Regeling van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 22 juni 2007, nr. TRCJZ/2007/2076, houdende openstelling van de Regeling kennisverspreiding en innovatie groen onderwijs (Openstellingsbesluit Regeling kennisverspreiding en innovatie groen onderwijs 2007)
- BWB-id
- BWBR0022129
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- 2007-06-28 t/m 2008-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0022129
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2007/openstellingsbesluit-innovatie-groen-onderwijs-2007
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2007/openstellingsbesluit-innovatie-groen-onderwijs-2007/2007-06-28
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0022129&g=2007-06-28
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0022129&z=2026-06-06&g=2007-06-28
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0022129/2007-06-28
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2007/openstellingsbesluit-innovatie-groen-onderwijs-2007
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 Regeling kennisverspreiding en innovatie groen onderwijs In dit besluit wordt verstaan onder regeling:. 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 28-06-2007
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 artikel 1, onderdeel b, van de regeling artikel 7 8 van de regeling De instellingen, bedoeld in, kunnen met ingang van de datum van inwerkingtreding van dit besluit tot en met 15 juli 2007 een aanvraag als bedoeld inofindienen. 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 28-06-2007
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikel 2 Subsidie kan worden verleend voor programma’s en programmaonderdelen, ingediend in de periode, genoemd invoor de thema’s: a. Agrologistiek; b. Biologische landbouw; c. Gewasbescherming; d. Ketenkennis; e. Melkveehouderij; f. Voeding & gezondheid; g. Tuinbouw; h. Regionale transities; i. Dierenwelzijn; j. Paardenhouderij; k. Bos- en natuurbeheer; l. Leren & werken; m. Ondernemerschap; n. LNV-kennis voor burgers/jongeren, of o. Internationalisering. 2 bijlage 1A Subsidie voor projecten, niet zijnde programmaonderdelen kan uitsluitend worden verleend voor de thema’s genoemd in debij dit besluit. 3 artikel 15 16 van de regeling Onverminderdenwordt een aanvraag tot subsidieverlening voor een project afgewezen indien dat project naar het oordeel van de Minister onvoldoende meerwaarde heeft voor de doelgroepen van dat project en voor het kennissysteem. 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 28-06-2007
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 De aanvraag voor een programma omvat in ieder geval: a. regeling artikel 3, eerste lid een beschrijving van de aanleiding, van het doel en van de doelgroep of doelgroepen van het programma in relatie tot het doel van deen één of meer van de thema’s, genoemd in; b. een beschrijving van de gezamenlijke visie met doelstellingen voor de lange termijn; c. een beschrijving van de soort van voorgenomen activiteiten op programmaniveau en van programmaonderdelen gedurende de looptijd van het programma tegen de achtergrond van lopende activiteiten binnen en buiten het groene kennissysteem; d. een activiteitenplan voor het eerste jaar inclusief samenvattingen van de uitvoeringsplannen van de voorgenomen programmaonderdelen; e. een meerjarenbegroting en de beoogde dekking vanuit verschillende bronnen, alsmede een raming van eventueel benodigde financiering vanuit deze openstelling; f. een beschrijving van de programmaorganisatie, waarbij in ieder geval de personele inzet van de penvoerder, deelnemende instellingen, ondersteunende organisaties en onderzoeksinstellingen worden vermeld; g. een beschrijving van de beoogde wijze van beschikbaar stellen en verspreiden van de eindresultaten; h. regeling een beschrijving van de wijze waarop relevantie en succes van het programma worden gemeten door middel van een beschrijving van de verbinding tussen de geplande acties én de criteria van de; i. een beschrijving van de wijze waarop de kwaliteit wordt geborgd, en j. een beschrijving van de looptijd, inclusief de start- en einddatum van het programma. 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 28-06-2007
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 De aanvraag tot subsidieverlening voor een project omvat in ieder geval: a. een beschrijving van het doel en van de doelgroep of doelgroepen van het project; b. een beschrijving van de beoogde resultaten, inclusief de bijdrage aan de landelijke infrastructuur; c. een beschrijving van de aard en positionering van het project ten aanzien van andere relevante projecten; d. een beschrijving van de motivatie voor het project, waarbij in ieder geval aandacht wordt besteed aan de problemen die het project beoogt op te lossen in relatie tot de thema’s, waarbinnen het project valt; e. een beschrijving van de begrenzing van en randvoorwaarden voor het project; f. een uitgewerkt activiteitenplan met daarin concrete producten van het project; g. de looptijd, inclusief de start- en einddatum van het project; h. een beschrijving van de projectorganisatie, waarbij in ieder geval de instellingen die deel uitmaken van een eventueel samenwerkingsverband, de projectleider en de contactpersoon voor het project worden vermeld; i. in voorkomend geval, een beschrijving van het samenwerkingsverband, dat aantoonbaar tot uitdrukking komt in de activiteiten en financiering van het project en vastgelegd is in één door de partners getekende samenwerkingsovereenkomst, waarin de personele en financiële bijdrage van de partners zijn vermeld; j. artikel 5 van de regeling een sluitende en onderbouwde begroting van het project, gespecificeerd naar de verschillende partnerinstellingen en vervolgens gespecificeerd naar de verschillende subsidiabele kosten, bedoeld in, alsmede naar de eigen kosten en de kosten van derden en een opgave van een sluitende financiering van het project; k. een beschrijving van de beoogde wijze van beschikbaar stellen en verspreiden van de eindresultaten, en l. regeling een beschrijving van de wijze waarop relevantie en succes worden gemeten, door middel van een beschrijving van beschrijving van de verbinding tussen de geplande acties én de criteria van de. 2 In een aanvraag tot subsidieverlening voor een programmaonderdeel wordt bij de projectaanvraag de relatie van het project met het relevante programma beschreven. 