Regeling van de Minister van Veiligheid en Justitie van 27 april 2012, nr. 253887, houdende regels ter uitvoering van de controle en ter vaststelling van bepaalde elementen van de heffingsgrondslag als bedoeld in artikel 6a van het Kansspelenbesluit (Uitvoeringsregeling kansspelheffing)
- BWB-id
- BWBR0031528
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2021-04-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0031528
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2012/uitvoeringsregeling-kansspelheffing
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2012/uitvoeringsregeling-kansspelheffing/2021-04-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0031528&g=2021-04-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0031528&z=2026-06-06&g=2021-04-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0031528/2021-04-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2012/uitvoeringsregeling-kansspelheffing
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. wet: Wet op de kansspelen de; b. kansspelautomaat: artikel 30, onder c, van de wet een kansspelautomaat als bedoeld in; c. spelersplaats: een eenheid van een kansspelautomaat waaraan één speler kan plaatsnemen en aan het spel kan deelnemen; d. speelcasino: artikel 27g, tweede lid, van de wet een speelcasino als bedoeld in; e. speeltafel: een tafel bestemd om spelers in staat te stellen om aan een gemeenschappelijk beoefend kansspel in een speelcasino deel te nemen; f. spelersterminal: een toestel bestemd om aan één of meer speeltafels gekoppeld te worden en waaraan één speler kan plaatsnemen om aan het spel aan die speeltafel of speeltafels deel te nemen; g. casino-automaat: paragraaf 4.2 van het Speelautomatenbesluit 2000 een kansspelautomaat bestemd voor opstelling in een speelcasino’s, als bedoeld in; h. halautomaat: paragraaf 4.4 van het Speelautomatenbesluit 2000 een kansspelautomaat bestemd voor opstelling in een speelautomatenhal als bedoeld in; i. horeca-automaat: paragraaf 4.3 van het Speelautomatenbesluit 2000 een kansspelautomaat niet bestemd voor opstelling in een speelautomatenhal of een speelcasino als bedoeld in; j. aangifteformulier: artikel 5, eerste lid aangifteformulier als bedoeld in, van deze regeling; k. raad van bestuur: artikel 33a van de wet raad van bestuur van de kansspelautoriteit, bedoeld in. 2015 33204 07-10-2015 25-09-2015 685909 2015 33204 07-10-2015 25-09-2015 685909 08-10-2015
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 artikelen 33e 33f van de wet Deze regeling heeft betrekking op de heffing van de inengeregelde kansspelheffing. 2012 8644 02-05-2012 27-04-2012 253887 2012 8644 02-05-2012 27-04-2012 253887 03-05-2012
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikel 30h, eerste lid, van de wet artikel 30z, eerste lid, van de wet artikel 33e, tweede lid, onder b, van de wet Voor de houder van een op grond vanverleende vergunning en de houder van een op grond van, verleende vergunning wordt het aantal spelersplaatsen als bedoeld ingesteld op het gemiddelde van het aantal spelersplaatsen van de kansspelautomaten die deze vergunninghouder op de laatste dag van alle even maanden gedurende het kalenderjaar in opstelling heeft. 2 Voor de toepassing van het eerste lid wordt het aantal spelersplaatsen van de kansspelautomaten die de vergunninghouder in opstelling heeft, gesteld op: • 90% van het totale aantal spelersplaatsen van het totale aantal casino-automaten dat de vergunninghouder in eigendom heeft; • 90% van het totale aantal spelersplaatsen van het totale aantal halautomaten dat de vergunninghouder in eigendom heeft; • 85% van het totale aantal spelersplaatsen van het totale aantal horeca-automaten dat de vergunninghouder in eigendom heeft. 3 artikel 33f, tweede lid, onder b, van de wet Het tarief, bedoeld in, is van toepassing op casino-automaten. 4 artikel 33f, tweede lid, onder c, van de wet Het tarief, bedoeld in, is van toepassing op halautomaten. 5 artikel 33f, tweede lid, onder d, van de wet Het tarief, bedoeld in, is van toepassing op horeca-automaten. 2012 8644 02-05-2012 27-04-2012 253887 2012 8644 02-05-2012 27-04-2012 253887 03-05-2012
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 artikel 27h, eerste lid, van de wet artikel 33e, tweede lid, onder b, van de wet Voor de houder van de op grond vanverleende vergunning, wordt het aantal speeltafels en het aantal aan die tafels gekoppelde spelersterminals als bedoeld in, gesteld op het gemiddelde van het aantal speeltafels en het aantal aan die tafels gekoppelde spelersterminals die deze vergunninghouder op de laatste dag van alle even maanden gedurende het kalenderjaar in opstelling heeft. 2 Voor de toepassing van het eerste lid wordt het aantal speeltafels die de vergunninghouder in opstelling heeft, gesteld op 90% van het totale aantal speeltafels dat de vergunninghouder in eigendom heeft, en het aantal aan die tafels gekoppelde spelersterminals. 2012 8644 02-05-2012 27-04-2012 253887 2012 8644 02-05-2012 27-04-2012 253887 03-05-2012
