Regeling van de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 28 januari 2010, nr. BJZ2010001197 tot vaststelling van regels met betrekking tot de unieke identificatie van explosieven voor civiel gebruik
- BWB-id
- BWBR0027285
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2016-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0027285
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2013/regeling-identificatie-en-traceerbaarheid-van-explosieven-vo
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2013/regeling-identificatie-en-traceerbaarheid-van-explosieven-vo/2016-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0027285&g=2016-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0027285&z=2026-06-06&g=2016-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0027285/2016-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2013/regeling-identificatie-en-traceerbaarheid-van-explosieven-vo
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: ILT: Inspectie Leefomgeving en Transport; lonten: niet-exploderende ontstekingsvoorzieningen in de vorm van een snoer; slaghoedjes: metalen of kunststof doppen met een kleine hoeveelheid van een primair explosief mengsel dat gemakkelijk ontbrandt door wrijving en die dienen als ontstekingselement in kleine wapenpatronen of in ontstekingsmechanismen voor voortdrijvende ladingen; veiligheidslonten: lonten bestaande uit een kern van fijngemalen zwart kruit, omhuld door een flexibel weefsel met een of meer beschermende buitenlagen en die bij ontsteking branden in een vooraf bepaald tempo zonder extern explosie-effect; wet: Wet explosieven voor civiel gebruik . 2015 44622 09-12-2015 08-12-2015 IENM/BSK-2015/243129 2015 44622 09-12-2015 08-12-2015 IENM/BSK-2015/243129 01-01-2016
Artikel 1a — Artikel 1a#
Artikel 1a Artikel 3, eerste lid, aanhef en onder d, en derde lid, van de wet en deze regeling gelden niet voor lonten, slaghoedjes en veiligheidslonten. 2013 7756 20-03-2013 18-03-2013 IENM/BSK-2013/44832 2013 7756 20-03-2013 18-03-2013 IENM/BSK-2013/44832 05-04-2013
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 artikel 3, derde lid, van de wet Indien een explosief verdere fabricageprocessen moet ondergaan, kunnen producenten afzien van het markeren van een explosief met een nieuwe unieke identificatie, tenzij de oorspronkelijke unieke identificatie niet langer overeenkomstig, is bevestigd of aangebracht. 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 05-04-2013 2012 5428 28-03-2012 21-03-2012 IENM/BSK-2012/38634 Inwerkingtreding voorheen door Stcrt. 2010/2576 gesteld op 5 april 2012.
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 artikel 3, eerste lid, onder d, van de wet Indien een explosief voor uitvoer wordt geproduceerd en het overeenkomstig de vereisten van het land van invoer met een identificatie is gemarkeerd, zodat het traceerbaar is, kan worden afgeweken van. 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 05-04-2013 2012 5428 28-03-2012 21-03-2012 IENM/BSK-2012/38634 Inwerkingtreding voorheen door Stcrt. 2010/2576 gesteld op 5 april 2012.
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 ILT wijst op aanvraag van de producent elke productielocatie binnen Nederland een code van drie cijfers toe. 2015 44622 09-12-2015 08-12-2015 IENM/BSK-2015/243129 2015 44622 09-12-2015 08-12-2015 IENM/BSK-2015/243129 01-01-2016
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 artikel 4 Bij een productlocatie buiten de Europese Gemeenschap wijst, indien Nederland de lidstaat van invoer is, ILT de inbedoelde code toe. 2015 44622 09-12-2015 08-12-2015 IENM/BSK-2015/243129 2015 44622 09-12-2015 08-12-2015 IENM/BSK-2015/243129 01-01-2016
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 De unieke identificatie van patronen en explosieven in zakken wordt aangebracht in de vorm van een zelfklevend etiket op elk patroon of elke zak of rechtstreeks daarop gedrukt. 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 05-04-2013 2012 5428 28-03-2012 21-03-2012 IENM/BSK-2012/38634 Inwerkingtreding voorheen door Stcrt. 2010/2576 gesteld op 5 april 2012.
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 De unieke identificatie van explosieven die uit twee componenten bestaan, wordt aangebracht in de vorm van een zelfklevend etiket of rechtstreeks gedrukt op elke kleinste verpakkingseenheid die de twee componenten bevat. 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 05-04-2013 2012 5428 28-03-2012 21-03-2012 IENM/BSK-2012/38634 Inwerkingtreding voorheen door Stcrt. 2010/2576 gesteld op 5 april 2012.
