Regeling van de Minister van Economische Zaken van 13 maart 2017, nr. WJZ / 16152541, houdende regels over waardevermeerdering van woningen in verband met schade als gevolg van gaswinning Groningenveld (Regeling waardevermeerdering woningen gaswinning Groningenveld)
- BWB-id
- BWBR0039336
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Economische Zaken
- Geldigheid
- 2021-07-08 t/m 2022-03-31
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0039336
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2017/regeling-waardevermeerdering-woningen-gaswinning-groningenve
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2017/regeling-waardevermeerdering-woningen-gaswinning-groningenve/2021-07-08
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0039336&g=2021-07-08
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0039336&z=2026-06-06&g=2021-07-08
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0039336/2021-07-08
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2017/regeling-waardevermeerdering-woningen-gaswinning-groningenve
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsomschrijvingen#
Artikel 1 Begripsomschrijvingen In deze regeling wordt verstaan onder: algemene de-minimisverordening: verordening (EU) nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun (PbEU 2013, L 352); lokaal energieproject: artikel 47, eerste lid, onderdeel z, van de Wet belastingen op milieugrondslag project gericht op energiebesparing of opwekking van duurzame energie ten behoeve van de eigen woning, dat wordt uitgevoerd binnen een postcodegebied als bedoeld in; maatwerkadviesrapport: maatwerkadviesrapport als bedoeld in de door de Stichting Kwaliteit voor Installaties Nederland bindend verklaarde Nationale Beoordelingsrichtlijn 9500, deel 02, zoals vastgesteld op 31 augustus 2011, inclusief latere wijzigingen, opgesteld door een persoon die voldoet aan de eisen van vakbekwaamheid van ‘EPA’-adviseur conform bijlage 2 van deze beoordelingsrichtlijn; minister: Minister van Economische Zaken en Klimaat; verduurzamingsmaatregel: artikel 3, eerste lid, onderdeel b maatregel als bedoeld in; versterking: versterking van een woning in het kader van het bouwkundig versterkingsprogramma als gevolg van de gaswinning Groningenveld; woning: gebouw of gedeelte van een gebouw dat bestemd is voor bewoning met inbegrip van de bijgebouwen die bijdragen aan de woonbestemming. 2018 67836 04-12-2018 03-12-2018 WJZ/18268181 2018 67836 04-12-2018 03-12-2018 WJZ/18268181 01-01-2019
Artikel 2 — Artikel 2 Subsidie voor verduurzamingsmaatregelen en maatwerkadviesrapport#
Artikel 2 Subsidie voor verduurzamingsmaatregelen en maatwerkadviesrapport 1 De minister verstrekt op aanvraag subsidie voor een verduurzamingsmaatregel of een maatwerkadviesrapport aan een eigenaar van een woning waaraan, blijkens een schriftelijk stuk: a. door het Centrum Veilig Wonen fysieke schade door bodembeweging als gevolg van gaswinning in het Groningenveld van categorie A of B is vastgesteld, die: 1°. ten minste € 1.000,- bedraagt, en 2°. is erkend vanaf 1 januari 2016; b. door de Nederlandse Aardolie Maatschappij fysieke schade door bodembeweging als gevolg van gaswinning in het Groningenveld is vastgesteld, die: 1°. ten minste € 1.000,- bedraagt, en 2°. is erkend vanaf 1 maart 2018; c. door de Tijdelijke commissie mijnbouwschade Groningen of het Instituut Mijnbouwschade Groningen fysieke schade door bodembeweging als gevolg van gaswinning in het Groningenveld of als gevolg van de gasopslag Norg, is vastgesteld, die: 1°. ten minste € 1.000,- bedraagt, en 2°. is erkend vanaf 19 maart 2018; d. artikel 3, eerste of tweede lid, van de Regeling Stuwmeer Tijdelijke Commissie Mijnbouwschade Groningen door de Tijdelijke commissie mijnbouwschade Groningen of het Instituut Mijnbouwschade Groningen een vergoeding is toegekend op grond van. 2 Aanvragen om subsidie als bedoeld in het eerste lid, kunnen worden ingediend in de periode van 1 januari 2021 tot en met 31 december 2021. Aanvragen zijn tijdig ingediend indien ze op de laatstgenoemde datum vóór 17:00 uur zijn ontvangen. 2020 64698 04-12-2020 02-12-2020 WJZ/20275216 2020 64698 04-12-2020 02-12-2020 WJZ/20275216 01-01-2021 01-07-2020
