Regeling van de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 22 november 2007, nr. SAS 2007115642, Directoraat Generaal Milieubeheer, Directie Stoffen, Afvalstoffen en Straling, houdende regels voor de verlening van een tegemoetkoming in de immateriële schade aan personen bij wie ten gevolge van de blootstelling aan asbest mesothelioom is geconstateerd en deze blootstelling niet heeft plaatsgevonden als gevolg van arbeid in loondienst (Regeling tegemoetkoming niet-loondienstgerelateerde slachtoffers van mesothelioom)
- BWB-id
- BWBR0022913
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2023-04-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0022913
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2007/regeling-tegemoetkoming-niet-loondienstgerelateerde-slachtof
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2007/regeling-tegemoetkoming-niet-loondienstgerelateerde-slachtof/2023-04-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0022913&g=2023-04-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0022913&z=2026-06-06&g=2023-04-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0022913/2023-04-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2007/regeling-tegemoetkoming-niet-loondienstgerelateerde-slachtof
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. Minister: Minister van Infrastructuur en Milieu; b. asbest: stoffen die een of meer van de volgende vezelachtige silicaten bevatten: 1°. actinoliet (Cas-nummer 77536-66-4); 2°. amosiet (Cas-nummer 12172-73-5); 3°. anthofylliet (Cas-nummer 77536-67-5); 4°. chrysotiel (Cas-nummer 12001-29-5); 5°. tremoliet (Cas-nummer 77536-68-6); 6°. crocidoliet (Cas-nummer 12001-28-4); c. maligne mesothelioom: door blootstelling aan asbest veroorzaakte tumor van het longvlies, het buikvlies of het hartvlies, als bedoeld in het protocol diagnostiek maligne mesothelioom; d. asbestose: aandoening die is gekenmerkt door verbindweefseling (longfibrose) van de long ten gevolge van asbestblootstelling; e. protocol diagnostiek asbestose: bijlage 1 bij de Regeling tegemoetkoming asbestslachtoffers 2014 protocol diagnostiek asbestose, opgenomen in; f. protocol diagnostiek maligne mesothelioom: bijlage 2 bij de Regeling tegemoetkoming asbestslachtoffers 2014 protocol diagnostiek maligne mesothelioom, opgenomen in; g. SVB: hoofdstuk 6 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen Sociale Verzekeringsbank, bedoeld in; h. instituut asbestslachtoffers: Stichting Instituut Asbestslachtoffers te s-Gravenhage; i. nabestaanden: 1°. de langstlevende van de echtgenoten; 2°. bij ontstentenis van de onder 1° bedoelde persoon, de minderjarige kinderen, tot wie de overledene in familierechtelijke betrekking stond; 3°. bij ontstentenis van de onder 1° en 2° bedoelde personen, degenen met wie de overledene in gezinsverband leefde; 4°. Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek bij ontstentenis van de onder 1°, 2° en 3° bedoelde personen, erfgenamen als bedoeld in, mits een verklaring van erfrecht wordt overgelegd; j. lasten: 1°. artikel 4, eerste lid tegemoetkoming, bedoeld in; 2°. vergoedingen die door de SVB aan het instituut asbestslachtoffers worden verstrekt voor de advisering ten behoeve van deze regeling; 3°. uitvoeringskosten gemaakt bij de uitvoering van deze regeling. 2 artikel 1, derde lid, onderdeel a, en vierde tot en met zevende lid, van de Algemene Ouderdomswet In deze regeling wordt met de echtgenoot gelijkgesteld de geregistreerde partner en de persoon die op grond vanen de daarop berustende bepalingen mede als zodanig wordt aangemerkt. 3 In deze regeling wordt niet als echtgenoot aangemerkt degene die duurzaam gescheiden leeft van de persoon met wie hij gehuwd is. 2019 62522 22-11-2019 21-11-2019 IENW/BSK-2019/233843 2019 62522 22-11-2019 21-11-2019 IENW/BSK-2019/233843 01-01-2020
