Regeling van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 29 september 2015, nr. PO/779628, houdende regels met betrekking tot subsidieverstrekking aan de Onderwijscoöperatie en aan bevoegde gezagsorganen ten behoeve van activiteiten van leraren ter bevordering van de onderwijskwaliteit, de versterking van de beroepsgroep en de professionalisering van leraren (Subsidieregeling LerarenOntwikkelFonds)
- BWB-id
- BWBR0037064
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Geldigheid
- 2020-05-12 t/m 2021-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0037064
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2015/subsidieregeling-lerarenontwikkelfonds
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2015/subsidieregeling-lerarenontwikkelfonds/2020-05-12
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0037064&g=2020-05-12
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0037064&z=2026-06-06&g=2020-05-12
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0037064/2020-05-12
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2015/subsidieregeling-lerarenontwikkelfonds
Artikel 1.1 — Artikel 1.1 Begripsbepalingen#
Artikel 1.1 Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: a. minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap; b. CAOP: Stichting Centrum Arbeidsverhoudingen Overheidspersoneel; c. bevoegd gezag: artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs artikel 1 van de Wet op de expertisecentra artikel 1 van de Wet op het voortgezet onderwijs artikel 1.1.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs bevoegd gezag als bedoeld in onderscheidenlijk,,of; d. primair onderwijs: WPO WEC onderwijs, inclusief het speciaal onderwijs en het (voortgezet) speciaal onderwijs zoals bedoeld in deen de; e. voortgezet onderwijs: artikel 2 WVO onderwijs zoals bedoeld in; f. school: artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs artikel 1 van de Wet op de expertisecentra artikel 1 van de Wet op het voorgezet onderwijs artikel 1.3.3 van de Wet educatie en beroepsonderwijs artikel 1.3.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs school als bedoeld in onderscheidenlijk,ofof het voorbereidend beroepsonderwijs dat deel uitmaakt van een agrarisch opleidingscentrum als bedoeld inen met uitzondering van een school voor voortgezet onderwijs die deel uitmaakt van een scholengemeenschap met een regionaal opleidingencentrum als bedoeld inof een agrarisch opleidingscentrum als bedoeld in artikel 1.3.3 van de Wet educatie en beroepsonderwijs; g. instelling: artikel 1.1.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs instelling als bedoeld in; h. middelbaar beroepsonderwijs: artikel 1.2.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs onderwijs als bedoeld in. 2020 25259 11-05-2020 07-05-2020 24241726 2020 25259 11-05-2020 07-05-2020 24241726 12-05-2020
Artikel 1.2 — Artikel 1.2 Doel#
Artikel 1.2 Doel 1 Deze regeling heeft tot doel: a. bevorderen van de vernieuwing en verbetering van de kwaliteit van het onderwijs door leraren of docenten; b. organiseren van kennisdeling van kleinschalige kwaliteitsverbetering door leraren of docenten; c. versterken van professionalisering leraren of docenten; en d. versterken van de beroepsgroep. 2 artikel 3.1 artikel 2.1 De subsidie voor de doelstellingen, bedoeld in het eerste lid, is bestemd voor activiteiten uitgevoerd door leraren als bedoeld inen voor de uitvoering van deze regeling door het CAOP voor de activiteiten als bedoeld in. 2020 25259 11-05-2020 07-05-2020 24241726 2020 25259 11-05-2020 07-05-2020 24241726 12-05-2020
Artikel 2.1 — Artikel 2.1 Activiteiten#
