Regeling houdende regels met betrekking tot onderhoudserkenningen en erkenningen van geluidmeetorganisaties (Regeling erkenningen luchtwaardigheid 2008)
- BWB-id
- BWBR0024682
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2020-10-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0024682
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2008/regeling-erkenningen-luchtwaardigheid-2008
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2008/regeling-erkenningen-luchtwaardigheid-2008/2020-10-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0024682&g=2020-10-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0024682&z=2026-06-06&g=2020-10-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0024682/2020-10-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2008/regeling-erkenningen-luchtwaardigheid-2008
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 In deze regeling wordt verstaan onder: autoriseringspersoneel: personeel dat door de houder van een erkenning volgens een door de Minister aanvaarde procedure is gemachtigd geluidsmeetrapporten af te geven nadat geluidsmetingen zijn verricht; BvL-acceptatiekeuring: artikel 1 van de Regeling nationale veiligheidsvoorschriften luchtvaartuigen inspectie zoals gedefinieerd in; BvL-verlengingsinspectie: artikel 1 van de Regeling nationale veiligheidsvoorschriften luchtvaartuigen inspectie zoals gedefinieerd in; CAMO-erkenning: erkenning voor het beheren van de blijvende luchtwaardigheid van luchtvaartuigen en de onderdelen daarvan, als bedoeld in verordening (EU) nr. 1321/2014, Part M, section A, subpart G; certificeringspersoneel: personeel dat door de houder van een erkenning volgens een door de Minister aanvaarde procedure is gemachtigd luchtvaartuigen of onderdelen daarvan als geschikt voor gebruik te certificeren; ernstig defect of gebrek: defect of gebrek van zodanige aard, dat als gevolg hiervan de veilige uitvoering van de vlucht niet meer is gewaarborgd of een ernstige verwonding van een inzittende tot gevolg kan hebben of zijn leven in gevaar kan brengen; houder van een erkenning: natuurlijk of rechtspersoon, erkend door de minister voor de werkzaamheden die zijn opgenomen in het bewijs van erkenning; kwaliteitssysteem: stelsel van vastgelegde bedrijfskundige procedures, regels en voorzieningen dat betrekking heeft op het productieproces en ten doel heeft te verzekeren dat de resultaten van het productieproces aan de vooraf gestelde eisen voldoen; kwaliteitsborging: het aantoonbaar op het vereiste peil houden van het kwaliteitssysteem; kwaliteitsborgingsfunctie: inspectie- en kwaliteitsorganisatie, aanvaard door de Minister voor het houden van toezicht en het beoordelen van de kwaliteit van de werkzaamheden, teneinde het vereiste kwaliteitsniveau te handhaven; luchtwaardigheidsgegevens: alle informatie die nodig is om ervoor te zorgen dat het luchtvaartuig of het onderdeel daarvan in een zodanige staat kan worden gehouden dat de luchtwaardigheid van het luchtvaartuig of het goed functioneren van de operationele uitrusting of de nooduitrusting verzekerd is; minister: Minister van Infrastructuur en Waterstaat; MOA: erkenning voor het onderhoud van vliegtuigen, helikopters en luchtschepen of onderdelen daarvan, als bedoeld in bijlage II bij verordening (EU) nr. 1321/2014, (Maintenance Organisation Approval). 2 In deze regeling wordt onder productie mede verstaan: het verrichten van diensten. 2020 34020 01-07-2020 30-06-2020 IENW/BSK-2020/111578 2020 34020 01-07-2020 30-06-2020 IENW/BSK-2020/111578 01-10-2020
Artikel 1a — Artikel 1a#
Artikel 1a artikel 1.5 van de Wet luchtvaart artikelen 18, tweede lid 19, tweede lid, onderdelen c en g 20 van het Besluit luchtvaartuigen 2008 Deze regeling is gebaseerd open de,, en. 2020 34020 01-07-2020 30-06-2020 IENW/BSK-2020/111578 2020 34020 01-07-2020 30-06-2020 IENW/BSK-2020/111578 01-10-2020
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 De aanvraag voor een erkenning als bedoeld in verordening (EU) nr. 1321/2014 en verordening (EU) nr. 748/2012 wordt ingediend door de functionaris van het bedrijf, die de eindverantwoordelijkheid draagt ten aanzien van het door het bedrijf gevoerde beleid. 2 Bij de aanvraag verstrekt de aanvrager naast de in de van toepassing zijnde Parts genoemde gegevens de volgende gegevens a. een uittreksel, niet ouder dan drie maanden, uit het Handelsregister; en b. een zelfevaluatie, waarin is opgenomen op welke wijze de aanvrager aan de in de van toepassing zijnde regelgeving bedoelde eisen voldoet, en waar dit in het handboek staat beschreven. 2015 11508 01-05-2015 24-04-2015 IENM/BSK-2015/66162 2015 11508 01-05-2015 24-04-2015 IENM/BSK-2015/66162 01-07-2015
