Regeling van de secretaris-generaal van het Ministerie van Veiligheid en Justitie van 3 januari 2012, nr. 5719732, houdende verlening van ondermandaat en het doorgeven van volmacht en machtiging aan de hoofden van de clusters van het Ministerie van Veiligheid en Justitie (Mandaatregeling hoofden clusters Ministerie van Veiligheid en Justitie 2012)
- BWB-id
- BWBR0032164
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- 2018-10-20 t/m 2018-12-18
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0032164
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2012/mandaatregeling-hoofden-clusters-van-ministerie-van-veilighe
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2012/mandaatregeling-hoofden-clusters-van-ministerie-van-veilighe/2018-10-20
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0032164&g=2018-10-20
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0032164&z=2026-06-06&g=2018-10-20
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0032164/2018-10-20
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2012/mandaatregeling-hoofden-clusters-van-ministerie-van-veilighe
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 artikel 2 van de Mandaatregeling Ministerie van Veiligheid en Justitie 2011 artikel 2, onder b tot en met h, van de Organisatieregeling Ministerie van Veiligheid en Justitie 2011 Van het ingevolgeaan de secretaris-generaal verleende mandaat wordt ondermandaat verleend aan de hoofden van de clusters, genoemd inten aanzien van de aangelegenheden die hun cluster betreffen. 2013 1205 21-01-2013 07-01-2013 333097/13/DP&O 2013 1205 21-01-2013 07-01-2013 333097/13/DP&O 22-01-2013 05-11-2012
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 Aan de secretaris-generaal blijft voorbehouden de bevoegdheid om besluiten te nemen, indien deze: a. zijn neergelegd in een document, gericht tot: 1°. de Nationale ombudsman, behoudens de afdoening van: – ontvangstbevestigingen, – tussenberichten, waaronder uitstelberichten,en – stukken naar aanleiding van verzoeken van de Nationale ombudsman om, ter vermijding van een volledig onderzoek, te bevorderen dat alsnog aan de klacht tegemoet wordt gekomen (interventies); 2°. de president van en de procureur-generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden; b. Wet openbaarheid van bestuur zijn neergelegd in een document dat betrekking heeft op een verzoek in de zin van de, indien inwilliging of afwijzing daarvan belangrijke politieke, bestuurlijke of maatschappelijke gevolgen kan hebben; c. uitleveringsbeschikkingen inhouden; d. Wet wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging van vrijheidsbenemende en voorwaardelijke sancties Wet overdracht ten uitvoerlegging strafvonnissen beschikkingen inhouden waarin in het kader van dedan wel dede in het buitenland opgelegde straf wordt aangepast aan het in Nederland wettelijk toegestane maximum; e. worden genomen op grond van: 1°. artikel 69 van het Algemeen Rijksambtenarenreglement artikel 46 van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren artikel 69 van het Besluit algemene rechtspositie politie artikel 22 van het Besluit rechtspositie vrijwillige politie ,,of, voor zover de schadeloosstelling betrekking heeft op: – immateriële schade, of – materiële schade boven een bedrag van € 10.000; 2º. artikel 96b van het Algemeen Rijksambtenarenreglement artikel 92, tweede lid, van het Besluit algemene rechtspositie politie artikel 39 van het Besluit rechtspositie vrijwillige politie ,of; 3º. artikel 99 van het Algemeen Rijksambtenarenreglement artikel 36b van het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren artikel 95 van het Besluit algemene rechtspositie politie ,of, indien de meerkosten aangaande de minimale uitkering meer bedragen dan drie bruto maandsalarissen; f. betreffen het verstrekken van reisopdrachten aan ambtenaren naar landen buiten Europa alsmede Turkije. 2013 1205 21-01-2013 07-01-2013 333097/13/DP&O 2013 1205 21-01-2013 07-01-2013 333097/13/DP&O 22-01-2013
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 artikel 2, onder b tot en met h, van de Organisatieregeling Ministerie van Veiligheid en Justitie 2011 artikel 4, eerste lid, onderdeel b, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement De hoofden van de clusters, genoemd inworden aangewezen als hoofd van dienst in de zin vanten aanzien van de onder hun cluster ressorterende ambtenaren. 2013 1205 21-01-2013 07-01-2013 333097/13/DP&O 2013 1205 21-01-2013 07-01-2013 333097/13/DP&O 22-01-2013 05-11-2012
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Besluiten inzake aanstelling, ontslag, bevordering of verplaatsing van ambtenaren op managementfuncties in schaal 14 en hoger behoeven de instemming van het Centraal Loopbaanberaad van het Ministerie van Veiligheid en Justitie. 2012 694 13-01-2012 03-01-2012 5719732 2012 694 13-01-2012 03-01-2012 5719732 14-01-2012 01-07-2011
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 De Mandaatregeling DG’s, NCTb en plv. SG Justitie 2005 en het Taak- en bevoegdheidsbesluit pSG Justitie worden ingetrokken. 2012 694 13-01-2012 03-01-2012 5719732 2012 694 13-01-2012 03-01-2012 5719732 14-01-2012 01-07-2011
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 juli 2011. 2012 694 13-01-2012 03-01-2012 5719732 2012 694 13-01-2012 03-01-2012 5719732 14-01-2012 01-07-2011
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Deze regeling wordt aangehaald als: Mandaatregeling hoofden clusters van Ministerie van Veiligheid en Justitie 2012. 2012 694 13-01-2012 03-01-2012 5719732 2012 694 13-01-2012 03-01-2012 5719732 14-01-2012 01-07-2011