Regeling van de Minister van Buitenlandse Zaken van 17 oktober 2007, nr. DJZ/BR/0916-07, betreffende beperkende maatregelen ten aanzien van Iran (Sanctieregeling Iran 2007)
- BWB-id
- BWBR0022662
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Buitenlandse Zaken
- Geldigheid
- 2010-09-07 t/m 2010-11-18
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0022662
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2007/sanctieregeling-iran-2007
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2007/sanctieregeling-iran-2007/2010-09-07
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0022662&g=2010-09-07
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0022662&z=2026-06-06&g=2010-09-07
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0022662/2010-09-07
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2007/sanctieregeling-iran-2007
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 Verordening (EG) nr. 423/2007 Het is verboden te handelen in strijd met de artikelen 2, 3, eerste lid, 4, 5, eerste en tweede lid, 7 en 13, eerste lid, vanvan de Raad van de Europese Unie van 19 april 2007 betreffende beperkende maatregelen ten aanzien van Iran (Pb EG L 103). 2 Verordening (EG) nr. 423/2007 Een verbod, bedoeld in het eerste lid, geldt niet indien artikel 6, 8, 9, 10 of 11 vanvan toepassing is. 2007 202 18-10-2007 17-10-2007 DJZ/BR/0916-07 2007 202 18-10-2007 17-10-2007 DJZ/BR/0916-07 20-10-2007
Artikel 1a — Artikel 1a#
Artikel 1a 1 Het is verboden om de volgende voorwerpen, materialen, uitrusting, goederen en technologie aan te kopen van bedrijven, entiteiten of personen in Iran of van niet in Iran gevestigde bedrijven of entititeiten die in Iraanse handen zijn of onder Iraanse zeggenschap staan: a. wapens en aanverwant materieel van enigerlei aard, waaronder begrepen wapens en munitie, militaire voertuigen en uitrusting, paramilitaire uitrusting en reserveonderdelen voor dergelijke wapens en aanverwant materieel, alsmede uitrusting die voor binnenlandse repressie kan worden gebruikt; b. andere dan de in bijlage I en bijlage I bis van Verordening (EG) nr. 423/2007 van de Raad van de Europese Unie van 19 april 2007 betreffende beperkende maatregelen ten aanzien van Iran (Pb EU L 103), genoemde goederen en technologieën voor tweeërlei gebruik die zijn opgenomen in bijlage I bij Verordening (EG) nr. 428/2009 van de Raad van de Europese Unie van 5 mei 2009 tot instelling van een communautaire regeling voor controle op de uitvoer, de overbrenging, de tussenhandel en de doorvoer van producten voor tweeërlei gebruik, met uitzondering van categorie 5 - deel 1 en categorie 5 - deel 2 in bijlage I bij Verordening (EG) nr. 428/2009 van de Raad van de Europese Unie. 2010 13684 06-09-2010 30-08-2010 DJZ/BR/0631-10 2010 13684 06-09-2010 30-08-2010 DJZ/BR/0631-10 07-09-2010
Artikel 1b — Artikel 1b#
Artikel 1b 1 Het is verboden om: a. een financiële lening of krediet te verstrekken aan ondernemingen in Iran die actief zijn in de sectoren van de aardolie- en aardgasindustrie van Iran die betrekking hebben op raffinage, vloeibaar aardgas, exploratie en productie, of aan Iraanse ondernemingen of ondernemingen in Iraans bezit die buiten Iran in die sectoren actief zijn; b. een deelneming te verwerven of uit te breiden in ondernemingen, bedoeld in onderdeel a, alsook dergelijke ondernemingen volledig te verwerven en aandelen en effecten die een deelnemingsrecht vertegenwoordigen te verwerven; c. een joint venture op te richten met ondernemingen in Iran die actief zijn in de sectoren, bedoeld in onderdeel a, en met dochterondernemingen of filialen onder hun zeggenschap. 2 Het in het eerste lid, onderdeel a, neergelegde verbod is niet van toepassing op de uitvoering van verplichtingen die voortvloeien uit contracten of verdragen die voor 26 juli 2010 zijn gesloten. 3 Het in het eerste lid, onderdeel b, neergelegde verbod is niet van toepassing op de uitbreiding van een deelneming uit hoofde van een verplichting die voortvloeit uit een voor 26 juli 2010 gesloten verdrag. 2010 13684 06-09-2010 30-08-2010 DJZ/BR/0631-10 2010 13684 06-09-2010 30-08-2010 DJZ/BR/0631-10 07-09-2010