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 Artikel 2 is van toepassing op de aanvraag voor een wijziging van een erkenning, met dien verstande dat kan worden volstaan met de gegevens, die voor de aangevraagde wijziging relevant zijn. 2 Bij wijziging wordt zo nodig een nieuw bewijs van erkenning afgegeven. 3 Een aanvraag om wijziging wordt uiterlijk vier weken voor de gewenste datum van wijziging ingediend. 2008 218 10-11-2008 30-10-2008 CEND/HDJZ-2008/1429SectorLUV 2008 218 10-11-2008 30-10-2008 CEND/HDJZ-2008/1429SectorLUV 12-11-2008
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Vanaf het tijdstip van schorsing van een erkenning mag de houder die bevoegdheden, waarop de schorsing van de erkenning betrekking heeft, niet uitoefenen. 2 Om een schorsing op te heffen toont de houder aan, dat de redenen, die tot schorsing hebben geleid, zijn vervallen. 2008 218 10-11-2008 30-10-2008 CEND/HDJZ-2008/1429SectorLUV 2008 218 10-11-2008 30-10-2008 CEND/HDJZ-2008/1429SectorLUV 12-11-2008
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 Vanaf het tijdstip van intrekking van een erkenning mag de houder die bevoegdheden, waarop de intrekking van de erkenning betrekking heeft, niet uitoefenen. 2 De minister neemt het bewijs van erkenning in en geeft, in geval van gedeeltelijke intrekking, een nieuw bewijs van erkenning af. 2014 6733 14-03-2014 06-03-2014 IENM/BSK-2014/52716 2014 102 14-03-2014 11-02-2014 15-03-2014 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I, onderdelen D,
F tot en met O, W tot en met AA, van de Wijzigingswet Wet
luchtvaart, enz. (uitvoering verordening (EG) nr. 216/2008 tot
vaststelling van gemeenschappelijke regels op het gebied van
burgerluchtvaart en tot oprichting van een Europees Agentschap voor
de veiligheid van de luchtvaart) (Stb. 2013, 140) in werking treedt.
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 De houder van een POA zal de te melden afwijkingen volgens 21 A.165(f)2 van Part 21 bij verordening (EU) nr. 748/2012 schriftelijk en onverwijld maar uiterlijk binnen 72 uur na constatering aan de Minister melden. 2014 6733 14-03-2014 06-03-2014 IENM/BSK-2014/52716 2014 102 14-03-2014 11-02-2014 15-03-2014 Abusievelijk is een wijzigingsopdracht geformuleerd die niet
geheel juist is. Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I, onderdelen D,
F tot en met O, W tot en met AA, van de Wijzigingswet Wet
luchtvaart, enz. (uitvoering verordening (EG) nr. 216/2008 tot
vaststelling van gemeenschappelijke regels op het gebied van
burgerluchtvaart en tot oprichting van een Europees Agentschap voor
de veiligheid van de luchtvaart) (Stb. 2013, 140) in werking treedt.
Artikel 6a — Artikel 6a#
Artikel 6a 1 De minister kan op aanvraag de houder van een door de minister afgegeven CAMO-erkenning aanvullend erkennen voor het uitvoeren van een acceptatiekeuring ten behoeve van de afgifte van een EASA-standaard-BvL, een EASA-beperkt-BvL dan wel een export-BvL voor een, in Nederland geregistreerd, luchtvaartuig als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, onder i, van de basisverordening en de daarbij behorende verklaringen. 2 De minister geeft deze aanvullende erkenning af indien de aanvrager zijn handboek heeft aangevuld met een procedure met betrekking tot deze keuringen en verklaringen. 3 De minister kan de aanvullende erkenning tot het uitvoeren van acceptatiekeuringen intrekken, indien: a. een positief advies is uitgebracht over een niet-luchtwaardig luchtvaartuig; of b. positieve adviezen zijn uitgebracht die op onderdelen onjuist zijn, zonder dat er sprake is van niet-luchtwaardige luchtvaartuigen. 2020 34020 01-07-2020 30-06-2020 IENW/BSK-2020/111578 2020 34020 01-07-2020 30-06-2020 IENW/BSK-2020/111578 01-10-2020
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Vervallen 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 01-04-2018
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Vervallen 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 01-04-2018
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Vervallen 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 01-04-2018
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Vervallen 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 01-04-2018
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Vervallen 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 01-04-2018
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 Vervallen 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 01-04-2018
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Vervallen 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 01-04-2018
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Vervallen 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 01-04-2018
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Vervallen 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 01-04-2018
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 Vervallen 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 01-04-2018
