Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 21 juni 2011, nr. MC-U-3067628, houdende regels voor de bezoldiging en beheerskosten van enkele bestuursorganen volksgezondheid (Regeling bezoldiging en beheerskosten bestuursorganen volksgezondheid 2011)
- BWB-id
- BWBR0030162
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- Geldigheid
- 2015-03-14 t/m 2018-08-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0030162
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2011/regeling-bezoldiging-en-beheerskosten-zelfstandige-bestuurso
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2011/regeling-bezoldiging-en-beheerskosten-zelfstandige-bestuurso/2015-03-14
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0030162&g=2015-03-14
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0030162&z=2026-06-06&g=2015-03-14
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0030162/2015-03-14
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2011/regeling-bezoldiging-en-beheerskosten-zelfstandige-bestuurso
Artikel 1 — Artikel 1 Definities#
Artikel 1 Definities In deze regeling wordt verstaan onder: a. de Minister: de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport; b. het College bouw: Wet toelating zorginstellingen het College bouw zorginstellingen, genoemd in de; c. het College sanering: Wet toelating zorginstellingen het College sanering zorginstellingen, genoemd in de; d. het Zorginstituut: artikel 58, eerste lid, van de Zorgverzekeringswet het Zorginstituut Nederland, genoemd in; e. de zorgautoriteit: Wet marktordening gezondheidszorg de Nederlandse Zorgautoriteit, genoemd in de; f. het ARAR: Algemeen Rijksambtenarenreglement het; g. het BBRA 1984: Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984 het; h. de Kaderwet: Kaderwet zelfstandige bestuursorganen de; i. artikel 6.1.1 van de Wet langdurige zorg het CAK: het CAK, genoemd in; j. artikel 7.1.1. van de Wet langdurige zorg het CIZ: het CIZ, genoemd in. 2014 36648 19-12-2014 11-12-2014 2014 36648 19-12-2014 11-12-2014 01-01-2015
Artikel 2 — Artikel 2 Reikwijdte hoofdstuk 2#
Artikel 2 Reikwijdte hoofdstuk 2 Dit hoofdstuk is, voor zover niet anders is bepaald, van toepassing op de bestuursleden van: a. het College bouw, b. het College sanering, c. het Zorginstituut, d. de zorgautoriteit, e. het CAK, f. het CIZ. 2015 6775 13-03-2015 05-03-2015 688413-129327-MC 2015 6775 13-03-2015 05-03-2015 688413-129327-MC 14-03-2015
Artikel 3 — Artikel 3 Bezoldiging, vakantie- en eindejaarsuitkering, pensioen#
Artikel 3 Bezoldiging, vakantie- en eindejaarsuitkering, pensioen 1 bijlage A van het BBRA 1984 De bezoldiging van de voorzitter bedraagt maximaal de bezoldiging van een lid van de topmanagementgroep van een departement van algemeen bestuur als bedoeld inmet dien verstande dat deze bezoldiging geldt voor een veertigurige werkweek. 2 BBRA 1984 De bezoldiging van een lid bedraagt maximaal schaal 17 van het, met dien verstande dat deze bezoldiging geldt voor een veertigurige werkweek. 3 artikelen 21 22 van het BBRA 1984 artikelen 22 23 van het ARAR De bestuursleden hebben recht op een vakantie-uitkering overeenkomstig deen. De opbouw van vakantie-uren, de opname en het overboeken daarvan naar een volgend jaar vinden plaats overeenkomstig deen. 4 artikel 20a van het BBRA 1984 De bestuursleden hebben recht op een eindejaarsuitkering overeenkomstig. 5 De bezoldiging wordt uitbetaald in gelijke maandelijkse termijnen. De vakantie- en eindejaarsuitkering worden uitbetaald in de maanden mei respectievelijk december van ieder jaar. 6 De bestuursleden, met uitzondering van de bestuursleden van het CAK en van het CIZ, worden aangemeld als volwaardig deelnemer bij het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds. 2014 36648 19-12-2014 11-12-2014 2014 36648 19-12-2014 11-12-2014 01-01-2015
Artikel 4 — Artikel 4 Reis- en verblijfkosten#
Artikel 4 Reis- en verblijfkosten 1 Reisbesluit binnenland Reisbesluit buitenland De bestuursleden hebben ten behoeve van de werkzaamheden voor het bestuursorgaan recht op een vergoeding van reis- en verblijfkosten overeenkomstig heten het. 2 Besluit vergoeding representatiekosten rijkspersoneel De bestuursleden ontvangen een representatievergoeding overeenkomstig het. Deze vergoeding wordt maandelijks uitgekeerd. 3 De voorzitter kan voor het vervoer tussen zijn standplaats en zijn woonplaats en voor het vervoer ten behoeve van dienstreizen aanspraak maken op dienstvervoer per auto. 4 Een lid kan voor het vervoer tussen de standplaats en de woonplaats en voor het vervoer ten behoeve van dienstreizen aanspraak maken op een jaarkaart openbaar vervoer eerste klasse. 2011 11257 28-06-2011 21-06-2011 MC-U-3067628 2011 249 27-05-2011 27-04-2011 01-07-2011 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet aanpassing enige wetten teneinde een aantal zelfstandige bestuursorganen onder de werking van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen te brengen (Stb. 2011, 204) in werking treedt.