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Recht op een tegemoetkoming heeft een persoon: a. die op het moment van indiening van de aanvraag in leven is, b. bij wie met toepassing van het protocol diagnostiek maligne mesothelioom is vastgesteld, c. bij wie het aannemelijk is dat de blootstelling aan asbest niet heeft plaatsgevonden tijdens het verrichten van arbeid in loondienst, d. artikel 8 van de Regeling tegemoetkoming asbestslachtoffers 2014 die niet in aanmerking kan komen voor een betaling op grond van, e. artikel 2a die geen tegemoetkoming heeft verkregen op grond van, f. Regeling tegemoetkoming asbestslachtoffers Regeling tegemoetkoming asbestslachtoffers 2014 Regeling tegemoetkoming stoffengerelateerde beroepsziekten die geen betaling heeft verkregen op grond van de, deof de, g. die niet reeds in verband met het geconstateerde maligne mesothelioom of de geconstateerde asbestose een betaling op grond van een buitenlandse voorziening heeft ontvangen of een aanvraag daartoe heeft ingediend en op die aanvraag nog niet is beslist, h. die geen vergoeding van de immateriële schade in verband met het geconstateerde maligne mesothelioom of de geconstateerde asbestose heeft ontvangen, dan wel in verband daarmee een bedrag heeft ontvangen dat lager is dan € 18.392,– ongeacht de vorm waarin die vergoeding is gedaan, en i. artikelen 10, eerste lid 11 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek die gedurende een aaneengesloten periode van ten minste 10 jaar woonplaats in Nederland, als bedoeld in de, en, heeft gehad en die periode gelegen is in het tijdvak tussen 10 en 60 jaar voorafgaand aan het tijdstip van indiening van de aanvraag om een tegemoetkoming. 2023 3301 01-02-2023 31-01-2023 IENW/BSK-2022/300648 2023 3301 01-02-2023 31-01-2023 IENW/BSK-2022/300648 01-04-2023
Artikel 2a — Artikel 2a#
Artikel 2a 1 artikel 2 Recht op een tegemoetkoming, onverminderd, heeft een persoon: a. die op het moment van indiening van de aanvraag in leven is, b. bij wie met toepassing van het protocol diagnostiek asbestose de ziekte asbestose is vastgesteld, en c. waarbij sprake is van een longfunctiebeperking als bedoeld in klasse 2, 3 of 4 van het protocol diagnostiek asbestose. 2 artikel 2 In afwijking van het eerste lid heeft een persoon geen recht op een tegemoetkoming indien de persoon voor het geconstateerde maligne mesothelioom reeds een tegemoetkoming op grond vanheeft verkregen. 3 artikelen 2, onderdelen c en f tot en met i 3 5 tot en met 7 De,enzijn van overeenkomstige toepassing. 2014 7712 25-03-2014 17-03-2014 IENM/BSK-2014/64445 2014 7712 25-03-2014 17-03-2014 IENM/BSK-2014/64445 01-04-2014
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikel 2 Nabestaanden van de persoon, bedoeld in, hebben recht op een tegemoetkoming, indien: a. artikel 2 artikel 2, onderdelen b tot en met i de persoon, bedoeld in, is overleden nadat de aanvraag om tegemoetkoming door hem is ingediend, doch voordat op die aanvraag is beslist en, op hem van toepassing is, of b. artikel 2 artikel 2, onderdelen b tot en met i de persoon, bedoeld in, is overleden in het tijdvak gelegen tussen 10 november 2006 tot 1 juni 2008 en, op hem van toepassing is. 2 artikel 2 artikel 1, eerste lid, onderdeel i artikel 2 In het geval van het eerste lid, onderdeel a, of onderdeel b, voor zover de persoon, bedoeld in, de aanvraag om tegemoetkoming heeft ingediend, geschiedt de beoordeling welke persoon of personen met toepassing van, als nabestaande wordt aangemerkt, op basis van de omstandigheden op het tijdstip van overlijden van de persoon, bedoeld in. 3 artikel 2, artikel 1, eerste lid, onderdeel i In het geval van het eerste lid, onderdeel b, voor zover de persoon, bedoeld inde aanvraag om tegemoetkoming niet heeft ingediend, geschiedt de beoordeling welke persoon of personen met toepassing van, als nabestaande wordt aangemerkt, op basis van de omstandigheden op het tijdstip van de indiening van de aanvraag. 4 artikel 2 Nabestaanden hebben alleen recht op een tegemoetkoming indien zij geen vergoeding van de immateriële schade in verband met het bij de inbedoelde persoon geconstateerde maligne mesothelioom of de geconstateerde asbestose hebben ontvangen, dan wel in verband daarmee een bedrag hebben ontvangen dat lager is dan € 18.392,– ongeacht de vorm waarin die vergoeding is gedaan. 5 In het geval van het eerste lid, onderdeel a, wordt de behandeling van de aanvraag ten behoeve van de nabestaanden voortgezet, tenzij deze schriftelijk te kennen geven daarop geen prijs te stellen. 6 Voor zover er meer dan één nabestaande is, dragen de nabestaanden er zorg voor dat aan één van hen een volmacht wordt verleend tot vertegenwoordiging ten behoeve van de uitvoering van deze regeling, het in ontvangst nemen van een tegemoetkoming daarbij inbegrepen. 2019 62522 22-11-2019 21-11-2019 IENW/BSK-2019/233843 2019 62522 22-11-2019 21-11-2019 IENW/BSK-2019/233843 01-01-2020