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 Vervallen 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 01-04-2018
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 Vervallen 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 01-10-2011
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 Vervallen 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 01-10-2011
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 Vervallen 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 01-10-2011
Artikel 21 — Artikel 21#
Artikel 21 Vervallen 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 01-10-2011
Artikel 22 — Artikel 22#
Artikel 22 Vervallen 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 01-10-2011
Artikel 23 — Artikel 23#
Artikel 23 Vervallen 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 01-10-2011
Artikel 24 — Artikel 24#
Artikel 24 Vervallen 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 01-10-2011
Artikel 25 — Artikel 25#
Artikel 25 Vervallen 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 01-10-2011
Artikel 26 — Artikel 26#
Artikel 26 Vervallen 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 01-10-2011
Artikel 27 — Artikel 27#
Artikel 27 Vervallen 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 01-10-2011
Artikel 28 — Artikel 28#
Artikel 28 Vervallen 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 01-10-2011
Artikel 29 — Artikel 29#
Artikel 29 Vervallen 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 01-10-2011
Artikel 29a — Artikel 29a#
Artikel 29a 1 De minister kan op aanvraag aan een bedrijf de volgende erkenningen afgeven: De erkenning voor de activiteiten, bedoeld onder a tot en met c, is slechts mogelijk voor zover het een luchtvaartuig betreft als bedoeld in onderdeel 1, onder a, b, en d, van bijlage I bij de basisverordening of dat volledig wordt ingezet voor niet-militaire staatsactiviteiten of diensten. a. een erkenning tot het onderhoud van een Nederlands luchtvaartuig; b. een erkenning tot het onderhoudsmanagement van een Nederlands luchtvaartuig; c. een erkenning voor het verrichten van ontwerpwerkzaamheden voor een Nederlands luchtvaartuig, en d. een erkenning tot het uitvoeren van een acceptatiekeuring ten behoeve van de afgifte van een speciaal-BvL voor een RPA. 2 De minister kan op aanvraag de houder van een erkenning als bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en b, de bevoegdheid verlenen tot het aanvullend erkennen voor: a. het uitvoeren van een BvL-verlengingsinspectie aan een luchtvaartuig als bedoeld in onderdeel 1, onder a, b, en d, van bijlage I bij de basisverordening of dat volledig wordt ingezet voor niet-militaire staatsactiviteiten of diensten, en dat is ingeschreven in het Nederlands register voor burgerluchtvaartuigen; en b. het uitvoeren van een acceptatiekeuring ten behoeve van de afgifte van een EASA-standaard-BvL, een EASA-beperkt-BvL, een ICAO-standaard-BvL dan wel een export-BvL en de daarbij behorende verklaringen. 2020 34020 01-07-2020 30-06-2020 IENW/BSK-2020/111578 2020 34020 01-07-2020 30-06-2020 IENW/BSK-2020/111578 01-10-2020
Artikel 30 — Artikel 30#
Artikel 30 1 artikel 29a, eerste lid, onderdeel a De minister geeft een erkenning als bedoeld in, af nadat de aanvrager heeft aangetoond: a. dat hij in Nederland is gevestigd; en b. bijlage C dat hij aan de erkenningsvoorwaarden opgenomen in de bij deze regeling behorendevoldoet; of c. artikel 29a, eerste lid, onderdeel a indien hij een MOA of MOA-F bezit, zijn handboek voorziet van een aanvulling waarin het verschil tussen zijn MOA of MOA-F en de erkenning als bedoeld in, is opgenomen. 2 artikel 29a, eerste lid, onderdeel b De minister geeft een erkenning als bedoeld in, af nadat de aanvrager heeft aangetoond, dat: a. hij in Nederland is gevestigd; b. hij voldoet aan de overeenkomstig van toepassing zijnde voorwaarden van Part M, subpart G, van verordening (EU) nr. 1321/2014 en c. Hoofdstuk 5 van de Regeling nationale veiligheidsvoorschriften luchtvaartuigen zijn handboek voorziet van een aanvulling waarin de verschillen ten opzichte van Part M enworden vermeld. 3 artikel 29a, tweede lid, onderdelen a en b De minister geeft een aanvullende onderhoudserkenning als bedoeld in, af indien de aanvrager zijn handboek heeft aangevuld met een procedure met betrekking tot deze keuringen, inspecties en verklaringen. 4 artikel 29a, eerste lid, onderdeel c De minister geeft een erkenning als bedoeld in, af nadat de aanvrager heeft aangetoond, dat: a. hij in Nederland is gevestigd en b. hij voldoet aan: 1°. de overeenkomstig van toepassing zijnde voorwaarden van Part 21, subpart J, van verordening (EU) nr. 748/2012; en 2°. bijlage E de aanvullende of afwijkende voorwaarden opgenomen in de bij deze regeling behorende. 5 artikel 29a, eerste lid, onderdeel d De minister geeft een erkenning als bedoeld in, af nadat de aanvrager heeft aangetoond dat: a. hij een vestiging in Nederland heeft; b. hij aan de criteria voor gekwalificeerde instanties, opgenomen in Bijlage VI van de basisverordening voldoet en c. zijn handboek een door de minister goedgekeurde keuringsmethodiek bevat voor de keuring van RPA’s tot 150 kg. 2020 34020 01-07-2020 30-06-2020 IENW/BSK-2020/111578 2020 34020 01-07-2020 30-06-2020 IENW/BSK-2020/111578 01-10-2020
