Besluit van de Minister voor Wonen en Rijksdienst van 24 juni 2015, nr. 2015-0000355375 tot verlening van mandaat, volmacht en machtiging aan de inspecteur-generaal Leefomgeving en Transport ten behoeve van de Autoriteit woningcorporaties, de handhaving van de Woningwet wat betreft het toezicht op toegelaten instellingen en de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector, alsmede de aanwijzing van ambtenaren van de Inspectie Leefomgeving en Transport als toezichthouders op de naleving van de Woningwet en de naleving van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector en tot wijziging van enkele andere besluiten (Besluit mandaat Autoriteit woningcorporaties en aanwijzing toezichthouders Woningwet en WNT)
- BWB-id
- BWBR0036749
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Geldigheid
- 2022-07-29 t/m 2024-03-06
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0036749
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2015/besluit-mandaat-autoriteit-woningcorporaties-en-aanwijzing-t
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2015/besluit-mandaat-autoriteit-woningcorporaties-en-aanwijzing-t/2022-07-29
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0036749&g=2022-07-29
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0036749&z=2026-06-06&g=2022-07-29
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0036749/2022-07-29
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2015/besluit-mandaat-autoriteit-woningcorporaties-en-aanwijzing-t
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In dit besluit wordt verstaan onder: a. autoriteit: artikel 60, eerste lid, van de wet Autoriteit woningcorporaties, bedoeld in; b. besluit: Besluit toegelaten instellingen volkshuisvesting 2015 ; c. inspecteur-generaal: artikel 1, tweede lid, van het Instellingsbesluit Inspectie Leefomgeving en Transport inspecteur-generaal Leefomgeving en Transport, bedoeld in; d. minister: Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; e. ministerie: ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; f. wet: Woningwet . 2017 18418 31-03-2017 30-03-2017 2017-0000166173 2017 18418 31-03-2017 30-03-2017 2017-0000166173 01-04-2017
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 De inspecteur-generaal wordt belast met de uitoefening van de werkzaamheden van de autoriteit. 2 De inspecteur-generaal stelt een organisatieonderdeel vast ter ondersteuning van de uitoefening van de werkzaamheden van de autoriteit. 2015 17887 29-06-2015 24-06-2015 2015-0000355375 2015 17887 29-06-2015 24-06-2015 2015-0000355375 01-07-2015
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 hoofdstukken IIIA IV van de wet artikel 119, eerste lid 130a 134 van de wet Hoofdstuk 2, artikel II, derde tot en met zesde lid, van de Herzieningswet toegelaten instellingen volkshuisvesting artikel III, lid 7 van de Herzieningswet toegelaten instellingen volkshuisvesting artikel 4:57 Algemene wet bestuursrecht Aan de inspecteur-generaal wordt ten behoeve van de werkzaamheden van de autoriteit mandaat en machtiging verleend voor de uitoefening van de bevoegdheden van de Minister, bedoeld in deenen,en, voor zover die verband houden met de bevoegdheden waarvan de autoriteit ingevolge deze wet mandaat en machtiging wordt verleend.Daarnaast wordt mandaat en machtiging verleend voor de uitoefening van de bevoegdheden van de minister bedoeld inen op basis vanvoor zover het de bevoegdheid betreft als bedoeld in, tot invordering van voor 1 juli 2015 ontvangen bijzondere projectsteun voor zover gekoppeld aan de eindafrekening van deze steun. 