Besluit van de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, van 25 maart 2010, nr. DHC2010009205, houdende de verlening van mandaat, volmacht en machtiging aan het bestuur van de huurcommissie ten aanzien van de administratieve ondersteuning van de huurcommissie (Besluit mandaat, volmacht en machtiging bestuur huurcommissie)
- BWB-id
- BWBR0027445
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Geldigheid
- 2010-04-01 t/m 2013-04-10
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0027445
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2010/besluit-mandaat-volmacht-en-machtiging-bestuur-huurcommissie
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2010/besluit-mandaat-volmacht-en-machtiging-bestuur-huurcommissie/2010-04-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0027445&g=2010-04-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0027445&z=2026-06-06&g=2010-04-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0027445/2010-04-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2010/besluit-mandaat-volmacht-en-machtiging-bestuur-huurcommissie
Artikel 1 — Artikel 1 : Begripsbepalingen#
Artikel 1 : Begripsbepalingen In dit besluit wordt verstaan onder: a. ministerie: het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer; b. minister: de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer; c. secretaris-generaal: de Secretaris-Generaal van het ministerie; d. plaatsvervangend secretaris-generaal: de plaatsvervangend Secretaris-Generaal van het ministerie; e. wet: Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte de; f. huurcommissie: artikel 3a, eerste lid, van de wet de huurcommissie, bedoeld in; g. bestuur: artikel 3a, tweede lid, van de wet het bestuur van de huurcommissie, bedoeld in; h. voorzitter: artikel 3a, tweede lid, van de wet de voorzitter van de huurcommissie, bedoeld in; i. plaatsvervangend voorzitter: artikel 3a, tweede lid, van de wet de plaatsvervangend voorzitter van de huurcommissie, bedoeld in; j. zittingsvoorzitter: artikel 3a, tweede lid, van de wet een zittingsvoorzitter van de huurcommissie, bedoeld in; k. zittingslid: artikel 3a, tweede lid, van de wet een zittingslid van de huurcommissie, bedoeld in; l. administratieve ondersteuning: artikelen 3c 3h van de wet de administratieve ondersteuning van de huurcommissie, bedoeld in deen; m. functionaris: een functionaris van de administratieve ondersteuning; n. afdelingshoofd: artikel 2, tweede lid een hoofd van een afdeling of overig organisatieonderdeel van de administratieve ondersteuning, vast te stellen in een organisatiebesluit van de huurcommissie conform, van dit besluit,; o. managementassistent: een functionaris met de functie managementassistent. 2010 5059 26-05-2010 2010 5059 26-05-2010 01-04-2010 2010 5059 31-03-2010 25-03-2010 DHC2010009205 2010 5059 31-03-2010 25-03-2010 DHC2010009205 01-04-2010
Artikel 2 — Artikel 2 : Mandaat betreffende personeelsaangelegenheden en inrichting administratieve ondersteuning#
Artikel 2 : Mandaat betreffende personeelsaangelegenheden en inrichting administratieve ondersteuning 1 Aan het bestuur wordt mandaat verleend met betrekking tot a. Algemeen Rijksambtenarenreglement Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984 het besluiten tot aanstelling, schorsing en ontslag van functionarissen, alsmede tot het nemen van besluiten aangaande hun individuele rechtspositie, een en ander conform hetdan wel het; b. artikelen 71 71a van het Algemeen Rijksambtenarenreglement het nemen van functiewaarderingsbesluiten, bedoeld in deen, ten aanzien van functionarissen; c. artikelen 80 tot en met 84 artikelen 91 92 van het Algemeen Rijksambtenarenreglement het besluiten tot toepassing van disciplinaire maatregelen, bedoeld in deen deen, ten aanzien van functionarissen; d. artikel 6a hoofdstukken IV V VI van het Algemeen Rijksambtenarenreglement het besluiten tot toepassing vanen de,en, ten aanzien van functionarissen; e. Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984 Algemeen Rijksambtenarenreglement het besluiten tot toepassing van hardheidsclausules ten aanzien van functionarissen, toegekend door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aan de minister, als opgenomen in het, heten daaruit afgeleide interne regelgeving van het ministerie, en f. artikel 51 van het Algemeen Rijksambtenarenreglement het afnemen van de eed dan wel de belofte, bedoeld in, van functionarissen. 2 Aan het bestuur wordt mandaat verleend met betrekking tot a. het vaststellen en het besluiten tot wijziging van de taken van de administratieve ondersteuning; b. het besluiten tot organisatieveranderingen en het besluiten tot de uitvoering daarvan; c. Wet op de ondernemingsraden het optreden als bestuurder in de zin van deten behoeve van de overleggen met de medezeggenschap van de administratieve ondersteuning, en d. artikelen 2 3 het vaststellen van regels met betrekking tot de aangelegenheden die verband houden met de bevoegdheden, in mandaat verleend krachtens deenen de taken van de administratieve ondersteuning ten behoeve van de huurcommissie. 2010 5059 26-05-2010 2010 5059 26-05-2010 01-04-2010 2010 5059 31-03-2010 25-03-2010 DHC2010009205 2010 5059 31-03-2010 25-03-2010 DHC2010009205 01-04-2010
Artikel 3 — Artikel 3 : Mandaat betreffende andere bevoegdheden ten aanzien van de administratieve ondersteuning#
Artikel 3 : Mandaat betreffende andere bevoegdheden ten aanzien van de administratieve ondersteuning 1 Aan het bestuur wordt mandaat verleend voor het besluiten tot en het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen, die betrekking hebben op de taken van de huurcommissie en de werkzaamheden van de administratieve ondersteuning. 2 Regeling Wet bescherming persoonsgegevens Ministerie VROM Aan het bestuur wordt mandaat verleend tot het verwerken van persoonsgegevens overeenkomstig dedie verband houden met de bij dit besluit in mandaat verleende bevoegdheden. 3 hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht Aan het bestuur wordt mandaat verleend tot de behandeling van klachten in de zin van, die verband houden met de in dit besluit in mandaat verleende bevoegdheden, waaronder klachten van: a. functionarissen; b. voormalige functionarissen die betrekking hebben op gebeurtenissen die zich hebben voorgedaan gedurende de periode waarin zij werkzaam waren in de administratieve ondersteuning; c. zittingsvoorzitters en zittingsleden, en d. voormalige zittingsvoorzitters en voormalige zittingsleden die betrekking hebben op gebeurtenissen die zich hebben voorgedaan gedurende de periode waarin zij deel uitmaakten van de huurcommissie. 2010 5059 26-05-2010 2010 5059 26-05-2010 01-04-2010 2010 5059 31-03-2010 25-03-2010 DHC2010009205 2010 5059 31-03-2010 25-03-2010 DHC2010009205 01-04-2010
Artikel 4 — Artikel 4 : Ondermandaat#
Artikel 4 : Ondermandaat 1 artikel 3, eerste lid Het bestuur kan ten aanzien van de in, genoemde bevoegdheden ondermandaat verlenen aan afdelingshoofden en managementassistenten. 2 Het bestuur kan voor het goedkeuren van declaraties van functionarissen, niet behorende tot de functiecategorie afdelingshoofd, ondermandaat verlenen aan afdelingshoofden. 3 In afwijking van het eerste lid, verleent het bestuur geen ondermandaat aangaande het besluiten tot en het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen met betrekking tot de inkoop van dienstverlening op het terrein van interimmanagement, organisatieadvies, formatieadvies, beleidsadvies en communicatieadvies. 4 De verlening van ondermandaat geschiedt schriftelijk. 2010 5059 26-05-2010 2010 5059 26-05-2010 01-04-2010 2010 5059 31-03-2010 25-03-2010 DHC2010009205 2010 5059 31-03-2010 25-03-2010 DHC2010009205 01-04-2010
Artikel 5 — Artikel 5 : Besluitvorming en uitoefening bevoegdheid#
Artikel 5 : Besluitvorming en uitoefening bevoegdheid De voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter kunnen elkaar machtigen de in mandaat verleende bevoegdheden afzonderlijk namens het bestuur uit te oefenen. 2010 5059 26-05-2010 2010 5059 26-05-2010 01-04-2010 2010 5059 31-03-2010 25-03-2010 DHC2010009205 2010 5059 31-03-2010 25-03-2010 DHC2010009205 01-04-2010