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 De tegemoetkoming strekt tot tegemoetkoming in immateriële schade en bedraagt € 18.392,– . 2 artikel 2 Voor zover de persoon, bedoeld in, of diens nabestaanden in verband met het geconstateerde maligne mesothelioom of de geconstateerde asbestose reeds een vergoeding van de immateriële schade heeft of hebben ontvangen en die vergoeding lager is dan € 18.392,–, wordt de hoogte van de tegemoetkoming vastgesteld op het verschil tussen het ontvangen bedrag en € 18.392,– . 3 Wet inkomstenbelasting 2001 Wet financiering sociale verzekering Indien belasting ingevolge deof premie voor de volksverzekeringen ingevolge deverschuldigd is, wordt voor de toepassing van het tweede lid de hoogte van de vergoeding in aanmerking genomen nadat daarop de verschuldigde belasting en premie in mindering zijn gebracht. 2014 7712 25-03-2014 17-03-2014 IENM/BSK-2014/64445 2014 7712 25-03-2014 17-03-2014 IENM/BSK-2014/64445 01-04-2014
Artikel 4a — Artikel 4a#
Artikel 4a Regeling tegemoetkoming asbestslachtoffers 2014 artikel 19 van die regeling artikelen 2, onderdeel g 3, vierde lid 4, eerste en tweede lid Een wijziging van de bedragen, vermeld in de, die op grond vanin de Staatscourant voor een bepaald kalenderjaar bekend zijn gemaakt, geldt met ingang van dat kalenderjaar in de plaats van de bedragen, genoemd in de,, en. 2014 7712 25-03-2014 17-03-2014 IENM/BSK-2014/64445 2014 7712 25-03-2014 17-03-2014 IENM/BSK-2014/64445 01-04-2014
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 De SVB stelt op aanvraag vast of recht op een tegemoetkoming bestaat. 2 Een aanvraag om een tegemoetkoming wordt bij de SVB ingediend door middel van een door de SVB beschikbaar gesteld aanvraagformulier. 3 artikel 2 artikel 74 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek De persoon, bedoeld in, verleent de SVB een onherroepelijke volmacht als bedoeld inom: a. artikel 4, eerste lid de immateriële schade langs gerechtelijke weg te verhalen tot het bedrag, bedoeld in, of tot een hoger bedrag wanneer dat is overeengekomen tussen de Minister en de mogelijk aansprakelijk te stellen partijen, b. artikel 106, tweede lid, tweede volzin, van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek artikel 2 een mededeling als bedoeld in, te doen, voor zover de persoon, bedoeld indeze mededeling niet zelf gedaan heeft, en c. artikel 2 de immateriële schadevergoeding namens de persoon, bedoeld in, te innen. 4 artikel 2 Indien de SVB geen gebruik maakt van de volmacht, bedoeld in het derde lid, en de persoon, bedoeld in, na het indienen van de aanvraag immateriële schadevergoeding ontvangt, doet die persoon hiervan onverwijld mededeling aan de SVB en betaalt hij de tegemoetkoming geheel, of wanneer de schadevergoeding lager is dan de tegemoetkoming, de tegemoetkoming voor dat deel, terug aan de SVB. 5 Indien de aanvraag om tegemoetkoming wordt gedaan door een nabestaande, zijn het tweede tot en met vierde lid van overeenkomstige toepassing. 2007 232 29-11-2007 22-11-2007 SAS2007115642 2007 232 29-11-2007 22-11-2007 SAS2007115642 01-12-2007
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 artikel 2 De persoon, bedoeld in, verstrekt de SVB of de door haar aangewezen personen of instellingen bij de indiening van de aanvraag om tegemoetkoming in ieder geval: a. de inlichtingen en de bewijsstukken die noodzakelijk zijn ter vaststelling van maligne mesothelioom, b. de inlichtingen en de bewijsstukken inzake de eventuele, reeds gedane inspanningen om de schade langs burgerrechtelijke weg te verhalen, c. de inlichtingen en de bewijsstukken over de in verband met het geconstateerde maligne mesothelioom of de geconstateerde asbestose reeds ontvangen vergoeding van de immateriële schade, en d. de inlichtingen en zo mogelijk de bewijsstukken inzake de blootstelling aan asbest en de periode waarin de blootstelling heeft plaatsgevonden. 