Artikel 31 — Artikel 31#
Artikel 31 1 artikel 29a, eerste lid, onderdelen a en b Bij de aanvraag voor een erkenning als bedoeld in, verstrekt de aanvrager de volgende gegevens: a. een korte levensbeschrijving van de aanvrager, het hoofd van de kwaliteitsafdeling, de gemachtigden, alsmede overige leden van het personeel die met betrekking tot de erkenning van het bedrijf een belangrijke functie vervullen, waarin in ieder geval opleiding, ervaring en vroegere functies zijn opgenomen; b. een globale opsomming van de werkzaamheden, die het bedrijf uitbesteedt aan andere bedrijven; c. een opgave van de potentiële afnemers van de resultaten van het productieproces ten behoeve waarvan een erkenning wordt aangevraagd; d. bijlage C een exemplaar van het handboek, bedoeld in de bij deze regeling behorende; e. een exemplaar van te gebruiken modellen van het certificaat van vrijgave en het certificaat van vrijgave voor gebruik; f. een uittreksel, niet ouder dan drie maanden, uit het Handelsregister; g. een zelfevaluatie, waarin is opgenomen op welke wijze de aanvrager aan de in de van toepassing zijnde regelgeving bedoelde eisen voldoet, en waar dit in het handboek staat beschreven. 2 artikel 29a, eerste lid, onderdeel c Bij de aanvraag voor een erkenning als bedoeld in, verstrekt de aanvrager de volgende gegevens: a. een korte levensbeschrijving van de aanvrager, het hoofd van de kwaliteitsafdeling, de gemachtigden, alsmede overige leden van het personeel die met betrekking tot de erkenning van het bedrijf een belangrijke functie vervullen, waarin in ieder geval opleiding, ervaring en vroegere functies zijn opgenomen; b. een exemplaar van het handboek, als bedoeld in onderdeel 21.A.243 van Part 21 bij verordening (EU) nr. 748/2012; c. een uittreksel, niet ouder dan drie maanden, uit het Handelsregister; d. een zelfevaluatie betreffende de aanvrager, waarin is opgenomen op welke wijze de aanvrager aan de in de van toepassing zijnde regelgeving bedoelde eisen voldoet, onder verwijzing naar de passages in het handboek waar dit staat beschreven. 2015 11508 01-05-2015 24-04-2015 IENM/BSK-2015/66162 2015 11508 01-05-2015 24-04-2015 IENM/BSK-2015/66162 01-07-2015
Artikel 32 — Artikel 32#
Artikel 32 Van de erkenning wordt een bewijs afgegeven. 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 01-04-2018
Artikel 33 — Artikel 33#
Artikel 33 Vervallen 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 01-04-2018
Artikel 34 — Artikel 34#
Artikel 34 1 De houder van een erkenning bereidt wijzigingen in het functioneren van de organisatie zodanig voor en voert deze zodanig uit, dat het kwaliteitssysteem van de houder van de erkenning aantoonbaar in stand en effectief blijft. 2 De houder van een erkenning dient een aanvraag in voor acceptatie van wijziging van de bij de oorspronkelijke aanvraag verstrekte gegevens bij wijziging van: a. de benaming van de organisatie; b. de locatie van de organisatie; c. de aanvullende locaties van de organisatie; d. de verantwoordelijke manager; e. het personeel verantwoordelijk voor de naleving door de organisatie van de van toepassing zijnde eisen; f. de faciliteiten, procedures, reikwijdte van werkzaamheden en personeel die de erkenning kunnen beïnvloeden. 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 01-04-2018
Artikel 35 — Artikel 35#
Artikel 35 1 Een aanvraag tot wijziging wordt door de minister goedgekeurd nadat is aangetoond, dat het bedrijf ook na de invoering van de wijziging aan de voor de verkrijging van een erkenning gestelde voorwaarden zal blijven voldoen. 2 artikelen 30 31 Deenzijn van toepassing, met dien verstande dat kan worden volstaan met de gegevens, die voor de aangevraagde wijziging relevant zijn. 3 Bij wijziging wordt zo nodig een nieuw bewijs van erkenning afgegeven. 4 Een aanvraag om wijziging wordt uiterlijk vier weken voor de gewenste datum van wijziging ingediend. 2014 6733 14-03-2014 06-03-2014 IENM/BSK-2014/52716 2014 102 14-03-2014 11-02-2014 15-03-2014 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I, onderdelen D,
F tot en met O, W tot en met AA, van de Wijzigingswet Wet
luchtvaart, enz. (uitvoering verordening (EG) nr. 216/2008 tot
vaststelling van gemeenschappelijke regels op het gebied van
burgerluchtvaart en tot oprichting van een Europees Agentschap voor
de veiligheid van de luchtvaart) (Stb. 2013, 140) in werking treedt.
