Besluit van de Minister van Justitie en Veiligheid van 2 februari 2018, houdende instelling van de Onderzoekscommissie WODC II inzake relatie beleid en WODC (Instellingsbesluit Onderzoekscommissie WODC II inzake relatie beleid en WODC)
- BWB-id
- BWBR0040616
- Type
- ministeriele-regeling
- Ministerie
- Justitie en Veiligheid
- Geldigheid
- Geldend vanaf 2018-02-13
Wetstechnische informatie / identifiers
- BWB-id
- BWBR0040616
- ELI
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2018/instellingsbesluit-onderzoekscommissie-wodc-ii-inzake-relati
- ELI (gepinde datum)
- /eli/nl/ministeriele-regeling/2018/instellingsbesluit-onderzoekscommissie-wodc-ii-inzake-relati/2018-02-13
- JCI 1.0 (vindplaats)
- wetten.overheid.nl/1.0:c:BWBR0040616&g=2018-02-13
- JCI 1.3 (citatie)
- jci1.3:c:BWBR0040616&z=2026-06-06&g=2018-02-13
- Op wetten.overheid.nl
- https://wetten.overheid.nl/BWBR0040616/2018-02-13
Absolute ELI: /eli/nl/ministeriele-regeling/2018/instellingsbesluit-onderzoekscommissie-wodc-ii-inzake-relati
Artikel 1 — Artikel 1 Begripsbepalingen#
Artikel 1 Begripsbepalingen In dit besluit wordt verstaan onder: a. Minister: de Minister van Justitie en Veiligheid; b. Commissie: artikel 2, eerste lid de commissie, bedoeld in; c. WODC: het Wetenschappelijk Onderzoeks- en Documentatiecentrum van het Ministerie van Justitie en Veiligheid. 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.
Artikel 2 — Artikel 2 Instelling en taak#
Artikel 2 Instelling en taak 1 Er is een onafhankelijke Onderzoekscommissie WODC II inzake relatie beleid en WODC. 2 De Commissie heeft tot taak onderzoek te verrichten naar: a) de invulling van de relatie tussen het WODC en beleidsafdelingen van het Ministerie van Justitie en Veiligheid; b) de positionering van het WODC ten opzichte van het Ministerie van Justitie en Veiligheid in vergelijking met andere publieke kennisorganisaties en de voor- en nadelen daarvan voor de wetenschappelijke integriteit. 3 De Commissie beoordeelt of: a) de werkwijze na inwerkingtreding van het Protocol WODC in 2016 naar behoren functioneert; b) het WODC en andere onderdelen van het bestuursdepartement van Justitie en Veiligheid handelen overeenkomstig het Protocol WODC uit 2016; c) de onafhankelijkheid van het WODC of van onderzoekers die beleidsonderzoek verrichten in opdracht van het WODC is geschaad; en d) de deugdelijkheid van de beleidsonderzoeken is geschaad. 4 De Commissie is bevoegd gedurende het onderzoek aanvullende vragen te formuleren en deze te onderzoeken en beantwoorden, indien zij dat dienstig acht aan haar opdracht. Hieronder valt in ieder geval: a) het onderzoek naar eventuele meldingen over een vermeend gebrek aan distantie tussen het WODC en beleidsafdelingen van het Ministerie van Justitie en Veiligheid die dateren van vóór de inwerkingtreding van het Protocol WODC uit 2016; b) de vraag of het aanbeveling verdient dat het WODC zich aansluit bij het Landelijk Orgaan Wetenschappelijke Integriteit, de Gedragscode Wetenschapsbeoefening van de Vereniging van Universiteiten en het Landelijk Orgaan Wetenschappelijke Integriteit of een vergelijkbare instantie. 5 Naar aanleiding van de bevindingen en conclusies is de Commissie bevoegd aanbevelingen te doen. 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.
Artikel 3 — Artikel 3 Samenstelling, benoeming, ontslag#
Artikel 3 Samenstelling, benoeming, ontslag 1 De Commissie bestaat uit een voorzitter en drie andere leden. De leden hebben zitting op persoonlijke titel en oefenen hun functie uit zonder last of ruggespraak. 2 Tot voorzitter van de Commissie wordt benoemd: prof. dr. M.L.M. Hertogh. 3 Tot leden van de Commissie worden benoemd: – dr. ir. M.M.C.G. Peters; – em. prof. dr. A.N. van der Zande; – prof. dr. G. de Graaf. 4 De benoeming geschiedt voor de duur van de werkzaamheden van de Commissie. 5 Bij tussentijds vertrek van de voorzitter of een ander lid kan de Minister op voordracht van de resterende leden onderscheidenlijk de voorzitter een andere voorzitter dan wel een ander lid benoemen. 6 De voorzitter en de overige leden kunnen wegens ongeschiktheid, onbekwaamheid of op andere zwaarwegende gronden worden geschorst en ontslagen door de Minister. 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.