Artikel 5 — Artikel 5 Verloffaciliteiten#
Artikel 5 Verloffaciliteiten ARAR De bestuursleden hebben aanspraak op de verloffaciliteiten die gelden voor de sector Rijk. De verlofbepalingen van hetzijn van overeenkomstige toepassing. 2011 11257 28-06-2011 21-06-2011 MC-U-3067628 2011 249 27-05-2011 27-04-2011 01-07-2011 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet aanpassing enige wetten teneinde een aantal zelfstandige bestuursorganen onder de werking van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen te brengen (Stb. 2011, 204) in werking treedt.
Artikel 6 — Artikel 6 Arbeidsongeschiktheid#
Artikel 6 Arbeidsongeschiktheid ARAR In geval van ongeschiktheid tot het verrichten van arbeid wegens ziekte, gebreken, zwangerschap of bevalling zijn de bepalingen ten aanzien van doorbetaling van de bezoldiging van het, alsmede de suppletieregeling gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid van de sector Rijk van overeenkomstige toepassing. 2011 11257 28-06-2011 21-06-2011 MC-U-3067628 2011 249 27-05-2011 27-04-2011 01-07-2011 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet aanpassing enige wetten teneinde een aantal zelfstandige bestuursorganen onder de werking van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen te brengen (Stb. 2011, 204) in werking treedt.
Artikel 7 — Artikel 7 Bovenwettelijke uitkering bij werkloosheid#
Artikel 7 Bovenwettelijke uitkering bij werkloosheid 1 Werkloosheidswet In geval van tussentijds ontslag, anders dan op eigen verzoek en anders dan ten gevolge van eigen schuld of toedoen, hebben de bestuursleden, in aanvulling op de reguliere aanspraak op een uitkering krachtens de, aanspraak op een bovenwettelijke uitkering. 2 Besluit bovenwettelijke uitkering bij werkloosheid De hoogte en duur van deze uitkering worden vastgesteld overeenkomstig het bepaalde in hetvoor de sector Rijk. 2011 11257 28-06-2011 21-06-2011 MC-U-3067628 2011 249 27-05-2011 27-04-2011 01-07-2011 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet aanpassing enige wetten teneinde een aantal zelfstandige bestuursorganen onder de werking van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen te brengen (Stb. 2011, 204) in werking treedt.
Artikel 8 — Artikel 8 Onpartijdigheid en integriteit#
Artikel 8 Onpartijdigheid en integriteit 1 De bestuursleden onthouden zich van het openbaren van gedachten of gevoelens, indien daardoor de goede vervulling van hun functie of het goede functioneren van de openbare dienst, voorzover deze in verband staat met hun functievervulling, niet in redelijkheid zou zijn verzekerd. 2 Het is de bestuursleden in hun ambt verboden vergoedingen, beloningen, giften of beloften van derden te vorderen, te verzoeken of aan te nemen. 2011 11257 28-06-2011 21-06-2011 MC-U-3067628 2011 249 27-05-2011 27-04-2011 01-07-2011 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet aanpassing enige wetten teneinde een aantal zelfstandige bestuursorganen onder de werking van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen te brengen (Stb. 2011, 204) in werking treedt.
