Regeling van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, van 21 augustus 2017, nr. IENM/BSK-2017/28365, houdende regels betreffende de eisen inzake ecologisch ontwerp van verwarmingstoestellen
- BWB-id
- BWBR0039921
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Infrastructuur en Milieu
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2024-01-01
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0039921
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2017/regeling-vaststelling-regels-betreffende-eisen-inzake-ecolog
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2017/regeling-vaststelling-regels-betreffende-eisen-inzake-ecolog/2024-01-01
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0039921&g=2024-01-01
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0039921&z=2026-06-06&g=2024-01-01
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0039921/2024-01-01
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2017/regeling-vaststelling-regels-betreffende-eisen-inzake-ecolog
Artikel 1 — Artikel 1#
Artikel 1 In deze regeling wordt verstaan onder: aanbieder van diensten van de informatiemaatschappij: Richtlijn (EU) 2015/1535 aanbieder van een dienst zoals gedefinieerd in artikel 1, eerste lid, onderdeel b, vanvan het Europees Parlement en de Raad van 9 september 2015 betreffende een informatieprocedure op het gebied van technische voorschriften en regels betreffende de diensten van de informatiemaatschappij (PbEU 2015, L 241); aangemelde instantie: artikel 2 richtlijn 92/42/EEG conformiteitsbeoordelingsinstantie waaraan ter krachtenseen erkenning is verleend en die overeenkomstig artikel 8, eerste lid, vanbij de Europese Commissie is aangemeld; accreditatie: accreditatie als bedoeld in artikel 2, onderdeel 10, van verordening (EG) Nr. 765/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 9 juli 2008 tot vaststelling van de eisen inzake accreditatie en markttoezicht betreffende het verhandelen van producten en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 339/93 (PbEU 2008, L218; conformiteitsbeoordelingsinstantie: instantie die een EU-typeonderzoek verricht en verklaring van EU-typeonderzoek afgeeft; erkenning: artikel 11a.2, derde lid, onder a, van de Wet milieubeheer erkenning als bedoeld in; EU-typeonderzoek: richtlijn 92/42/EEG onderzoek of een representatief exemplaar van een type verwarmingstoestel dat valt binnen het toepassingbereik van, voldoet aan de op grond van verordening (EU)813/2013 voor dat type verwarmingstoestellen geldende eisen inzake ecologisch ontwerp; fabrikant: fabrikant van een verwarmingstoestel of zijn in de Europese Unie gevestigde gemachtigde; marktdeelnemer: marktdeelnemer als bedoeld in artikel 3, onderdeel 13, van de EU-verordening markttoezicht; minister: Minister van Infrastructuur en Milieu; op de markt aanbieden: op de markt aanbieden als bedoeld in artikel 3, onderdeel 1, van de EU-verordening markttoezicht; richtlijn 92/42/EEG: richtlijn 92/42/EEG de artikelen 7, tweede lid, en 8 vanvan de Raad van 21 mei 1992 betreffende de rendementseisen voor nieuwe olie- en gasgestookte centrale-verwarmingsketels (PbEG 1992, L167), en de bij deze artikelen behorende bijlagen III, IV en V, en de voor de toepassing van de genoemde artikelen en bijlagen relevante andere artikelen van de genoemde richtlijn, zoals die richtlijn luidde onmiddellijk voorafgaand aan de intrekking van die andere artikelen als gevolg van de inwerkingtreding van verordening (EU)813/2013; verklaring van EU-typeonderzoek: richtlijn 92/42/EEG op grond van een EU-typeonderzoek afgegeven verklaring dat een representatief exemplaar van een type verwarmingstoestel dat valt binnen het toepassingsbereik van, voldoet aan de op grond van verordening (EU)813/2013 voor dat type verwarmingstoestellen geldende eisen inzake ecologisch ontwerp; verordening (EU)813/2013: Richtlijn 2009/125/EG verordening (EU) nr. 813/2013 van de Commissie van 2 augustus 2013 tot uitvoering vanvan het Europees Parlement en de Raad wat eisen inzake ecologisch ontwerp voor ruimteverwarmingstoestellen en combinatieverwarmingstoestellen betreft (PbEU 2013, L239). 2023 10014 14-04-2023 06-04-2023 IENW/BSK-2023/43416 2023 125 18-04-2023 03-04-2023 19-04-2023 Treedt in werking op het tijdstip waarop de artikelen 2.7, 2.14,
onderdelen A tot en met K, en 2.18 van de Wet uitvoering
markttoezichtverordening (Stb 2023/66) in werking treden.