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 De unieke identificatie van gewone ontstekers wordt in de vorm van een zelfklevend etiket op de behuizing van de ontsteker aangebracht of rechtstreeks daarop gedrukt. 2013 7756 20-03-2013 18-03-2013 IENM/BSK-2013/44832 2013 7756 20-03-2013 18-03-2013 IENM/BSK-2013/44832 05-04-2013 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 05-04-2013 2012 5428 28-03-2012 21-03-2012 IENM/BSK-2012/38634 Inwerkingtreding voorheen door Stcrt. 2010/2576 gesteld op 5 april 2012.
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 De unieke identificatie van elektrische, niet-elektrische en elektronische ontstekers wordt aangebracht in de vorm van een zelfklevend etiket op de bedrading, de buis of de behuizing van de ontsteker, of rechtstreeks op de behuizing gedrukt. 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 05-04-2013 2012 5428 28-03-2012 21-03-2012 IENM/BSK-2012/38634 Inwerkingtreding voorheen door Stcrt. 2010/2576 gesteld op 5 april 2012.
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 De unieke identificatie van primers en boosters wordt in de vorm van een zelfklevend etiket daarop aangebracht of rechtstreeks daarop gedrukt. 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 05-04-2013 2012 5428 28-03-2012 21-03-2012 IENM/BSK-2012/38634 Inwerkingtreding voorheen door Stcrt. 2010/2576 gesteld op 5 april 2012.
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 De unieke identificatie van slagsnoeren wordt: a) in de vorm van een zelfklevend etiket op de haspel aangebracht of rechtstreeks daarop gedrukt; en b) om de vijf meter aangebracht op het buitenste omhulsel van het snoer of op het geëxtrudeerde plastic omhulsel net onder de buitenlaag van het snoer. 2013 7756 20-03-2013 18-03-2013 IENM/BSK-2013/44832 2013 7756 20-03-2013 18-03-2013 IENM/BSK-2013/44832 05-04-2013 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 05-04-2013 2012 5428 28-03-2012 21-03-2012 IENM/BSK-2012/38634 Inwerkingtreding voorheen door Stcrt. 2010/2576 gesteld op 5 april 2012.
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 De unieke identificatie van blikken en bussen die explosieven bevatten, wordt in de vorm van een zelfklevend etiket daarop aangebracht of rechtstreeks daarop gedrukt. 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 05-04-2013 2012 5428 28-03-2012 21-03-2012 IENM/BSK-2012/38634 Inwerkingtreding voorheen door Stcrt. 2010/2576 gesteld op 5 april 2012.
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 artikelen 6 8 tot en met 12 In de gevallen, genoemd in deenkan tevens een passief, inert elektronisch merk worden aangebracht op de desbetreffende explosieven, onderdelen of verpakkingseenheden van explosieven of ontstekingsmiddelen. 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 05-04-2013 2012 5428 28-03-2012 21-03-2012 IENM/BSK-2012/38634 Inwerkingtreding voorheen door Stcrt. 2010/2576 gesteld op 5 april 2012.
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 artikelen 6 8 tot en met 11 Op elke doos met daarin de in deengenoemde explosieven, onderdelen of verpakkingseenheden van explosieven of ontstekingsmiddelen, wordt een corresponderend etiket aangebracht en, indien van toepassing, een corresponderend elektronisch merk. 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 05-04-2013 2012 5428 28-03-2012 21-03-2012 IENM/BSK-2012/38634 Inwerkingtreding voorheen door Stcrt. 2010/2576 gesteld op 5 april 2012.
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Ondernemingen uit de sector explosieven kunnen ten behoeve van hun klanten afneembare kopieën van het originele etiket op de explosieven aanbrengen, waarop duidelijk zichtbaar is dat het slechts kopieën betreft. 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 05-04-2013 2012 5428 28-03-2012 21-03-2012 IENM/BSK-2012/38634 Inwerkingtreding voorheen door Stcrt. 2010/2576 gesteld op 5 april 2012.
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 Deze regeling treedt in werking met ingang van 5 april 2013. 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 2012 5428 28-03-2012 21-03-2012 IENM/BSK-2012/38634 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 05-04-2013 2012 5428 28-03-2012 21-03-2012 IENM/BSK-2012/38634 Inwerkingtreding voorheen door Stcrt. 2010/2576 gesteld op 5 april 2012.
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling identificatie en traceerbaarheid van explosieven voor civiel gebruik. 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 2010 2576 23-02-2010 28-01-2010 BJZ2010001197 05-04-2013 2012 5428 28-03-2012 21-03-2012 IENM/BSK-2012/38634 Inwerkingtreding voorheen door Stcrt. 2010/2576 gesteld op 5 april 2012.