Artikel 9 — Artikel 9 Speciale bepaling voor College bouw en College sanering#
Artikel 9 Speciale bepaling voor College bouw en College sanering artikelen 13 14, vierde lid, van de Kaderwet Deenzijn van overeenkomstige toepassing op de bestuursleden van het College bouw en het College sanering. 2011 11257 28-06-2011 21-06-2011 MC-U-3067628 2011 249 27-05-2011 27-04-2011 01-07-2011 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet aanpassing enige wetten teneinde een aantal zelfstandige bestuursorganen onder de werking van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen te brengen (Stb. 2011, 204) in werking treedt.
Artikel 10 — Artikel 10 Speciale bepaling met betrekking tot de Adviescommissie Pakket en de Adviescommissie Kwaliteit#
Artikel 10 Speciale bepaling met betrekking tot de Adviescommissie Pakket en de Adviescommissie Kwaliteit 1 artikel 59a, eerste lid, van de Zorgverzekeringswet Bezoldigingsbesluit Rijksambtenaren 1984 De voorzitter van de commissie, bedoeld in, die niet tevens lid is van het Zorginstituut Nederland, en de voorzitter van de commissie, genoemd in artikel 59b, eerste lid, van die wet ontvangen een vaste vergoeding per maand, afgeleid van het maximum van schaal 18 van het, vermenigvuldigd met een arbeidsduurfactor van 20,77 procent. 2 artikel 59a, eerste lid, van de Zorgverzekeringswet artikel 59b, eerste lid, van die wet Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984 De andere leden van de commissie, bedoeld in, die niet tevens lid zijn van het Zorginstituut Nederland, en de andere leden van de commissie, genoemd in, ontvangen een vaste vergoeding per maand, afgeleid van het maximum van schaal 17 van het, vermenigvuldigd met een arbeidsduurfactor van 6,92 procent. 2015 6775 13-03-2015 05-03-2015 688413-129327-MC 2015 6775 13-03-2015 05-03-2015 688413-129327-MC 14-03-2015 01-04-2014
Artikel 11 — Artikel 11 Reikwijdte hoofdstuk 3#
Artikel 11 Reikwijdte hoofdstuk 3 1 Dit hoofdstuk is, voor zover niet anders is bepaald, van toepassing op: a. het College sanering, b. het Zorginstituut, c. de zorgautoriteit, d. het CAK. 2 Dit hoofdstuk is, met inachtneming van de tussen de Minister en het College bouw gemaakte afspraken over de afbouw van dat college, waar mogelijk van overeenkomstige toepassing op het College bouw. 3 Dit hoofdstuk is, met inachtneming van de tussen de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en het CIZ gemaakte afspraken over de concretisering van de juridische status van het CIZ in de periode 2015 – 2019, waar mogelijk van overeenkomstige toepassing op het CIZ. 2014 36648 19-12-2014 11-12-2014 2014 36648 19-12-2014 11-12-2014 01-01-2015
Artikel 12 — Artikel 12 Budget#
Artikel 12 Budget 1 Het budget wordt vastgesteld op grond van de ingediende begroting, waarbij de begroting is gebaseerd op het prijspeil van het lopende jaar en het door de Minister aan het bestuursorgaan bekend gemaakte financiële kader. 2 In de loop van het begrotingsjaar kan besloten worden tot verhoging of verlaging van het budget op grond van gestegen of gedaalde kosten. 3 Indien de begroting hoger is dan het bekend gemaakte financiële kader, doet het bestuursorgaan een voorstel aan de Minister hoe dit verschil gedekt kan worden. 2011 11257 28-06-2011 21-06-2011 MC-U-3067628 2011 249 27-05-2011 27-04-2011 01-07-2011 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet aanpassing enige wetten teneinde een aantal zelfstandige bestuursorganen onder de werking van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen te brengen (Stb. 2011, 204) in werking treedt.