Artikel 4 — Artikel 4 Instellingsduur#
Artikel 4 Instellingsduur 1 De Commissie wordt ingesteld met ingang van 15 januari 2018. 2 De Commissie wordt opgeheven vier weken nadat het eindrapport is uitgebracht. 3 Na de opheffing van de Commissie kan de voorzitter nog worden verzocht om namens de Commissie een toelichting te geven op het eindrapport. 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.
Artikel 5 — Artikel 5 Secretariaat#
Artikel 5 Secretariaat 1 De Commissie voorziet zelf in haar secretariaat. 2 Het secretariaat is voor de uitvoering van zijn taak uitsluitend verantwoording schuldig aan de voorzitter van de Commissie. 3 De Minister draagt, op verzoek van de voorzitter van de Commissie, zorg voor de benodigde voorzieningen ten behoeve van de werkzaamheden van de Commissie. 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.
Artikel 6 — Artikel 6 Werkwijze#
Artikel 6 Werkwijze 1 De Commissie stelt haar eigen werkwijze vast. 2 De Commissie kan zich door andere personen doen bijstaan voor zover zij dat voor de vervulling van haar taak nodig acht. 3 De Commissie stelt een protocol vast over de wijze waarop zij het onderzoek uitvoert, waaronder in ieder geval over de wijze waarop zij personen hoort en daarvan verslag doet. 4 De Commissie bepaalt hoe zij, in het kader van hoor en wederhoor, bevindingen voorlegt aan personen of instanties die door deze bevindingen worden geraakt of die daartegen bedenkingen zouden kunnen hebben. 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.
Artikel 7 — Artikel 7 Inwinnen van inlichtingen; medewerkingsplicht ambtenaren#
Artikel 7 Inwinnen van inlichtingen; medewerkingsplicht ambtenaren 1 De Commissie is bevoegd zich voor het inwinnen van inlichtingen te wenden tot personen en instellingen en hen te verzoeken die medewerking te verlenen die redelijkerwijs nodig is voor de uitvoering van het onderzoek. 2 artikel 6, derde lid Het Ministerie van Justitie en Veiligheid verleent de Commissie de verlangde medewerking binnen de van toepassing zijnde wettelijke kaders. De Commissie krijgt toegang tot alle informatie die zij nodig heeft, binnen de van toepassing zijnde wettelijke kaders en met inachtneming van het in, bedoelde protocol. 3 De Commissie zal zich over de aan haar geboden medewerking verantwoorden in het eindrapport. 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.
Artikel 8 — Artikel 8 Eindrapport, tussenrapporten#
Artikel 8 Eindrapport, tussenrapporten 1 De Commissie brengt haar eindrapport uit aan de Minister. 2 De Commissie is bevoegd desgewenst één of meer tussenrapporten uit te brengen. 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.
Artikel 9 — Artikel 9 Vergoeding#
Artikel 9 Vergoeding 1 bijlage B van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984 De voorzitter en de andere leden van de Commissie hebben recht op een vaste vergoeding per maand. De toepasselijke salarisschaal voor de voorzitter en de andere leden is schaal 18, trede 10, van. 2 De arbeidsduur van de voorzitter wordt vastgesteld op 4/10 en die van de leden op 2/10 van een volledige taak. 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.
Artikel 10 — Artikel 10 Huisvesting en kosten#
Artikel 10 Huisvesting en kosten 1 De Commissie verricht haar werkzaamheden op een locatie buiten het Ministerie van Justitie en Veiligheid. 2 De kosten van de Commissie komen, voor zover goedgekeurd, voor rekening van het Ministerie van Justitie en Veiligheid. Onder kosten worden in ieder geval verstaan: a. de kosten voor de faciliteiten van vergaderingen en voor secretariële ondersteuning; b. de kosten voor het inschakelen van externe deskundigheid en het laten verrichten van onderzoek; en c. de kosten voor publicatie van rapporten. 3 De Commissie biedt zo spoedig mogelijk na haar instelling een gespecificeerde begroting aan de Minister aan. 4 De Commissie voert een eigen financiële administratie. 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.
Artikel 11 — Artikel 11 Archiefbescheiden#
Artikel 11 Archiefbescheiden 1 Het archief van de Commissie wordt na afloop van het onderzoek overgebracht naar het archief van het Ministerie van Justitie en Veiligheid. 2 Het beheer vindt plaats met inachtneming van de door de Commissie in haar protocol aangegeven vertrouwelijkheid, waarover met de Commissie nadere afspraken kunnen worden gemaakt. 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.
Artikel 12 — Artikel 12 Inwerkingtreding#
Artikel 12 Inwerkingtreding 1 Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018. 2 Dit besluit vervalt vier weken na het uitbrengen van het eindrapport. 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.
Artikel 13 — Artikel 13 Citeertitel#
Artikel 13 Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit Onderzoekscommissie WODC II inzake relatie beleid en WODC. 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 2018 7420 12-02-2018 02-02-2018 13-02-2018 Vindt toepassing met ingang van 15 januari 2018.