Regeling van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, van 19 maart 2014, nr. IENM/BSK-2014/67724, houdende vaststelling van de ligging van de risicoplafonds langs transportroutes en regels voor ruimtelijke ontwikkelingen langs transportroutes in verband met externe veiligheid (Regeling basisnet)
- BWB-id
- BWBR0035000
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2024-11-15
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0035000
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2015/regeling-basisnet
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2015/regeling-basisnet/2024-11-15
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0035000&g=2024-11-15
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0035000&z=2026-06-06&g=2024-11-15
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0035000/2024-11-15
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2015/regeling-basisnet
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: baanvak: artikel 52 van de Kadasterwet gedeelte van de hoofdspoorweg waarvan het begin en einde wordt aangeduid met coördinaten uit het stelsel van de Rijksdriehoeksmeting, bedoeld in; binnenste kantstreep: markering van de begrenzing van de binnenzijde van de binnenste rijstrook; buitenste kantstreep: markering van de begrenzing van de buitenzijde van de buitenste rijstrook; doorgaande rijbaan: elk voor in één rijrichting rijdende voertuigen bestemd weggedeelte, zonder de invoeg- en uitvoegstroken; GR-plafond: artikel 14, tweede lid, van de wet -7 -8 plaats als bedoeld inwaar het plaatsgebonden risico maximaal 10of 10per jaar is; HART: de Handleiding risicoanalyse transport, versie 1; middenberm: gebied gelegen tussen de binnenste kantstrepen van de twee doorgaande rijbanen die deel uitmaken van de weg; minister: Minister van Infrastructuur en Waterstaat; PR-plafond: artikel 14, eerste lid, van de wet -6 plaats als bedoeld inwaar het plaatsgebonden risico maximaal 10per jaar is; RBM II: softwareprogramma voor de berekening van vervoersrisico’s, getiteld RBM II, versie 2; referentiepunt: artikel 14, vierde lid, van de wet referentiepunt als bedoeld in; rekenmethodiek transportrisico’s: rekenmethodiek voor de vaststelling van risico’s vanwege het vervoer van gevaarlijke stoffen, bestaande uit RBM II en HART; spoorbundel: geheel van alle naast elkaar liggende sporen waarover gevaarlijke stoffen kunnen worden vervoerd; verbindingsboog: rijbaan die bij knooppunten doorgaande rijbanen met elkaar verbindt; wegvak: artikel 2, tweede lid gedeelte van een weg als bedoeld in; wet: Wet vervoer gevaarlijke stoffen . 2024 11143 28-03-2024 25-03-2024 IENW/BSK/549390 2024 11143 28-03-2024 25-03-2024 IENW/BSK/549390 01-04-2024
Artikel 1a — Artikel 1a#
Artikel 1a artikel 2.24, tweede lid, van de Omgevingswet Deze regeling berust mede op. 2020 64380 03-12-2020 01-12-2020 2023 11246 19-04-2023 01-01-2024
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 bijlage I bijlage II bijlage III artikel 13, eerste lid, van de wet De wegen, hoofdspoorwegen en binnenwateren, opgenomen in onderscheidenlijk,en, zijn de wegen, hoofdspoorwegen en binnenwateren, bedoeld in. 2 Wegen als bedoeld in het eerste lid zijn onderverdeeld in wegvakken waarvan het begin en einde van het wegvak wordt aangeduid door benoeming van een knooppunt of van een aansluiting. Voor zover het begin of einde van een wegvak wordt aangeduid door een knooppunt, begint of eindigt het betreffende wegvak op het geografische midden van het knooppunt. Voor zover het begin of einde van een wegvak wordt aangeduid door benoeming van een aansluiting, begint of eindigt het betreffende wegvak op het geografische midden van de kruising van de doorgaande rijbaan met de weg waar de afslag op uit komt. 3 Hoofdspoorwegen als bedoeld in het eerste lid zijn onderverdeeld in baanvakken. 4 Binnenwateren als bedoeld in het eerste lid zijn onderverdeeld in vaarwegen. In open verbinding met deze vaarwegen staande havens en zijwateren die niet voor doorgaand vervoer worden gebruikt, vormen geen onderdeel van deze vaarwegen. 2014 8242 28-03-2014 19-03-2014 IENM/BSK-2014/67724 2015 92 03-03-2015 20-02-2015 01-04-2015 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet basisnet, het
Wijzigingsbesluit Besluit vervoer gevaarlijke stoffen (Wijziging
routeringsystematiek in Wet vervoer gevaarlijke stoffen) (Stb.
2013/340) en het Besluit externe veiligheid transportroutes in
werking treden.