Artikel 13 — Artikel 13 Bevoorschotting budget#
Artikel 13 Bevoorschotting budget artikel 15 De Minister houdt bij de bevoorschotting van het budget een zodanige frequentie en hoogte aan dat deze in voldoende mate aansluit op de in het vijfde lid vanbedoelde liquiditeitsbehoefte van het bestuursorgaan. 2011 11257 28-06-2011 21-06-2011 MC-U-3067628 2011 249 27-05-2011 27-04-2011 01-07-2011 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet aanpassing enige wetten teneinde een aantal zelfstandige bestuursorganen onder de werking van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen te brengen (Stb. 2011, 204) in werking treedt.
Artikel 14 — Artikel 14 Inrichting werkprogramma#
Artikel 14 Inrichting werkprogramma Het werkprogramma bevat een zodanige beschrijving van de voorgenomen activiteiten dat een goed beeld gegeven wordt van werkzaamheden die het bestuursorgaan van plan is uit te gaan voeren, alsmede van de inzet van de beschikbare financiële en personele middelen. 2011 11257 28-06-2011 21-06-2011 MC-U-3067628 2011 249 27-05-2011 27-04-2011 01-07-2011 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet aanpassing enige wetten teneinde een aantal zelfstandige bestuursorganen onder de werking van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen te brengen (Stb. 2011, 204) in werking treedt.
Artikel 15 — Artikel 15 Inrichting begroting#
Artikel 15 Inrichting begroting 1 In de begroting en de meerjarenraming worden de volgende kostensoorten en baten onderscheiden: a. personele kosten; b. huisvestingskosten; c. automatiseringskosten; d. bureaukosten; e. overige kosten; f. baten. 2 De in het eerste lid genoemde groepen van kostensoorten en baten worden in de begroting zodanig uitgesplitst dat een goed beeld ontstaat van de samenstelling daarvan. 3 In de begroting wordt het vermoedelijk beloop in het lopende jaar opgenomen. 4 In de meerjarenraming worden zoveel mogelijk de financiële gevolgen tot uitdrukking gebracht van hetgeen ten grondslag ligt aan de bedragen die zijn opgenomen in de begroting. 5 De begroting bevat een raming van de maandelijkse liquiditeitsbehoefte voor het desbetreffende begrotingsjaar. 6 artikel 2 van het Besluit tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten In de begroting van het CAK wordt onderscheid gemaakt tussen tegemoetkomingen op grond van het eerste en het tweede lid vanalsmede tussen de in deze leden genoemde bedragen. 2012 26765 21-12-2012 14-12-2012 Z-3148008 2012 646 18-12-2012 11-12-2012 01-01-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, enz. (instelling zelfstandig bestuursorgaan CAK) in werking treedt.
Artikel 16 — Artikel 16 Inrichting toelichting bij de begroting#
Artikel 16 Inrichting toelichting bij de begroting De begroting gaat vergezeld van een toelichting waarin: a. wordt ingegaan op de voorgenomen werkzaamheden die leiden tot een wijziging van de hoogte van de beheerskosten ten opzichte van het voorafgaande jaar; b. per begrotingspost, voor zover mogelijk, een cijfermatige specificatie en onderbouwing wordt gegeven, waarbij kosten van afschrijvingen, rentelasten en dotaties aan voorzieningen worden toegelicht; c. de gevolgen voor de beheerskosten worden aangegeven ten aanzien van de werkzaamheden die vervallen ten opzichte van het voorafgaande jaar; d. nieuwe dan wel gewijzigde activiteiten worden toegelicht op de inzet van financiële middelen en personele inzet; e. de investeringsplannen voor het begrotingsjaar en de vier daaropvolgende jaren worden vermeld, waarbij per investering het afschrijvingsbedrag, de afschrijvingsmethode en de afschrijvingstermijn worden aangegeven; f. artikel 14 de gronden worden vermeld waarop de meerjarenraming is gebaseerd, waaronder een meerjarig overzicht van de geraamde ontwikkeling van de personeelsformatie, welke zoveel mogelijk is uitgesplitst naar de werkzaamheden, bedoeld in; g. substantiële schommelingen in de meerjarenraming worden toegelicht. 2011 11257 28-06-2011 21-06-2011 MC-U-3067628 2011 249 27-05-2011 27-04-2011 01-07-2011 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet aanpassing enige wetten teneinde een aantal zelfstandige bestuursorganen onder de werking van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen te brengen (Stb. 2011, 204) in werking treedt.
