Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 24 oktober 2015, nr. WJZ/787439 (10436), houdende vervanging van de Subsidieregeling indemniteit bruiklenen 2008 in verband met doelmatiger gebruik van het beschikbare garantieplafond ter verhoging van het aantal tentoonstellingen dat voor indemniteit in aanmerking kan komen (Subsidieregeling indemniteit bruiklenen 2016)
- BWB-id
- BWBR0037142
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2025-07-12
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0037142
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2016/subsidieregeling-indemniteit-bruiklenen-2016
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2016/subsidieregeling-indemniteit-bruiklenen-2016/2025-07-12
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0037142&g=2025-07-12
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0037142&z=2026-06-13&g=2025-07-12
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0037142/2025-07-12
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2016/subsidieregeling-indemniteit-bruiklenen-2016
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: a. minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap; b. instelling: openbaar toegankelijke instelling die gespecialiseerd is in het beheren van museale collecties of het organiseren van tentoonstellingen; c. voorwerp: artikel 1.1 van de Erfgoedwet cultuurgoed als bedoeld inmet inbegrip van lijst, raam, kader, sokkel en dergelijke, afkomstig uit een buitenlandse collectie of uit een niet openbaar toegankelijke privécollectie; d. tentoonstelling: tijdelijke tentoonstelling in Nederland die een compilatie vormt van belangrijke voorwerpen, al dan niet in combinatie met andere cultuurgoederen, in een samenhang die in het algemeen niet in Nederland te zien is en een visie biedt op periodes, kwesties, personen of producten van cultuurhistorische betekenis; e. indemniteitsverklaring: artikel 2, eerste lid beschikking waarbij een voorwaardelijke aanspraak op subsidie als bedoeld in, wordt verleend; f. indemniteitspercentage: deel van de totale verzekerde waarde van de voorwerpen die voor een indemniteitsverklaring in aanmerking komen, uitgedrukt in procenten waarbij de totale verzekerde waarde 100 is. 2019 63642 18-12-2019 16-12-2019 WJZ/17705952(10945) 2019 63642 18-12-2019 16-12-2019 WJZ/17705952(10945) 01-01-2020
Artikel 2 — Artikel 2 Indemniteitsverklaring#
Artikel 2 Indemniteitsverklaring 1 De minister kan aan een instelling voor een tentoonstelling een subsidie verlenen onder de opschortende voorwaarde van verlies van of schade aan de door derden in bruikleen afgestane voorwerpen. 2 De opschortende voorwaarde is van kracht gedurende de periode waarvoor door de subsidieontvanger een verzekering is gesloten voor de bruiklenen. 2019 63642 18-12-2019 16-12-2019 WJZ/17705952(10945) 2019 63642 18-12-2019 16-12-2019 WJZ/17705952(10945) 01-01-2020
Artikel 3 — Artikel 3 Subsidieplafond#
Artikel 3 Subsidieplafond 1 Het totaal van de aanspraken op financiële middelen in een begrotingsjaar op grond van indemniteitsverklaringen gaat op enig moment het bedrag van € 450 miljoen niet te boven. 2 Een indemniteitsverklaring wordt ten laste gebracht van het beschikbare bedrag gedurende de periode van twee weken vóór aanvang van de tentoonstelling tot en met twee weken na het einde van de tentoonstelling. 3 In afwijking van het tweede lid kan per tentoonstelling een andere periode worden aangevraagd waarop de indemniteitsverklaring betrekking heeft, indien deze periode aanvangt en afsluit met een door de instelling op te stellen beoordeling van de staat van de voorwerpen en het een aaneengesloten periode betreft. 2022 32562 02-12-2022 24-11-2022 WJZ/34354909 2022 32562 02-12-2022 24-11-2022 WJZ/34354909 01-01-2023
Artikel 4 — Artikel 4 Voorwaarden#