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 artikel 2, eerste lid Op een weg als bedoeld in, is het referentiepunt gelegen in het midden van de middenberm. 2 In afwijking van het eerste lid is het referentiepunt gelegen op: a. het midden tussen de buitenste kantstrepen van een doorgaande rijbaan indien: 1°. de betrokken weg bestemd is voor éénrichtingsverkeer, of 2°. de middenberm breder is dan 25 meter, b. de scheiding van de rijrichtingen, indien het een weg zonder middenberm met twee rijrichtingen betreft; c. het midden tussen de buitenste randen van het asfalt, indien de doorgaande rijbaan geen buitenste kantstreep heeft. 3 Een verbindingsboog wordt voor het bepalen van de ligging van het referentiepunt aangemerkt als een weg bestemd voor éénrichtingsverkeer. 2024 11143 28-03-2024 25-03-2024 IENW/BSK/549390 2024 11143 28-03-2024 25-03-2024 IENW/BSK/549390 01-04-2024
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 artikel 2, eerste lid Op een hoofdspoorweg als bedoeld in, is het referentiepunt gelegen in het midden tussen de buitenste spoorstaven van de buitenste sporen waar kan worden vervoerd met gevaarlijke stoffen. 2024 11143 28-03-2024 25-03-2024 IENW/BSK/549390 2024 11143 28-03-2024 25-03-2024 IENW/BSK/549390 01-04-2024
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 artikelen 3 4 6 Voor de ligging van de referentiepunten, bedoeld in de,en, is de feitelijke situatie bepalend. 2 artikel 2.22 2.24 van de Omgevingswet artikel 2.33 2.34 van de Omgevingswet In afwijking van het eerste lid is vanaf de dag van vaststelling van een projectbesluit of een omgevingsplan, de dag waarop een instructieregel als bedoeld inofwordt gesteld, de dag van verlening van een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit of de dag waarop een instructie als bedoeld inofwordt gegeven inhoudende de wijziging van een weg, hoofdspoorweg of binnenwater, de ligging van de weg, van de hoofdspoorweg of van het binnenwater zoals weergegeven in dat besluit, voor de ligging van de referentiepunten bepalend, totdat de feitelijke situatie overeenstemt met dat besluit. 2024 11143 28-03-2024 25-03-2024 IENW/BSK/549390 2024 11143 28-03-2024 25-03-2024 IENW/BSK/549390 01-04-2024
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 artikel 2, eerste lid Op een binnenwater als bedoeld in, wordt het referentiepunt bepaald vanuit de begrenzing van de vaarweg of oever zoals aangegeven in de hierna genoemde bronnen. Daarbij wordt de volgende voorkeursvolgorde gehanteerd: a. artikel 9 van de Tracéwet wet artikel 4.44 4.45 4.46 van de Invoeringswet Omgevingswet de overgang van land naar water volgend uit een projectbesluit of een tracébesluit als bedoeld inzoals zij luidde tot 1 januari 2024 en waarop dievan toepassing is op grond van,of; b. artikel 2.12 van de Omgevingsregeling de geometrische begrenzing van een vrijwaringsgebied van een rijksvaarweg, bedoeld in; c. artikel 2.2, derde lid, van de Omgevingsregeling de geometrische begrenzing van een oppervlaktewaterlichaam in beheer bij het Rijk, bedoeld in; d. de kaart “Fairway” uit de Elektronische vaarwegkaarten; of e. de kaart “Shoreline construction” uit de Elektronische vaarwegkaarten. 2 In afwijking van het eerste lid zijn de referentiepunten gelegen op: a. de Westerschelde met haar mondingen op de begrenzingen van de vaargeulen; en a. artikel 2.12 van de Omgevingsregeling de geometrische begrenzing van een vrijwaringsgebied van een rijksvaarweg, bedoeld in; 2024 11143 28-03-2024 25-03-2024 IENW/BSK/549390 2024 11143 28-03-2024 25-03-2024 IENW/BSK/549390 01-04-2024 Abusievelijk voegt de Staatscourant in het tweede lid een tweede
onderdeel a toe.
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 -6 bijlage I, kolom 3 bijlage II, kolom 4 De ligging van het PR-plafond wordt bepaald door de afstand met betrekking tot het plaatsgebonden risico 10opgenomen invoor wegvakken, onderscheidenlijk in, voor baanvakken, vanaf het betrokken referentiepunt naar weerszijden te meten. 2 Het PR-plafond voor een wegvak en een baanvak is gelegen op het referentiepunt indien de te meten afstand nul meter bedraagt. 3 Het PR-plafond voor een binnenwater is gelegen op het referentiepunt. 4 De ligging van het PR-plafond bij een verbindingsboog wordt bepaald door de helft van de afstand die geldt voor het wegvak waarvan de verbindingsboog aftakt, naar weerszijden te meten. 2014 8242 28-03-2014 19-03-2014 IENM/BSK-2014/67724 2015 92 03-03-2015 20-02-2015 01-04-2015 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet basisnet, het
Wijzigingsbesluit Besluit vervoer gevaarlijke stoffen (Wijziging
routeringsystematiek in Wet vervoer gevaarlijke stoffen) (Stb.