Artikel 4a — Artikel 4a#
Artikel 4a 1 artikel 27h, eerste lid 30h, eerste lid 30z, eerste lid, van de wet artikel 33e, eerste lid, onder b, van de wet Het deel van de bestemmingsheffing dat de raad van bestuur oplegt aan de houder van een op grond van,, ofverleende vergunning als bijdrage ter bestrijding van de kosten, bedoeld in, bedraagt: a. artikel 33f, tweede lid, onder a, van de wet voor tafelspelen in een speelcasino: het deeltarief van € 1.961 per speeltafel en € 96 per aangekoppelde speelterminal geheven uit de ingenoemde totaaltarieven; b. artikel 33f, tweede lid, onder b, van de wet voor kansspelautomaten bestemd voor opstelling in een speelcasino: het deeltarief van € 96 per spelersplaats geheven uit het ingenoemde totaaltarief; c. artikel 33f, tweede lid, onder c, van de wet voor kansspelautomaten bestemd voor opstelling in een speelautomatenhal: het deeltarief van € 39 per spelersplaats geheven uit het ingenoemde totaaltarief; d. artikel 33f, tweede lid, onder d, van de wet voor kansspelautomaten bestemd voor opstelling in een hoogdrempelige inrichting: het deeltarief van € 39 per spelersplaats geheven uit het ingenoemde totaaltarief. 2 artikel 31a, eerste lid, van de wet artikel 33e, eerste lid, onder b, van de wet Het deel van de bestemmingsheffing dat de raad van bestuur oplegt aan de houder van een op grond vanverleende vergunning als bijdrage ter bestrijding van de kosten, bedoeld in, bedraagt het deelpercentage van 0,25% van de grondslag, bedoeld in artikel 33e, tweede lid, onder c, van de wet. 2021 4507 01-02-2021 21-01-2021 3181155 2021 4507 01-02-2021 21-01-2021 3181155 01-04-2021
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 Het uitnodigen tot het doen van aangifte geschiedt door het toezenden van een aangifteformulier of door het toezenden van een verwijzing naar het webadres waarop het aangifteformulier beschikbaar is gesteld. 2 Uit het aangifteformulier blijkt in ieder geval: a. de wijze van het doen van aangifte; b. een omschrijving van de gevraagde gegevens of bescheiden; c. artikel 6, eerste lid de termijn, bedoeld in, waarbinnen aangifte moet worden gedaan. 3 Het aangifteformulier of de verwijzing naar het webadres waarop het aangifteformulier beschikbaar is gesteld, kunnen langs elektronische weg worden toegezonden. 2015 33204 07-10-2015 25-09-2015 685909 2015 33204 07-10-2015 25-09-2015 685909 08-10-2015
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 De aangifte wordt gedaan binnen zes weken na toezending van het aangifteformulier of de verwijzing naar het webadres waarop het aangifteformulier beschikbaar is gesteld, tenzij de raad van bestuur onder door hem te stellen voorwaarden uitstel heeft verleend van het doen van aangifte. 2 Indien het aangifteformulier of de verwijzing naar het webadres waarop het aangifteformulier beschikbaar is gesteld, langs elektronische weg is toegezonden, wordt de aangifte gedaan door de gevraagde gegevens of bescheiden langs elektronische weg toe te zenden, tenzij de raad van bestuur onder door hem te stellen voorwaarden toestaat de aangifte op andere wijze toe te zenden. 2015 33204 07-10-2015 25-09-2015 685909 2015 33204 07-10-2015 25-09-2015 685909 08-10-2015
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 Na aanvang van het kalenderjaar kunnen één of meer voorlopige aanslagen worden opgelegd tot ten hoogste het bedrag waarop de aanslag over dat kalenderjaar vermoedelijk zal worden vastgesteld, na verrekening van reeds opgelegde voorlopige aanslagen. 2 Titel VA van de Wet op de kansspelen Voor de toepassing van het eerste lid kan de bepaling van het bedrag waarop de aanslag over het kalenderjaar vermoedelijk zal worden vastgesteld, geschieden op grond van de gegevens die hebben gediend ter vaststelling van de aanslag over het voorafgaande kalenderjaar en de gegevens die zijn ontvangen ten behoeve van het toezicht op de naleving van de voorschriften, gesteld bij of krachtens. 2012 8644 02-05-2012 27-04-2012 253887 2012 8644 02-05-2012 27-04-2012 253887 03-05-2012
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 artikelen 33e, eerste lid, onder b 33f, vierde lid, van de wet artikel 9 van het Kansspelenbesluit Deze regeling berust op de, enen. 2021 4507 01-02-2021 21-01-2021 3181155 2021 4507 01-02-2021 21-01-2021 3181155 01-04-2021
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van de Staatscourant waarin deze wordt geplaatst. 2012 8644 02-05-2012 27-04-2012 253887 2012 8644 02-05-2012 27-04-2012 253887 03-05-2012
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 Deze regeling wordt aangehaald als: Uitvoeringsregeling kansspelheffing. 2012 8644 02-05-2012 27-04-2012 253887 2012 8644 02-05-2012 27-04-2012 253887 03-05-2012