2 artikelen 19, vierde lid 20, tweede en vijfde lid 41b 44, derde tot en met zesde lid 53a, eerste lid 54a artikelen 57 tot en met 59 59c, vierde en vijfde lid 59g artikelen 61a, eerste lid, tweede volzin en tweede lid 61h 61k 61l 61lb 61u afdeling 6 van de wet Het eerste lid is niet van toepassing op de bevoegdheden, bedoeld in de,,,,,en in de,,en in de,,,,,en in. 3 Aan de inspecteur-generaal wordt ten behoeve van de werkzaamheden van de autoriteit mandaat en machtiging verleend voor de uitoefening van de bevoegdheden van de Minister, bedoeld in: a. hoofdstuk III paragrafen 1 3 4 5 hoofdstuk IV hoofdstuk V artikelen 35 36 38 39, eerste lid, tweede en derde volzin 40 van het besluit ,,,en,en, met uitzondering van de,,,en, b. artikel 121 van het besluit , met uitzondering van het eerste lid, laatste volzin, en c. artikel 122 van het besluit voor zover de toepassing daarvan verband houdt met bevoegdheden waarvan de autoriteit anderszins mandaat wordt verleend. 2022 20408 28-07-2022 28-07-2022 2022-0000286545 2022 20408 28-07-2022 28-07-2022 2022-0000286545 29-07-2022 01-06-2022
Artikel 3a — Artikel 3a#
Artikel 3a Vervallen 2019 5054 01-02-2019 21-01-2019 2018-0000905125 2019 5054 01-02-2019 21-01-2019 2018-0000905125 02-02-2019
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 artikelen 5.3 5.4 5.5 5.6 7.1 van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector Aan de inspecteur-generaal wordt ten behoeve van de autoriteit mandaat en machtiging verleend tot uitoefening van de bevoegdheden van de minister, bedoeld in de,,,en. 2015 17887 29-06-2015 24-06-2015 2015-0000355375 2015 17887 29-06-2015 24-06-2015 2015-0000355375 01-07-2015
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 artikel 5:25 van de Algemene wet bestuursrecht artikel 3, eerste en derde lid artikel 4 Aan de inspecteur-generaal wordt ten behoeve van de autoriteit volmacht verleend voor het verrichten van rechtshandelingen op het terrein van de gemandateerde bevoegdheden, waaronder die verband houden met de invordering van verbeurde dwangsommen en van gemaakte kosten voor bestuursdwang als bedoeld in, voor zover deze verband houden met de bevoegdheden, bedoeld in, envan dit besluit. 2019 5054 01-02-2019 21-01-2019 2018-0000905125 2019 5054 01-02-2019 21-01-2019 2018-0000905125 02-02-2019
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 artikel 3, eerste en derde lid artikel 4 Het op grond van dit besluit verleende mandaat ten behoeve van de autoriteit omvat mede de bevoegdheid tot het vaststellen, wijzigen of intrekken van beleidsregels met betrekking tot de uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld in, envan dit besluit. 2015 17887 29-06-2015 24-06-2015 2015-0000355375 2015 17887 29-06-2015 24-06-2015 2015-0000355375 01-07-2015
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 artikelen 3 tot en met 5 Aan de inspecteur-generaal wordt ten behoeve van de autoriteit mandaat en machtiging verleend voor het behandelen van bezwaarschriften tegen besluiten als bedoeld in de, waaronder begrepen het nemen van beslissingen op bezwaarschriften, voor zover het besluit waartegen het bezwaar zich richt, niet door hem krachtens mandaat is genomen. 2 Aan de inspecteur-generaal wordt ten behoeve van de werkzaamheden van de autoriteit tevens machtiging verleend voor het instellen en behandelen van juridische procedures, waaronder het voeren van verweer, het instellen van beroep, hoger beroep alsmede het indienen van verzoeken om voorlopige voorziening met betrekking tot een beslissing op bezwaar als bedoeld in het eerste lid. 3 Besluit mandatering aan CFV van handhavingsbevoegdheden inzake financieel toezicht op toegelaten instellingen Het tweede lid is niet van toepassing op gerechtelijke procedures die vóór 1 juli 2015 aanhangig waren en die op grond van hetzoals dat luidde voor dat tijdstip, door het Centraal Fonds voor de Volkshuisvesting werden behandeld. 2019 5054 01-02-2019 21-01-2019 2018-0000905125 2019 5054 01-02-2019 21-01-2019 2018-0000905125 02-02-2019
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 artikelen 3 tot en met 7 De inspecteur-generaal kan voor de in debedoelde aangelegenheden ondermandaat en machtiging verlenen aan onder hem ressorterende functionarissen, werkzaam op het terrein van de autoriteit. 2 artikel 5 De inspecteur-generaal kan de volmacht, bedoeld in, verlenen aan onder hem ressorterende functionarissen, werkzaam op het terrein van de autoriteit. 3 Het verlenen van volmacht, ondermandaat of machtiging alsmede wijziging daarvan, geschiedt schriftelijk. 4 Een afschrift van een besluit inzake volmacht, ondermandaat en machtiging als bedoeld in het derde lid wordt gezonden aan de minister en aan degenen aan wie krachtens het besluit volmacht, ondermandaat of machtiging is verleend 2015 17887 29-06-2015 24-06-2015 2015-0000355375 2015 17887 29-06-2015 24-06-2015 2015-0000355375 01-07-2015