2013/340) en het Besluit externe veiligheid transportroutes in
werking treden.
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 bijlage I bijlage II artikel 7 -7 -8 Indien uit, onderscheidenlijk, blijkt dat er een GR-plafond is, wordt de ligging van dat GR-plafond bepaald overeenkomstig, met dien verstande dat gebruik wordt gemaakt van de afstanden opgenomen in bijlage I, kolom 4, voor wegvakken, onderscheidenlijk in bijlage II, kolommen 5 en 6, voor baanvakken, met betrekking tot het plaatsgebonden risico 10of 10. 2014 8242 28-03-2014 19-03-2014 IENM/BSK-2014/67724 2015 92 03-03-2015 20-02-2015 01-04-2015 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet basisnet, het
Wijzigingsbesluit Besluit vervoer gevaarlijke stoffen (Wijziging
routeringsystematiek in Wet vervoer gevaarlijke stoffen) (Stb.
2013/340) en het Besluit externe veiligheid transportroutes in
werking treden.
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 artikel 15, eerste of tweede lid, van de wet Deze paragraaf is van toepassing op het onderzoek naar een overschrijding of dreigende overschrijding van een risicoplafond, bedoeld in. 2014 8242 28-03-2014 19-03-2014 IENM/BSK-2014/67724 2015 92 03-03-2015 20-02-2015 01-04-2015 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet basisnet, het
Wijzigingsbesluit Besluit vervoer gevaarlijke stoffen (Wijziging
routeringsystematiek in Wet vervoer gevaarlijke stoffen) (Stb.
2013/340) en het Besluit externe veiligheid transportroutes in
werking treden.
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 artikel 2.19, derde lid, aanhef en onder a, onder 3°, van de Omgevingswet artikel 2, eerste lid De beheerder van de hoofdwegen, bedoeld in, maakt door middel van tellingen elk jaar de omvang van het vervoer van gevaarlijke stoffen over ten minste één vijfde deel van de wegen, bedoeld in, per stofcategorie inzichtelijk op zodanige wijze dat elke vijf jaar tellingen op alle wegen, bedoeld in artikel 2, eerste lid, hebben plaatsgevonden. 2 artikel 1 van de Spoorwegwet artikel 15, vierde lid, van de wet artikel 2, eerste lid De beheerder van de hoofdspoorweginfrastructuur, bedoeld in, maakt elk jaar de omvang van het vervoer van gevaarlijke stoffen over de hoofdspoorwegen, bedoeld in, per stofcategorie, alsmede de samenstelling van de treinen waarin deze stoffen worden vervoerd, inzichtelijk. Daarbij maakt de beheerder gebruik van de krachtenste verstrekken gegevens. 3 artikel 2.19, tweede lid, onder a, van de Omgevingswet artikel 15, vierde lid, van de wet artikel 2, eerste lid De beheerder van de hoofdvaarwegen, bedoeld in, maakt elk jaar de omvang van het vervoer van gevaarlijke stoffen over de binnenwateren, bedoeld in, per stofcategorie inzichtelijk. Daarbij maakt de beheerder gebruik van de ladinggegevens, geregistreerd in het Informatie- en Volgsysteem voor de Scheepvaart, alsmede van de door de Havenbedrijven van Rotterdam en Amsterdam en het Gemeenschappelijk Nautisch Beheer Scheldegebied krachtenste verstrekken gegevens. 4 Op verzoek van de minister verhoogt de beheerder de frequentie van het inzichtelijk maken van de omvang van het vervoer van gevaarlijke stoffen over een gedeelte van een weg, hoofdspoorweg of binnenwater en, indien van toepassing, de samenstelling van de treinen, tot hoogstens vier keer per jaar indien dit naar het oordeel van de minister noodzakelijk is ten behoeve van het verkrijgen van tijdig inzicht in een overschrijding of dreigende overschrijding van een risicoplafond. 2024 11143 28-03-2024 25-03-2024 IENW/BSK/549390 2024 11143 28-03-2024 25-03-2024 IENW/BSK/549390 01-04-2024
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 artikel 10, eerste tot en met derde lid De beheerders, bedoeld in, sturen jaarlijks of, in geval toepassing wordt gegeven aan artikel 10, vierde lid, overeenkomstig de desbetreffende frequentie, een rapportage aan de minister, die de gegevens, bedoeld in artikel 10, bevat. 2 artikel 10, eerste en tweede lid De beheerders, bedoeld in, voegen bij de rapportage elke vijf jaar een prognose van de ontwikkeling van de omvang en de stromen van het vervoer van gevaarlijke stoffen over de wegen, onderscheidenlijk de hoofdspoorwegen, van de tien jaar volgend op het jaar waarop de rapportage betrekking heeft. De eerste prognose wordt bij de rapportage over 2015 gevoegd. 3 artikel 10, derde lid De beheerder, bedoeld in, voegt bij de rapportage elke tien jaar een prognose van de ontwikkeling van de omvang en de stromen van het vervoer van gevaarlijke stoffen over de binnenwateren van de tien jaar volgend op het jaar waarop de rapportage betrekking heeft. De eerste prognose wordt bij de rapportage over 2015 gevoegd. 2014 8242 28-03-2014 19-03-2014 IENM/BSK-2014/67724 2015 92 03-03-2015 20-02-2015 01-04-2015 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet basisnet, het
Wijzigingsbesluit Besluit vervoer gevaarlijke stoffen (Wijziging
routeringsystematiek in Wet vervoer gevaarlijke stoffen) (Stb.
