Regeling van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 13 april 2010, nr. WJZ/202171 (8280), houdende regels voor de subsidiëring van restauratiewerkzaamheden voor speciale projecten in verband met het stimuleringsbudget woningbouw 2010–2013 (Tijdelijke subsidieregeling restauratie speciale projecten)
- BWB-id
- BWBR0027593
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Geldigheid
- 2010-10-01 t/m 2014-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0027593
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2010/tijdelijke-subsidieregeling-restauratie-speciale-projecten
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2010/tijdelijke-subsidieregeling-restauratie-speciale-projecten/2010-10-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0027593&g=2010-10-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0027593&z=2026-06-06&g=2010-10-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0027593/2010-10-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2010/tijdelijke-subsidieregeling-restauratie-speciale-projecten
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: Besluit: Besluit rijkssubsidiëring instandhouding monumenten ; inspectierapport: rapport met betrekking tot een beschermd monument dat de technische of fysieke staat van dat monument beschrijft, en dat is opgesteld door een ter zake deskundige persoon of instantie; minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. 2010 6452 28-04-2010 13-04-2010 WJZ/202171(8280) 2010 6452 28-04-2010 13-04-2010 WJZ/202171(8280) 29-04-2010
Artikel 2 — Artikel 2 Reikwijdte#
Artikel 2 Reikwijdte De minister kan uitsluitend ten behoeve van de restauratie van de volgende beschermde monumenten subsidie verstrekken: a. Havenkerk te Schiedam; b. Prinsenhof te Groningen; c. Groot Lankum te Franeker; d. Wintertuin te Baarn; e. Steenfabriek te Randwijk; f. Badpaviljoen te Hindelopen; g. Belfort te Sluis; h. Panorama Mesdag te ’s-Gravenhage; i. Portugese Synagoge te Amsterdam; j. Justus van Effencomplex te Rotterdam; k. Synagoge aan de Hofstraat te Alkmaar. 2010 6452 28-04-2010 13-04-2010 WJZ/202171(8280) 2010 7132 11-05-2010 27-04-2010 WJZ/206831(8289) 2010 9820 28-06-2010 02-06-2010 DCE/21019 29-06-2010
Artikel 3 — Artikel 3 Subsidieplafonds#
Artikel 3 Subsidieplafonds Het subsidieplafond bedraagt voor: a. Havenkerk te Schiedam: € 1 miljoen; b. Prinsenhof te Groningen: € 1 miljoen; c. Groot Lankum te Franeker: € 1 miljoen; d. Wintertuin te Baarn: € 1,5 miljoen; e. Steenfabriek te Randwijk: € 700.000; f. Badpaviljoen te Hindelopen: € 600.000; g. Belfort te Sluis: € 600.000; h. Panorama Mesdag te ’s-Gravenhage: € 400.000; i. Portugese Synagoge te Amsterdam: € 430.000; j. Justus van Effencomplex te Rotterdam: € 1,5 miljoen; k. Synagoge aan de Hofstraat te Alkmaar: € 300.000. 2010 7132 11-05-2010 27-04-2010 WJZ/206831(8289) 2010 7132 11-05-2010 27-04-2010 WJZ/206831(8289) 12-05-2010 29-04-2010
Artikel 4 — Artikel 4 Subsidiabele kosten#