Artikel 2.1 Activiteiten De minister verstrekt aan het CAOP subsidie voor: a. artikel 3.5 het instellen van een onafhankelijke jury, die is belast met het beoordelen van de aanvragen op basis van de beoordelingscriteria, bedoeld in, en met het adviseren aan de minister over de ingediende subsidieaanvragen; b. artikel 3.1 het geven van voorlichting over deze regeling en het stimuleren van aanvragen voor subsidie als bedoeld in; c. activiteiten rond het aanvraagproces, het voorbereiden van de jury beoordeling en doorgeleiding van jury adviezen naar de minister; d. de organisatie van de begeleiding van leraren of docenten door coaches en het organiseren van bijeenkomsten waar leraren of docenten elkaar verder helpen; e. de organisatie van kennisdeling; f. het verrichten van onderzoek naar de effecten van de subsidie die op grond van deze regeling wordt verstrekt. 2020 25259 11-05-2020 07-05-2020 24241726 2020 25259 11-05-2020 07-05-2020 24241726 12-05-2020
Artikel 2.2 — Artikel 2.2 Subsidiebedrag#
Artikel 2.2 Subsidiebedrag artikel 2.1 Het subsidieplafond voor de activiteiten, bedoeld in, die verband houden met het schooljaar 2018–2019 bedraagt vanaf 1 januari 2019 € 500.000 per jaar. 2018 69041 12-12-2018 05-12-2018 1443528 2018 69041 12-12-2018 05-12-2018 1443528 01-01-2019
Artikel 2.3 — Artikel 2.3 Subsidieverlening, besteding, voorschot en betaling#
Artikel 2.3 Subsidieverlening, besteding, voorschot en betaling 1 De subsidie wordt verleend binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag. 2 De minister verleent een voorschot van 100 procent en betaalt per kwartaal een gelijk deel van het subsidiebedrag. 3 De subsidie wordt uitsluitend besteed aan de activiteiten waarvoor deze wordt verleend. 2015 33349 07-10-2015 29-09-2015 PO/779628 2015 33349 07-10-2015 29-09-2015 PO/779628 08-10-2015
Artikel 2.4 — Artikel 2.4 Verplichting#
Artikel 2.4 Verplichting Het CAOP verstrekt de minister de adviezen van de jury uiterlijk vijf weken na de sluitingsdatum van de desbetreffende aanvraagronde. 2018 69041 12-12-2018 05-12-2018 1443528 2018 69041 12-12-2018 05-12-2018 1443528 01-01-2019
Artikel 2.5 — Artikel 2.5 Verantwoording en vaststelling#
Artikel 2.5 Verantwoording en vaststelling 1 artikel 361 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek De verantwoording van de subsidie geschiedt aan de hand van een activiteitenverslag en de jaarrekening, bedoeld in, waarin op herkenbare wijze rekening en verantwoording wordt afgelegd en inzicht wordt gegeven in de besteding. 2 De subsidie wordt vastgesteld binnen 22 weken na ontvangst van de aanvraag tot vaststelling. 2015 33349 07-10-2015 29-09-2015 PO/779628 2015 33349 07-10-2015 29-09-2015 PO/779628 08-10-2015
Artikel 2.6 — Artikel 2.6 Evaluatie#
Artikel 2.6 Evaluatie artikel 2.1 Het CAOP werkt mee aan een evaluatie naar de uitvoering van de activiteiten als bedoeld in. 2018 69041 12-12-2018 05-12-2018 1443528 2018 69041 12-12-2018 05-12-2018 1443528 01-01-2019
Artikel 3.1 — Artikel 3.1 Activiteiten#
Artikel 3.1 Activiteiten De minister kan aan het bevoegd gezag subsidie verstrekken voor activiteiten opgesteld en uitgevoerd door leraren of docenten die gericht zijn op: a. de vernieuwing en verbetering van de kwaliteit van het onderwijs; b. het versterken van professionalisering leraren of docenten; en c. het versterken van de beroepsgroep. 2020 25259 11-05-2020 07-05-2020 24241726 2020 25259 11-05-2020 07-05-2020 24241726 12-05-2020
Artikel 3.2 — Artikel 3.2 Subsidieplafond#
Artikel 3.2 Subsidieplafond Het subsidieplafond voor het schooljaar 2020–2021 wordt vastgesteld op € 825.000,–, waarvan een derde bestemd is voor activiteiten in het primair onderwijs, een derde voor activiteiten in het voortgezet onderwijs en een derde voor activiteiten in het middelbaar beroepsonderwijs. 2020 25259 11-05-2020 07-05-2020 24241726 2020 25259 11-05-2020 07-05-2020 24241726 12-05-2020
Artikel 3.3 — Artikel 3.3 Aanvraag#