Artikel 4 Voorwaarden 1 Een indemniteitsverklaring wordt slechts verleend indien: a. een instelling naar het oordeel van de minister heeft aangetoond dat die indemniteitsverklaring: 1° leidt tot een besparing op de premie van de verzekering van de desbetreffende bruikleen of bruiklenen van ten minste 20 procent; of 2° indien het indemniteitspercentage lager is dan 30 procent, leidt tot een besparing op de premie van de verzekering van de desbetreffende bruikleen of bruiklenen van een percentage dat ten minste 66 procent bedraagt van dit indemniteitspercentage; en b. naar het oordeel van de minister een acceptabele verhouding aanwezig is tussen enerzijds het belang van de tentoonstelling en de besparing, bedoeld in onderdeel a, en anderzijds het door de Minister van OCW te aanvaarden risico. 2 De voorwaarden die gelden voor de verzekering waarvoor de indemniteitsverklaring wordt verleend, zijn van overeenkomstige toepassing op de indemniteitsverklaring. 2019 63642 18-12-2019 16-12-2019 WJZ/17705952(10945) 2019 63642 18-12-2019 16-12-2019 WJZ/17705952(10945) 01-01-2020
Artikel 5 — Artikel 5 Aanvraag#
Artikel 5 Aanvraag 1 De aanvraag voor een indemniteitsverklaring wordt ingediend op uiterlijk 31 augustus 2030. 2 Bij de aanvraag wordt gebruik gemaakt van een door de minister vastgesteld aanvraagformulier. 3 De aanvraag gaat vergezeld van: a. een verzekeringsofferte; b. voor zover de aanvraag verschillende voorwerpen betreft, een lijst van in bruikleen te ontvangen voorwerpen en per voorwerp de verzekerde waarde; en c. voor zover de aanvraag een tentoonstelling betreft, een tentoonstellingsplan. 4 De verzekeringsofferte bevat in ieder geval de verzekeringspremie zonder korting en een opgave van de korting die wordt gegeven bij een indemniteitspercentage van ten hoogste 30 procent, waarbij de gevraagde subsidie ten hoogste € 70 miljoen bedraagt. 5 artikel 8 Bij de aanvraag verklaart een instelling te voldoen aan de eisen over de veiligheid van de voorwerpen en de beveiliging van de instelling, bedoeld in. Op verzoek van de minister overlegt de instelling de documenten, bedoeld in artikel 8, en worden de veiligheidsmaatregelen ter plekke getoond. 6 artikel 14 De aanvraag heeft betrekking op een periode die aanvangt voor de vervaldatum van deze regeling, bedoeld in. 2025 23676 11-07-2025 30-06-2025 51933936 2025 23676 11-07-2025 30-06-2025 51933936 12-07-2025
Artikel 6 — Artikel 6 Subsidieverlening#
Artikel 6 Subsidieverlening 1 Op de aanvragen wordt beslist in de volgorde waarin zij door de minister zijn ontvangen. 2 De minister beslist binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag. 3 Bij het verstrekken van een indemniteitsverklaring stelt de minister de hoogte van de aanspraak vast. De aanspraak bedraagt niet meer dan € 70 miljoen en het indemniteitspercentage bedraagt ten hoogste 30 procent. 4 bijlage Op de indemniteitsverklaring is een eigen risico van toepassing dat de minister overeenkomstig de tabellen in devaststelt. Dit bedrag wordt in mindering gebracht op de subsidie in het geval zich verlies of schade voordoet waarop de indemniteitsverklaring van toepassing is. 5 artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht artikel 14 Onverminderdweigert de minister een aanvraag voor een indemniteitsverklaring indien de aanvraag betrekking heeft op een periode die aanvangt na de vervaldatum van deze regeling, bedoeld in. 2024 38702 27-11-2024 19-11-2024 E&K/49010173 2024 38702 27-11-2024 19-11-2024 E&K/49010173 28-11-2024
Artikel 7 — Artikel 7 Algemene verplichtingen#
Artikel 7 Algemene verplichtingen 1 Indien verlies of schade optreedt waarop de indemniteitsverklaring van toepassing is, zorgt de subsidieontvanger ervoor dat de werkzaamheden op een zodanige manier worden uitgevoerd dat de subsidie op doelmatige wijze wordt gebruikt voor de doeleinden waarvoor deze wordt verleend. 2 De subsidieontvanger doet onverwijld een melding aan de minister van feiten en omstandigheden die van belang kunnen zijn voor de subsidieverstrekking. Bij de melding worden de stukken overgelegd die betrekking hebben op de gemelde feiten en omstandigheden en wordt de oorzaak van de gemelde feiten en omstandigheden toegelicht. 3 De subsidieontvanger werkt mee aan door of namens de minister ingestelde onderzoeken die zijn gericht de minister inlichtingen te verschaffen ten behoeve van de ontwikkeling van zijn beleid. 2015 37956 03-11-2015 24-10-2015 WJZ/787439(10436) 2015 37956 03-11-2015 24-10-2015 WJZ/787439(10436) 01-01-2016
