Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 3 juni 2010, nr. R&P/RPA/2010/10484, houdende nadere bepalingen ten aanzien van de uitvoering van een pilot met betrekking tot het toepassen van loondispensatie (Uitvoeringsregeling Tijdelijke wet pilot loondispensatie)
- BWB-id
- BWBR0027715
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- Geldigheid
- 2013-02-26 t/m 2014-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0027715
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2010/uitvoeringsregeling-tijdelijke-wet-pilot-loondispensatie
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2010/uitvoeringsregeling-tijdelijke-wet-pilot-loondispensatie/2013-02-26
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0027715&g=2013-02-26
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0027715&z=2026-06-06&g=2013-02-26
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0027715/2013-02-26
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2010/uitvoeringsregeling-tijdelijke-wet-pilot-loondispensatie
Artikel 1 — Artikel 1 Verzoek tot deelname#
Artikel 1 Verzoek tot deelname artikel 1, eerste lid, van het Uitvoeringsbesluit Tijdelijke wet pilot loondispensatie Het college van burgemeester en wethouders van een gemeente kan uiterlijk vier weken na de inwerkingtreding van deze regeling een verzoek tot deelname aan de pilot, bedoeld in, indienen. 2010 8753 08-06-2010 03-06-2010 R&P/RPA/2010/10484 2010 217 08-06-2010 28-05-2010 09-06-2010 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Tijdelijke wet pilot loondispensatie in werking treedt.
Artikel 2 — Artikel 2 Tegemoetkoming uitvoeringskosten#
Artikel 2 Tegemoetkoming uitvoeringskosten 1 De tegemoetkoming in de vaste kosten bedraagt voor elke deelnemende gemeente € 115.000,–. 2 De tegemoetkoming in de overige kosten bedraagt voor een gemeente: (A/B) × (€ 2.200.000,– × C/32) waarbij: A staat voor het aantal personen in de kring van de desbetreffende gemeente op 30 juni 2009; B staat voor het totaal aantal personen in de kring van alle deelnemende gemeenten op 30 juni 2009; C staat voor het aantal deelnemende gemeenten. 3 artikel 13 van de Financiële-verhoudingswet De tegemoetkomingen worden aan het college beschikbaar gesteld door middel van een decentralisatie-uitkering als bedoeld in. 2010 15915 13-10-2010 05-10-2010 R&P/RPA/2010/19370 2010 15915 13-10-2010 05-10-2010 R&P/RPA/2010/19370 14-10-2010
Artikel 3 — Artikel 3 Toegangstoets#
Artikel 3 Toegangstoets 1 artikel 4, eerste lid, van de Tijdelijke wet pilot loondispensatie bijlage 1 De uitvoering van het onderzoek, bedoeld in, geschiedt met inachtneming van. 2 Bij het onderzoek wordt een arbeidsdeskundige, een arts of een andere deskundige in ieder geval betrokken, indien: a. als gevolg van tegenstrijdige informatie onduidelijkheid bestaat of de desbetreffende inwoner een arbeidsbeperking heeft; of b. anderszins bij het college gerede twijfel bestaat of de desbetreffende inwoner een arbeidsbeperking heeft. 2010 8753 08-06-2010 03-06-2010 R&P/RPA/2010/10484 2010 217 08-06-2010 28-05-2010 09-06-2010 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Tijdelijke wet pilot loondispensatie in werking treedt.
Artikel 4 — Artikel 4 Methoden loonwaardebepaling#
Artikel 4 Methoden loonwaardebepaling 1 De methoden van loonwaardebepaling met bijbehorende marktaanbieders die worden toegepast bij de pilot zijn: a. Activa Loonwaarde Methodiek, aangeboden door Activa bv; b. Arbolabmethode, aangeboden door Melba en Arbolab; c. Dariuz, aangeboden door TNO, Chainworks en Mensenwerk; d. Loonbalans, aangeboden door Eduper. 2 Indien de gemeente die deelneemt aan de pilot een overeenkomst sluit met één van de vier bovengenoemde marktaanbieders voor de toepassing van de aldaar genoemde methode, past het college vanaf de ingangsdatum van de overeenkomst deze methode toe bij de pilot. 3 Indien de gemeente op het moment van indiening van het verzoek tot deelname aan de pilot een andere methode dan de in het eerste lid genoemde methoden toepast, kan het college aan de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid verzoeken om deze methode toe te mogen passen bij de pilot. De Minister kan dit toestaan, indien: a. de beschreven methode de arbeidsprestatie van een werknemer op de werkplek meet gegeven diens eventuele arbeidsbeperkingen in een bepaalde functie op een bepaald moment, en b. deze methode een waarde als uitkomst heeft. 2013 4582 25-02-2013 15-02-2013 2013-0000005741 2013 4582 25-02-2013 15-02-2013 2013-0000005741 26-02-2013 01-01-2013
Artikel 5 — Artikel 5 Periodieke vaststelling van de loonwaarde#
Artikel 5 Periodieke vaststelling van de loonwaarde 1 artikel 7, derde lid, van de Tijdelijke wet pilot loondispensatie De vaststelling van de arbeidsprestatie en de loonwaarde, bedoeld in, vindt eens per 6 maanden plaats. 2 Indien er sprake is van bijzondere omstandigheden kan, in afwijking van het eerste lid, de vaststelling van de arbeidsprestatie en de loonwaarde vervroegd plaatsvinden. 2010 8753 08-06-2010 03-06-2010 R&P/RPA/2010/10484 2010 217 08-06-2010 28-05-2010 09-06-2010 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Tijdelijke wet pilot loondispensatie in werking treedt.
Artikel 6 — Artikel 6 Inwerkingtreding#
Artikel 6 Inwerkingtreding Tijdelijke wet pilot loondispensatie artikel 16, tweede lid, van de Tijdelijke wet pilot loondispensatie Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop dein werking treedt en vervalt met ingang van 1 januari 2013 met dien verstande dat indien op grond vandie wet op een later tijdstip vervalt, deze regeling op dat latere tijdstip vervalt. 2010 8753 08-06-2010 03-06-2010 R&P/RPA/2010/10484 2010 217 08-06-2010 28-05-2010 09-06-2010 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Tijdelijke wet pilot loondispensatie in werking treedt.
Artikel 7 — Artikel 7 Citeertitel#
Artikel 7 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Uitvoeringsregeling Tijdelijke wet pilot loondispensatie. 2010 8753 08-06-2010 03-06-2010 R&P/RPA/2010/10484 2010 217 08-06-2010 28-05-2010 09-06-2010 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Tijdelijke wet pilot loondispensatie in werking treedt.
Artikel 3#
artikel 3