Regeling van de Minister van Economische Zaken van 30 juni 2015, nr. WJZ/15031513, tot aanwijzing van productie-installaties voor het opwekken van hernieuwbare elektriciteit met behulp van windenergie op zee als een subsidiabele categorie in het kader van de stimulering van duurzame energieproductie (Regeling windenergie op zee 2015)
- BWB-id
- BWBR0036785
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2015-12-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0036785
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2015/regeling-windenergie-op-zee-2015
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2015/regeling-windenergie-op-zee-2015/2015-12-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0036785&g=2015-12-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0036785&z=2026-06-06&g=2015-12-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0036785/2015-12-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2015/regeling-windenergie-op-zee-2015
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: besluit: Besluit stimulering duurzame energieproductie ; kavel: artikel 1 van de Wet windenergie op zee kavel als bedoeld in; kavel I: kavel I van het windenergiegebied Borssele zoals aangewezen in het desbetreffende kavelbesluit; kavel II: kavel II van het windenergiegebied Borssele zoals aangewezen in het desbetreffende kavelbesluit; kavelbesluit: artikel 1 van de Wet windenergie op zee kavelbesluit als bedoeld in; minister: Minister van Economische Zaken; netto P50-waarde vollasturen: het aantal vollasturen, waarbij de verwachte jaarlijkse energieproductie voor een gegeven combinatie van locatie en productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit met behulp van windenergie dient te zijn bepaald met een waarschijnlijkheid van 50%; nominaal vermogen: maximale vermogen van de productie-installatie dat onder nominale condities benut kan worden voor de productie van hernieuwbare elektriciteit en dat door de leverancier gegarandeerd wordt bij continu gebruik; windenergiegebied Borssele: artikel 4.1 van de Waterwet windenergiegebied Borssele, aangewezen in het nationaal waterplan, bedoeld in. 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 01-12-2015
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent van hernieuwbare elektriciteit geproduceerd door een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit met behulp van windenergie op zee die is gelegen op kavel I of kavel II. 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 01-12-2015
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 artikel 2 Het nominale vermogen van de productie-installatie, bedoeld in, bedraagt: a. tenminste 351 MW per kavel verminderd met het aantal MW van de windmolen met het minste vermogen in de desbetreffende productie-installatie, en b. ten hoogste 380 MW per kavel. 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 01-12-2015
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Aanvragen om subsidie worden ontvangen in de periode van de dag na de datum van inwerkingtreding van deze regeling tot 31 maart 2016, 17:00 uur. 2 Indien deze regeling in werking treedt na 3 maart 2016 eindigt de periode, bedoeld in het eerste lid, op de vijfde donderdag na de datum van inwerkingtreding van deze regeling om 17:00 uur. 3 artikel 2 artikel 56, eerste lid, tweede volzin, van het besluit Productie-installaties als bedoeld inworden aangewezen als productie-installaties waarvoor een gebundelde aanvraag kan worden ingediend als bedoeld in. 4 Per aanvrager kan in de periode, genoemd in het eerste lid, ten hoogste één niet-gebundelde aanvraag per kavel en één gebundelde aanvraag voor beide kavels worden ingediend. 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 01-12-2015
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 De minister beslist in ieder geval afwijzend op een aanvraag indien: a. artikel 56, tweede lid, onderdeel e, van het besluit uit de financiële onderbouwing, bedoeld inblijkt dat de omvang van het eigen vermogen van de aanvrager kleiner is dan 10% van de totale investeringskosten voor de desbetreffende productie-installatie of, in geval van een gebundelde aanvraag, voor beide productie-installaties tezamen; b. artikel 20, eerste lid, van de Wet windenergie op zee niet tijdig een aanvraag is ingediend als bedoeld in; c. artikel 14, eerste lid, onderdeel d of f, of tweede lid van de Wet windenergie op zee de aanvraag niet voldoet aan de criteria, gesteld bij of krachtens. 2 Indien de subsidie-aanvrager een samenwerkingsverband is, is de omvang van het eigen vermogen, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, gelijk aan de omvang van de eigen vermogens van de deelnemers aan het samenwerkingsverband tezamen. Indien de subsidie-aanvrager een dochteronderneming is, is de omvang van het eigen vermogen, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, gelijk aan de omvang van de eigen vermogens van de moederonderneming en de dochteronderneming tezamen. 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 01-12-2015