Artikel 17 — Artikel 17 Inrichting jaarrekening#
Artikel 17 Inrichting jaarrekening 1 De jaarrekening bestaat uit de balans en de exploitatierekening, alsmede uit de toelichting op beide. 2 Indien een begrote groep van kostensoorten of baten is over- of onderschreden, wordt dit per groep van kostensoorten of baten nader toegelicht. 3 artikel 14 van de Kaderwet Onverminderd het bepaalde inwordt in de toelichting op de jaarrekening de bezoldiging van iedere individuele bestuurder opgenomen. 4 artikel 18 van de Kaderwet artikel 41 van de Kaderwet In het jaarverslag bedoeld indoet het bestuursorgaan verslag van hetgeen tot uitvoering vanis verricht. 5 De accountantscontrole geschiedt met inachtneming van een door de Minister vastgesteld protocol dat geacht wordt deel uit te maken van deze regeling. 6 De accountantscontrole bij het CAK geschiedt in afwijking van het vijfde lid, met inachtneming van een specifiek voor het CAK door de Minister en de zorgautoriteit vastgesteld Protocol Accountantsonderzoek CAK. 2014 19489 11-07-2014 03-07-2014 549236-122502-MC 2014 19489 11-07-2014 03-07-2014 549236-122502-MC 12-07-2014 01-01-2014
Artikel 17a — Artikel 17a Aanvullende bepaling jaarrekening CAK#
Artikel 17a Aanvullende bepaling jaarrekening CAK 1 artikel 2, van het Besluit tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten In de jaarrekening van het CAK wordt onderscheid gemaakt tussen tegemoetkomingen op grond van het eerste en het tweede lid vanalsmede tussen de in deze leden genoemde bedragen. 2 artikel 51, vierde lid, van Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten artikel 2, eerste lid, van de Wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten Het CAK baseert in de jaarrekening, bedoeld in, de rechtmatigheid van de verstrekkingen van tegemoetkomingen als bedoeld inop de in het derde lid genoemde beoordeling. 3 De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport beoordeelt de rechtmatigheid, bedoeld in het tweede lid, op basis van de resultaten van een door hem uitgevoerde statistische steekproef. 4 Bij het onderzoek dat aan de verklaring omtrent de getrouwheid en het verslag van bevindingen ten grondslag ligt, wordt de in het derde lid bedoelde beoordeling als gegeven beschouwd. 2012 26765 21-12-2012 14-12-2012 Z-3148008 2012 646 18-12-2012 11-12-2012 01-01-2013 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, enz. (instelling zelfstandig bestuursorgaan CAK) in werking treedt.
Artikel 17b — Artikel 17b Aanvullende bepaling jaarrekening CIZ#
Artikel 17b Aanvullende bepaling jaarrekening CIZ artikel 3.2.3 van de Wet langdurige zorg artikel 5.2.1 artikel 5.2.2 van het Besluit langdurige zorg Besluit uitvoering kinderbijslag In de jaarrekening van het CIZ wordt onderscheid gemaakt tussen de kosten verbonden aan het nemen van indicatiebesluiten als bedoeld in, de kosten verbonden aan het nemen van indicatiebesluiten als bedoeld inen het nemen van besluiten als bedoeld in, en de kosten verbonden aan de uitvoering van het. 2014 36648 19-12-2014 11-12-2014 2014 36648 19-12-2014 11-12-2014 01-01-2015
Artikel 18 — Artikel 18 Inrichting exploitatierekening en jaarverslag#
Artikel 18 Inrichting exploitatierekening en jaarverslag 1 De inrichting van de exploitatierekening sluit aan bij de inrichting van de begroting. 2 De inrichting van het jaarverslag sluit aan bij de inrichting van het werkprogramma. 2011 11257 28-06-2011 21-06-2011 MC-U-3067628 2011 249 27-05-2011 27-04-2011 01-07-2011 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet aanpassing enige wetten teneinde een aantal zelfstandige bestuursorganen onder de werking van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen te brengen (Stb. 2011, 204) in werking treedt.
