Besluit mandaat en machtiging ProRail inzake uivoering tracébesluiten
- BWB-id
- BWBR0029956
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- 2017-12-08 t/m 2024-04-25
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0029956
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2011/besluit-mandaat-en-machtiging-prorail-inzake-uitvoering-trac
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2011/besluit-mandaat-en-machtiging-prorail-inzake-uitvoering-trac/2017-12-08
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0029956&g=2017-12-08
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0029956&z=2026-06-06&g=2017-12-08
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0029956/2017-12-08
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2011/besluit-mandaat-en-machtiging-prorail-inzake-uitvoering-trac
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit wordt verstaan onder: Directeur Projecten: Directeur Projecten van ProRail; Manager LJV: Manager Leefomgeving, Juridische zaken en Vastgoed; minister: Minister van Infrastructuur en Milieu; ProRail: ProRail B.V., gevestigd te Utrecht; projectmanager: bij ProRail werkzame manager die verantwoordelijk is voor de realisering van het in zijn functieaanduiding genoemde tracébesluit; tracébesluit: Tracéwet artikel 1, eerste lid, onder d, van die wet een besluit op grond van detot aanleg of wijziging van een landelijke spoorweg als bedoeld in, met uitzondering van het Tracébesluit Betuweroute en het Tracébesluit HSL-Zuid. 2016 21932 06-05-2016 03-05-2016 IENM/BSK-2016/73256 2016 21932 06-05-2016 03-05-2016 IENM/BSK-2016/73256 07-05-2016
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 artikel 20, tweede tot en met vierde lid, en tiende lid, van de Tracéwet Aan de Manager LJV wordt mandaat en machtiging verleend om namens de minister de bevoegdheden uit te oefenen en de taken uit te voeren, zoals deze aan de minister op grond vanzijn toegekend. 2016 21932 06-05-2016 03-05-2016 IENM/BSK-2016/73256 2016 21932 06-05-2016 03-05-2016 IENM/BSK-2016/73256 07-05-2016
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikel 2 artikel 20, vierde lid, onderdelen a en d, van de Tracéwet De Manager LJV kan van het hem inverleende mandaat ondermandaat verlenen en de in dat artikel bedoelde machtiging doorgeven aan een of meer onder hem ressorterende medewerkers, met uitzondering van de bevoegdheden, bedoeld in. 2 Van de verlening van ondermandaat en van het doorgeven van machtiging doet de Manager LJV schriftelijk mededeling aan de minister. 2016 21932 06-05-2016 03-05-2016 IENM/BSK-2016/73256 2016 21932 06-05-2016 03-05-2016 IENM/BSK-2016/73256 07-05-2016
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 artikel 3 bijlage Bij de uitoefening van het mandaat en de machtiging neemt de Manager LJV of, indien toepassing is gegeven aan, de betreffende medewerker, de in debij dit besluit opgenomen algemene instructie en de door de minister per geval gegeven instructie in acht. 2016 21932 06-05-2016 03-05-2016 IENM/BSK-2016/73256 2016 21932 06-05-2016 03-05-2016 IENM/BSK-2016/73256 07-05-2016
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 artikel 20d, eerste lid, van de Tracéwet Beleidsregel nadeelcompensatie Infrastructuur en Milieu 2014 Aan de projectmanager wordt mandaat verleend om namens de minister te beslissen op een verzoek om schadevergoeding als bedoeld inen machtiging verleend om ter voorbereiding van die beslissing de benodigde handelingen te verrichten. De projectmanager geeft daarbij toepassing aan de. 2016 21932 06-05-2016 03-05-2016 IENM/BSK-2016/73256 2016 21932 06-05-2016 03-05-2016 IENM/BSK-2016/73256 07-05-2016
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 artikel 5 Aan de projectmanager wordt mandaat verleend om namens de minister een beslissing te nemen over de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij niet tijdig beslissen op verzoeken als bedoeld inen machtiging verleend om ter voorbereiding van die eerstgenoemde beslissing de benodigde handelingen te verrichten. 2011 8207 11-05-2011 03-05-2011 IENM/SK-2011-56685 2011 8207 11-05-2011 03-05-2011 IENM/SK-2011-56685 12-05-2011
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 artikelen 5 6 De projectmanager kan van het mandaat, bedoeld in deen, ondermandaat verlenen en de machtiging, bedoeld in die artikelen, doorgeven aan een plaatsvervanger. 2 Van de verlening van ondermandaat en van het doorgeven van de machtiging doet de projectmanager schriftelijk mededeling aan de minister. 2011 8207 11-05-2011 03-05-2011 IENM/SK-2011-56685 2011 8207 11-05-2011 03-05-2011 IENM/SK-2011-56685 12-05-2011
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 artikel 7 bijlage Bij de uitoefening van het mandaat en de machtiging neemt de projectmanager of, indien toepassing is gegeven aan, zijn plaatsvervanger, de in debij dit besluit opgenomen algemene instructie in acht. 2011 8207 11-05-2011 03-05-2011 IENM/SK-2011-56685 2011 8207 11-05-2011 03-05-2011 IENM/SK-2011-56685 12-05-2011
