Regeling van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, nr. DMO-OHW-U-3065710, houdende regels omtrent de bekostiging van de uitvoering van de taken van de Pensioen- en Uitkeringsraad en de Sociale verzekeringsbank, genoemd inde Wet uitvoering wetten voor verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenen (Bekostigingsregeling Wuvo)
- BWB-id
- BWBR0030188
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2024-01-06
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0030188
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2011/bekostigingsregeling-wuvo
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2011/bekostigingsregeling-wuvo/2024-01-06
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0030188&g=2024-01-06
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0030188&z=2026-06-06&g=2024-01-06
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0030188/2024-01-06
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2011/bekostigingsregeling-wuvo
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. wet: Wet uitvoering wetten voor verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenen de; b. AOR: de Algemene Oorlogsongevallenregeling Indonesië met inbegrip van het besluit van de Luitenant-Gouverneur Generaal van Nederlands-Indië van 5 november 1946 (Indisch Staatsblad 1946, 118); c. minister: de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport; d. Raad: artikel 3 van de wet de Pensioen- en Uitkeringsraad, bedoeld in; e. Sociale verzekeringsbank: hoofdstuk 6 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen de Sociale verzekeringsbank, genoemd in; f. product: bijlage een product als bedoeld in debij deze regeling; g. begrote productie: het geraamde aantal te realiseren eenheden product; h. realisatie productie: het aantal tot stand gekomen eenheden product; i. tarief: de vergoeding per eenheid product; j. normbegroting: de begroting die is opgesteld op grond van genormeerde financiële uitgangspunten; k. normproductie: het aantal eenheden product dat wordt gehanteerd bij de vaststelling van het tarief. 2018 41729 25-07-2018 16-07-2018 1352644-176905-DMO 2018 41729 25-07-2018 16-07-2018 1352644-176905-DMO 26-07-2018 01-01-2018
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 De Raad zendt de minister jaarlijks vóór 1 oktober een begroting voor het daaropvolgende jaar en een meerjarenraming voor de vier jaren daarna. 2011 11431 30-06-2011 22-06-2011 DMO-OHW-U-3065710 2011 11431 30-06-2011 22-06-2011 DMO-OHW-U-3065710 01-07-2011 01-01-2011
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 In de begroting en de meerjarenraming van de Raad worden de volgende onderdelen onderscheiden: a. bestuurskosten, te onderscheiden naar: 1. kosten bezoldiging en schadeloosstelling leden van de Raad; 2. overige bestuurskosten; 3. accountantskosten; b. afbouwkosten, te onderscheiden naar: 1. kosten wachtgeldverplichtingen; 2. kosten mobiliteitsbevordering; 3. kosten loon herplaatsers. 2011 11431 30-06-2011 22-06-2011 DMO-OHW-U-3065710 2011 11431 30-06-2011 22-06-2011 DMO-OHW-U-3065710 01-07-2011 01-01-2011
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 artikel 3, onderdeel a en onderdeel b, onder 2 De bijdrage in de kosten, bedoeld in, bestaat voor de onderscheiden kosten uit de werkelijk gemaakte kosten tot een door de minister jaarlijks te bepalen maximum. 2 artikel 3, onderdeel b, onder 1 en 3 De bijdrage in de kosten, bedoeld in, bestaat uit de werkelijk gemaakte kosten. 2011 11431 30-06-2011 22-06-2011 DMO-OHW-U-3065710 2011 11431 30-06-2011 22-06-2011 DMO-OHW-U-3065710 01-07-2011 01-01-2011
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 De voorzitter van de Raad wordt naar rato bezoldigd overeenkomstig het maximum van salarisschaal 17 zoals overeengekomen in de laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsovereenkomst voor rijksambtenaren, uitgaande van een gemiddelde arbeidsduur van 8 uur per week. 2 De voorzitter van de Raad heeft recht op een vakantie-uitkering ten bedrage van 8% en recht op een eindejaarsuitkering ten bedrage van 8,3% van de bezoldiging, bedoeld in het eerste lid. De vakantie-uitkering wordt eenmaal per jaar betaald over de periode van twaalf maanden, die is aangevangen met de maand juni van het voorafgaande kalenderjaar. De eindejaarsuitkering wordt jaarlijks uitbetaald in de maand november en wordt berekend over de periode van twaalf maanden die is aangevangen met de maand december van het voorafgaande kalenderjaar. 