Artikel 3.3 Aanvraag 1 De aanvraagronde voor het schooljaar 2020–2021 vangt aan op 13 mei 2020 om 7.00 uur en loopt tot en met 27 mei 2020. 2 Een leraar of docent kan in deze aanvraagronde eenmaal een subsidieaanvraag indienen. 3 Voor de indiening van een aanvraag wordt gebruik gemaakt van het hiervoor bestemde aanvraagformulier dat wordt gepubliceerd op de website van DUS-I. 4 De subsidie wordt door een leraar of docent aangevraagd met goedkeuring van en namens het bevoegd gezag van de school of instelling waar hij werkzaam is. 5 Aanvragen van leraren of docenten aan wie op grond van deze regeling of vanwege het programma Onderwijs Pioniers MBO eerder subsidie is verleend, worden afgewezen. 6 Aanvragen die na sluiting van het aanvraagmoment zijn ontvangen, worden afgewezen. 2020 25259 11-05-2020 07-05-2020 24241726 2020 25259 11-05-2020 07-05-2020 24241726 12-05-2020
Artikel 3.4 — Artikel 3.4 Jury#
Artikel 3.4 Jury 1 artikel 2.1, onder a en c De leden en de voorzitter van de jury bedoeld in, worden door het CAOP geselecteerd. 2 De leden van de jury verrichten hun werkzaamheden in onafhankelijkheid zonder last of ruggespraak. 3 artikel 3.5, tweede lid De jury stelt het beoordelingskader als bedoeld in, vast. 2018 69041 12-12-2018 05-12-2018 1443528 2018 69041 12-12-2018 05-12-2018 1443528 01-01-2019
Artikel 3.5 — Artikel 3.5 Beoordeling van de subsidieaanvraag door de jury#
Artikel 3.5 Beoordeling van de subsidieaanvraag door de jury 1 Een subsidieaanvraag wordt door de jury als positief of negatief beoordeeld aan de hand van de volgende criteria: a. de mate waarin de activiteiten het onderwijs vernieuwen en de onderwijskwaliteit verbeteren; b. de mate waarin de activiteiten innovatief en creatief zijn binnen de context waar de leraar of de docent werkzaam is; c. de mate waarin de leraar of de docent en de leraren of de docenten in zijn directe omgeving een leerproces gaan doormaken; d. de mate waarin de activiteiten bijdragen aan de versterking van de beroepsgroep; e. de mate waarin de activiteiten door leraren of docenten zelf worden uitgevoerd; f. de kosten van de activiteiten staan in een redelijke verhouding tot de voorgenomen doelstellingen en de daarvan te verwachten resultaten. 2 De criteria en beslisregels zijn nader uitgewerkt in een beoordelingskader, dat wordt gepubliceerd op de website van het CAOP. 3 Indien meerdere aanvragen zijn ingediend door leraren van een school zoals geregistreerd in de Basisregistratie Instellingen, beoordeelt de jury maximaal één van deze aanvragen positief. 2020 25259 11-05-2020 07-05-2020 24241726 2020 25259 11-05-2020 07-05-2020 24241726 12-05-2020
Artikel 3.6 — Artikel 3.6 Rangschikking aanvragen#
Artikel 3.6 Rangschikking aanvragen artikel 3.3 De minister rangschikt de aanvragen, bedoeld in, zodanig dat een aanvraag hoger wordt gerangschikt naarmate deze eerder is ontvangen en volledig is. 2015 33349 07-10-2015 29-09-2015 PO/779628 2015 33349 07-10-2015 29-09-2015 PO/779628 08-10-2015
Artikel 3.7 — Artikel 3.7 Besluitvorming door de minister#
Artikel 3.7 Besluitvorming door de minister 1 De minister besluit over de subsidieverstrekking op basis van het advies van de jury en wijkt hier slechts om zwaarwegende redenen van af. 2 artikel 3.2 artikel 3.6 Indien het totaal van de door de jury positief beoordeelde aanvragen per sector het voor die sector geldende subsidieplafond, bedoeld in, overschrijdt, wijst de minister op basis van de rangschikking, bedoeld in, de aanvragen die op basis daarvan niet gehonoreerd kunnen worden, af. 3 artikel 3.3, vijfde lid, onder a en b In het eerste en tweede aanvraagmoment van schooljaar 2015–2016, als bedoeld in, kunnen per aanvraagmoment, maximaal 100 positief beoordeelde aanvragen van beide sectoren tezamen worden gehonoreerd op basis van de rangschikking. De minister wijst die aanvragen af waarmee het aantal van 100 wordt overschreden. De, in de vorige volzin bedoelde, afgewezen aanvragen komen in het eerstvolgende aanvraagmoment binnen hun sector wederom en als eerste in aanmerking voor subsidie. 4 De minister verstrekt slechts subsidie indien de aanvraag die het betreft binnen het subsidieplafond volledig kan worden gehonoreerd. 5 De afgewezen aanvragen binnen een bepaalde sector, bedoeld in het tweede lid, komen na afloop van de laatste aanvraagronde in een bepaald schooljaar wederom in aanmerking voor subsidie, indien het subsidieplafond dat betrekking heeft op de andere sector in die aanvraagronde niet is bereikt. 