Besluit van de directeur-generaal van het Directoraat-Generaal Rijksvoorlichtingsdienst van 12 juli 2011, nr. 3608252, houdende mandaat, volmacht en machtiging aan functionarissen binnen de Rijksvoorlichtingsdienst van het Ministerie van Algemene Zaken
- BWB-id
- BWBR0030312
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Algemene Zaken
- Geldigheid
- 2017-12-11 t/m 2018-01-26
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0030312
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2011/besluit-mandaat-volmacht-en-machtiging-directoraat-generaal-
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2011/besluit-mandaat-volmacht-en-machtiging-directoraat-generaal-/2017-12-11
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0030312&g=2017-12-11
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0030312&z=2026-06-06&g=2017-12-11
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0030312/2017-12-11
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2011/besluit-mandaat-volmacht-en-machtiging-directoraat-generaal-
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 artikelen 7 9 van het Besluit mandaat, volmacht en machtiging Algemene Zaken De aan de directeur-generaal krachtens deenverleende bevoegdheden worden verleend aan: a. de plaatsvervangend directeur-generaal; b. de directeur Rijksvoorlichtingsdienst. 2011 14045 28-07-2011 12-07-2011 3608252 2011 14045 28-07-2011 12-07-2011 3608252 30-07-2011 01-04-2011
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 artikelen 7 9 van het Besluit mandaat van het Besluit mandaat, volmacht en machtiging Algemene Zaken De aan de directeur-generaal krachtens deenverleende bevoegdheden tot het nemen van beslissingen op het gebied van personeelsbeleid, waaronder begrepen aanstelling, schorsing en beloningen worden verleend aan het hoofd Communicatie Algemeen Regeringsbeleid en het hoofd Communicatie Koninklijk Huis voor de onder deze hoofden ressorterende functionarissen. 2011 14045 28-07-2011 12-07-2011 3608252 2011 14045 28-07-2011 12-07-2011 3608252 30-07-2011 01-04-2011
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De plaatsvervangend directeur-generaal maakt van de aan hem verleende bevoegdheden uitsluitend gebruik: a. bij afwezigheid van de directeur-generaal; b. in andere gevallen voor zover het aangelegenheden betreft die aan hem door de directeur-generaal zijn toevertrouwd. 2 De directeur Rijksvoorlichtingsdienst maakt van de aan hem verleende bevoegdheden uitsluitend gebruik: a. bij afwezigheid van de directeur-generaal en de plaatsvervangend directeur-generaal; b. in andere gevallen voor zover het aangelegenheden betreft die aan hem door de directeur-generaal of de plaatsvervangend directeur-generaal zijn toevertrouwd. 2011 14045 28-07-2011 12-07-2011 3608252 2011 14045 28-07-2011 12-07-2011 3608252 30-07-2011 01-04-2011
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Het hoofd Communicatie Koninklijk Huis en het hoofd Communicatie Algemeen Regeringsbeleid wordt volmacht en machtiging verstrekt voor handelingen waarmede een bedrag is gemoeid dat per geval vijfentwintigduizend euro niet te boven gaat en waarvoor financiële dekking is vanuit het prestatieplan. 2 De directiesecretaris wordt volmacht en machtiging verstrekt voor handelingen waarmee een bedrag is gemoeid dat per geval de vijfduizend euro niet te boven gaat en waarvoor financiële dekking is vanuit het prestatieplan. 3 Een functionaris zoals bedoeld in het eerste tot en met tweede lid maakt van de aan hem verleende volmacht en machtiging uitsluitend gebruik voor zover het aangelegenheden betreft die behoren tot zijn werkterrein en naar aard of inhoud niet een zodanig gewicht hebben dat deze behoren te worden afgedaan door de directeur-generaal, de plaatsvervangend directeur-generaal of de directeur. 4 De bevoegdheden krachtens het eerste tot en met vierde lid worden nader bepaald door en uitgeoefend met inachtneming van: a. departementale procedures, richtlijnen en aanwijzingen; b. nadere procedures en instructies van de directeur-generaal. 2011 14045 28-07-2011 12-07-2011 3608252 2011 14045 28-07-2011 12-07-2011 3608252 30-07-2011 01-04-2011
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 Ondertekening door in voorgaande artikelen genoemde functionarissen van een document krachtens mandaat of volmacht luidt als volgt: De MINISTER-PRESIDENT, Minister van Algemene Zaken, namens deze, (handtekening) (naam) (functie) 2 Het eerste lid is niet van toepassing op digitale besluiten die worden genomen via het P-Direktportaal. 3 Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op de ondertekening van een document krachtens machtiging, tenzij uit de aard en de inhoud van het document reeds voldoende blijkt dat het namens de Minister-President, Minister van Algemene Zaken, is opgesteld. In dat geval luidt de ondertekening als volgt: (handtekening) (naam) (functie) 4 Een document als bedoeld in het eerste of derde lid wordt opgesteld conform de vastgestelde rijksbrede huisstijl. 2011 14045 28-07-2011 12-07-2011 3608252 2011 14045 28-07-2011 12-07-2011 3608252 30-07-2011 01-04-2011
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Besluit mandaat, volmacht en machtiging Directoraat-Generaal Rijksvoorlichtingsdienst 2009 Hetvan 9 februari 2010 wordt ingetrokken. 2011 14045 28-07-2011 12-07-2011 3608252 2011 14045 28-07-2011 12-07-2011 3608252 30-07-2011 01-04-2011
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 april 2011. 2011 14045 28-07-2011 12-07-2011 3608252 2011 14045 28-07-2011 12-07-2011 3608252 30-07-2011 01-04-2011
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 Dit besluit kan worden aangehaald als: Besluit mandaat, volmacht en machtiging Directoraat-Generaal Rijksvoorlichtingsdienst. 2011 14045 28-07-2011 12-07-2011 3608252 2011 14045 28-07-2011 12-07-2011 3608252 30-07-2011 01-04-2011