Artikel 6 — Artikel 6 : Begrenzing van het mandaat#
Artikel 6 : Begrenzing van het mandaat 1 De uitoefening van mandaat geschiedt binnen de grenzen van de in de wet vastgestelde taken, de benoemingsbesluiten betreffende de voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter, het bestuursreglement van de huurcommissie, de ter zake geldende overige wetgeving en regelgeving en de beleidsregels van de minister ter aanzien van de uitoefening van de bij of krachtens dit besluit verleende bevoegdheden. 2 artikel 3, eerste lid Het besluiten tot en het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen, bedoeld in, geschiedt met inachtneming van: a. de van toepassing zijnde begrotingswet en de daarbij gegeven financiële ruimte; b. de aan de gemandateerde toegekende budgetten op basis van het geldende jaarplan; c. Comptabiliteitswet 2001 artikel 2 van het Besluit taak FEZ het bepaalde bij of krachtens deen de aanwijzingen van de directeur Financiële en Economische Zaken van het ministerie op grond van die wet en de daarop berustende regelgeving, waaronder, en d. Besluit privaatrechtelijke rechtshandelingen heten de door de minister ter zake gestelde kaders, waaronder de kaders ten aanzien van inkoop en aanbesteding. 2010 5059 26-05-2010 2010 5059 26-05-2010 01-04-2010 2010 5059 31-03-2010 25-03-2010 DHC2010009205 2010 5059 31-03-2010 25-03-2010 DHC2010009205 01-04-2010
Artikel 7 — Artikel 7 : Informatieplicht#
Artikel 7 : Informatieplicht 1 Een ieder aan wie bij of krachtens dit besluit mandaat of ondermandaat is verleend informeert de minister en de Minister voor Wonen, Wijken en Integratie bij zwaarwegende omstandigheden en gebeurtenissen die betrekking hebben op de gemandateerde bevoegdheden. 2 artikel 2, tweede lid Onverminderd het eerste lid, heeft het bestuur een aan de uitoefening van de bevoegdheid voorafgaande informatieplicht en een signaleringsplicht jegens de secretaris-generaal betreffende de uitoefening van de gemandateerde bevoegdheden, genoemd in. 2010 5059 26-05-2010 2010 5059 26-05-2010 01-04-2010 2010 5059 31-03-2010 25-03-2010 DHC2010009205 2010 5059 31-03-2010 25-03-2010 DHC2010009205 01-04-2010
Artikel 8 — Artikel 8 : Volmacht en machtiging#
Artikel 8 : Volmacht en machtiging Voor de toepassing van dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt met mandaat gelijkgesteld, de verlening van volmacht voor het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen en machtiging om handelingen te verrichten die noch een besluit noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn. 2010 5059 26-05-2010 2010 5059 26-05-2010 01-04-2010 2010 5059 31-03-2010 25-03-2010 DHC2010009205 2010 5059 31-03-2010 25-03-2010 DHC2010009205 01-04-2010
Artikel 9 — Artikel 9 : Overige bepalingen#
Artikel 9 : Overige bepalingen 1 Indien een besluit wordt genomen bij of krachtens een in dit besluit gemandateerde bevoegdheid, luidt de ondertekening: De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, namens deze: gevolgd door functieaanduiding, handtekening en naam van de functionaris. 2 Bij de ondertekening van stukken op grond van volmacht wordt de aanduiding van de minister voorafgegaan door: namens de Staat der Nederlanden. 2010 5059 26-05-2010 2010 5059 26-05-2010 01-04-2010 2010 5059 31-03-2010 25-03-2010 DHC2010009205 2010 5059 31-03-2010 25-03-2010 DHC2010009205 01-04-2010
Artikel 10 — Artikel 10 : Slotbepalingen#
Artikel 10 : Slotbepalingen 1 Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na dagtekening van de Staatscourant waarin het besluit wordt geplaatst. 2 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit mandaat, volmacht en machtiging bestuur huurcommissie. 2010 5059 26-05-2010 2010 5059 26-05-2010 01-04-2010 2010 5059 31-03-2010 25-03-2010 DHC2010009205 2010 5059 31-03-2010 25-03-2010 DHC2010009205 01-04-2010