Artikel 36 — Artikel 36#
Artikel 36 1 Vanaf het tijdstip van schorsing mag de houder die bevoegdheden, waarop de schorsing van de erkenning betrekking heeft, niet uitoefenen. 2 Om een schorsing op te heffen wordt aangetoond, dat de omstandigheden, die tot schorsing hebben geleid, zijn opgeheven. 2008 218 10-11-2008 30-10-2008 CEND/HDJZ-2008/1429SectorLUV 2008 218 10-11-2008 30-10-2008 CEND/HDJZ-2008/1429SectorLUV 12-11-2008
Artikel 36a — Artikel 36a#
Artikel 36a 1 artikel 29a, tweede lid De minister kan de bevoegdheid tot het uitvoeren van BvL-verlengingsinspecties of acceptatiekeuringen als bedoeld in, intrekken, indien: a. een positief advies is uitgebracht over een niet-luchtwaardig luchtvaartuig; of b. positieve adviezen zijn uitgebracht die op onderdelen onjuist zijn, zonder dat er sprake is van niet-luchtwaardige luchtvaartuigen. 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 2011 15315 24-08-2011 16-08-2011 IENM/BSK-2011/111460 01-10-2011
Artikel 37 — Artikel 37#
Artikel 37 1 Vanaf het tijdstip van intrekking mag de houder die bevoegdheden, waarop de intrekking van de erkenning betrekking heeft, niet uitoefenen. 2 De houder van de erkenning is verplicht het bewijs van erkenning zo spoedig mogelijk aan de minister te zenden. 3 De minister neemt het bewijs van erkenning in en geeft, in geval van gedeeltelijke intrekking, een nieuw bewijs van erkenning af. 2014 6733 14-03-2014 06-03-2014 IENM/BSK-2014/52716 2014 102 14-03-2014 11-02-2014 15-03-2014 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I, onderdelen D,
F tot en met O, W tot en met AA, van de Wijzigingswet Wet
luchtvaart, enz. (uitvoering verordening (EG) nr. 216/2008 tot
vaststelling van gemeenschappelijke regels op het gebied van
burgerluchtvaart en tot oprichting van een Europees Agentschap voor
de veiligheid van de luchtvaart) (Stb. 2013, 140) in werking treedt.
Artikel 38 — Artikel 38#
Artikel 38 1 artikel 29a, eerste lid, onderdelen a en b bijlage C Het handboek van de aanvrager van een erkenning als bedoeld in, bevat in ieder geval de informatie die is voorgeschreven in de bij deze regeling behorende. 2 artikel 29a, eerste lid, onderdeel c bijlage E Het handboek van de aanvrager van een erkenning als bedoeld in, bevat de informatie die is voorgeschreven in onderdeel 21.A.243 van Part 21 bij verordening (EU) nr. 748/2012, met in achtneming van de van toepassing zijnde aanvullingen en afwijkingen als bedoeld in de bij deze regeling behorende. 3 In door de minister te bepalen gevallen beschikt de aanvrager over een centraal handboek. Het centrale handboek bevat de hoofdlijnen van en verwijzingen naar het handboek. 4 De aanvrager zendt wijzigingen in het handboek zo spoedig mogelijk aan de minister. 2015 11508 01-05-2015 24-04-2015 IENM/BSK-2015/66162 2015 11508 01-05-2015 24-04-2015 IENM/BSK-2015/66162 01-07-2015
Artikel 39 — Artikel 39#
Artikel 39 1 artikel 29a, eerste lid, onderdelen a en b De houder van een erkenning als bedoeld in, bewaart de volgende gegevens ten minste gedurende de aangegeven termijn: a. de gegevens met betrekking tot onderhoud van onderdelen of producten: tien jaren na het beëindigen van de werkzaamheden; b. de administratie betreffende de afgegeven certificaten van vrijgave en certificaten van vrijgave voor gebruik: tien jaren na de autorisatie daarvan; c. de ontvangen certificaten van vrijgave voor gebruik of verklaringen van conformiteit voor materialen of onderdelen, welke van derden zijn betrokken: tien jaren na de verwerking van deze materialen of onderdelen. 2 artikel 29a, eerste lid, onderdeel a De houder van een erkenning als bedoeld in, die in het bezit is van een MOA of MOA-F, bewaart de gegevens, bedoeld in Part M, subpart F, van verordening (EU) nr. 1321/2014, ten minste gedurende de daarin aangegeven termijnen. 3 artikel 29a, eerste lid, onderdeel b De houder van een erkenning als bedoeld in, bewaart de gegevens, bedoeld in Part M, subpart G, van verordening (EU) nr. 1321/2014, ten minste gedurende de daarin aangegeven termijnen. 4 artikel 29a, eerste lid, onderdeel c De houder van een erkenning als bedoeld in, bewaart de verklaring van goedkeuring, de ontwerpgegevens en de technische onderbouwing ten minste tot 2 jaar na het uit dienst nemen van het goedgekeurde ontwerp. 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 01-04-2018
Artikel 40 — Artikel 40#
Artikel 40 1 De houder van een erkenning meldt ernstige tekortkomingen die tijdens het productieproces ontstaan, een ernstig defect of een ernstig gebrek zo spoedig mogelijk, doch in elk geval binnen 72 uur na constatering of het bekend worden ervan, schriftelijk aan de minister. 2 De melding gaat vergezeld van een zo volledig mogelijke beschrijving van hetgeen werd gevonden en een opgave van de overige van belang zijnde gegevens. 3 Indien er sprake is van direct gevaar voor het veilig gebruik of de inzittende, meldt de houder van een erkenning de tekortkoming, het ernstig defect of gebrek onmiddellijk aan de minister. 2014 6733 14-03-2014 06-03-2014 IENM/BSK-2014/52716 2014 102 14-03-2014 11-02-2014 15-03-2014 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I, onderdelen D,
F tot en met O, W tot en met AA, van de Wijzigingswet Wet
luchtvaart, enz. (uitvoering verordening (EG) nr. 216/2008 tot
vaststelling van gemeenschappelijke regels op het gebied van
burgerluchtvaart en tot oprichting van een Europees Agentschap voor
de veiligheid van de luchtvaart) (Stb. 2013, 140) in werking treedt.
