Besluit van de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie van 23 december 2015, nummer 718939, houdende intrekking van het Besluit van de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie van 12 oktober 2015 (Stcrt 2015, 35582), en tijdelijke uitbreiding van de bevoegdheid van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers om bepaalde categorieën vreemdelingen uit te sluiten van verstrekkingen op grond van de Regeling verstrekkingen asielzoekers en andere categorieën vreemdelingen 2005 (Gemeentelijk Versnellingsarrangement)
- BWB-id
- BWBR0037439
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Veiligheid en Justitie
- Geldigheid
- 2016-12-24 t/m 2018-12-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0037439
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2016/gemeentelijk-versnellingsarrangement
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2016/gemeentelijk-versnellingsarrangement/2016-12-24
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0037439&g=2016-12-24
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0037439&z=2026-06-06&g=2016-12-24
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0037439/2016-12-24
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2016/gemeentelijk-versnellingsarrangement
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 1 artikel 3, derde lid, onder c, e, j, en k, van de Rva 2005 artikel 14 28 van de Vreemdelingenwet 2000 artikel 9, eerste lid, onder a, c, en d, van de Rva 2005 Het COA is bevoegd om vreemdelingen als bedoeld in, aan wie de verblijfsvergunning als bedoeld inofis verleend, uit te sluiten van de verstrekkingen, bedoeld in. 2 artikel 2, eerste lid Ten hoogste 10.000 vreemdelingen, als bedoeld in het eerste lid, kunnen op grond van artikel 1 en, worden uitgesloten van de verstrekkingen, bedoeld in artikel 2, eerste lid. 2015 48827 24-12-2015 23-12-2015 718939 2015 48827 24-12-2015 23-12-2015 718939 01-01-2016
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 artikel 1 artikel 9, eerste lid, onder a, c, en d, van de Rva 2005 artikel 57, onderdelen b, c en d, van het Besluit toegelaten instellingen volkshuisvesting 2015 artikel 1, onderdeel d, van de Leegstandwet De vreemdeling, bedoeld in, wordt slechts uitgesloten van de verstrekkingen, bedoeld in, vanaf het moment dat een gemeente huisvesting voor de vreemdeling beschikbaar heeft gesteld in de zin van dit besluit, niet zijnde huisvesting die bestemd of geschikt is voor permanente bewoning, tenzij het een gebouw betreft dat bestemd is voor bewoning door personen als bedoeld inen dat leegstaat als bedoeld in, met dien verstande dat deze huisvesting uiterlijk op 31 december 2016 beschikbaar moet zijn gesteld. 2 artikel 9, eerste lid, onder a, van de Rva 2005 Dit besluit is gedurende maximaal vierentwintig maanden na vergunningverlening, met aftrek van de duur van de periode waarin de vergunninghouder na vergunningverlening nog van het onderdak als bedoeld ingebruik maakt, van toepassing op de vreemdeling, bedoeld in het eerste lid. 3 artikel 9, eerste lid, onder a, van de Rva 2005 In het geval, bedoeld in het eerste lid, verstrekt het COA aan de betreffende gemeente een financiële toelage van € 75 per week per gehuisveste volwassen persoon en € 37,50 per week per gehuisvest minderjarig kind. Het COA verstrekt de gemeente de financiële toelage gedurende maximaal vierentwintig maanden, eveneens met aftrek van de duur van de periode waarin de vergunninghouder na vergunningverlening nog van het onderdak als bedoeld ingebruik maakt. 4 artikel 9, eerste lid, onder a, c, en d, van de Rva 2005 Het COA verstrekt de vreemdeling, die op grond van het eerste lid is uitgesloten van de verstrekkingen bedoeld in, de financiële toelage, bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder b, van de Rva 2005, gedurende maximaal vierentwintig maanden, eveneens met aftrek van de duur van de periode waarin de vergunninghouder na vergunningverlening nog van het onderdak als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder a, van de Rva 2005 gebruik maakt. 