2 artikel 2 De persoon, bedoeld in, verstrekt de SVB of de door haar aangewezen personen of instellingen op verzoek of uit eigen beweging de overige inlichtingen en bewijsstukken die nodig zijn voor de uitvoering van deze regeling en verleent ook overigens de medewerking die redelijkerwijs nodig is. 3 artikel 3, eerste lid, onderdeel b Indien de nabestaanden in het geval van, een aanvraag om tegemoetkoming indienen, zijn het eerste en het tweede lid op hen van overeenkomstige toepassing. 4 artikel 3, eerste lid, onderdeel a Indien de nabestaanden in het geval van, een recht op een tegemoetkoming hebben, is het tweede lid van overeenkomstige toepassing en verstrekken zij de SVB de inlichtingen en de bewijsstukken over de in verband met het geconstateerde maligne mesothelioom of de geconstateerde asbestose door hen reeds ontvangen vergoedingen van de immateriële schade. 5 artikel 3, eerste lid, onderdeel b In het geval van, kunnen nabestaanden tot en met 30 november 2008 een aanvraag om tegemoetkoming indienen. 2014 7712 25-03-2014 17-03-2014 IENM/BSK-2014/64445 2014 7712 25-03-2014 17-03-2014 IENM/BSK-2014/64445 01-04-2014
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 artikel 2 artikel 2a artikel 3 De tegemoetkoming wordt door de SVB zo spoedig mogelijk uitbetaald aan de persoon, bedoeld inof, of aan de nabestaanden, bedoeld in. 2014 7712 25-03-2014 17-03-2014 IENM/BSK-2014/64445 2014 7712 25-03-2014 17-03-2014 IENM/BSK-2014/64445 01-04-2014
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 De SVB herziet een besluit tot toekenning van de tegemoetkoming of trekt dat in indien degene aan wie de tegemoetkoming is toegekend of de nabestaande ervan: a. nadien alsnog een betaling heeft ontvangen waarmee rekening zou zijn gehouden bij de vaststelling van het recht op tegemoetkoming, of b. artikel 5, vierde lid artikel 6, eerste tot en met vierde lid de verplichtingen, bedoeld in, en, niet of niet behoorlijk heeft nagekomen en dit heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van de tegemoetkoming. 2 Indien daarvoor dringende redenen aanwezig zijn, kan de SVB besluiten geheel of gedeeltelijk van herziening of intrekking af te zien. 3 De tegemoetkoming die als gevolg van een besluit als bedoeld in het eerste lid ten onrechte of tot een te hoog bedrag is verleend, alsmede hetgeen anderszins onverschuldigd is betaald, wordt van degene aan wie de tegemoetkoming is toegekend of de nabestaande ervan, teruggevorderd. 2014 7712 25-03-2014 17-03-2014 IENM/BSK-2014/64445 2014 7712 25-03-2014 17-03-2014 IENM/BSK-2014/64445 01-04-2014
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 Deze regeling wordt uitgevoerd door de SVB. 2 artikel 2, onderdeel i De SVB kan, voor zover het de aaneengeslotenheid van de periode van ten minste 10 jaar betreft, buiten toepassing laten of daarvan afwijken indien naar het oordeel van de SVB het belang van deze regeling daartoe noodzaakt. 2014 7712 25-03-2014 17-03-2014 IENM/BSK-2014/64445 2014 7712 25-03-2014 17-03-2014 IENM/BSK-2014/64445 01-04-2014
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 De SVB kan over het recht op de tegemoetkoming advies vragen aan het instituut asbestslachtoffers. 2 De SVB stelt de eisen vast waaraan het advies dient te voldoen en stelt een termijn binnen welke het advies wordt verwacht. 2007 232 29-11-2007 22-11-2007 SAS2007115642 2007 232 29-11-2007 22-11-2007 SAS2007115642 01-12-2007
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 De SVB en het instituut asbestslachtoffers stellen een overeenkomst op betreffende de samenwerking en de werkwijze in het kader van de uitvoering van deze regeling. 2 In de in het eerste lid bedoelde overeenkomst wordt ten minste vastgelegd: a. op welke wijze de behandeling van aanvragen om een tegemoetkoming plaatsvindt; b. op welke wijze de juistheid en de volledigheid van de verkregen inlichtingen wordt onderzocht; c. op welke wijze de informatievoorziening aan belanghebbenden wordt ingericht; d. welke vergoeding door de SVB aan het instituut asbestslachtoffers zal worden verstrekt; e. op welke wijze de verstrekking van de vergoedingen, bedoeld in onderdeel d, zal worden ingericht; f. dat periodiek overleg zal worden gevoerd betreffende de uitvoering van deze regeling, alsmede de frequentie daarvan; g. welke informatie door het instituut asbestslachtoffers aan de SVB wordt verstrekt ten behoeve van de informatieverplichting van de SVB aan de Minister; h. hoe uit de overeenkomst voortvloeiende geschillen zullen worden beslecht. 2014 7712 25-03-2014 17-03-2014 IENM/BSK-2014/64445 2014 7712 25-03-2014 17-03-2014 IENM/BSK-2014/64445 01-04-2014
