbaarheid, – het feit dat er geen faillissement heeft plaatsgehad, – de aard en de duur van de in de landen van herkomst uitgeoefende beroepswerkzaamheden (PbEG C 81). 2007 202 18-10-2007 12-10-2007 WJZ7120116 2007 202 18-10-2007 12-10-2007 WJZ7120116 20-10-2007
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Aanwijzingsregeling vestiging in de EU artikel 3 Een verklaring, verleend op grond van de, wordt aangemerkt als een verklaring als bedoeld in. 2007 202 18-10-2007 12-10-2007 WJZ7120116 2007 202 18-10-2007 12-10-2007 WJZ7120116 20-10-2007
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Aanwijzingsregeling vestiging in de EU Dewordt ingetrokken. 2007 202 18-10-2007 12-10-2007 WJZ7120116 2007 202 18-10-2007 12-10-2007 WJZ7120116 20-10-2007
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Deze regeling treedt in werking met ingang van 20 oktober 2007. 2007 202 18-10-2007 12-10-2007 WJZ7120116 2007 202 18-10-2007 12-10-2007 WJZ7120116 20-10-2007
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Deze regeling wordt aangehaald als: Aanwijzingsregeling vestiging in de EU 2007. 2007 202 18-10-2007 12-10-2007 WJZ7120116 2007 202 18-10-2007 12-10-2007 WJZ7120116 20-10-2007