Artikel 3 — Artikel 3 Subsidiabele kosten#
Artikel 3 Subsidiabele kosten 1 artikel 2, eerste lid De subsidiabele kosten zijn de kosten ter zake van een woning als bedoeld in, of ter zake van een lokaal energieproject, voor: a. een maatwerkadviesrapport; b. het aanschaffen van materiaal en de kosten van de installatie voor zover de installatie wordt uitgevoerd door een onderneming, voor het aanbrengen of installeren van de navolgende energiebesparende of -opwekkende maatregelen: 1°. dak-, vloer- of gevelisolatie; 2°. muurisolatie; 3°. HR++(+) glas of isolerend glas voor een monument; 4°. kozijn vereist voor HR++(+) glas of kozijn vereist voor het isoleren van glas voor een monument; 5°. combiketel met hoog rendement inclusief daarvoor vereiste verwarmingselementen en leidingen voor zover niet aanwezig; 6°. (micro) HRe ketel; 7°. HR luchtverwarming; 8°. zonnepanelen en zonnecollectoren; 9°. zonneboiler; 10°. pelletkachel; 11°. warmtepomp; 12°. infraroodpanelen; 13°. warmte-koudeopslag; 14°. technieken voor warmteterugwinning; 15°. lage temperatuurverwarming; 16°. energiezuinige vloerverwarmingspomp; 17°. apparaat te koppelen aan een slimme meter, hoofdzakelijk bedoeld voor het geven van inzicht in het energieverbruik; 18°. technieken voor de opwekking van windenergie. 2 artikel 10, tweede lid, van het Kaderbesluit nationale EZ-subsidies artikel 2, eerste lid In afwijking van, komen de kosten, bedoeld in het eerste lid, voor subsidie in aanmerking, indien deze zijn gemaakt ter voldoening aan een contractuele verplichting die is aangegaan vóór de indiening van de aanvraag, doch na de datum van erkenning van de schade, bedoeld in. 2017 15110 17-03-2017 13-03-2017 WJZ/16152541 2017 15110 17-03-2017 13-03-2017 WJZ/16152541 01-04-2017
Artikel 4 — Artikel 4 Hoogte van de subsidie#
Artikel 4 Hoogte van de subsidie De subsidie bedraagt 100% van de subsidiabele kosten met een maximum van € 4.000,– per woning. 2017 15110 17-03-2017 13-03-2017 WJZ/16152541 2017 15110 17-03-2017 13-03-2017 WJZ/16152541 01-04-2017
Artikel 5 — Artikel 5 Afwijzingsgronden#
Artikel 5 Afwijzingsgronden 1 De minister beslist afwijzend op een aanvraag indien: a. voor de woning reeds subsidie is verstrekt op grond van de Interimregeling waardevermeerdering van de provincie Groningen; b. artikel 4 voor de woning reeds subsidie is verstrekt op grond van deze regeling, behoudens indien deze is verstrekt aan dezelfde eigenaar en voor zover het maximum subsidiebedrag, genoemd in, door verlening van de subsidie niet wordt overschreden; c. voor de woning reeds door de Nederlandse Aardolie Maatschappij een met deze regeling vergelijkbare vergoeding voor verduurzamingsmaatregelen is verstrekt; of d. de aanvraag betrekking heeft op een verduurzamingsmaatregel die bestaat uit een gebruikte installatie voor de productie van duurzame energie. 2 artikel 2, eerste lid De afwijzingsgronden, genoemd in het eerste lid, onderdelen a tot en met c, zijn niet van toepassing indien voor de woning door een andere eigenaar voor een andere schade, bedoeld in, subsidie wordt aangevraagd. 2018 27948 16-05-2018 14-05-2018 WJZ/18057432 2018 27948 16-05-2018 14-05-2018 WJZ/18057432 17-05-2018
Artikel 6 — Artikel 6 Subsidieplafond#
Artikel 6 Subsidieplafond 1 artikel 2, tweede lid Het subsidieplafond voor het verlenen van subsidie die is aangevraagd in de periode, genoemd in, bedraagt € 77.661.000,–. 2 De minister verdeelt het subsidieplafond op volgorde van binnenkomst van de aanvragen. 2021 35237 07-07-2021 05-07-2021 WJZ/21129104 2021 35237 07-07-2021 05-07-2021 WJZ/21129104 08-07-2021
Artikel 7 — Artikel 7 Verplichtingen van de subsidieontvanger#