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 De SVB verstrekt jaarlijks, vóór 1 juli, informatie aan de Minister over het vorige jaar met betrekking tot: a. het aantal ingediende aanvragen om een tegemoetkoming, b. het aantal gevallen waarin een tegemoetkoming is verleend dan wel de aanvraag is afgewezen, c. de gronden voor afwijzing van een aanvraag, d. de behandelingsduur van een aanvraag, e. het aantal bezwaar- en beroepsschriften, f. artikel 5, derde lid het aantal gerechtelijke procedures, als bedoeld in, g. artikel 5, derde lid het aantal gerechtelijke procedures waarbij een bedrag als bedoeld in, is verhaald, h. artikel 1, eerste lid, onderdeel j de werkelijke lasten, verbijzonderd naar de kosten die daartoe in, worden gerekend. 2 artikel 1, eerste lid, onderdeel j Bij de informatie, bedoeld in het eerste lid, verstrekt de SVB een raming van de lasten voor het komende kwartalen in het komende jaar, verbijzonderd naar de kosten die daartoe in, worden gerekend. 2015 42945 30-11-2015 24-11-2015 IENM/BSK-2015/225510 2015 42945 30-11-2015 24-11-2015 IENM/BSK-2015/225510 01-01-2016 01-01-2015
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 1 De lasten van deze regeling worden gefinancierd uit een rijksbijdrage ten laste van de begroting van de Minister. 2 Op de eerste dag van elk kwartaal draagt het Rijk de geraamde lasten over dat kwartaal af aan de SVB. 3 Indien de dag, genoemd in het tweede lid, een zaterdag, zondag of een algemeen erkende feestdag is, wordt de eerstvolgende dag die niet een zaterdag, zondag of een algemeen erkende feestdag is, in aanmerking genomen. 4 Op de lasten van deze regeling komen in mindering: a. artikel 5, derde en vierde lid de bedragen die op grond van, zijn terugbetaald; b. artikel 8 de tegemoetkomingen die op grond vanzijn teruggevorderd en zijn terugbetaald. 2015 42945 30-11-2015 24-11-2015 IENM/BSK-2015/225510 2015 42945 30-11-2015 24-11-2015 IENM/BSK-2015/225510 01-01-2016 01-01-2015
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 artikel 13 artikel 13, tweede lid In afwijking vankan in bijzondere gevallen een hogere of een lagere afdracht dan die bedoeld in, worden verstrekt. 2007 232 29-11-2007 22-11-2007 SAS2007115642 2007 232 29-11-2007 22-11-2007 SAS2007115642 01-12-2007
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 1 De SVB dient jaarlijks vóór 1 juli de afrekening in bij de Minister met betrekking tot de kasuitgaven in het kader van deze regeling over het afgelopen kalenderjaar. Op grond van deze afrekening vindt een betaling ten gunste of ten laste van de SVB plaats. 2 artikel 13, eerste lid De Minister stelt jaarlijks vóór 1 september, na ontvangst van de jaarrekening met een verklaring over de rechtmatigheid, de rijksbijdrage, bedoeld in, definitief vast op de lasten van de SVB in het kader van deze regeling over het afgelopen kalenderjaar. 2015 42945 30-11-2015 24-11-2015 IENM/BSK-2015/225510 2015 42945 30-11-2015 24-11-2015 IENM/BSK-2015/225510 01-01-2016 01-01-2015
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 Wijzigt deze regeling. 2007 232 29-11-2007 22-11-2007 SAS2007115642 2007 232 29-11-2007 22-11-2007 SAS2007115642 01-12-2007
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 Wijzigt de Regeling WWB. 2007 232 29-11-2007 22-11-2007 SAS2007115642 2007 232 29-11-2007 22-11-2007 SAS2007115642 01-12-2007
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 december 2007. 2007 232 29-11-2007 22-11-2007 SAS2007115642 2007 232 29-11-2007 22-11-2007 SAS2007115642 01-12-2007
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling tegemoetkoming niet-loondienstgerelateerde slachtoffers van mesothelioom en asbestose. 2014 7712 25-03-2014 17-03-2014 IENM/BSK-2014/64445 2014 7712 25-03-2014 17-03-2014 IENM/BSK-2014/64445 01-04-2014