5 artikel 1 artikel 7, eerste lid, onder a en c, van de Rva 2005 De toelagen, bedoeld in het derde en vierde lid, worden voorts beëindigd met ingang van de datum waarop de gemeente de vreemdeling, bedoeld inen artikel 2, eerste lid, huisvesting beschikbaar heeft gesteld als bedoeld in. De toelagen bedoeld in het derde en vierde lid, worden voorts beëindigd indien de vreemdeling, bedoeld in artikel 1 en 2, zelfstandig huisvesting heeft geregeld of met onbekende bestemming is vertrokken. 2016 37784 15-07-2016 12-07-2016 781194 2016 37784 15-07-2016 12-07-2016 781194 01-08-2016 01-01-2016
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 artikel 9, eerste lid, onder b, van de Rva 2005 artikel 14, tweede lid, van de Rva 2005 De hoogte van de wekelijkse financiële toelage ten behoeve van voedsel, kleding en andere persoonlijke uitgaven als bedoeld inwordt berekend aan de hand van de bedragen, bedoeld in. 2015 48827 24-12-2015 23-12-2015 718939 2015 48827 24-12-2015 23-12-2015 718939 01-01-2016
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 artikel 1 2 Rva 2005 artikel 7, eerste lid, onder a en c, van de Rva 2005 artikel 16, eerste lid Zorgverzekeringswet Op de vreemdeling, bedoeld inen, is devan overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat in, in plaats van ‘passende huisvesting buiten de opvangvoorziening kan worden gerealiseerd’ wordt gelezen ‘passende huisvesting kan worden gerealiseerd, niet zijnde huisvesting als bedoeld in het besluit Gemeentelijk Versnellingsarrangement’ en in, in plaats van ‘een ziektekostencontract ter dekking van de kosten van het door Onze Minister vastgestelde pakket medische verstrekkingen’ wordt gelezen: ‘een basisverzekering tegen ziektekosten als bedoeld in de’. 2 artikel 1 artikel 2, eerste lid artikelen 9a 10 12, tweede lid 18 19, van de Rva 2005 Op de vreemdeling, bedoeld inen, zijn de,,,enniet van toepassing. 2015 48827 24-12-2015 23-12-2015 718939 2015 48827 24-12-2015 23-12-2015 718939 01-01-2016
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 besluit van de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie van 12 oktober 2015 Het(Stcrt. 2015, 35582) wordt met ingang van 1 januari 2016 ingetrokken. 2 besluit Op vreemdelingen aan wie passende huisvesting op grond van het, genoemd in het eerste lid, beschikbaar is gesteld, blijft dat besluit van toepassing. 3 besluit Vreemdelingen die voor 1 januari 2016 reeds zijn aangemeld voor huisvesting op grond van het, genoemd in het eerste lid, en die nog niet op grond van dat besluit zijn gehuisvest, kunnen tot 1 februari 2016 op grond van dat besluit worden gehuisvest. 2015 48827 24-12-2015 23-12-2015 718939 2015 48827 24-12-2015 23-12-2015 718939 01-01-2016
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 artikel 1 artikel 2, eerste lid Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2016 en vervalt zodra 10.000 vreemdelingen op grond vanen, van dit besluit zijn uitgesloten van verstrekkingen, maar uiterlijk met ingang van 1 januari 2019. 2 Dit besluit blijft van toepassing op vreemdelingen voor wie uiterlijk op 31 december 2018 huisvesting op grond van dit besluit is gerealiseerd. 3 Gemeenten kunnen tot en met 31 december 2018 vergunninghouders plaatsen in huisvesting op grond van dit besluit. Gemeenten dienen daartoe uiterlijk op 31 december 2016 de huisvestingsplekken aangemeld te hebben bij het COA en de bedoelde plekken uiterlijk op 1 juli 2017 te hebben gerealiseerd. 4 artikel 2, derde lid Gemeenten krijgen uiterlijk tot 1 januari 2019 bekostiging als bedoeld in, van dit besluit. 2016 72003 23-12-2016 21-12-2016 2022936 2016 72003 23-12-2016 21-12-2016 2022936 24-12-2016
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 Dit besluit wordt aangehaald als: Gemeentelijk Versnellingsarrangement. 2015 48827 24-12-2015 23-12-2015 718939 2015 48827 24-12-2015 23-12-2015 718939 01-01-2016