3 In een aanvraag tot subsidieverlening voor een project, niet zijnde een programmaonderdeel, voorziet de aanvraag in een beschrijving van wijze waarop de kwaliteit van dat project wordt geborgd. 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 28-06-2007
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 artikel 2 artikel 4, tweede lid, van de regeling Met betrekking tot de aanvraagperiode, genoemd in, bedraagt het subsidieplafond, bedoeld intotaal € 9,2 miljoen, waarvan: a. € 7,2 miljoen voor programma’s en programmaonderdelen, en b. € 2 miljoen voor projecten, niet zijnde programmaonderdelen. 2 De beschikbare subsidie voor programma’s en programmaonderdelen wordt als volgt nader verdeeld over de thema’s: – € 1 mln. per thema voor de thema’s Regionale transities, Dierenwelzijn en LNV-kennis voor burgers/jongeren; – € 500.000,– per thema voor de thema’s Agrologistiek, Biologische landbouw, Melkveehouderij, Tuinbouw, Voeding & Gezondheid en Ondernemerschap; – € 300.000,– per thema voor de thema’s Leren & werken, Gewasbescherming en Internationalisering, en – € 100.000,– per thema voor de thema’s Paardenhouderij, Ketenkennis en Bos & Natuurbeheer, specifiek voor programmaontwikkeling. 3 Bij onderuitputting voor het budget voor projecten, niet zijnde programmaonderdelen, wordt het restant van dat budget toegevoegd aan het budget voor programma’s en programmaonderdelen. 4 Bij eventuele onderuitputting per thema besluit de Minister over het al dan niet beschikbaar stellen van het resterend budget voor één van de andere thema’s. 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 28-06-2007
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 De hoogte van het subsidiebedrag bedraagt: a. voor programma’s: maximaal € 200.000,– voor het eerste jaar en maximaal 100.000,– per jaar voor volgende jaren; b. voor programmaonderdelen: minimaal € 50.000,– en maximaal € 300.000,–, en c. voor projecten, niet zijnde programmaonderdelen: minimaal € 50.000,– en maximaal € 100.000,–. 2 Voor verschillende niveaus van medewerkers worden de volgende uurtarieven inclusief opslag voor algemene kosten gehanteerd: a. voor schaal 1–9: € 52,–; b. voor schaal 10–12: € 65,– en c. voor schaal 13 en hoger: € 86,–. 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 28-06-2007
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 De duur van de subsidieverlening is maximaal: a. vier jaar voor programma’s; b. tweeënhalfjaar voor programmaonderdelen; c. anderhalf jaar voor projecten, niet zijnde programmaonderdelen. 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 28-06-2007
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 artikel 5 van de regeling De hoogte van het subsidiepercentage met betrekking tot de vergoeding van de subsidiabele kosten voor programma’s is maximaal 100% voor kosten, genoemd in. 2 artikel 5, onderdeel a, van de regeling artikel 5, onderdelen b tot en met d, van de regeling De hoogte van het subsidiepercentage met betrekking tot de vergoeding van de subsidiabele kosten voor projecten is 50% voor kosten genoemd inen maximaal 75% voor kosten genoemd in. 3 artikel 5, onderdeel b, van de regeling regeling De subsidie voor de kosten, genoemd inis voor projecten maximaal 20% van de totale subsidie die op grond van dewordt verstrekt. 4 artikel 5, onderdeel d, van de regeling regeling De subsidie voor de kosten genoemd inis voor projecten maximaal 5% van de totale subsidie die op grond van dewordt verstrekt. 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 28-06-2007
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 artikel 18, eerste lid, van de regeling De hoogte van de voorschotten, bedoeld in, bedraagt maximaal: a. bij programma’s: 40% van het toegekende subsidiebedrag, en b. bij projecten en programmaonderdelen: 60% van het toegekende subsidiebedrag. 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 28-06-2007
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Artikel 6, tweede lid, van de regeling artikel 2 is, voor wat betreft aanvragen tot subsidieverlening, ingediend in de periode, genoemd in, van toepassing op: a. Regeling bekostiging praktijkleren AOC Regeling Innovatiearrangement 2003/2004/2005/2006–2009 Regeling Innovatiebox beroepsonderwijs Tijdelijke stimuleringsregeling leren en werken 2007 Subsidieregeling ondernemerschap en onderwijs 2007 subsidies, verstrekt op grond van de, de, de, deen de; b. bijdragen, verstrekt door de Stichting Innovatie Alliantie; c. bijdragen, verstrekt door de Minister in het kader van het thema School als kenniscentrum; d. bijdragen, verstrekt door de Wageningen Universiteit, in het kader van WURKS, en e. bijdragen ten behoeve van het groene onderwijs, verstrekt door het Deltapunt Bèta/techniek. 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 28-06-2007
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst. 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 28-06-2007
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Dit besluit wordt aangehaald als: Openstellingsbesluit Innovatie Groen Onderwijs 2007. 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 2007 120 26-06-2007 22-06-2007 TRCJZ/2007/2076 28-06-2007