3 De leden van de Raad, niet zijnde de voorzitter, ontvangen voor hun werkzaamheden voor de Raad een schadeloosstelling. Gebaseerd op een uurloon dat is afgeleid van het maximum van salarisschaal 14, zoals overeengekomen in de laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsovereenkomst voor rijksambtenaren, bedraagt deze voor: a. de werkzaamheden verbonden aan een plenaire vergadering € 361,58; b. de werkzaamheden verbonden aan een hoorzitting € 166,64; c. andere dan de onder a en b genoemde werkzaamheden € 49,97 per uur. 4 Indien een van de in het derde lid bedoelde leden de voorzitter vervangt bij een plenaire vergadering, wordt het in dat lid onder a genoemde bedrag verhoogd met een toeslag van 20 procent. 5 De bedragen genoemd in het derde lid worden aangepast overeenkomstig de aanpassing van de salarissen van de rijksambtenaren. 6 De leden van de Raad hebben recht op een vergoeding voor reiskosten overeenkomstig hetgeen daarover is overeengekomen in de laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsovereenkomst voor rijksambtenaren. 2024 263 05-01-2024 19-12-2023 3738574-1059462-BPZ 2024 263 05-01-2024 19-12-2023 3738574-1059462-BPZ 06-01-2024 01-01-2024
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 artikel 35, tweede lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen De controle door de accountant, bedoeld in, van de jaarrekening van de Raad, geschiedt overeenkomstig een door de Minister vastgesteld protocol. 2 De Raad en de accountant, bedoeld in het eerste lid, werken mee aan de door de Auditdienst Rijk in te stellen onderzoeken die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de taak van die dienst. 2017 18311 03-04-2017 24-03-2017 1055318-158793-DMO 2017 18311 03-04-2017 24-03-2017 1055318-158793-DMO 04-04-2017 01-01-2016
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 De Sociale verzekeringsbank zendt de minister jaarlijks vóór 1 oktober een begroting voor het daaropvolgende jaar en een meerjarenraming voor de vier jaren daarna betreffende: a. artikel 6 van de wet de kosten verbonden aan de uitvoering van de taken, genoemd in; b. artikel 9, eerste lid, van de wet de kosten genoemd in, verbijzonderd naar de specifiekewet waarop die kosten betrekking hebben en de AOR. 2017 18311 03-04-2017 24-03-2017 1055318-158793-DMO 2017 18311 03-04-2017 24-03-2017 1055318-158793-DMO 04-04-2017 01-01-2016
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 artikel 7, onder a In de begroting en de meerjarenraming van de Sociale verzekeringsbank genoemd in, worden de volgende onderdelen onderscheiden: a. de reguliere kosten; b. de overige kosten, te onderscheiden naar: 1. kosten verbonden aan de vergoeding voor het opstellen van sociale rapportages en verzetsrapportages door de Stichting 1940–1945, de Stichting Pelita en de Stichting Joods Maatschappelijk Werk; 2. kosten verbonden aan de vergoeding voor verificatiewerkzaamheden door het NIOD Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies, de Stichting Administratie Indonesische Pensioenen en het Nederlandse Rode Kruis; 3. kosten verbonden aan keuringen door medisch specialisten, het opvragen van medische informatie, buitenlandse posten, door derden verrichtte incidentele werkzaamheden en proceskosten; 4. kosten projecten; 5. kosten verbonden aan het extern beheer van de informatie en communicatie technologie; 6. kosten verbonden aan de afbouw van de Afdeling Verzetsdeelnemers en Oorlogsgetroffenen; 7. kosten verbonden aan de ondersteuning van de Raad; 8. De indirecte kosten voor personeel, huisvestingskosten, bureaukosten, diensten en diversen. 2020 67785 24-12-2020 15-12-2020 1795141-215466-DMO 2020 67785 24-12-2020 15-12-2020 1795141-215466-DMO 25-12-2020 01-01-2019
Artikel 8a — Artikel 8a#
Artikel 8a 1 artikel 7, onder a artikel 8, onder a Op basis van de begroting, genoemd in, stelt de minister ten behoeve van de kosten, bedoeld in, een normbegroting vast. De minister kan kosten aanwijzen die niet onder de normbegroting vallen. 2 Op basis van de normbegroting stelt de minister per product een tarief vast. 3 De minister draagt zorg voor een driejaarlijkse herijking van de tarieven. 4 De minister geeft bij de vaststelling van de tarieven aan welk deel aan de ontwikkeling van de lonen en welk deel aan de ontwikkeling van de prijzen wordt aangepast. 2013 4640 25-02-2013 12-02-2013 DMO/OHW-3153132 2013 4640 25-02-2013 12-02-2013 DMO/OHW-3153132 26-02-2013 01-01-2013