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Wet open overheid Wet nationale ombudsman Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming artikelen 3 4 7 De inspecteur-generaal is niet bevoegd om zelfstandig verzoeken in het kader van de, deof de Algemene verordening gegevensbescherming en de, voor zover die verband houden met de uitvoering van de in de,envan dit besluit bedoelde taken namens de minister af te doen. Dergelijke zaken worden door de inspecteur-generaal inhoudelijk voorbereid en ter afdoening, door tussenkomst van de Directie Constitutionele Zaken en Wetgeving van het ministerie, aan de secretaris-generaal van het ministerie onderscheidenlijk de minister voorgelegd. 2022 20408 28-07-2022 28-07-2022 2022-0000286545 2022 20408 28-07-2022 28-07-2022 2022-0000286545 29-07-2022 01-06-2022
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 De inspecteur-generaal informeert de minister over zwaarwegende en politiek-bestuurlijk gevoelige omstandigheden en gebeurtenissen die betrekking hebben op de gemandateerde bevoegdheden inzake de autoriteit. 2 Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op bevoegdheden die zijn verleend op basis van volmacht en machtiging. 2015 17887 29-06-2015 24-06-2015 2015-0000355375 2015 17887 29-06-2015 24-06-2015 2015-0000355375 01-07-2015
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 Het krachtens dit besluit in mandaat, volmacht en machtiging ondertekenen van stukken inzake de autoriteit geschiedt als volgt: De Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, namens deze: (aanduiding van de gemandateerde functionaris) (handtekening) (naam functionaris) 2022 20408 28-07-2022 28-07-2022 2022-0000286545 2022 20408 28-07-2022 28-07-2022 2022-0000286545 29-07-2022 01-06-2022
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 hoofdstukken IIIA IV van de wet Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector De ambtenaren van de Inspectie Leefomgeving en Transport, met uitzondering van hen die meer in het bijzonder administratieve werkzaamheden uitoefenen, voor zover werkzaam op het terrein van de autoriteit, worden aangewezen als ambtenaren belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deenen devoor zover dit toezicht op toegelaten instellingen betreft. 2015 17887 29-06-2015 24-06-2015 2015-0000355375 2015 17887 29-06-2015 24-06-2015 2015-0000355375 01-07-2015
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Wijzigt het Besluit aanwijzing ambtenaren VROM-regelgeving. 2015 17887 29-06-2015 24-06-2015 2015-0000355375 2015 17887 29-06-2015 24-06-2015 2015-0000355375 01-07-2015
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Wijzigt het Besluit mandatering aan ILT van handhavingsbevoegdheden en aanwijzing toezichthouders op het terrein van BZK-wetgeving. 2015 17887 29-06-2015 24-06-2015 2015-0000355375 2015 17887 29-06-2015 24-06-2015 2015-0000355375 01-07-2015
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Besluit mandatering aan het CFV van handhavingsbevoegdheden inzake financieel toezicht op toegelaten instellingen Hetwordt ingetrokken. 2015 17887 29-06-2015 24-06-2015 2015-0000355375 2015 17887 29-06-2015 24-06-2015 2015-0000355375 01-07-2015
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 Dit besluit treedt met ingang van 1 juli 2015 in werking. 2015 17887 29-06-2015 24-06-2015 2015-0000355375 2015 17887 29-06-2015 24-06-2015 2015-0000355375 01-07-2015
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit mandaat Autoriteit woningcorporaties en aanwijzing toezichthouders Woningwet en WNT. 2015 17887 29-06-2015 24-06-2015 2015-0000355375 2015 17887 29-06-2015 24-06-2015 2015-0000355375 01-07-2015