Regeling van de Staatssecretaris van Economische Zaken van 18 februari 2014, nr. WJZ / 13180806, tot tijdelijke vrijstelling van artikel 5, eerste lid, van het Besluit gebruik meststoffen (Vrijstellingsregeling bovengronds aanwenden 2014)
- BWB-id
- BWBR0034838
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- 2014-02-20 t/m 2014-08-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0034838
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2014/vrijstellingsregeling-bovengronds-aanwenden-2014
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2014/vrijstellingsregeling-bovengronds-aanwenden-2014/2014-02-20
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0034838&g=2014-02-20
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0034838&z=2026-06-06&g=2014-02-20
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0034838/2014-02-20
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2014/vrijstellingsregeling-bovengronds-aanwenden-2014
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: a. bedrijf: artikel 1, eerste lid, onderdeel i, van de Meststoffenwet bedrijf als bedoeld in; b. besluit: Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet ; c. runderdrijfmest: artikel 1, eerste lid, onderdeel j, van het Besluit gebruik meststoffen drijfmest als bedoeld in, afkomstig van runderen; d. RVO.nl: artikel 1 van het Instellingsbesluit baten-lastenagentschap Rijksdienst voor Ondernemend Nederland Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, bedoeld in; e. tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond: artikel 1, eerste lid, onderdeel m, van de Meststoffenwet tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond als bedoeld in. 2014 5213 19-02-2014 18-02-2014 WJZ/13180806 2014 5213 19-02-2014 18-02-2014 WJZ/13180806 20-02-2014
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 artikel 5, eerste lid, van het Besluit gebruik meststoffen Vrijstelling van het verbod, bedoeld in, wordt verleend, voor zover het gaat om de aanwending van runderdrijfmest, waarbij de runderdrijfmest: a. geproduceerd is op het eigen bedrijf; b. op grasland van het eigen bedrijf wordt aangewend; c. niet wordt aangewend op een afstand van ten minste twee meter vanaf de insteek van een watergang. 2014 5213 19-02-2014 18-02-2014 WJZ/13180806 2014 5213 19-02-2014 18-02-2014 WJZ/13180806 20-02-2014
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 artikel 2 Aan de inbedoelde vrijstelling zijn de volgende voorwaarden verbonden: a. In het jaar 2013: 1°. bestond minimaal 85 procent van de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond uit grasland; 2°. bedroeg de kunstmestgift op het bedrijf minder dan 100 kilogram stikstof per hectare grasland; 3°. was het stikstofoverschot op het bedrijf maximaal 125 kilogram stikstof per hectare; 4°. was de melkproductie van het bedrijf niet hoger dan 14.000 kilogram per hectare, indien de op het bedrijf geproduceerde mest niet volledig kon worden geplaatst op het eigen bedrijf; 5°. was het gemiddelde gewogen ureumgetal van de op het bedrijf tussen 1 januari en 1 mei en tussen 1 november en 1 januari geproduceerde melk lager dan 21 milligram per 100 gram melk; 6°. werd het melkvee op het bedrijf minimaal 150 dagen per kalenderjaar minimaal 6 uur per dag geweid. b. artikel 2 Uiterlijk 7 dagen voordat van de vrijstelling gebruik gemaakt wordt, meldt de landbouwer het bedrijf voor de toepassing vanaan bij RVO.nl waarmee de landbouwer verklaart te voldoen aan de onder a genoemde voorwaarden. c. artikel 32 van het besluit De landbouwer bewaart de stukken waarmee aannemelijk kan worden gemaakt dat aan de onder a genoemde voorwaarden is voldaan, en een afschrift van de melding, als onderdeel van de administratie, bedoeld in. 2014 5213 19-02-2014 18-02-2014 WJZ/13180806 2014 5213 19-02-2014 18-02-2014 WJZ/13180806 20-02-2014
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 Deze regeling wordt aangehaald als: Vrijstellingsregeling bovengronds aanwenden 2014. 2014 5213 19-02-2014 18-02-2014 WJZ/13180806 2014 5213 19-02-2014 18-02-2014 WJZ/13180806 20-02-2014
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 september 2014. 2014 5213 19-02-2014 18-02-2014 WJZ/13180806 2014 5213 19-02-2014 18-02-2014 WJZ/13180806 20-02-2014