Artikel 4 Subsidiabele kosten 1 bijlage bij de Regeling rijkssubsidiëring instandhouding monumenten Subsidiabel zijn de kosten van werkzaamheden, maatregelen en voorzieningen als bedoeld in de Leidraad subsidiabele instandhoudingskosten Brim 2010, opgenomen als, met dien verstande dat: a. kosten uitsluitend subsidiabel zijn voorzover de werkzaamheden: 1°. artikel 3 strekken tot restauratie van een monument als bedoeld inen zijn monumentale waarden, 2°. sober en doelmatig zijn, 3°. technisch noodzakelijk zijn, en 4°. de werkzaamheden zijn gericht op maximaal behoud van aanwezige monumentale waarden, in het bijzonder historische materialen en constructies; b. kosten voor werkzaamheden gericht op het voorkomen van verval of het voorkomen van vervolgschade subsidiabel zijn; c. kosten voor werkzaamheden gericht op vervanging van materialen die hun functie niet meer kunnen vervullen subsidiabel zijn; d. kosten voor werkzaamheden gericht op reconstructie niet subsidiabel zijn, tenzij deze in uitzonderlijke gevallen naar het oordeel van de minister ter versterking van de monumentale waarden gewenst zijn; en e. kosten voor werkzaamheden die voortvloeien uit veranderd gebruik, alsmede kosten voor werkzaamheden die zijn gericht op comfortverbetering niet subsidiabel zijn. 2 Indien de restauratie waarvoor subsidie wordt gevraagd reeds aangevangen is, komen onverminderd het eerste lid, tevens voor subsidie in aanmerking de gemaakte kosten in verband met de restauratie voor zover die kosten in 2010 zijn gemaakt. 2010 6452 28-04-2010 13-04-2010 WJZ/202171(8280) 2010 6452 28-04-2010 13-04-2010 WJZ/202171(8280) 29-04-2010
Artikel 5 — Artikel 5 Subsidieperiode#
Artikel 5 Subsidieperiode De activiteiten waarvoor subsidie wordt verstrekt vangen aan of zijn reeds aangevangen in 2010 en zijn afgerond voor 1 januari 2014. 2010 6452 28-04-2010 13-04-2010 WJZ/202171(8280) 2010 6452 28-04-2010 13-04-2010 WJZ/202171(8280) 29-04-2010
Artikel 6 — Artikel 6 Aanvraag subsidieverlening#
Artikel 6 Aanvraag subsidieverlening 1 artikel 2 Per monument als bedoeld inwordt één aanvraag voor subsidie ingediend. 2 Voor zover de minister niet reeds beschikt over deze documenten, gaat een aanvraag vergezeld van: a. een restauratieplan; en b. een globale begroting van de kosten van de voorgenomen restauratiewerkzaamheden. 3 Een restauratieplan omvat in ieder geval: a. tekeningen van de bestaande toestand van het monument; b. tekeningen waarop de voorgenomen restauratiewerkzaamheden of wijzigingen van het monument staan aangegeven; en c. een op de technische staat van het monument gebaseerd bestek of gebaseerde werkomschrijving per onderdeel van de restauratiewerkzaamheden van de toe te passen constructies, materialen, afwerkingen en kleuren alsmede van de wijze van verwerking daarvan. 2010 7132 11-05-2010 27-04-2010 WJZ/206831(8289) 2010 7132 11-05-2010 27-04-2010 WJZ/206831(8289) 12-05-2010 29-04-2010
Artikel 7 — Artikel 7 Indieningstermijn#
Artikel 7 Indieningstermijn 1 Een aanvraag tot verlening van subsidie wordt ingediend voor 1 augustus 2010. 2 artikel 2, onderdeel j In afwijking van het eerste lid kan de minister voor, een andere indieningsdatum vaststellen. 2010 7132 11-05-2010 27-04-2010 WJZ/206831(8289) 2010 7132 11-05-2010 27-04-2010 WJZ/206831(8289) 12-05-2010 29-04-2010
Artikel 8 — Artikel 8 Subsidieverlening#
Artikel 8 Subsidieverlening De minister beslist binnen dertien weken op een aanvraag tot verlening van subsidie. 2010 6452 28-04-2010 13-04-2010 WJZ/202171(8280) 2010 6452 28-04-2010 13-04-2010 WJZ/202171(8280) 29-04-2010
Artikel 9 — Artikel 9 Subsidieverplichtingen#