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Het is verboden om militaire goederen, alsmede militaire technologie, aangewezen in de bijlage bij het In- en uitvoerbesluit strategische goederen, dan wel onderdelen daarvan, direct of indirect te verkopen, te leveren, over te dragen aan dan wel te exporteren naar entiteiten of personen in Iran, of voor gebruik in Iran, ongeacht het land van herkomst. 2007 202 18-10-2007 17-10-2007 DJZ/BR/0916-07 2007 202 18-10-2007 17-10-2007 DJZ/BR/0916-07 20-10-2007
Artikel 2a — Artikel 2a#
Artikel 2a 1 Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek Het is verboden om gespecialiseerde vorming of opleiding die kan bijdragen aan proliferatiegevoelige activiteiten van Iran en aan de ontwikkeling van systemen voor de overbrenging van kernwapens te verstrekken aan Iraanse onderdanen, die niet beschikken over een met het oog op deze verstrekking door de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap verleende ontheffing of in afwijking van de aan deze ontheffing verleende beperkingen. Het verbod, bedoeld in de eerste volzin, strekt zich niet uit tot bacheloropleidingen, bedoeld in de. 2 Een ontheffing wordt geweigerd, indien de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap het risico dat het aanbieden van de bedoelde vorming of opleiding aan de Iraanse onderdaan voor wie de ontheffing is bestemd, zal bijdragen aan proliferatiegevoelige activiteiten van Iran of aan de ontwikkeling van systemen voor de overbrenging van kernwapens in Iran, onaanvaardbaar groot acht. 3 Een ontheffing op grond van het eerste lid kan onder beperkingen worden verleend. 4 bijlage In de bij deze regeling behorendewordt bepaald op welke gebieden van onderwijs en onderzoek het verbod, bedoeld in het eerste lid, in elk geval betrekking heeft. 2010 10982 13-07-2010 02-07-2010 DJZ/BR/0473-10 2010 10982 13-07-2010 02-07-2010 DJZ/BR/0473-10 14-07-2010
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 3, eerste lid bis, vierde en vijfde lid, artike 5, derde lid, wat betreft transacties, bedoeld in artikel 5, tweede lid onder a, en artikel 6 jo artikel 5, eerste lid onder a, van Verordening (EG) nr. 423/2007 is de minister van Economische Zaken. 2 Verordening (EG) nr. 423/2007 De bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 5, derde lid, wat betreft transacties, bedoeld in artikel 5, tweede lid onder b en c, in artikel 6 jo artikel 5, eerste lid, onder b en c, en in de artikelen 8, 9, en 10, eerste en tweede lid, vanis de Minister van Financiën. 3 Verordening (EG) nr. 423/2007 De bevoegde autoriteiten, bedoeld in artikel 13 vanzijn, elk voor het gebied waartoe hun competentie zich op grond van het eerste en het tweede lid uitstrekt: – de Minister van Economische Zaken; – de Minister van Financiën. 2010 7581 19-05-2010 11-05-2010 DJZ/BR/0300-10 2010 7581 19-05-2010 11-05-2010 DJZ/BR/0300-10 20-05-2010
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Wijzigt de Sanctieregeling Noord-Korea 2007. 2007 202 18-10-2007 17-10-2007 DJZ/BR/0916-07 2007 202 18-10-2007 17-10-2007 DJZ/BR/0916-07 20-10-2007
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Deze regeling wordt aangehaald als: Sanctieregeling Iran 2007. 2007 202 18-10-2007 17-10-2007 DJZ/BR/0916-07 2007 202 18-10-2007 17-10-2007 DJZ/BR/0916-07 20-10-2007
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. 2007 202 18-10-2007 17-10-2007 DJZ/BR/0916-07 2007 202 18-10-2007 17-10-2007 DJZ/BR/0916-07 20-10-2007
Artikel 2a#
artikel 2a