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 artikel 5 Aan de Directeur Projecten wordt mandaat verleend om namens de minister te beslissen op een bezwaar tegen een beslissing als bedoeld inen machtiging verleend om ter voorbereiding van die beslissing de benodigde handelingen te verrichten. 2011 8207 11-05-2011 03-05-2011 IENM/SK-2011-56685 2011 8207 11-05-2011 03-05-2011 IENM/SK-2011-56685 12-05-2011
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 artikel 9 Aan de Directeur Projecten wordt mandaat verleend om namens de minister een beslissing te nemen over de verschuldigdheid en de hoogte van de dwangsom bij niet tijdig beslissen op bezwaar als bedoeld inen machtiging verleend om ter voorbereiding van die eerstgenoemde beslissing de benodigde handelingen te verrichten. 2011 8207 11-05-2011 03-05-2011 IENM/SK-2011-56685 2011 8207 11-05-2011 03-05-2011 IENM/SK-2011-56685 12-05-2011
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 artikelen 9 10 De Directeur Projecten kan van het mandaat, bedoeld in deen, ondermandaat verlenen aan een plaatsvervanger, niet zijnde de projectmanager of diens plaatsvervanger, en de machtiging, bedoeld in die artikelen, doorgeven aan de Manager LJV of een onder die manager ressorterende medewerker. 2 Van de verlening van ondermandaat en van het doorgeven van de machtiging doet de Directeur Projecten schriftelijk mededeling aan de minister. 2016 21932 06-05-2016 03-05-2016 IENM/BSK-2016/73256 2016 21932 06-05-2016 03-05-2016 IENM/BSK-2016/73256 07-05-2016
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 artikel 11, eerste lid bijlage Bij de uitoefening van mandaat en machtiging nemen de Directeur Projecten en, indien toepassing is gegeven aan het bepaalde in, zijn plaatsvervanger, de Manager LJV of de onder die manager ressorterende medewerker, de in debij dit besluit opgenomen algemene instructie in acht. 2016 21932 06-05-2016 03-05-2016 IENM/BSK-2016/73256 2016 21932 06-05-2016 03-05-2016 IENM/BSK-2016/73256 07-05-2016
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 1 artikel 5 artikel 9 Aan de Manager LJV wordt machtiging verleend de minister te vertegenwoordigen in de procedure bij de bestuursrechter naar aanleiding van een door belanghebbende ingesteld beroep tegen een beslissing als bedoeld inofof naar aanleiding van een door een belanghebbende ingesteld hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank en alle daartoe benodigde handelingen te verrichten. 2 Aan de Manager LJV wordt machtiging verleend om namens de minister hoger beroep in te stellen tegen een uitspraak van de rechtbank inzake een beroep tegen een beslissing als bedoeld in het eerste lid. 2016 21932 06-05-2016 03-05-2016 IENM/BSK-2016/73256 2016 21932 06-05-2016 03-05-2016 IENM/BSK-2016/73256 07-05-2016
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 1 artikel 13, eerste lid De Manager LJV kan de machtiging, bedoeld in het, doorgeven aan een of meer onder hem ressorterende medewerkers. 2 Van het doorgeven van de machtiging doet de Manager LJV mededeling aan de minister. 2016 21932 06-05-2016 03-05-2016 IENM/BSK-2016/73256 2016 21932 06-05-2016 03-05-2016 IENM/BSK-2016/73256 07-05-2016
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 artikel 14, eerste lid bijlage Bij de uitoefening van mandaat en machtiging nemen de Manager LJV en, indien toepassing is gegeven aan het bepaalde in, die medewerker, de in debij dit besluit opgenomen algemene instructie in acht. 2016 21932 06-05-2016 03-05-2016 IENM/BSK-2016/73256 2016 21932 06-05-2016 03-05-2016 IENM/BSK-2016/73256 07-05-2016
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 1 artikelen 5 tot en met 15 In afwijking van deworden voor het Tracébesluit Theemswegtracé (Stcrt. 2017, 28570) de in die artikelen genoemde mandaten en machtigingen verleend aan: a. voor mandaten of machtigingen verleend aan de projectmanager: het Hoofd Port Development van Havenbedrijf Rotterdam N.V., gevestigd te Rotterdam; b. voor mandaten of machtigingen verleend aan de Directeur Projecten of de Manager LJV: het Hoofd Legal van Havenbedrijf Rotterdam N.V., gevestigd te Rotterdam. 2 bijlage De uitoefening van het in het eerste lid verleende vindt plaats onder de daaraan in deze paragraaf gestelde voorschriften en met inachtneming van de in debij dit besluit opgenomen algemene instructie. 2017 69405 07-12-2017 06-12-2017 IENM/BSK-2017/278500 2017 69405 07-12-2017 06-12-2017 IENM/BSK-2017/278500 08-12-2017 23-05-2017
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst. 2011 8207 11-05-2011 03-05-2011 IENM/SK-2011-56685 2011 8207 11-05-2011 03-05-2011 IENM/SK-2011-56685 12-05-2011
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 Dit besluit kan worden aangehaald als: ‘Besluit mandaat en machtiging ProRail inzake uitvoering tracébesluiten’. 2011 8207 11-05-2011 03-05-2011 IENM/SK-2011-56685 2011 8207 11-05-2011 03-05-2011 IENM/SK-2011-56685 12-05-2011
Artikel 2#
artikelen 2
Artikel 3#
3
Artikel 3#
artikel 3
Artikel 5#
artikelen 5
Artikel 6#
6
Artikel 9#
9
Artikel 10#
10
Artikel 13#
13
Artikel 16#
artikel 16
Artikel 5#
artikelen 5
Artikel 6#
6
Artikel 9#
9
Artikel 10#
10
Artikel 13#
13