Besluit van de Minister van Justitie van 23 mei 2007, nr. 5456474/Justis/06, strekkende tot aanwijzing van buitengewoon opsporingsambtenaren bij de afdeling SW/GOR/Toezicht en Handhaving van de gemeente Utrecht
- BWB-id
- BWBR0021967
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- 2007-06-02 t/m 2007-06-20
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0021967
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2007/besluit-buitengewoon-opsporingsambtenaar-dienst-toezicht-en-
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2007/besluit-buitengewoon-opsporingsambtenaar-dienst-toezicht-en-/2007-06-02
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0021967&g=2007-06-02
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0021967&z=2026-06-06&g=2007-06-02
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0021967/2007-06-02
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2007/besluit-buitengewoon-opsporingsambtenaar-dienst-toezicht-en-
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit wordt verstaan onder buitengewoon opsporingsambtenaar, de buitengewoon opsporingsambtenaar werkzaam bij de dienst Toezicht en Handhaving van de gemeente Utrecht. 2007 102 31-05-2007 23-05-2007 5456474/Justis/06 2007 102 31-05-2007 23-05-2007 5456474/Justis/06 02-06-2007
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Maximaal 18 personen werkzaam bij de dienst Toezicht en Handhaving van de gemeente Utrecht en belast met de opsporing van strafbare feiten, zijn aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar. 2007 102 31-05-2007 23-05-2007 5456474/Justis/06 2007 102 31-05-2007 23-05-2007 5456474/Justis/06 02-06-2007
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikel 1, onder a De buitengewoon opsporingsambtenaar genoemd in, is bevoegd tot opsporing van feiten strafbaar gesteld bij of krachtens: Wegenverkeerswet 1994 artikelen 5 6 10 60 62 82 RVV 1990 artikel 1a van de WED artikelen 26 33 34 van de WED Wet Ruimtelijke Ordening Woningwet Wet hygiëne en veiligheid badinrichtingen en zwemgelegenheden artikelen 157 173 173a 173b 174 175 177 177a 179 180 181 182 184 185 198 199 225 266 267 427 435, onder ten vierde 461 447e van het Wetboek van Strafrecht de; de toepassing van de hiervoor vermelde bevoegdheid dient zich te beperken tot stilstaand verkeer, met uitzondering van de,,,,en; de ingenoemde wetten alsmede de,en; de; de;; de,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,,en; Verordeningen en/of Keuren voor zover betrokkene daarvoor door het bevoegde bestuursorgaan is aangewezen. De buitengewoon opsporingsambtenaar is tevens bevoegd tot het opsporen van andere strafbare feiten, indien en voor zover hij daarmee in een concreet opsporingsonderzoek door een officier van justitie is belast voor de duur van dat onderzoek. 2 De opsporingsbevoegdheid geldt voor het grondgebied van de gemeente Utrecht. 2007 102 31-05-2007 23-05-2007 5456474/Justis/06 2007 102 31-05-2007 23-05-2007 5456474/Justis/06 02-06-2007
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 artikel 3, eerste lid De buitengewoon opsporingsambtenaar is bevoegd bij de opsporing van de in, van dit besluit genoemde strafbare feiten, gebruik te maken van de bevoegdheden bedoeld in: a. artikel 55b van het Wetboek van Strafvordering ; b. artikel 8, eerste en derde lid, van de Politiewet 1993 hoofdstuk 7 van de Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke Marechaussee en de buitengewoon opsporingsambtenaar , hij gedraagt zich daarbij overeenkomstig het bepaalde in. 2007 102 31-05-2007 23-05-2007 5456474/Justis/06 2007 102 31-05-2007 23-05-2007 5456474/Justis/06 02-06-2007
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 De buitengewoon opsporingsambtenaar kan gedurende de uitoefening van zijn dienst als buitengewoon opsporingsambtenaar gebruik maken van handboeien en een korte wapenstok, beiden van een door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de Minister van Justitie goedgekeurd merk en type. 2 De buitengewoon opsporingsambtenaar wordt daadwerkelijk uitgerust met handboeien en een korte wapenstok nadat de direct toezichthouder heeft vastgesteld dat betrokkene beschikt over de vereiste bekwaamheid ten aanzien van het gebruik van het omgaan met handboeien en een korte wapenstok. 2007 102 31-05-2007 23-05-2007 5456474/Justis/06 2007 102 31-05-2007 23-05-2007 5456474/Justis/06 02-06-2007
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 Als toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de hoofdofficier van justitie bij het arrondissementsparket te Utrecht. 2 Als direct toezichthouder van de buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de korpschef van het regionaal politiekorps Utrecht. 2007 102 31-05-2007 23-05-2007 5456474/Justis/06 2007 102 31-05-2007 23-05-2007 5456474/Justis/06 02-06-2007
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 De directeur van de dienst Stadswerken van de gemeente Utrecht brengt jaarlijks, voor 1 april, over het jaar daaraan voorafgaand aan de Minister van Justitie verslag uit over: a. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren dat op 31 december werkzaam was binnen de dienst; b. de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte activiteiten; c. de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen in het verslagjaar zijn aangemeld voor het door de Minister van Justitie goedgekeurde examen en hoeveel personen in dat jaar voor dat examen zijn geslaagd. 2 artikel 5 Dit verslag dient te worden toegezonden aan de toezichthouder en de direct toezichthouder, als bedoeld invan dit besluit, alsmede aan het Ministerie van Justitie, dienst JUSTIS, afd. BTR/BOA, Postbus 20300, 2500 EH Den Haag. 2007 102 31-05-2007 23-05-2007 5456474/Justis/06 2007 102 31-05-2007 23-05-2007 5456474/Justis/06 02-06-2007
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 artikel 8 De op naam gestelde akten van opsporingsbevoegdheid en beëdiging, de legitimatiebewijzen buitengewoon opsporingsambtenaar en de overige benoemingsbescheiden, welke zijn uitgevaardigd op de invan dit besluit omschreven besluiten, worden voor de duur van hun geldigheid of tot daarover nader zal zijn beslist, geacht te zijn akten en overige benoemingsbescheiden mede op basis van het onderhavige besluit. 2007 102 31-05-2007 23-05-2007 5456474/Justis/06 2007 102 31-05-2007 23-05-2007 5456474/Justis/06 02-06-2007
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en vervalt vijf jaar na inwerkingtreding. 2007 102 31-05-2007 23-05-2007 5456474/Justis/06 2007 102 31-05-2007 23-05-2007 5456474/Justis/06 02-06-2007
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar dienst Toezicht en Handhaving gemeente Utrecht 2007. 2007 102 31-05-2007 23-05-2007 5456474/Justis/06 2007 102 31-05-2007 23-05-2007 5456474/Justis/06 02-06-2007