Artikel 19 — Artikel 19 Egalisatiereserve#
Artikel 19 Egalisatiereserve 1 artikel 33 Kaderwet artikel 12 De egalisatiereserve bedoeld inbedraagt ten hoogste vijf procent van het budget bedoeld in. 2 Het totaal van de egalisatiereserve en de verplichte reserve bedraagt aan het einde van het begrotingsjaar niet minder dan nul. 3 Het onverdeeld resultaat wordt, na vaststelling van de jaarrekening, in zijn geheel toegevoegd aan de egalisatiereserve. Indien en voor zover dit leidt tot overschrijding van het in het eerste lid gestelde maximum dan wordt het meerdere teruggevorderd. 4 Dotatie en onttrekking aan en vrijval van reserves en voorzieningen worden afzonderlijk vermeld en toegelicht in de jaarrekening. 5 Artikel 33 van de Kaderwet is van overeenkomstige toepassing met betrekking tot de egalisatiereserve van het College sanering. 2011 11257 28-06-2011 21-06-2011 MC-U-3067628 2011 249 27-05-2011 27-04-2011 01-07-2011 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet aanpassing enige wetten teneinde een aantal zelfstandige bestuursorganen onder de werking van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen te brengen (Stb. 2011, 204) in werking treedt.
Artikel 20 — Artikel 20 Toestemming verrichten van handelingen#
Artikel 20 Toestemming verrichten van handelingen artikel 32, onderdelen a en d tot en met g, van de Kaderwet Het CAK, het CIZ, het Zorginstituut en de zorgautoriteit behoeven voorafgaande toestemming van de Minister voor het verrichten van handelingen als bedoeld in. 2014 36648 19-12-2014 11-12-2014 2014 36648 19-12-2014 11-12-2014 01-01-2015
Artikel 21 — Artikel 21 Regeling zorgverzekering Wijziging in#
Artikel 21 Regeling zorgverzekering Wijziging in Wijzigt de Regeling zorgverzekering. 2011 11257 28-06-2011 21-06-2011 MC-U-3067628 2011 249 27-05-2011 27-04-2011 01-07-2011 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet aanpassing enige wetten teneinde een aantal zelfstandige bestuursorganen onder de werking van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen te brengen (Stb. 2011, 204) in werking treedt.
Artikel 22 — Artikel 22 Intrekkings- en overgangsbepaling#
Artikel 22 Intrekkings- en overgangsbepaling 1 Regeling bezoldiging en beheerskosten bestuursorganen volksgezondheid Dewordt ingetrokken. 2 Artikel 6, eerste lid, van de Regeling bezoldiging en beheerskosten bestuursorganen volksgezondheid zoals dat luidde onmiddellijk voor het tijdstip van intrekking, blijft van toepassing ten aanzien van die bestuursleden waarvan de benoeming voor dat tijdstip plaatsvond. 3 Regeling bezoldiging en beheerskosten bestuursorganen volksgezondheid De, zoals die luidde onmiddellijk voor het tijdstip van intrekking, blijft van toepassing op de in die regeling bedoelde jaarverantwoording over het jaar 2010 en de begroting, het werkprogramma en de jaarverantwoording over het jaar 2011 en kan desgewenst worden gewijzigd. 2011 11257 28-06-2011 21-06-2011 MC-U-3067628 2011 249 27-05-2011 27-04-2011 01-07-2011 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet aanpassing enige wetten teneinde een aantal zelfstandige bestuursorganen onder de werking van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen te brengen (Stb. 2011, 204) in werking treedt.
Artikel 23 — Artikel 23 Citeertitel#
Artikel 23 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling bezoldiging en beheerskosten zelfstandige bestuursorganen VWS 2014 36648 19-12-2014 11-12-2014 2014 36648 19-12-2014 11-12-2014 01-01-2015
Artikel 24 — Artikel 24 Inwerkingtreding#
Artikel 24 Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking op het tijdstip dat de Wet van 31 maart 2011 tot aanpassing van enige wetten teneinde een aantal zelfstandige bestuursorganen onder de werking van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen te brengen (Stb. 2011, 204) in werking treedt. 2011 11257 28-06-2011 21-06-2011 MC-U-3067628 11257 08-07-2011 2011 249 27-05-2011 27-04-2011 01-07-2011 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet aanpassing enige wetten teneinde een aantal zelfstandige bestuursorganen onder de werking van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen te brengen (Stb. 2011, 204) in werking treedt.