Artikel 41 — Artikel 41#
Artikel 41 Indien naar het oordeel van de minister een verbetering van het kwaliteitssysteem noodzakelijk is, treft de houder van een erkenning, met inachtneming van de door de minister gegeven aanwijzingen, maatregelen ter verbetering van het kwaliteitssysteem. 2014 6733 14-03-2014 06-03-2014 IENM/BSK-2014/52716 2014 102 14-03-2014 11-02-2014 15-03-2014 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I, onderdelen D,
F tot en met O, W tot en met AA, van de Wijzigingswet Wet
luchtvaart, enz. (uitvoering verordening (EG) nr. 216/2008 tot
vaststelling van gemeenschappelijke regels op het gebied van
burgerluchtvaart en tot oprichting van een Europees Agentschap voor
de veiligheid van de luchtvaart) (Stb. 2013, 140) in werking treedt.
Artikel 42 — Artikel 42#
Artikel 42 1 De aanvrager wordt erkend nadat deze naar het oordeel van de minister genoegzaam heeft aangetoond, dat hij: a. bijlage D aan de erkenningsvoorwaarden, opgenomen in de bij deze regeling behorendevoldoet; b. in Nederland is gevestigd. 2 De aanvraag wordt ingediend door de functionaris van de organisatie, die de eindverantwoordelijkheid draagt ten aanzien van het door de organisatie gevoerde beleid. 2014 6733 14-03-2014 06-03-2014 IENM/BSK-2014/52716 2014 102 14-03-2014 11-02-2014 15-03-2014 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I, onderdelen D,
F tot en met O, W tot en met AA, van de Wijzigingswet Wet
luchtvaart, enz. (uitvoering verordening (EG) nr. 216/2008 tot
vaststelling van gemeenschappelijke regels op het gebied van
burgerluchtvaart en tot oprichting van een Europees Agentschap voor
de veiligheid van de luchtvaart) (Stb. 2013, 140) in werking treedt.
Artikel 43 — Artikel 43#
Artikel 43 Bij de aanvraag verstrekt de aanvrager de volgende gegevens: a. een korte levensbeschrijving van de aanvrager, de uitvoerder van de kwaliteitsborgingsfunctie, en het autoriseringspersoneel, waarin in ieder geval opleiding, ervaring en vroegere functies zijn opgenomen; b. in het geval van een eenmansorganisatie, een afschrift van de overeenkomst met de uitvoerder van de kwaliteitsborgingsfunctie; c. artikel 16 bijlage D een exemplaar van het handboek, bedoeld invan de bij deze regeling behorende; d. een exemplaar van te gebruiken modellen van het geluidsmeetrapport; e. een uittreksel, niet ouder dan drie maanden, uit het Handelsregister indien de organisatie aldaar is ingeschreven, of in het geval van een eenmansorganisatie, een gewaarmerkt afschrift, niet ouder dan drie maanden, uit de basisregistratie personen; f. een zelfevaluatie, waarin is opgenomen op welke wijze de aanvrager aan de in de van toepassing zijnde regelgeving bedoelde eisen voldoet, en waar dit in het handboek staat beschreven. 2013 32748 25-11-2013 18-11-2013 IENM/BSK-2013/259688 2013 494 09-12-2013 28-11-2013 06-01-2014 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet basisregistratie
personen (Stb. 2013/315) in werking treedt.