6 artikel 3.6 Indien het totaal van de afgewezen aanvragen het resterende bedrag overschrijdt, neemt de minister op basis van de rangschikking, bedoeld in, de aanvragen die op basis hiervan niet in aanmerking komen, niet in heroverweging. 7 Indien na toepassing van het tweede of vijfde lid, aanvragen op een gelijke positie worden gerangschikt en slechts één van de aanvragen kan worden gehonoreerd, beslist de minister op basis van loting. 8 artikel 3.3, vijfde en zesde lid De minister besluit, stelt de subsidie vast en verstrekt deze uiterlijk binnen 22 weken na de sluitingsdatum van de betreffende aanvraagperiode, bedoeld in. 2015 33349 07-10-2015 29-09-2015 PO/779628 2015 33349 07-10-2015 29-09-2015 PO/779628 08-10-2015
Artikel 3.8 — Artikel 3.8 Betaling#
Artikel 3.8 Betaling De subsidie wordt ineens betaald. 2015 33349 07-10-2015 29-09-2015 PO/779628 2015 33349 07-10-2015 29-09-2015 PO/779628 08-10-2015
Artikel 3.9 — Artikel 3.9 Subsidiebedrag#
Artikel 3.9 Subsidiebedrag artikel 3.1 De hoogte van de subsidie betreft het bedrag dat gemoeid is met het uitvoeren van de activiteiten als bedoeld inzoals opgenomen in de aanvraag en door de jury aanvaardbaar geacht, en bedraagt minimaal € 4.000,– en maximaal € 30.000,–. 2020 25259 11-05-2020 07-05-2020 24241726 2020 25259 11-05-2020 07-05-2020 24241726 12-05-2020
Artikel 3.10 — Artikel 3.10 Besteding van de subsidie en uitvoering activiteiten#
Artikel 3.10 Besteding van de subsidie en uitvoering activiteiten artikel 3.1 De activiteiten, bedoeld in, worden uitgevoerd in het schooljaar 2020–2021. Indien de activiteiten volledig zijn uitgevoerd en aan alle verplichtingen is voldaan, kan het niet aangewende deel van de subsidie worden besteed aan andere activiteiten waarvoor bekostiging is verstrekt. 2020 25259 11-05-2020 07-05-2020 24241726 2020 25259 11-05-2020 07-05-2020 24241726 12-05-2020
Artikel 3.11 — Artikel 3.11 Subsidieverplichting#
Artikel 3.11 Subsidieverplichting Het bevoegd gezag stelt de leraar of de docent in staat de activiteiten waarvoor subsidie is verleend volledig uit te voeren en komt met de leraar of de docent overeen dat hij deelneemt aan de door het CAOP in het kader van de regeling te organiseren activiteiten tijdens de looptijd van zijn project. 2020 25259 11-05-2020 07-05-2020 24241726 2020 25259 11-05-2020 07-05-2020 24241726 12-05-2020
Artikel 3.12 — Artikel 3.12 Verantwoording#
Artikel 3.12 Verantwoording De verantwoording van de subsidie geschiedt, a. Regeling jaarverslaggeving onderwijs voor zover het een subsidie tot € 25.000 betreft, overeenkomstig dein de jaarverslaggeving. De subsidieontvanger toont op verzoek van de minister aan dat de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt, zijn verricht en dat aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen is voldaan; b. Regeling jaarverslaggeving onderwijs voor zover het een subsidie van € 25.000 tot en met € 75.000 betreft, overeenkomstig dein de jaarverslaggeving met model G1. De subsidieontvanger toont op verzoek van de minister aan dat de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt, zijn verricht en dat aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen is voldaan; c. Regeling jaarverslaggeving onderwijs vanaf schooljaar 2020–2021, overeenkomstig demet model G1. 2020 25259 11-05-2020 07-05-2020 24241726 2020 25259 11-05-2020 07-05-2020 24241726 12-05-2020
Artikel 4.1 — Artikel 4.1 Inwerkingtreding en vervaldatum#
Artikel 4.1 Inwerkingtreding en vervaldatum 1 Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst. 2 Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2022. 2020 25259 11-05-2020 07-05-2020 24241726 2020 25259 11-05-2020 07-05-2020 24241726 12-05-2020
Artikel 4.2 — Artikel 4.2 Citeertitel#
Artikel 4.2 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling LerarenOntwikkelFonds. 2015 33349 07-10-2015 29-09-2015 PO/779628 2015 33349 07-10-2015 29-09-2015 PO/779628 08-10-2015