Besluit van de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie van 9 november 2010, nr. 5667048/Justis/10, strekkende tot aanwijzing van buitengewoon opsporingsambtenaren bij de Algemene Inspectiedienst
- BWB-id
- BWBR0028949
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- 2010-11-16 t/m 2011-01-16
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0028949
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2010/besluit-buitegewoon-opsporingsambtenaar-aid-2010
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2010/besluit-buitegewoon-opsporingsambtenaar-aid-2010/2010-11-16
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0028949&g=2010-11-16
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0028949&z=2026-06-06&g=2010-11-16
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0028949/2010-11-16
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2010/besluit-buitegewoon-opsporingsambtenaar-aid-2010
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit wordt verstaan onder: Buitengewoon opsporingsambtenaar: artikel 2, eerste lid de buitengewoon opsporingsambtenaar, bedoeld in; AID: de Algemene Inspectiedienst van het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie; Directie Natuur: Directie Natuur van het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie; SBB: Staatsbosbeheer; PD: de Plantenziektenkundige dienst van het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie; NAK: de Nederlandse Algemene Keuringsdienst voor zaaizaad en pootgoed van landbouwgewassen; It Fryske Gea: Stichting It Fryske Gea (Stichting het Friese Landschap). 2010 17955 16-11-2010 09-11-2010 5667048/Justis/10 2010 17955 16-11-2010 09-11-2010 5667048/Justis/10 16-11-2010
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 De bezoldigde ambtenaren werkzaam bij de AID en belast met de opsporing van strafbare feiten, zijn aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar. 2 De onbezoldigde ambtenaren die werkzaam zijn bij de SBB, it Fryske Gea, de PD, en de NAK van de AID, danwel ten behoeve van de Commissie van deskundigen van het Productschap Tuinbouw of als controleur flora en fauna, danwel bij de Directie Natuur en de Directie Visserij van het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, en die belast zijn met de opsporing van strafbare feiten, zijn aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar. 2010 17955 16-11-2010 09-11-2010 5667048/Justis/10 2010 17955 16-11-2010 09-11-2010 5667048/Justis/10 16-11-2010
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikel 2, eerste lid bijlage A-I van de Circulaire Buitengewoon opsporingsambtenaar De in, bedoelde ambtenaren zijn bevoegd tot het opsporen van de strafbare feiten genoemd in domein VI Generieke Opsporing, van, voor zover noodzakelijk voor een goede vervulling van de aan de functie gerelateerde taken. 2 artikel 2, tweede lid bijlage A-I van de Circulaire Buitengewoon opsporingsambtenaar De in, bedoelde ambtenaren zijn bevoegd tot het opsporen van de strafbare feiten genoemd in domein II Milieu en Welzijn, van, voor zover noodzakelijk voor een goede vervulling van de aan de functie gerelateerde taken. 3 De opsporingsbevoegdheid, bedoeld in het eerste en het tweede lid, geldt: a. voor het grondgebied van Nederland, voor zover noodzakelijk voor een goede vervulling van de aan de functie gerelateerde taken; b. uitvoeringsbesluit ex artikel 1 van de Machtigingswet instelling visserijzone voor de visserijzone, zoals bedoeld in de Machtigingswet instelling visserijzone en het; c. buiten de onder a. en b. genoemde gebieden: 1°. aan boord van vissersschepen varende onder de Nederlandse vlag; 2°. artikel 3a van de Visserijwet 1963 artikel 58, onderdeel b, van die wet voor de opsporing van krachtensstrafbaar gestelde gedragingen, voor zover het betreft de overtreding van regelen als bedoeld in, een en ander met inachtneming van de geldende volkenrechtelijke en interregionale bepalingen. 4 De buitengewoon opsporingsambtenaar vermeldt in zijn processen-verbaal en schriftelijke verslagleggingen het domein waarin hij is aangesteld. 2010 17955 16-11-2010 09-11-2010 5667048/Justis/10 2010 17955 16-11-2010 09-11-2010 5667048/Justis/10 16-11-2010
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Op grond van dit besluit kunnen bij de hierna te noemen onderdelen van de AID maximaal het daarbij genoemde aantal personen als buitengewoon opsporingsambtenaar beëdigd zijn: a. 650 personen bij de AID; b. 8 personen voor de meldkamer, 3 personen als automatiseringsdeskundige en 3 zaakanalisten; c. 230 personen bij SBB; d. 15 personen bij Directie Natuur; e. 12 personen bij it Fryske Gea; f. 10 personen bij de PD; g. 110 personen bij de PD, werkzaam in de functie van karteerder; h. 70 personen bij de NAK; i. 120 personen als controleur flora en fauna; j. 1 persoon ten behoeve van de commissie van deskundigen van het productschap voor Tuinbouw; k. 8 personen bij de Directie Visserij van het ministerie van van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie. 2010 17955 16-11-2010 09-11-2010 5667048/Justis/10 2010 17955 16-11-2010 09-11-2010 5667048/Justis/10 16-11-2010
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikel 2, eerste lid Als toezichthouder van de in, bedoelde buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de Hoofdofficier van Justitie bij het arrondissementsparket te Den Haag. 2 artikel 2, tweede lid Als toezichthouder van de in, bedoelde buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de Hoofdofficier van Justitie bij het Functioneel Parket. 3 artikel 2, eerste en tweede lid Als direct toezichthouder van de in, bedoelde buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de korpschef van het regionaal politiekorps Limburg-Zuid. 2010 17955 16-11-2010 09-11-2010 5667048/Justis/10 2010 17955 16-11-2010 09-11-2010 5667048/Justis/10 16-11-2010