Artikel 1a — Artikel 1a#
Artikel 1a artikel 21.6, vierde lid, van de Wet milieubeheer Deze regeling berust mede op. 2020 64380 03-12-2020 01-12-2020 2023 11246 19-04-2023 01-01-2024
Artikel 2 — Artikel 2#
Artikel 2 1 artikel 9.4.5, tweede lid, eerste volzin, van de Wet milieubeheer richtlijn 92/42/EEG Alvorens de CE-markering en de conformiteitsverklaring overeenkomstigworden aangebracht op onderscheidenlijk bijgevoegd bij in serie geproduceerde centrale-verwarmingsketels die vallen binnen het toepassingsbereik van, toont de fabrikant de overeenstemming van de ketels met de eisen inzake ecologisch ontwerp die voor de desbetreffende categorie van ketels gelden op grond van verordening (EU)813/2008, aan door: a. een rendementsonderzoek van een standaardketel van het desbetreffende type centrale-verwarmingsketels die door de aangemelde instantie wordt verricht volgens module B als beschreven in bijlage III bij de richtlijn, en b. een verklaring van overeenstemming van de in serie geproduceerde ketels met het goedgekeurde type volgens module C, D of E als beschreven in bijlage IV bij de richtlijn. 2 artikel 5, tweede lid, van het Besluit gastoestellen Een conformiteitsbeoordeling als bedoeld in het eerste lid, van het rendement van een gasgestookte ketel wordt verricht met toepassing van de procedures voor de beoordeling van de overeenstemming van een dergelijke ketel met de veiligheidsvoorschriften voor gastoestellen die zijn voorgeschreven in. 2017 48536 25-08-2017 21-08-2017 IENM/BSK-2017/28365 2017 48536 25-08-2017 21-08-2017 IENM/BSK-2017/28365 01-10-2017
Artikel 3 — Artikel 3#
Artikel 3 1 De minister kan op aanvraag een erkenning verlenen aan een conformiteitsbeoordelingsinstantie voor het uitvoeren van werkzaamheden als bedoeld in het tweede lid. 2 Een erkenning kan worden verleend voor de volgende werkzaamheden: a. richtlijn 92/42/EEG het verrichten van EU-typeonderzoek en het verstrekken van verklaringen van EU-typeonderzoek overeenkomstig de procedure die is beschreven in bijlage III bij; b. richtlijn 92/42/EEG het verrichten van de overige werkzaamheden die voor een aangemelde instantie voortvloeien uit de bijlagen III en IV bij; c. richtlijn 92/42/EEG het verrichten van de controles en beoordelingen, bedoeld in bijlage IV bij. 3 richtlijn 92/42/EEG Een erkenning wordt uitsluitend verleend indien een instantie voldoet aan de minimumcriteria die zijn vastgesteld in bijlage V bij. 4 Een krachtens het eerste lid verleende erkenning is gebaseerd op een accreditatie die aan de verzoeker is verleend voor het uitvoeren van de in het tweede lid omschreven werkzaamheden waarvoor een erkenning is aangevraagd. 5 richtlijn 92/42/EEG Een krachtens het eerste lid erkende instantie verricht alle werkzaamheden waarvoor de erkenning is verleend, naar behoren en voldoet daarbij aan de verplichtingen die voor haar voortvloeien uit artikel 7, tweede lid, vanen de bijlagen III, IV en V bij die richtlijn. 6 Het is verboden een werkzaamheid als omschreven in het tweede lid, uit te voeren zonder dat daarvoor wordt beschikt over een krachtens het eerste lid verleende erkenning. 2017 48536 25-08-2017 21-08-2017 IENM/BSK-2017/28365 2017 48536 25-08-2017 21-08-2017 IENM/BSK-2017/28365 01-10-2017
Artikel 4 — Artikel 4#
Artikel 4 1 Een aanvraag om een erkenning wordt ingediend bij de minister. 2 Bij de aanvraag wordt ten minste de volgende informatie verstrekt: a. de naam en de vestigingsplaats van de verzoeker; b. de werkzaamheden waarop de aanvraag betrekking heeft; c. de accreditatie die voor de werkzaamheden aan de verzoeker is verleend. 2017 48536 25-08-2017 21-08-2017 IENM/BSK-2017/28365 2017 48536 25-08-2017 21-08-2017 IENM/BSK-2017/28365 01-10-2017
Artikel 5 — Artikel 5#