Artikel 44 — Artikel 44#
Artikel 44 Van de erkenning wordt een bewijs afgegeven. 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 01-04-2018
Artikel 45 — Artikel 45#
Artikel 45 Vervallen 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 2018 15398 20-03-2018 13-03-2018 IENW/BSK-2018/40963 01-04-2018
Artikel 46 — Artikel 46#
Artikel 46 1 De houder van een erkenning, niet zijnde een eenmansorganisatie, bereidt wijzigingen in het functioneren van de organisatie zodanig voor en voert deze op zodanige wijze uit, dat het kwaliteitssysteem van de houder van de erkenning aantoonbaar in stand en effectief blijft. 2 De houder van een erkenning, niet zijnde een eenmansorganisatie, dient een aanvraag voor acceptatie van wijziging van de bij de oorspronkelijke aanvraag verstrekte gegevens in bij: a. een wijziging in het kwaliteitsbeleid; b. een belangrijke wijziging van de organisatie; c. een wijziging van de erkenningaanvrager, of de leiding van de kwaliteitsafdeling; d. een wijziging in de lijst van autoriseringspersoneel, tenzij anderszins met het bedrijf is overeengekomen; e. een belangrijke wijziging in de toegepaste werkwijzen; f. verandering in de meetuitrusting van het bedrijf; g. de ingebruikname van een nieuwe geluidsmeetlocatie. 3 artikel 43, aanhef en onder b tot en met f De houder van een erkenning, zijnde een eenmansorganisatie, deelt de minister onverwijld iedere wijziging mee van de bij de laatst ingediende aanvraag verstrekte gegevens volgens. 4 De minister kan voorwaarden stellen waaronder de in het derde lid bedoelde wijzigingen worden geaccepteerd. 2014 6733 14-03-2014 06-03-2014 IENM/BSK-2014/52716 2014 102 14-03-2014 11-02-2014 15-03-2014 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I, onderdelen D,
F tot en met O, W tot en met AA, van de Wijzigingswet Wet
luchtvaart, enz. (uitvoering verordening (EG) nr. 216/2008 tot
vaststelling van gemeenschappelijke regels op het gebied van
burgerluchtvaart en tot oprichting van een Europees Agentschap voor
de veiligheid van de luchtvaart) (Stb. 2013, 140) in werking treedt.
Artikel 47 — Artikel 47#
Artikel 47 1 Een aanvraag tot wijziging, wordt door de minister goedgekeurd, nadat is aangetoond, dat de organisatie ook na de invoering van de wijziging aan de voor de verkrijging van een erkenning gestelde voorwaarden zal blijven voldoen. 2 De erkenning als eenmansorganisatie wordt gewijzigd, nadat door tussenkomst van de uitvoerder van de kwaliteitsborgingsfunctie is aangetoond, dat de houder ook na de invoering van de wijziging aan de voor de verkrijging van een erkenning als geluidsmeetorganisatie gestelde voorwaarden zal blijven voldoen. 3 artikelen 42 43 Deenzijn van toepassing, met dien verstande dat kan worden volstaan met de gegevens, die voor de aangevraagde wijziging relevant zijn. 4 Bij wijziging wordt zo nodig een nieuw bewijs van erkenning afgegeven. 5 Een aanvraag om wijziging wordt uiterlijk acht weken voor de gewenste datum van wijziging ingediend. 2014 6733 14-03-2014 06-03-2014 IENM/BSK-2014/52716 2014 102 14-03-2014 11-02-2014 15-03-2014 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I, onderdelen D,
F tot en met O, W tot en met AA, van de Wijzigingswet Wet
luchtvaart, enz. (uitvoering verordening (EG) nr. 216/2008 tot
vaststelling van gemeenschappelijke regels op het gebied van
burgerluchtvaart en tot oprichting van een Europees Agentschap voor
de veiligheid van de luchtvaart) (Stb. 2013, 140) in werking treedt.
Artikel 48 — Artikel 48#
Artikel 48 1 Vanaf het tijdstip van schorsing mag de houder die bevoegdheden, waarop de schorsing van de erkenning betrekking heeft, niet uitoefenen. 2 Om een schorsing op te heffen wordt aangetoond, dat de omstandigheden, die tot schorsing hebben geleid, zijn opgeheven. 2008 218 10-11-2008 30-10-2008 CEND/HDJZ-2008/1429SectorLUV 2008 218 10-11-2008 30-10-2008 CEND/HDJZ-2008/1429SectorLUV 12-11-2008
Artikel 49 — Artikel 49#
Artikel 49 1 Vanaf het tijdstip van intrekking mag de houder de bevoegdheden, waarop de intrekking van de erkenning betrekking heeft, niet uitoefenen. 2 De houder van de erkenning is verplicht het bewijs van erkenning zo spoedig mogelijk aan de minister te zenden. 3 De minister neemt het bewijs van erkenning in en geeft, in geval van gedeeltelijke intrekking, een nieuw bewijs van erkenning af. 2014 6733 14-03-2014 06-03-2014 IENM/BSK-2014/52716 2014 102 14-03-2014 11-02-2014 15-03-2014 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I, onderdelen D,
F tot en met O, W tot en met AA, van de Wijzigingswet Wet
luchtvaart, enz. (uitvoering verordening (EG) nr. 216/2008 tot
vaststelling van gemeenschappelijke regels op het gebied van
burgerluchtvaart en tot oprichting van een Europees Agentschap voor
de veiligheid van de luchtvaart) (Stb. 2013, 140) in werking treedt.
Artikel 50 — Artikel 50#
Artikel 50 1 bijlage D Het handboek van de aanvrager bevat in ieder geval de informatie die is voorgeschreven in de bij deze regeling behorende. 2 De aanvrager zendt wijzigingen in het handboek zo spoedig mogelijk aan de minister. 2014 6733 14-03-2014 06-03-2014 IENM/BSK-2014/52716 2014 102 14-03-2014 11-02-2014 15-03-2014 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I, onderdelen D,
F tot en met O, W tot en met AA, van de Wijzigingswet Wet
luchtvaart, enz. (uitvoering verordening (EG) nr. 216/2008 tot
vaststelling van gemeenschappelijke regels op het gebied van
burgerluchtvaart en tot oprichting van een Europees Agentschap voor
de veiligheid van de luchtvaart) (Stb. 2013, 140) in werking treedt.