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 artikel 2 artikel 8, eerste en derde lid, van de Politiewet 1993 De buitengewoon opsporingsambtenaar, genoemd in, met uitzondering van de buitengewoon opsporingsambtenaar werkzaam bij de Directie Visserij van het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, is bevoegd bij de opsporing van strafbare feiten gebruik te maken van de bevoegdheden, bedoeld in. 2 artikel 2, eerste lid De buitengewoon opsporingsambtenaar genoemd in, en werkzaam bij een observatieteam van het Dienstonderdeel Opsporing kan gedurende de uitoefening van zijn taak worden uitgerust met: a. handboeien van een door de ministers van Justitie en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties merk en type, b. een korte wapenstok van een door de ministers van Justitie en van Binnelandse Zaken en Koninkrijksrelaties goedgekeurd merk en type, c. de pepperspray van een door de ministers van Justitie en van Binnelandse Zaken en Koninkrijksrelaties goedgekeurd merk en type, d. een vuurwapen 3 De in het eerste lid genoemde buitengewoon opsporingsambtenaar kan gedurende de uitoefening van zijn taak als buitengewoon opsporingsambtenaar zijn uitgerust met een surveillancehond. 2010 17955 16-11-2010 09-11-2010 5667048/Justis/10 2010 17955 16-11-2010 09-11-2010 5667048/Justis/10 16-11-2010
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 De directeur van de AID brengt jaarlijks, vóór 1 april over het jaar daaraan voorafgaand, met betrekking tot de bezoldigd en onbezoldigd buitengewoon opsporingsambtenaren bij de AID aan de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie verslag uit over: a. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren dat op 31 december werkzaam was bij de in dit besluit genoemde diensten en b. de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte activiteiten; c. het aantal klachten dat tegen buitengewoon opsporingsambtenaren is ingediend; d. het aantal malen dat gebruik is gemaakt van geweld en de aard van dit geweld; e. artikel 3, eerste lid artikel 8, eerste lid, onder e artikel 3, tweede lid de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval met betrekking tot de in, bedoelde buitengewoon opsporingsambtenaren inzicht wordt gegeven in het opleidingstraject en de stand van zaken met betrekking tot de in, bedoelde periodieke toetsing of bijscholing, en met betrekking tot de in, bedoelde buitengewoon opsporingsambtenaren wordt aangegeven hoeveel personen in het verslagjaar zijn aangemeld voor het door de minister van Justitie goedgekeurde examen en hoeveel personen in dat jaar voor dat examen zijn geslaagd. 2010 17955 16-11-2010 09-11-2010 5667048/Justis/10 2010 17955 16-11-2010 09-11-2010 5667048/Justis/10 16-11-2010
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 artikel 3, eerste lid artikel 16, tweede lid, van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar De buitengewoon opsporingsambtenaar, genoemd in, beschikt, voor zover van toepassing, over een ontheffing van het bepaalde in, onder de navolgende voorwaarden: a. hij moet met goed gevolg een basisopleiding voor opsporingsambtenaar AID hebben voltooid; b. a. de onderbedoelde basisopleiding omvat ten minste de eindtermen zoals vastgesteld bij de Circulaire bekwaamheidseisen buitengewoon opsporingsambtenaar, en de verschillende onderdelen van die basisopleiding worden afgesloten met een toets; c. zo mogelijk wordt tijdens de basisopleiding het door de minister van Justitie goedgekeurde examen afgelegd; d. b. de onderbedoelde toetsing van de buitengewoon opsporingsambtenaar geschiedt door een examencommissie waarin een lid van het Openbaar Ministerie is vertegenwoordigd; e. door middel van een systeem van periodieke toetsing of bijscholing wordt gewaarborgd dat de buitengewoon opsporingsambtenaren hun verworven kennisniveau blijft gehandhaafd. 2010 17955 16-11-2010 09-11-2010 5667048/Justis/10 2010 17955 16-11-2010 09-11-2010 5667048/Justis/10 16-11-2010
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 artikelen 2, tweede lid 3, derde lid, onder b en c artikel 16, eerste lid, van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar De buitengewoon opsporingsambtenaar, bedoeld in de, en, is ontheffing verleend van de bekwaamheidseis, vastgesteld krachtens. Deze ontheffing geldt alleen en voor zover de desbetreffende buitengewoon opsporingsambtenaar de opsporingsbevoegdheid nodig heeft voor het opmaken van technische processen-verbaal, waarbij hij geen verklaringen van verdachten of getuigen behoeft op te nemen. 2010 17955 16-11-2010 09-11-2010 5667048/Justis/10 2010 17955 16-11-2010 09-11-2010 5667048/Justis/10 16-11-2010
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 besluit van 9 november 2005 De op naam gestelde akten van opsporingsbevoegdheid en beëdiging en de overige benoemingsbescheiden, afgegeven mede op basis van het, nr. 5385960/505/CBK, worden voor de duur van hun geldigheid mede te zijn afgegeven op basis van het onderhavige besluit. 2010 17955 16-11-2010 09-11-2010 5667048/Justis/10 2010 17955 16-11-2010 09-11-2010 5667048/Justis/10 16-11-2010
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Dit besluit treedt in werking met ingang van 16 november 2010 en vervalt met ingang van 17 januari 2011. 2010 17955 16-11-2010 09-11-2010 5667048/Justis/10 2010 17955 16-11-2010 09-11-2010 5667048/Justis/10 16-11-2010
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit buitegewoon opsporingsambtenaar AID 2010. 2010 17955 16-11-2010 09-11-2010 5667048/Justis/10 2010 17955 16-11-2010 09-11-2010 5667048/Justis/10 16-11-2010