Artikel 7 Verplichtingen van de subsidieontvanger 1 Een verduurzamingsmaatregel of een maatwerkadviesrapport, waarvoor op grond van deze regeling een subsidie is verleend, wordt binnen een termijn van twaalf maanden na de verlening van de subsidie aangebracht of geïnstalleerd en in gebruik genomen, respectievelijk opgeleverd. 2 De minister kan op verzoek van de subsidieontvanger de termijn met negen maanden verlengen indien de termijn, bedoeld in het eerste lid, niet kan worden gehaald in verband met de datum van afronding van de versterking. Het verzoek wordt ingediend voorafgaand aan het einde van deze termijn. 3 Behoudens als onderdeel van de verkoop van de woning, vervreemdt de subsidieontvanger: a. een verduurzamingsmaatregel waarvoor subsidie is verleend niet binnen twaalf maanden na de datum van de subsidievaststelling; b. de deelneming in een lokaal energieproject ten behoeve waarvan subsidie is verleend niet binnen vijf jaar na de datum van de subsidievaststelling. 2018 27948 16-05-2018 14-05-2018 WJZ/18057432 2018 27948 16-05-2018 14-05-2018 WJZ/18057432 17-05-2018
Artikel 8 — Artikel 8 Informatieverplichtingen#
Artikel 8 Informatieverplichtingen 1 artikel 2 Een aanvraag voor subsidie als bedoeld in, bevat de gegevens van de aanvrager, waaronder ten minste: a. de naam, het post- en bezoekadres, het e-mailadres en het telefoonnummer; b. het Burgerservicenummer of het nummer waaronder de onderneming is geregistreerd bij de Kamer van Koophandel; c. het bankrekeningnummer, met overlegging van een kopie van een actueel bankafschrift of een bankpas ter verificatie daarvan; d. de onderbouwing van in het aanvraagformulier vermelde kosten, blijkende uit: 1°. een door de aanvrager aanvaarde offerte of opdrachtbevestiging van de aannemer of leverancier met daarop vermeld de datum van aanvang van de werkzaamheden, respectievelijk levering van de installatie, van maximaal twee maanden oud, respectievelijk een factuur en het daarbij behorende betalingsbewijs; 2°. een door de aanvrager aanvaarde offerte of opdrachtbevestiging van een gecertificeerd adviseur met daarop vermeld de datum van oplevering van het maatwerkadviesrapport, van maximaal twee maanden oud, respectievelijk een factuur en het daarbij behorende betalingsbewijs; f. een afschrift van de besluiten tot verlening van andere subsidies in de kosten van de op grond van deze regeling te subsidiëren activiteiten dan wel van de aanvragen tot verlening van deze andere subsidies; g. artikel 2, eerste lid, aanhef een schriftelijk stuk als bedoeld in; h. een opgave van de omzetbelasting die in rekening is gebracht voor de getroffen maatregelen voor zover deze omzetbelasting is verrekend. 2 De aanvraag door een onderneming bevat tevens een verklaring over alle andere onder de algemene de-minimisverordening of andere de- minimisverordeningen vallende de-minimissteun die deze onderneming gedurende de twee voorgaande belastingjaren en het lopende belastingjaar heeft ontvangen, als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de algemene de-minimisverordening. 2019 65709 03-12-2019 29-11-2019 WJZ/19236681 2019 65709 03-12-2019 29-11-2019 WJZ/19236681 01-01-2020
Artikel 9 — Artikel 9 Staatssteun#
Artikel 9 Staatssteun artikel 2 De subsidie, bedoeld inbevat, indien deze aan een onderneming wordt verstrekt, staatssteun en wordt gerechtvaardigd door de algemene de-minimisverordening. 2018 27948 16-05-2018 14-05-2018 WJZ/18057432 2018 27948 16-05-2018 14-05-2018 WJZ/18057432 17-05-2018
Artikel 10 — Artikel 10 Horizonbepaling#
Artikel 10 Horizonbepaling Deze regeling vervalt met ingang van 1 april 2022, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn verleend. 2017 15110 17-03-2017 13-03-2017 WJZ/16152541 2017 15110 17-03-2017 13-03-2017 WJZ/16152541 01-04-2017
Artikel 11 — Artikel 11 Inwerkingtreding#
Artikel 11 Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 april 2017. 2017 15110 17-03-2017 13-03-2017 WJZ/16152541 2017 15110 17-03-2017 13-03-2017 WJZ/16152541 01-04-2017
Artikel 12 — Artikel 12 Citeertitel#
Artikel 12 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling waardevermeerdering woningen gaswinning Groningenveld. 2017 15110 17-03-2017 13-03-2017 WJZ/16152541 2017 15110 17-03-2017 13-03-2017 WJZ/16152541 01-04-2017