Artikel 51 — Artikel 51#
Artikel 51 De houder van een erkenning bewaart de volgende gegevens ten minste gedurende de aangegeven termijn: a. de geluidsmeetrapporten en overige gegevens met betrekking tot de geluidsmetingen die hebben plaatsgevonden: twee jaren na de geluidsmeting; b. de administratie betreffende de afgegeven geluidsmeetrapporten: twee jaren na de autorisatie daarvan. 2008 218 10-11-2008 30-10-2008 CEND/HDJZ-2008/1429SectorLUV 2008 218 10-11-2008 30-10-2008 CEND/HDJZ-2008/1429SectorLUV 12-11-2008
Artikel 52 — Artikel 52#
Artikel 52 1 De houder van een erkenning meldt een defect of een gebrek zo spoedig mogelijk, doch in elk geval binnen 72 uur na de ontdekking ervan, schriftelijk aan de minister. 2 De melding gaat vergezeld van een zo volledig mogelijke beschrijving van hetgeen werd gevonden en een opgave van de overige van belang zijnde gegevens. 3 Indien er sprake is van een ernstig defect of gebrek meldt de houder van de erkenning het ernstige defect of het ernstige gebrek onmiddellijk aan de minister. 2014 6733 14-03-2014 06-03-2014 IENM/BSK-2014/52716 2014 102 14-03-2014 11-02-2014 15-03-2014 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I, onderdelen D,
F tot en met O, W tot en met AA, van de Wijzigingswet Wet
luchtvaart, enz. (uitvoering verordening (EG) nr. 216/2008 tot
vaststelling van gemeenschappelijke regels op het gebied van
burgerluchtvaart en tot oprichting van een Europees Agentschap voor
de veiligheid van de luchtvaart) (Stb. 2013, 140) in werking treedt.
Artikel 53 — Artikel 53#
Artikel 53 Indien naar het oordeel van de minister een verbetering van het kwaliteitssysteem noodzakelijk is, treft de erkende geluidsmeetorganisatie, met inachtneming van de door de minister gegeven aanwijzingen, maatregelen ter verbetering van het kwaliteitssysteem. 2014 6733 14-03-2014 06-03-2014 IENM/BSK-2014/52716 2014 102 14-03-2014 11-02-2014 15-03-2014 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I, onderdelen D,
F tot en met O, W tot en met AA, van de Wijzigingswet Wet
luchtvaart, enz. (uitvoering verordening (EG) nr. 216/2008 tot
vaststelling van gemeenschappelijke regels op het gebied van
burgerluchtvaart en tot oprichting van een Europees Agentschap voor
de veiligheid van de luchtvaart) (Stb. 2013, 140) in werking treedt.
Artikel 54 — Artikel 54#
Artikel 54 De minister publiceert periodiek de volgende gegevens van de houders van een erkenning: a. naam; b. vestigingsplaats of -plaatsen; c. omschrijving van de werkzaamheden, waarvoor de houder van een erkenning is erkend. 2014 6733 14-03-2014 06-03-2014 IENM/BSK-2014/52716 2014 102 14-03-2014 11-02-2014 15-03-2014 Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I, onderdelen D,
F tot en met O, W tot en met AA, van de Wijzigingswet Wet
luchtvaart, enz. (uitvoering verordening (EG) nr. 216/2008 tot
vaststelling van gemeenschappelijke regels op het gebied van
burgerluchtvaart en tot oprichting van een Europees Agentschap voor
de veiligheid van de luchtvaart) (Stb. 2013, 140) in werking treedt.
Artikel 55 — Artikel 55#
Artikel 55 Regeling erkenningen luchtwaardigheid Regeling JAR-147 opleidingsinstellingen Deen deworden ingetrokken. 2008 218 10-11-2008 30-10-2008 CEND/HDJZ-2008/1429SectorLUV 2008 218 10-11-2008 30-10-2008 CEND/HDJZ-2008/1429SectorLUV 12-11-2008
Artikel 56 — Artikel 56#
Artikel 56 Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. 2008 218 10-11-2008 30-10-2008 CEND/HDJZ-2008/1429SectorLUV 2008 218 10-11-2008 30-10-2008 CEND/HDJZ-2008/1429SectorLUV 12-11-2008
Artikel 57 — Artikel 57#
Artikel 57 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling erkenningen luchtwaardigheid 2008. 2008 218 10-11-2008 30-10-2008 CEND/HDJZ-2008/1429SectorLUV 2008 218 10-11-2008 30-10-2008 CEND/HDJZ-2008/1429SectorLUV 12-11-2008
Artikel 30#
artikel 30, vierde lid, onderdeel b, onder 2°
Artikel 38#
artikel 38, tweede lid