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 Het subsidieplafond bedraagt € 2.500.000.000 per kavel. 2 De minister verdeelt het bedrag, genoemd in het eerste lid, op volgorde van rangschikking van de aanvragen. 3 artikel 60, eerste lid, onderdelen b en c, van het besluit De criteria voor rangschikking, bedoeld inzijn niet van toepassing. 4 Per kavel wordt aan ten hoogste één producent subsidie verleend. 5 De aanvragen worden gerangschikt per kavel op basis van het tenderbedrag voor die kavel. 6 Een gebundelde aanvraag komt slechts in aanmerking voor subsidie indien de aanvraag in de rangschikking van beide kavels ten minste even hoog is gerangschikt als de hoogst gerangschikte niet-gebundelde aanvraag. 7 Indien meerdere gebundelde aanvragen in de rangschikking van beide kavels hoger worden gerangschikt dan de hoogst gerangschikte niet-gebundelde aanvraag, wordt de onderlinge rangschikking van deze gebundelde aanvragen gebaseerd op het gemiddelde tenderbedrag per kWh van de desbetreffende aanvragen. 8 Indien in de rangschikking van beide kavels een niet-gebundelde aanvraag van dezelfde aanvrager het hoogst wordt gerangschikt en de omvang van het eigen vermogen van die aanvrager kleiner is dan 10% van de totale investeringskosten voor beide productie-installaties tezamen, komt van deze aanvrager slechts de aanvraag met het laagste tenderbedrag per kWh in aanmerking voor subsidie. Indien het tenderbedrag van beide aanvragen gelijk is stelt de minister door middel van loting vast welke van beide aanvragen in aanmerking komt voor subsidie. 9 Indien voor een kavel meerdere aanvragen als hoogst zijn gerangschikt, stelt de minister de onderlinge rangschikking van deze aanvragen vast door middel van loting. 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 01-12-2015
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Het tenderbedrag bedraagt ten hoogste € 0,124 per kWh. 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 01-12-2015
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 1 bijlage De subsidie wordt verleend onder de opschortende voorwaarde dat binnen twee weken na de datum van de beschikking tot subsidieverlening een uitvoeringsovereenkomst tot stand is gekomen tussen de Staat en de subsidie-ontvanger overeenkomstig de overeenkomst opgenomen in de. 2 artikel 2, eerste lid bijlage De subsidie wordt verleend onder de opschortende voorwaarde dat de subsidie-ontvanger binnen vier weken na de datum van de beschikking tot subsidieverlening aantoont dat een bankgarantie als bedoeld in, van de overeenkomst opgenomen in deis afgegeven. 3 Indien niet tijdig aan de voorwaarde, bedoeld in het eerste of tweede lid, is voldaan wordt subsidie voor de desbetreffende kavel verleend voor de eerstvolgende aanvraag in de rangschikking. 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 01-12-2015
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 1 De subsidie wordt voor een periode van 15 jaar verstrekt. 2 artikel 2 artikel 6, derde lid, van het besluit Productie-installaties als bedoeld inworden aangewezen als productie-installaties als bedoeld in. 3 artikel 2 artikel 23, derde en vierde lid, van het besluit Productie-installaties als bedoeld inworden aangewezen als productie-installaties als bedoeld in. 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 01-12-2015
Artikel 10 — Artikel 10#
Artikel 10 1 De subsidie-ontvanger neemt de productie-installatie in gebruik binnen 5 jaar na de datum van de beschikking tot subsidieverlening. 2 Indien het desbetreffende kavelbesluit later onherroepelijk wordt dan de datum van de beschikking tot subsidieverlening, neemt de subsidie-ontvanger de productie-installatie in gebruik binnen 5 jaar na de datum waarop dat kavelbesluit onherroepelijk is geworden. 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 01-12-2015
Artikel 11 — Artikel 11#
Artikel 11 1 artikel 20, eerste lid, van het besluit artikel 2 De basiselektriciteitsprijs, bedoeld inbedraagt voor productie-installaties als bedoeld in€ 0,029 per kWh. 2 artikel 23, vijfde lid, van het besluit artikel 2 Het maximale aantal vollasturen, bedoeld invoor productie-installaties als bedoeld inis gelijk aan de netto P50-waarde vollasturen die is opgenomen in de aanvraag. 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 01-12-2015
Artikel 12 — Artikel 12#
Artikel 12 1 Voor de vaststelling van de correcties ten behoeve van de voorschotverlening voor 2016 wordt voor de elektriciteitsprijs de gemiddelde waarde in de periode 1 mei 2014 tot en met 30 april 2015 gehanteerd. 2 De correcties op het tenderbedrag ten behoeve van de voorschotverlening worden voor 2016 als volgt vastgesteld: a. artikel 22, eerste lid, onderdeel a, van het besluit € 0,037681 per kWh voor wat betreft de elektriciteitsprijs, bedoeld in; b. artikel 22, eerste lid, onderdeel b, van het besluit € 0 voor wat betreft de waarde van de garanties van oorsprong, bedoeld in. 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 01-12-2015
Artikel 13 — Artikel 13#
Artikel 13 Wijzigt de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie. 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 01-12-2015
Artikel 14 — Artikel 14#
Artikel 14 Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 december 2015. Indien het kavelbesluit betreffende kavel I of kavel II in werking treedt na 1 december 2015, treedt deze regeling in werking op het tijdstip waarop het kavelbesluit dat als laatste in werking treedt, in werking treedt. 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 01-12-2015
Artikel 15 — Artikel 15#
Artikel 15 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling windenergie op zee 2015. 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 2015 18526 03-07-2015 30-06-2015 WJZ/15031513 01-12-2015
Artikel 8#
artikel 8
Artikel 2#
artikel 2
Artikel 10#
artikel 10