Artikel 5 1 De minister beslist binnen acht weken na de datum van ontvangst van de aanvraag. 2 Een erkenning wordt niet verleend indien de aanvrager in staat van faillissement of surseance van betaling verkeert. 3 artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur Een erkenning kan worden geweigerd in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in. 4 richtlijn 92/42/EEG De minister meldt de erkende instantie overeenkomstig artikel 8, eerste lid, vanaan bij de Europese Commissie. 2017 48536 25-08-2017 21-08-2017 IENM/BSK-2017/28365 2017 48536 25-08-2017 21-08-2017 IENM/BSK-2017/28365 01-10-2017
Artikel 6 — Artikel 6#
Artikel 6 1 Een erkenning vermeldt ten minste de naam en de vestigingsplaats van de erkende instantie en de werkzaamheden waarvoor de erkenning is verleend. 2 Een erkenning geldt voor onbepaalde tijd. 3 De minister maakt het besluit in de Staatscourant bekend. 2017 48536 25-08-2017 21-08-2017 IENM/BSK-2017/28365 2017 48536 25-08-2017 21-08-2017 IENM/BSK-2017/28365 01-10-2017
Artikel 7 — Artikel 7#
Artikel 7 1 Een erkenning wordt gewijzigd, geschorst, onderscheidenlijk ingetrokken indien: a. richtlijn 92/42/EEG de erkende instantie niet voldoet aan de minimumcriteria die zijn vastgesteld in bijlage V bij; b. de erkende instantie de werkzaamheden waarvoor de erkenning is verleend, heeft beëindigd. 2 Een erkenning kan worden geschorst of ingetrokken: a. indien de accreditatie van de erkende instantie is gewijzigd, geschorst of beëindigd b. artikel 3, vijfde lid indien de erkende instantie niet voldoet aan de verplichtingen die voor haar voortvloeien uit; c. artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in. 3 Een erkende instantie stelt de minister onverwijld in kennis van: a. elke wijziging, schorsing of beëindiging van haar accreditatie; b. overige omstandigheden die van invloed zijn op het voldoen aan de vereisten voor erkenning; c. een voornemen tot beëindiging van de werkzaamheden waarvoor de erkenning is verleend. 2017 48536 25-08-2017 21-08-2017 IENM/BSK-2017/28365 2017 48536 25-08-2017 21-08-2017 IENM/BSK-2017/28365 01-10-2017
Artikel 7a — Artikel 7a#
Artikel 7a 1 Het is marktdeelnemers die betrokken zijn of zijn geweest bij het op de markt aanbieden van in serie geproduceerde centrale-verwarmingsketels als bedoeld in artikel 2, eerste lid, verboden te handelen in strijd met artikel 7, eerste lid, van de EU-verordening markttoezicht. 2 Het is een aanbieder van diensten van de informatiemaatschappij die betrokken is of is geweest bij het online te koop aanbieden van in serie geproduceerde centrale-verwarmingsketels als bedoeld in artikel 2, eerste lid, verboden te handelen in strijd met artikel 7, tweede lid, van de EU-verordening markttoezicht. 2023 10014 14-04-2023 06-04-2023 IENW/BSK-2023/43416 2023 125 18-04-2023 03-04-2023 19-04-2023 Treedt in werking op het tijdstip waarop de artikelen 2.7, 2.14,
onderdelen A tot en met K, en 2.18 van de Wet uitvoering
markttoezichtverordening (Stb 2023/66) in werking treden.
Artikel 8 — Artikel 8#
Artikel 8 artikel 3, tweede lid richtlijn 92/42/EEG Kiwa Nederland B.V. is ten behoeve van het uitvoeren van de in, bedoelde werkzaamheden aangewezen als instantie als bedoeld in artikel 8, eerste lid, van, tot een jaar na het tijdstip van inwerkingtreding van deze regeling of het eerdere tijdstip waarop aan die instantie op grond van artikel 3, eerste lid, een erkenning is verleend. 2017 48536 25-08-2017 21-08-2017 IENM/BSK-2017/28365 2017 48536 25-08-2017 21-08-2017 IENM/BSK-2017/28365 01-10-2017
Artikel 9 — Artikel 9#
Artikel 9 Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 oktober 2017. 2017 48536 25-08-2017 21-08-2017 IENM/BSK-2017/28365 2017 48536 25-08-2017 21-08-2017 IENM/BSK-2017/28365 01-10-2017