Artikel 8b — Artikel 8b#
Artikel 8b 1 Indien de begrote productie wezenlijk afwijkt van de normproductie kan de minister, na overleg met de Sociale verzekeringsbank, een tarief wijzigen. 2 De Sociale verzekeringsbank kan een voorstel doen tot wijziging van een tarief. 2013 4640 25-02-2013 12-02-2013 DMO/OHW-3153132 2013 4640 25-02-2013 12-02-2013 DMO/OHW-3153132 26-02-2013 01-01-2013
Artikel 8c — Artikel 8c#
Artikel 8c 1 artikel 8, onder a De bijdrage in de kosten, bedoeld in, bestaat uit de som van de per product volgens de navolgende formule berekende bedragen: Pb x T. In deze formule is: Pb: de begrote productie in de laatst ingediende begroting; T: het tarief. 2 artikel 8a, tweede lid In afwijking van het eerste lid kan de minister, na overleg met de Sociale verzekeringsbank, voor een naar aard te specificeren aantal eenheden van de begrote productie van een product, welke zich gezien de daaraan verbonden werklast en kosten onderscheiden van de gemiddelde werklast en kosten op basis waarvan het tarief, genoemd in, is vastgesteld, de bijdrage in de kosten op een andere wijze vaststellen. In de formule, genoemd in het eerste lid, wordt daartoe Pb verlaagd met het aantal eenheden waarvoor de bijdrage op een andere wijze wordt vastgesteld. 2013 4640 25-02-2013 12-02-2013 DMO/OHW-3153132 2013 4640 25-02-2013 12-02-2013 DMO/OHW-3153132 26-02-2013 01-01-2013
Artikel 8d — Artikel 8d#
Artikel 8d artikel 8c, eerste lid De bijdrage, bedoeld in, kan in de loop van enig jaar worden aangepast indien de ontwikkeling van de lonen of prijzen daartoe aanleiding geven. 2013 4640 25-02-2013 12-02-2013 DMO/OHW-3153132 2013 4640 25-02-2013 12-02-2013 DMO/OHW-3153132 26-02-2013 01-01-2013
Artikel 8e — Artikel 8e#
Artikel 8e 1 artikel 7, onder a artikelen 8c 9 De minister beslist na de indiening van de begroting, genoemd in, over de goedkeuring van deze begroting en doet de Sociale verzekeringsbank voor 1 december een vaststelling van de bijdragen bedoeld in deentoekomen. 2 artikelen 8c 9, tweede lid De vaststelling van de bijdragen bedoeld in deen, is voorlopig. 3 artikel 9, eerste lid De vaststelling van de bijdrage bedoeld in, is definitief. 4 artikel 8c, eerste lid artikel 8c, tweede lid Met betrekking tot de bijdrage bedoeld in, wordt in ieder geval medegedeeld de begrote productie en, voor zover van toepassing, het aantal eenheden waarop het bepaalde in, van toepassing is en de wijze waarop de bijdrage zal worden vastgesteld. 5 artikel 9, eerste lid Met betrekking tot de bijdrage bedoeld in, wordt in ieder geval het door de minister vastgestelde bedrag medegedeeld. 2013 4640 25-02-2013 12-02-2013 DMO/OHW-3153132 2013 4640 25-02-2013 12-02-2013 DMO/OHW-3153132 26-02-2013 01-01-2013 Artikel II van Stcrt 2013/4640 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Artikel 8f — Artikel 8f#
Artikel 8f 1 artikel 34, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen artikelen 8c 9, tweede lid Na ontvangst van de bescheiden, genoemd in, worden de bijdragen bedoeld in deen, definitief vastgesteld. 2 artikel 8c, eerste lid De bijdrage, bedoeld in, wordt verhoogd dan wel verlaagd met de som van de per product volgens de navolgende formule berekende bedragen: (Pr – Pb)T. In deze formule is: Pr: de gerealiseerde productie; Pb: de begrote productie; T: het tarief. 3 Voor zover de vaststelling van de bijdrage afhankelijk is van de werkelijk gemaakte kosten worden de kosten die in redelijkheid niet als noodzakelijk kunnen worden beschouwd bij de vaststelling van de bijdrage niet in aanmerking genomen. 2013 4640 25-02-2013 12-02-2013 DMO/OHW-3153132 2013 4640 25-02-2013 12-02-2013 DMO/OHW-3153132 26-02-2013 01-01-2013
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 artikel 8, onder b, onderdelen 4 en 7 De bijdrage in de kosten, genoemd in, bestaat voor de onderscheiden kosten uit een door de minister jaarlijks vastgesteld bedrag. 2 artikel 8, onder b, onderdelen 1, 2, 3, 5, 6 en 8 De bijdrage in de kosten, genoemd in, bestaat voor de onderscheiden kosten uit de werkelijk gemaakte kosten. 2020 67785 24-12-2020 15-12-2020 1795141-215466-DMO 2020 67785 24-12-2020 15-12-2020 1795141-215466-DMO 25-12-2020 01-01-2019
Artikel 9a — Artikel 9a#