Artikel 8 — Artikel 8 Verplichtingen in verband met de veiligheid#
Artikel 8 Verplichtingen in verband met de veiligheid Gedurende de periode waarop de indemniteitsverklaring betrekking heeft: a. artikel 1.1 van de Erfgoedwet beschikt de instelling over een actuele risico-inventarisatie en -analyse voor alle cultuurgoederen als bedoeld indie de instelling in beheer heeft; b. treft de instelling op basis van de risicoanalyse, bedoeld onder a, voldoende maatregelen voor de voorwerpen waarop de indemniteitsverklaring betrekking heeft; c. beschikt de instelling over een actueel calamiteitenplan; d. verschaft de instelling de minister op diens verzoek informatie over de veiligheid, beveiliging en bewaking van de voorwerpen waarop de indemniteitsverklaring betrekking heeft; en e. toont de instelling de minister op diens verzoek op locatie de organisatorische, bouwkundige en elektronische veiligheidsvoorzieningen. 2015 37956 03-11-2015 24-10-2015 WJZ/787439(10436) 2015 37956 03-11-2015 24-10-2015 WJZ/787439(10436) 01-01-2016
Artikel 9 — Artikel 9 Melding schade#
Artikel 9 Melding schade 1 Indien zich verlies van of schade aan voorwerpen voordoet waarop de indemniteitsverklaring betrekking heeft, zendt de instelling aan de minister een beschrijving van de aard, omvang en oorzaak van het verlies of de schade, en een overzicht met een door de verzekeraar opgestelde berekening van de geleden schade. Op verzoek van de minister overlegt de instelling een nadere onderbouwing van de berekening van de schade. 2 Verlies van of schade aan voorwerpen wordt zo spoedig mogelijk aan de minister gemeld. 2015 37956 03-11-2015 24-10-2015 WJZ/787439(10436) 2015 37956 03-11-2015 24-10-2015 WJZ/787439(10436) 01-01-2016
Artikel 10 — Artikel 10 Vaststelling subsidie#
Artikel 10 Vaststelling subsidie 1 artikel 9 Na ontvangst van de documenten, bedoeld in, stelt de minister de subsidie binnen dertien weken vast. 2 artikel 6, vierde lid De subsidie wordt vastgesteld op het bedrag van de schade waarop de indemniteitsverklaring van toepassing is met een maximum van het daarin aangegeven bedrag, verminderd met het eigen risico, bedoeld in. 2015 37956 03-11-2015 24-10-2015 WJZ/787439(10436) 2015 37956 03-11-2015 24-10-2015 WJZ/787439(10436) 01-01-2016
Artikel 11 — Artikel 11 Melding gewijzigde kosten en wijziging vaststelling#
Artikel 11 Melding gewijzigde kosten en wijziging vaststelling 1 artikel 9 Indien na de vaststelling van de subsidie, bedoeld in, blijkt dat de kosten lager zijn dan de verstrekte subsidie, meldt de instelling dit aan de minister. 2 In een geval als bedoeld in het eerste lid kan de minister de beschikking tot subsidievaststelling wijzigen. 2015 37956 03-11-2015 24-10-2015 WJZ/787439(10436) 2015 37956 03-11-2015 24-10-2015 WJZ/787439(10436) 01-01-2016
Artikel 12 — Artikel 12 Subsidieregeling indemniteit bruiklenen 2008 Intrekking#
Artikel 12 Subsidieregeling indemniteit bruiklenen 2008 Intrekking Subsidieregeling indemniteit bruiklenen 2008 Dewordt ingetrokken. 2015 37956 03-11-2015 24-10-2015 WJZ/787439(10436) 2015 37956 03-11-2015 24-10-2015 WJZ/787439(10436) 01-01-2016
Artikel 13 — Artikel 13 Overgangsbepalingen#
Artikel 13 Overgangsbepalingen Vervallen 2019 63642 18-12-2019 16-12-2019 WJZ/17705952(10945) 2019 63642 18-12-2019 16-12-2019 WJZ/17705952(10945) 01-01-2020
Artikel 14 — Artikel 14 Inwerkingtreding en horizonbepaling#
Artikel 14 Inwerkingtreding en horizonbepaling Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2016 en vervalt met ingang van 1 januari 2031. 2025 23676 11-07-2025 30-06-2025 51933936 2025 23676 11-07-2025 30-06-2025 51933936 12-07-2025
Artikel 15 — Artikel 15 Citeertitel#
Artikel 15 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling indemniteit bruiklenen 2016. 2015 37956 03-11-2015 24-10-2015 WJZ/787439(10436) 2015 37956 03-11-2015 24-10-2015 WJZ/787439(10436) 01-01-2016