2013/340) en het Besluit externe veiligheid transportroutes in
werking treden.
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 artikel 10, eerste tot en met derde lid artikel 11, eerste lid Op basis van de gegevens, bedoeld in, maakt de minister een analyse van de te verwachten ontwikkeling van de omvang en de stromen van het vervoer van gevaarlijke stoffen in de drie jaar volgend op het jaar waarop de rapportage, bedoeld in, betrekking heeft. 2 artikel 10, eerste tot en met derde lid artikel 11, tweede en derde lid Indien de gegevens, bedoeld in, de prognose, bedoeld in, of de analyse, bedoeld in het eerste lid, onvoldoende inzicht bieden om tijdig een overschrijding of dreigende overschrijding van een risicoplafond te signaleren, wordt het risico berekend door de minister. 3 De berekening van het risico vindt plaats door toepassing van de rekenmethodiek transportrisico’s. 2014 8242 28-03-2014 19-03-2014 IENM/BSK-2014/67724 2015 92 03-03-2015 20-02-2015 01-04-2015 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet basisnet, het
Wijzigingsbesluit Besluit vervoer gevaarlijke stoffen (Wijziging
routeringsystematiek in Wet vervoer gevaarlijke stoffen) (Stb.
2013/340) en het Besluit externe veiligheid transportroutes in
werking treden.
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Vervallen 2020 64380 03-12-2020 01-12-2020 2023 11246 19-04-2023 01-01-2024
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Vervallen 2020 64380 03-12-2020 01-12-2020 2023 11246 19-04-2023 01-01-2024
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Vervallen 2020 64380 03-12-2020 01-12-2020 2023 11246 19-04-2023 01-01-2024
Artikel 16 — Artikel 16#
Artikel 16 Vervallen 2020 64380 03-12-2020 01-12-2020 2023 11246 19-04-2023 01-01-2024
Artikel 17 — Artikel 17#
Artikel 17 Vervallen 2020 64380 03-12-2020 01-12-2020 2023 11246 19-04-2023 01-01-2024
Artikel 18 — Artikel 18#
Artikel 18 Vervallen 2020 64380 03-12-2020 01-12-2020 2023 11246 19-04-2023 01-01-2024
Artikel 19 — Artikel 19#
Artikel 19 Vervallen 2020 64380 03-12-2020 01-12-2020 2023 11246 19-04-2023 01-01-2024
Artikel 20 — Artikel 20#
Artikel 20 Wet basisnet Besluit externe veiligheid transportroutes Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet van 10 juli 2013 tot wijziging van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen en enige andere wetten in verband met de totstandkoming van een basisnet () (Stb. 2013, 307), het Besluit van 3 september 2013 tot wijziging van het Besluit vervoer gevaarlijke stoffen in verband met de wijziging van de routeringsystematiek in de Wet vervoer gevaarlijke stoffen (Stb. 2013, 340) en hetin werking treden. 2014 8242 28-03-2014 19-03-2014 IENM/BSK-2014/67724 2015 92 03-03-2015 20-02-2015 01-04-2015 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet basisnet, het
Wijzigingsbesluit Besluit vervoer gevaarlijke stoffen (Wijziging
routeringsystematiek in Wet vervoer gevaarlijke stoffen) (Stb.
2013/340) en het Besluit externe veiligheid transportroutes in
werking treden.
Artikel 21 — Artikel 21#
Artikel 21 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling basisnet. 2014 8242 28-03-2014 19-03-2014 IENM/BSK-2014/67724 2015 92 03-03-2015 20-02-2015 01-04-2015 Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet basisnet, het
Wijzigingsbesluit Besluit vervoer gevaarlijke stoffen (Wijziging
routeringsystematiek in Wet vervoer gevaarlijke stoffen) (Stb.
2013/340) en het Besluit externe veiligheid transportroutes in
werking treden.