Artikel 9a artikelen 8a tot en met 8f 9, eerste lid De minister kan op verzoek van de Sociale verzekeringsbank deen, buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover strikte toepassing gelet op het belang dat deze artikelen beogen te beschermen zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard. 2013 4640 25-02-2013 12-02-2013 DMO/OHW-3153132 2013 4640 25-02-2013 12-02-2013 DMO/OHW-3153132 26-02-2013 01-01-2013
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 artikel 35, tweede lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen artikel 6 van de wet De controle door de accountant, bedoeld in, van de jaarrekening van de Sociale verzekeringsbank betreffende de uitvoering van de taken, genoemd in, geschiedt overeenkomstig een door de Minister vastgesteld protocol. 2 artikel 35, tweede lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen artikel 6 van de wet De accountant die de verklaring, bedoeld inafgeeft, rapporteert binnen drie maanden na afloop van het boekjaar aan de minister omtrent de uitvoering van de taken, genoemd inen de naleving van het bij of krachtens wet bepaalde. 3 artikel 6 van de wet De Sociale verzekeringsbank en de in het eerste lid bedoelde accountant werken mee aan de door de Rijksauditdienst in te stellen onderzoeken betreffende de uitvoering van de taken, genoemd in, die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de taak van die dienst. 2011 11431 30-06-2011 22-06-2011 DMO-OHW-U-3065710 2011 11431 30-06-2011 22-06-2011 DMO-OHW-U-3065710 01-07-2011 01-01-2011
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 artikel 8e, tweede en derde lid De egalisatiereserve per 31 december van enig jaar mag niet meer bedragen dan 10% van de laatste vaststelling van de bijdragen bedoeld in. 2013 4640 25-02-2013 12-02-2013 DMO/OHW-3153132 2013 4640 25-02-2013 12-02-2013 DMO/OHW-3153132 26-02-2013 01-01-2013
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 De Sociale verzekeringsbank verschaft de minister periodiek de volgende informatie: a. verbijzonderd naar de AOR en de specifiekewet voor verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenen waarop de aanvraag is gebaseerd dan wel waaraan het recht wordt ontleend, waarbij wordt aangegeven of de aanvrager of de pensioen- of uitkeringsgerechtigde in het binnen- of buitenland woonachtig is: 1. het aantal ingediende aanvragen, verbijzonderd naar categorie, waarbij wordt aangegeven hoeveel daarvan tot een toekenning of afwijzing hebben geleid, dan wel nog niet zijn afgehandeld; 2. het aantal ingediende bezwaarschriften, waarbij wordt aangegeven hoeveel daarvan gegrond zijn verklaard, dan wel nog niet zijn afgehandeld; 3. het aantal ingediende beroepschriften; 4. het aantal nieuwe vaststellingen verbijzonderd naar ‘ambtshalve’ en ‘op verzoek cliënt’; 5. bestand pensioen- en uitkeringsgerechtigden in beheer, verbijzonderd naar betaalbare en niet betaalbare pensioenen en uitkeringen; 6. anciënniteit van de voorraad nog niet afgehandelde eerste en vervolgaanvragen en bezwaarschriften; 7. het percentage beslissingen dat binnen de termijn, binnen de verlengde termijn en buiten de termijn is genomen, verbijzonderd naar een beslissing op een eerste aanvraag, een vervolgaanvraag of een bezwaarschrift. b. Tijdelijke vergoedingsregeling psychotherapie na-oorlogse generatie het aantal ingediende aanvragen op basis van de, waarbij wordt aangegeven hoeveel daarvan tot een toekenning of afwijzing hebben geleid, al dan niet gevolgd door een bezwaarschrift, dan wel nog niet zijn afgehandeld; c. het aantal vastgestelde fouten; d. het aantal ingediende klachten; e. de resultaten van het klanttevredenheidsonderzoek; f. artikel 7, tweede lid, van de wet het aantal adviesaanvragen, bedoeld in; g. artikelen 4 6, onderdelen a en b, van de wet de inhoud van nieuwe en gewijzigde beleidsregels voor beschikkingen van de Raad en de Sociale verzekeringsbank als bedoeld in deen. 2017 18311 03-04-2017 24-03-2017 1055318-158793-DMO 2017 18311 03-04-2017 24-03-2017 1055318-158793-DMO 04-04-2017 01-01-2016
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2011. 2011 11431 30-06-2011 22-06-2011 DMO-OHW-U-3065710 2011 11431 30-06-2011 22-06-2011 DMO-OHW-U-3065710 01-07-2011 01-01-2011
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Deze regeling wordt aangehaald als: Bekostigingsregeling Wuvo. 2013 4640 25-02-2013 12-02-2013 DMO/OHW-3153132 2013 4640 25-02-2013 12-02-2013 DMO/OHW-3153132 26-02-2013 01-01-2013
Artikel 1#
artikel 1
Artikel 1#
artikel 1, onderdeel f