Artikel 9 Subsidieverplichtingen 1 artikelen 23 tot en met 29 van het Besluit Dezijn van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat instandhoudingsplan wordt gelezen als restauratieplan. 2 artikel 2.1, eerste lid, onder f, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht Voor zover voor de activiteiten waarvoor subsidie wordt verleend een vergunning als bedoeld inis vereist, vangen die activiteiten niet aan zonder of in afwijking van de vergunning. 3 Wijzigt deze regeling. 2010 6452 28-04-2010 13-04-2010 WJZ/202171(8280) 2010 231 22-06-2010 10-06-2010 01-10-2010
Artikel 10 — Artikel 10 Bevoorschotting#
Artikel 10 Bevoorschotting Direct na de subsidieverlening verstrekt de minister aan de subsidieontvanger een voorschot van 80 procent van de verleende subsidie. 2010 6452 28-04-2010 13-04-2010 WJZ/202171(8280) 2010 6452 28-04-2010 13-04-2010 WJZ/202171(8280) 29-04-2010
Artikel 11 — Artikel 11 Aanvraag tot subsidievaststelling en verantwoording#
Artikel 11 Aanvraag tot subsidievaststelling en verantwoording 1 Binnen 13 weken na afronding van de activiteiten waarvoor subsidie is verleend, dient de subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling van de subsidie in. 2 De aanvraag, bedoeld in het eerste lid, gaat vergezeld van een prestatieverklaring en een financieel verslag. 3 In de prestatieverklaring toont de subsidieontvanger aan dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend zijn verricht en dat aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen is voldaan. De minister kan een model vaststellen voor de prestatieverklaring. 4 De prestatieverklaring gaat vergezeld van een inspectierapport dat is opgesteld na afronding van de activiteiten waarvoor subsidie is verleend. 5 Het financieel verslag geeft een zodanig inzicht dat een verantwoord oordeel kan worden gevormd omtrent de aanwending en besteding van de subsidie door de subsidieontvanger. De minister kan een model vaststellen voor het financieel verslag. 6 artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek Het financieel verslag gaat vergezeld van een verklaring van een accountant als bedoeld in. In de verklaring verklaart de accountant dat de bedragen in het financieel verslag juist zijn en doet hij tevens een uitspraak over de naleving door de subsidieontvanger van de in het controle protocol genoemde voorschriften. 7 De subsidieontvanger bedingt bij de accountant dat deze zijn onderzoek inricht overeenkomstig een door de minister vast te stellen controleprotocol. 8 De minister kan de subsidieontvanger verplichten de desbetreffende originele rekeningen en betalingsbewijzen te overleggen. 2010 6452 28-04-2010 13-04-2010 WJZ/202171(8280) 2010 6452 28-04-2010 13-04-2010 WJZ/202171(8280) 29-04-2010
Artikel 12 — Artikel 12 Vaststelling#
Artikel 12 Vaststelling De minister beslist binnen 22 weken op de aanvraag tot vaststelling van de subsidie. 2010 6452 28-04-2010 13-04-2010 WJZ/202171(8280) 2010 6452 28-04-2010 13-04-2010 WJZ/202171(8280) 29-04-2010
Artikel 13 — Artikel 13 Inwerkingtreding#
Artikel 13 Inwerkingtreding 1 artikel 2, onderdeel j Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst met uitzondering van, dat op een nader door de minister te bepalen tijdstip in werking treedt. 2 Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2015. 2010 7132 11-05-2010 27-04-2010 WJZ/206831(8289) 2010 7132 11-05-2010 27-04-2010 WJZ/206831(8289) 12-05-2010 29-04-2010
Artikel 14 — Artikel 14 Citeertitel#
Artikel 14 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke subsidieregeling restauratie speciale projecten. 2010 6452 28-04-2010 13-04-2010 WJZ/202171(8280) 2010 6452 28-04-2010 13-04-2010 WJZ/202171(8280) 29-04-2010